#182
15.04.2026
—
14.09.2026
download pdf
Endless fun, unlimited freedom, wild partying: that’s what nightlife is, isn’t it? Or isn’t it? Just like in the performing arts world, there is ongoing debate in the nightlife about safe(r) spaces and non-mixed spaces, about inclusion and the question what freedom actually means. Which written and unwritten rules apply in the club? Natalie Gielen discusses it with nightlife programmer Eric Cyuzuzo and with DJ, producer, artist, and organiser Sara Dziri, who both effortlessly navigate between the performing arts and the nightlife. DJ, actress, and curator Bouchra Lamsyeh adds a statement to this: is everything really allowed at night?
Natalie Gielen
De hoofdredactie
Sinds de theaters weer open zijn na de — fingers crossed — laatste lockdown is theater meer dan ooit een feestelijk gebeuren. Steeds vaker ensceneren theatermakers partyscènes of werken ze met muziek en choreografie; soms vervelt de zaal zelfs tot club en krijgt queerness een centrale plaats. Ook naast het podium zetten festivals en theaterhuizen vaker in op feestjes om een (nieuw) publiek te verleiden. About last night, vraagt Kristof van Baarle zich af: wat heeft deze tendens het theater zoal te bieden?
Kristof van Baarle
Voor wie op de planken staat, geldt overgave doorgaans als een hoog goed. Maar wanneer wordt overgave onderwerping, wanneer worden grenzen niet alleen op de proef gesteld maar overschreden, en welke dubbelzinnige rol speelt een term als ‘consent’ daarin? Aan de hand van baanbrekende vrouwelijke performancekunstenaars uit het verleden fileert Ilse Ghekiere pijn en empowerment in de hedendaagse podiumkunsten.
Ilse Ghekiere
Theaters zijn de afgelopen jaren – gelukkig – al heel wat toegankelijker geworden voor bezoekers met een fysieke beperking. Maar wat met mentale kwetsbaarheid? Dienen schouwburgen en culturele centra ook niet meer rekening te houden met de uiteenlopende noden van psydiverse bezoekers? Sarah Bracke pleit vanuit eigen ervaring voor theaterhuizen waar iedereen zich veilig(er) kan voelen.
Sarah Bracke
Ooit waren dj-sets iets voor ná de voorstelling. Nu zie je ze merkelijk vaak áls voorstelling. Wat is er mis met theater dat er tegenwoordig zo graag een feestje van wordt gemaakt? Wouter Hillaerts sympathie voor zoveel uitgelaten lijven, pompende beats en sexy en showy kostuums in schouwburgen is groot. Zijn vragen erbij nog net iets groter.
Wouter Hillaert
In 2022 maakten Louis Janssens en Willem de Wolf Analoog, een intergenerationele voorstelling over een docent en een student. Voor Etcetera doken ze in hun notities en weggegooid materiaal en schreven deze dialoog, in het verlengde van en naar analogie met het maakproces.
Willem de Wolf, Louis Janssens
Dominique De Groen
Op 30 maart overleed Johan Leysen. Onverwacht. In zijn slaap. Slechts enkele dagen ervoor zag ik hem nog bij de première van Prey, de meest recente voorstelling van Kris Verdonck op muziek van Annelies Van Parys. Achteraf praatten we niet meer. Helaas. Leysen was een gesprekspartner uit de duizend: attent, nieuwsgierig en gevat zonder je te overdonderen met zijn aanzienlijke bagage. Je vergat bij hem zowaar dat je sprak met een gevierd acteur/filmster. Zo kende ik hem trouwens nauwelijks. Ik ontdekte hem bij Verkommenes Ufer / Medeamateriaal / Landshaft mit Argonauten van Rosas (1987) en enkele jaren later bij Wittgenstein Incorporated (1989), een tekst van Peter Verburgt in een weergaloze regie van Jan Ritsema. Mijlpalen. Net zoals de voorstellingen/installaties van Kris Verdonck waarin hij later aantrad. Daarover ging ik met de theatermaker in gesprek.
