Vincent Focquet

Leestijd 4 — 7 minuten

Splash! – Myriam Van Imschoot & Christine De Smedt

Van plastic soep naar Géricault: choreografie van een zwembad

De tweede samenwerking van de veelzijdige theatermaakster Myriam Van Imschoot en danseres en choreografe Christine De Smedt heet SPLASH!. In deze voorstelling vormt het prachtige Kortrijkse zwembad, dat in 2019 zal verdwijnen, de setting waar meer dan vijftig niet-professionele deelnemers het zwemmen en zijn mogelijkheden onderzoeken.

De makers passen daarbij grofweg hetzelfde procedé toe als Van Imschoot in samenwerking met Willem de Wolf al gebruikte voor IN KOOR! (2017): ze ensceneren een bestaande, herkenbare situatie om vervolgens de mogelijkheden ervan te onderzoeken. Het zwembad blijkt daarvoor de uitgelezen plek.

Al bij het binnenkomen overvalt een karakteristieke warme chloorlucht de toeschouwer. Voor de ruimte van het Mimosazwembad betreden mag worden, moeten de schoenen en jassen uit en vervolgens weer aan blauwe kapstokjes opgehangen worden. De toeschouwers nemen blootsvoets plaats op de bankjes die het zwembad in de lengte flankeren. Dan komen drie meisjes binnen. Ze zoeken elk afzonderlijk een plek in het zwembad en voeren een reeks vertraagde bewegingen uit. SPLASH! trekt zich op gang als een verstild waterballet. Zo worden we met zachte hand de wereld van het zwembad ingeleid. Die rust zal nodig blijken want niet veel later overweldigt de veelheid aan personages, activiteiten en geluiden die het zwembad zo kenmerken. We zien baantjestrekkers, een vader die zijn kind met bandjes begeleidt, en zelfs de Kortrijkse zwemclub ontbreekt niet. De bekende choreografie van zwembewegingen waarvoor het zwembad als alledaagse scene fungeert, vormt voor de makers het ruwe materiaal. Uiteenlopende zwemslagen, nu eens crawl dan weer rugslag, water aerobics en onstuimig spelende jongeren, passeren de revue. Dit bewegingsmateriaal zullen de makers doorheen SPLASH! gaan regisseren, vervormen en openbreken. Een ding is duidelijk: het zwembad bulkt al van choreografie. Maar wat gebeurt er precies als we het zwemmen gaan repeteren en het zwembad als theater gaan zien?

Langzaam ontvouwt zich een sociale choreografie waarbij een (tijdelijke) gemeenschap zichzelf performt. Dat performen van zichzelf, als groep recreatieve zwemmers, doen ze zowel voor de buitenwereld als voor zichzelf. Het publiek waarvoor de deelnemers zich tonen is niet alleen ‘zij’: de buitenstaander, maar ook ‘wij’: de gemeenschap zelf. De zwemmers spelen zichzelf voor een publiek waarmee ze zich als groep identificeren. Zo bewijst iemand uit het publiek: “Komaan he, Wim!” klinkt het vol herkenning vanaf de zijlijn wanneer de bewuste zwemmer de ruimte betreedt. Zwembad Mimosa is geen neutrale black box, de lege ruimte die aan niemand toebehoort, maar een ruimte die gebruikt en herkend wordt door een bepaalde groep mensen. De nakende sluiting draagt natuurlijk nog bij aan de betekenis die nog voor SPLASH! begon al in de ruimte aanwezig was. Een belangrijk deel van het werk zal proberen deze reeds bestaande betekenissen te activeren.