Pieter T’Jonck
Of hij samen een voorstelling wilde maken? Ja, maar nog liever een album. Zo verliep één van de eerste gesprekken tussen theatermaakster Lisa Verbelen (BOG.) en jazzmuzikant Hendrik Lasure (schntzl, Thunderblender, An Pierlé Quartet…). Het resultaat is ‘Two. is a not a solo’, een bijzonder muzikaal-theatraal concert dat je niet alleen live, maar ook op Spotify en zelfs oldskool op cd kan ontdekken. Op vraag van het Fonds Podiumkunsten, dat Lisa Verbelen de voorbije jaren ondersteunde via het Fast Forward-ontwikkelingsprogramma, ging Charlotte De Somviele met de makers en dramaturge Roos Euwe in gesprek over het verschil tussen muziektheater en concertperformance, schrijven als een taoist en het genie van Kanye West.
Charlotte De Somviele
Joachim Robbrecht
Voor de live lancering van Etcetera #171 schreef Simon Baetens deze korte tekst over hoe performers het vlak voor en net na van een voorstelling ervaren.
Simon Baetens
Mateloos plezier, onbegrensde vrijheid, bandeloos feesten: dat is het nachtleven, toch? Of niet? Net zoals in de podiumkunstenwereld wordt in het nachtleven een debat gevoerd over safe(r) spaces en non-mixed spaces, over inclusie en de vraag wat vrijheid betekent. Welke geschreven en ongeschreven regels gelden in de club? Natalie Gielen spreekt erover met nightlifeprogrammator Eric Cyuzuzo en dj, producer, maker en organisator Sara Dziri, die allebei moeiteloos tussen de podiumkunsten en het nachtleven laveren. Dj, actrice en curator Bouchra Lamsyeh voegt hier een statement aan toe: is ’s nachts echt alles toegestaan?
Since venues reopened after the – hopefully – last lockdown, going to the theatre has become, more than ever, a festive event. Theatre makers are increasingly staging party scenes or working with music and choreography; sometimes theatre halls even transform into clubs, and queerness takes centre stage. Offstage, too, festivals and theatre houses are now regularly using parties to seduce a (new) audience. “About last night”, Kristof van Baarle asks himself: what does this trend have to offer to the theatre?
For those who are on stage, surrender usually counts as a high good. But when does surrender become submission, when are boundaries not only tested but crossed, and what ambiguous role does a term like ‘consent’ play in this? Using pioneering female performance artists from the past, Ilse Ghekiere dissects pain and empowerment in contemporary performing arts.
In De stem van vingers bouwt Thomas Bellinck verder aan zijn parcours van onderzoek, installaties en voorstellingen rond de grenspolitiek van de Europese Unie. De openingsscène van de voorstelling start waar het eerdere werk gebleven was: met een gesprek tussen Bellinck en een EU-ambtenaar voor agentschap voor grensbewaking Frontex, verbatim nagespeeld door Musia Mwankumi en Jeroen Van der Ven. Daarin wordt de onpersoonlijke, technische taal van de EU-bureaucratie geconfronteerd met de realiteit van de Europese grenzen en de mensen die zich errond bewegen. Want het is die concrete, geleefde realiteit die Bellinck en co-maker Said Reza Adib in deze voorstelling sterker naar voren lijken te willen brengen.
Waarom zou in de huid kruipen van een ander je in staat stellen om dichter te komen bij je eigen zere plekjes? In Thank You Very Much nodigt choreograaf Claire Cunningham ons uit naar ‘Disgraceland’ waar ze samen met drie artiesten reflecteert over hun ontmoeting met een groep Elvis Presley tribute artists. Deze markante leerschool resulteerde niet enkel in het perfectioneren van The Lassoo en The Pelvis, maar gaf de vrouwen ook stof tot nadenken over hun bestaan als disabled dansers in een wereld die niet voor hen gemaakt is, een denkproces dat ze met veel humor, gevoel en spitsvondigheid met ons delen.
Paula Rodríguez Sardiñas
In zijn nieuwe voorstelling nodigt Daniel Linehan negen performers uit om na te denken over hun eigen dansverleden. Wat is de betekenis van dans in iemands leven? Waarom kiest iemand ervoor om te blijven dansen? Waar begint en eindigt de dans? Het resultaat is een aanstekelijke viering van het plezier van dans en beweging die hier en daar toch ook een beetje gevangen zit in een te ‘letterlijke’ dramaturgie.
Esther Tuypens
Ik kan niet tijdreizen. Ik kan niet teruggaan naar 2006. Of misschien wel, want Tine Van Aerschot herneemt haar eerste voorstelling. I have no thoughts and this is one of them werd vijftien jaar geleden vertolkt door Claire Marshall, en de vertaling naar het Nederlands wordt nu met verve door Sara De Roo gebracht. Een geslaagde herneming, of niet?
In deze eenvoudige tekstperformance slooft Ahilan Ratnamohan zich bereidwillig uit in het Frans. Dat doet hij met een anekdotisch lappendeken aan taaltegenstrijdigheden die hem zijn opgevallen als inwijkeling in de Nederlandstalige cultuursector. De theatermaker brengt zonder al te veel poespas een monoloog die de vinger op een talige wonde legt waarover we met z’n allen stilzwijgend lijken te twijfelen of het nu effectief ettert of gewoon een niet te ontlopen zeer is. Dat levert een luchtige en compacte reflectie in de theaterzaal op die in tegenstelling tot zijn (tot grote ergernis) imperfecte Frans wel heel wat juiste knoppen indrukt.
Tessa Vannieuwenhuyze
In het werk van Jozef Wouters (1986) staat ruimte centraal, en de ruimte van het theater – scenografie – in het bijzonder. In Decoratelier, een voormalig fabriekspand in Molenbeek, worden onder zijn leiding sinds enkele jaren tribunes en decors gebouwd, maar de plek is ook omschreven als ‘een radicaal inclusieve publieke ruimte zonder vaste agenda die diverse artistieke gemeenschappen en buurtbewoners zich konden toe-eigenen’. Wouters’ recentste voorstelling, A Day is a Hundred Years is een onverbloemde hommage aan de plek die hij zelf in het leven heeft geroepen.
Christophe Van Gerrewey
In Mike doorprikt choreografe Dana Michel de arbeidsmantra’s van onze 24/7-economie en de pseudo-protocollen van het kantoorleven. Ze doet dat met evenveel absurde slapstick, volbloed improvisatietalent als belichaamde empathie voor de schaduwfiguren in onze samenleving. Na Mercurial George en Yellow Towel hadden we al een artistiek verantwoorde girlcrush op Michel, maar ook nu weer moeten we vaststellen: wat een genot is het toch om naar deze vrouw te kijken.
Kate McIntosh maakte al eerder interactieve performances en installaties zoals Worktable (2011) en het wondermooie In Many Hands (2016). Met Lake Life, een werk in opdracht van het Kunstenfestivaldesarts, is ze dus niet aan haar proefstuk toe. Toch trapt de sciencefiction-voorstelling in een klassieke val van interactieve kunst.
Sébastien Hendrickx
Klaas Tindemans
Drie performers zitten met een zachte glimlach op betegelde moddergroene blokken. In Vanilla doorlopen ze een serie van seksuele verlangens die werkelijkheid worden via fantasie en vertelling. Sophie Guisset, samen met twee andere performers, gaat van de ene fetisj naar de andere met een zachte stem. Soms is de zachtheid echter net te zacht en wankelt Vanilla van het tedere naar het monotone.