De Smedt en Van Imschoot houden echter niet op bij het categoriseren en ensceneren van zwembadbezoekers, zoals bijvoorbeeld Thomas Verstraeten deed toen hij in zijn De parade van mannen en vrouwen en diegene die vanuit de verte op vliegen lijken (2017) Antwerpen naar zichzelf liet kijken door de bewoners in netjes geordende categorieën voorbij te laten paraderen. Zo heeft een oudere zwemmer die eerst elegant baantjes trok, zich plots vol overgave gemengd in het balspel van de baldadige jongeren. Nog later ligt hij als een vis op het droge langs de kant van het zwembad. De gemeenschap die voor SPLASH! bij elkaar gebracht werd, is geen statisch gegeven. De hand van de makers en de ogen van de toeschouwer zorgen ervoor dat die gemeenschap ook nog niet bestaande rollen kan verbeelden. Dit is waar de regie openlijk ingrijpt en het zwembad duidelijk theater wordt. De sociale choreografie van de twee maaksters biedt enerzijds de gelegenheid om de gebruikelijke choreografie van het zwembad te ontleden en anderzijds het potentieel ervan te verbeelden. Wanneer een groep zwemmers zichzelf performt, betekent dat dus niet (louter) een herhaling van hun alledaagse choreografie, ditmaal voor een theatrale blik. Er is plek voor verbeelding en abstractie. Wat kunnen we met het zwemmen verbeelden?

Conceptueel staat SPLASH! in al zijn bedrieglijke eenvoud erg sterk. Een dramaturgie die wat gezapig uitdijt, zorgt er echter voor dat de voorstelling gaat slepen, vooral wanneer we in het midden met het volledige arsenaal aan zwembadbezoekers geconfronteerd worden. Zo bieden de eerste twee baantjes waarin de zwemclub onder strikt toezicht van hun coach oefeningen uitvoert, een boeiende blik op een idiosyncratische wereld, die normaal geen toeschouwers kent. Het derde en vierde baantje herhalen jammer genoeg enkel deze blik, zonder de voorstelling verder te helpen. Ook tussen de individuele scènes gaat de voorstelling soms haperen, waardoor de verschillende onderdelen uit elkaar dreigen te vallen. Daardoor verliest de voorstelling de compactheid die het bij momenten uitzonderlijk interessante materiaal samenbalt.

Op zijn best is SPLASH! wanneer de stap tussen ontleden en verbeelden bijna onzichtbaar wordt en zwembad Mimosa ongemerkt transformeert van een herkenbare naar een bevreemdende plek. Zoals het moment waarop de duikers haaien lijken te worden. Zwemmen als luik naar de verbeelding. Veel van deze magische momenten vinden plaats wanneer een schijnbaar versnipperd zootje zwemmers plots samenkomt. Dat gebeurt het duidelijkst wanneer de participanten op het einde, onder leiding van Myriam Van Imschoot en Christine De Smedt zelf, hun stemgeluid aan de hand van verschillende eenvoudige tonen op elkaar afstemmen. Het sociale en het choreografische komen samen wanneer de imposante galm van het zwembad hun stemmen gretig door elkaar mengt en de breking van het licht op het wateroppervlak voor een optische verkorting van hun lichamen zorgt.

Wanneer de deelnemers plots alle drijvende objecten – denk aan bandjes, plankjes etc. – die het zwembad rijk is massaal het water inwerpen, ontstaat iets wat nog het meest doet denken aan de beroemde foto’s van de plastic soep in de oceanen of het overbevolkte zwembad in Sichuan, China. Het zwembad wordt plots niet zozeer interessant omwille van zijn uniciteit, maar om zijn kracht om de wereld erbuiten naar binnen te trekken. De kleurrijke chaos transformeert wanneer de objecten worden geassembleerd tot een soort geïmproviseerde vlotten en alle deelnemers plots samen af lijken te drijven. Een gemeenschap houdt zich drijvende. De mogelijke associaties bij dit beeld zijn oneindig. Van plastic soep naar het vlot op het beroemde schilderij van Théodore Géricault, het lijkt maar een kleine stap.

 

SPLASH! is een productie van Kunstencentrum BUDA.

recensie
Leestijd 4 — 7 minuten

Vincent Focquet

Vincent Focquet is student podiumkunsten aan de Universiteit Gent en recenseert voor Etcetera. 

recensie