Noah Lena Vercauteren
Family Portrait van de Japanse Midori Kurata is één van de eerste voorstellingen die dit jaar op het kunstenfestivaldesarts te zien zijn. Het is net als de openingsvoorstelling van Susanne Kennedy en Markus Selg een huiskamerdrama waarin angst voor de dood centraal staat. Het zullen wel de naweeën van de pandemie zijn die de curatoren tot dat thematische accent aanzetten.
Sarah Vanhee roept, samen met haar zoontje, de geesten van haar twee grootmoeders op. Met hen duikt ze in de familiegeschiedenis en in de wisselwerking tussen mensen en de grond waarop ze leven. Mémé is persoonlijk, teder en grappig en heeft een haast cathartisch einde.
Daphne de Roo
Met ANGELA (a strange loop) strijkt de Duitse theatermaakster Susanne Kennedy eindelijk neer in Brussel. Een jonge vrouw lijdt aan een mysterieuze ziekte en ziet daarin een verdienmodel dankzij sociale media. De ver doorgedreven digitalisering van het theater van Kennedy is zowel belangwekkend als vervelend. Kan je het over een gebrek aan diepgang hebben zonder zelf in oppervlakkigheid te vervallen?
Met Hyena Hyena blikt choreograaf Marc Vanrunxt terug op zijn lijvig oeuvre, maar hij vermijdt ondoordringbare intertekstuele verwijzingen. In plaats daarvan wil het stuk de toeschouwer in zich sluiten. Het houdt de analyserende toeschouwer een spiegel voor: je bent pas bij de les als je in het stuk dwaalt.
Sixtine Bérard
Het collectief Krapp reist af naar het zeventiende-eeuwse Frankrijk. In De Duivels ensceneren ze een beroemd tovenaarsproces, waarbij een Franse pastoor het slachtoffer werd van een politieke veroordeling door kardinaal Richelieu. De wegen van de katholieke kerk zijn soms ondoorgrondelijk, maar hetzelfde geldt voor deze voorstelling. Het ‘hoe’ en het ‘waarom’ van dit project wordt niet geheel duidelijk.
Johan Thielemans
In ‘The Golden Stool or The Story of Nana Yaa Asantewaa’ brengt theatermaker Gorges Ocloo het verhaal van de Ghanese verzetsstrijder Nana Yaa Asantewaa, die in 1900, samen met haar vrouwenleger, de eer van de Ashanti probeerde te verdedigen tegen de Britse kolonisator. Hij eiste de Ashanti’s meest gekoesterde schat: de gouden troon waarop de ziel van hun koning rust. Met een all-female esemble toont Ocloo de vergeten strijd van Nana Yaa Asantewaa, haar nalatenschap en de mogelijkheden van samenspel, verzet en plichtsbewustzijn.
Kijken en bekeken worden, dat zijn de basisingrediënten van ‘The NarcoSexuals’ van de Nederlandse kunstenaar Dries Verhoeven. Op een industrieterrein in Anderlecht staat een kijkdoos, de habitat van homoseksuele mannen die aan chemseks doen – seks onder invloed van (hard) drugs. Die beschrijving is echter veel te provocerend – een reductie voor de fijngevoeligheid waarmee Verhoeven verlangen en eenzaamheid met elkaar verweeft tot een beklijvend kunstwerk.
Chaos, isolement, pessimisme, nihilisme… Het zijn woorden die steevast klinken wanneer het literaire universum van de Nederlandse auteur Willem Frederik Hermans (1921-1995) beschreven wordt. Het is met dat eigenzinnige oeuvre dat het jonge gezelschap Werktoneel aan de slag ging. De wereld van W.F. Hermans krijgt in hun voorstelling een extra portie humor toebedeeld en wordt zonder veel moeite de 21ste eeuw binnengeloodst.
Andreas Kwanten
Oordelen en beoordeeld worden: Rashif El Kaoui en Sofie Joan Wouters maken er een voorstelling voor en door jongeren over. We zien een vos in 3D, een katachtige, een diverse groep jongeren en een witte, blonde vrouw op de scène. Iedereen – inclusief het publiek – zit gevangen in een beklemmend spel, zolang de vrouw geen keuzes maakt. Maar hoe kan je integere keuzes maken als de spelregels oneerlijk zijn?
Thomas Claessens en Hendrik Kegels vinden elkaar in ‘Tsjik Tsjak Wham’, een filosofische praatkomedie die ze maakten in het kader van het ‘Eigen Kweek’ traject. Wat begint als niets – twee mannen die het publiek vertellen dat er letterlijk niets zal gebeuren – eindigt als een well made play. Misschien wel iets te well made.
Simon Knaeps
While he was often called ‘le dieu de la danse,’ Vaslav Nijinsky was a god who fell hard from his towering cloud. In the early twentieth century, Nijinsky became a star dancer (and eventually a choreographer too) with the pioneering Ballets Russes in Paris, led by Sergei Diaghilev. His career there was as short as it was legendary. The story of that steep climb and downward fall is compellingly evoked in ‘FLY’, the new performance by choreographer, dancer, and filmmaker Sidney Leoni.
Timmy De Laet
In hun jongste worp gaat collectief Woodman aan de slag met het oeuvre en de beeldtaal van Woody Allen en dat zonder hun vingers er al te zeer aan te verbranden. Met ‘Woody’ zetten ze een uiterst genietbare brok spelerstheater neer. Op het eerste gezicht ambieert de voorstelling ook niet meer te zijn dat: een onderhoudend avondje uit. Ook op het tweede gezicht is er niet veel meer aan de hand en dat hoef je niet jammer te vinden.
In 1985 overleefde de Australische ecofeministe en filosofe Val Plumwood nipt een doorgaans dodelijke krokodilaanval in Kakadu National Park. De confrontatie met dit imposante roofdier leidde tot een diepgewortelde shift in Plumwoods denken over de mens en de dood: ze stelde dat de westerse mens zichzelf moest leren zien als voedsel — als een vergankelijk lichaam dat evenzeer deel uitmaakt van de dierlijke en stoffelijke wereld. In zijn nieuwste creatie ‘PREY’, een samenwerking met componiste Annelies Van Parys, transformeert Kris Verdonck de ecologische inzichten van Plumwood tot een muzikale voorstelling. Het resultaat is een gestileerde performance die het nederige mensbeeld van Plumwood prachtig verbeeldt, maar ook vragen oproept over de verhouding tussen vorm en inhoud.
Lieze Roels
Het beroemde suprematistische schilderij, ‘Zwart Vierkant’ van Kasimir Malevitsj (1915) stond symbool voor een radicale breuk met het verleden en beloofde een betere nieuwe toekomst. Het was een anti-icoon in de kunstgeschiedenis. Was, niet is, want in 2015 kwam een groep curatoren immers tot een ontdekking: een röntgenscan onthulde dat onder van het schilderij een racistisch opschrift verborgen zit. Achter dit zwarte vierkant was het opschrijft ‘Negroes battling in a cave’ jarenlang verborgen geweest wachtend op de curatoren om deze te ontdekken. De kunsthistorici suggereerden dat het waarschijnlijk verwees naar een satirische print uit 1897 van de Franse humorist Alphonse Allais. Waarschijnlijk, zekerheid over of dat zo was, is er niet. Wat vandaag vooral voor ons van belang is, is hoe Milø Slayers ‘Zwart Vierkant’ en zijn verborgen boodschap naar de voorstellingsruimte brengt met zijn nieuwe productie ‘DEMONstratio’.
Rojda Karakuş
‘Le dieu de la danse,’ zo werd Vaslav Nijinsky vaak genoemd. Maar hij was een god die van zijn torenhoge wolk hard te pletter is gevallen. Begin twintigste eeuw werd Nijinsky sterdanser (en uiteindelijk ook choreograaf) bij de baanbrekende Ballets Russes in Parijs onder leiding van Sergej Diaghilev. Zijn carrière daar was even kort als legendarisch. Het verhaal van die steile klim en neerwaartse val krijgen we te zien in ‘FLY’, de nieuwe voorstelling van choreograaf, danser en filmmaker Sidney Leoni.
De zoektocht naar artistieke vormen om het onbewuste en het ontembare paard van de menselijke psyche uit te drukken bindt choreograaf Wim Vandekeybus en de Spaanse toneelschrijver Federico Garcio Lorca (1898-1936). Toch is ‘Bloedbruiloft’, Vandekeybus’ eerste regie voor het ensemble van Internationaal Theater Amsterdam, niet enkel een ode aan de hartstocht maar legt het vooral de onoplosbare worsteling bloot tussen ratio en gevoel.
Joost Segers
Na Bryana Fritzs voorgaande performances ‘Indispensable Blue’ (2017) en ‘Submission Submission’ (2019) wekte het vooruitzicht van deze nieuwe creatie, ditmaal een samenwerking met Thibault Lac, bij mij de verwachting dat de MacBook wel weer eens mee op scène zou kunnen gaan. Maar in welke gedaante? Tussen de metaforische molenwieken van het Don Quichotverhaal waarmee ‘Knight-Night’ knutselt, is het echter een iPhone die de rol van prominente prop mag overnemen. Al vervult de maliënkolder als rekwisiet de al even symbolische rol van scheidingswand tussen het theater en de wereld.
In Mimi’s Shebeen, het clandestiene café van de Zuid-Afrikaanse zangeres Miriam Makeba, vieren activisten leven en dood. Alesandra Seutins hybride danstheater bijt, verleidt en sust, en dat steeds opnieuw.
De Nederlander Dennis Vanderbroeck kennen we vooral als scenograaf en als het creatieve brein achter modeshows van Dior, Diesel en Calvin Klein. In zijn nieuwe solo A masterpiece: or at least a brave attempt gaat hij in dialoog met zijn vader die aan jongdementie lijdt en zijn helden uit de performancekunst. Het levert een voorstelling op die je esthetisch door een ringetje kan halen, maar ondanks het persoonlijke thema weinig beklijft.
Nadat ze zich in 2020 verdiepten in de oud-Griekse verhalen, haalt de drie-eenheid Lola Bogaert, Sara Haeck en Yinka Kuitenbrouwer nu de Middelnederlandse Marialegende ‘Beatrijs’ van onder het stof. Erg veel middeleeuwse stof blijft er in hun opvoering niet over, aangezien ze het verhaal vertellen door het te bevragen en te actualiseren. Dit levert spitsheid, frisheid en snelheid op, maar ook een grote lichtheid die bij momenten snakt naar donkerte.
Van 1 tot en met 11 maart konden bezoekers in Kunstencentrum VIERNULVIER verstilling, connectie en magie opzoeken tijdens het ‘Women and Children First’-festival dat dit jaar in teken stond van ‘betovering’. Onder leiding van curator Marieke De Munck werd een programma bijeen getoverd waarbij voorstellingen en performances afgewisseld werden met onder andere tarot lezingen en zitmeditaties. “The times are urgent so let’s slow down”, luidde de mantra van het festival. Zo werd de noodzaak van vertraging gekoppeld aan een hedendaags zoeken naar rituelen, nieuwe verhalen en zingeving. Te midden van het weelderige aanbod liet deze recensent zich tweemaal omringen door andere zoekenden. De ene keer in een cirkel rond een tafel, de andere keer in een cirkel rond een symbolisch kampvuur. De ene keer uitgenodigd om in stilte gewaar te worden, de andere keer om ervaringen luidop te delen. Zowel de cirkel van ‘Inland Island’, als die van ‘Table Dialogues: FIRE’, draait rond het veelzijdige thema van verbondenheid. De gelijkenissen en verschillen tussen hen leidden deze recensent tot reflectie over beiden.
Charlotte Durnajkin