Tosca – Jordan De Souza & Rafael R. Villalobos/De Munt
Een erotisch afleidingsmanoeuvre of Pasolini als rookgordijn
Lena Meyskens
© Phile Deprez
Het is 4 mei en ik sta te popelen om de nieuwe voorstelling van Jonas Baeke, Mats Vandroogenbroeck en Maria Magdalena de Cort te aanschouwen: Infinity Forever. Mijn ogen dwalen een beetje verward de foyer van de Kopergietery door. Ik heb er een bewogen dag opzitten en kom net van een netwerkevenement waar ik ben afgegaan als een gieter, waardoor mijn emoties een beetje alle kanten opschieten.
Infinity Forever komt over me heen als een verrassende ontmoeting tussen musical en theater, waarbij vlot geschakeld wordt tussen genres en formats. Wouter Hillaert doopt de voorstelling in zijn recensie voor Pzazz ‘Dada Disney, de musical’. In zijn woorden toont de voorstelling zich als gigantisch bewegend prentenboek, of als theatervoorstelling met levensgrote illustraties. Wat vaststaat is dat de voorstelling lef heeft, en niet netjes in een categorie valt op te delen. Ze blijft verrassen, omdraaien, binnenstebuiten keren en toch behapbaar.
Het verhaal dat het trio op de vloer brengt is tijdloos: Lulu (Maria Magdalena de Cort) maakt haar eerste relatiebreuk mee, met de skatende Snipper (Jonas Baeke). Lulu’s vader (Mats Vandroogenbroeck) is volhardend in zijn troostende zachtheid, maar kan toch weinig zoden aan de dijk brengen. Haar verdriet is verscheurend en eindeloos. De tijd is bevroren en Lulu maakt dezelfde gebeurtenissen steeds opnieuw mee, smachtend naar antwoorden, naar een ander einde.
“Alles is zo zeer veranderd, en het leven dat ik nu heb leek me als tiener ondenkbaar en onmogelijk, volledig buiten bereik.”
De voorstelling draait volledig op de gigantisch verscheurende emoties die je als puber ondergaat. Wat voor de buitenwereld eenvoudig te trivialiseren valt is op dat moment onoverkomelijk en allesbepalend. Als queer puber werd ik al te vaak met die gevoelens geconfronteerd. De knoop die ik toen in mezelf had, kan ik me nu zelfs niet meer goed inbeelden. Alles is zo zeer veranderd, en het leven dat ik nu heb leek toen ondenkbaar en onmogelijk, volledig buiten bereik.
Herkenning maakt tijdens het kijken plaats voor een diepere emotie, die ik dacht netjes opgeborgen te hebben. In mijn tienerjaren kon ik enorm jaloers zijn op mensen die liefdesverdriet meemaakten, of verwikkeld waren in dramatische relaties. De alles consumerende liefde waar ze door opgeslokt raakten was iets wat niet voor mij weggelegd leek. Ik verlangde toen niet naar iemand, maar naar verlangen. Niet alleen op de zachtheid was ik jaloers, maar ook op de pijn en het liefdesverdriet.
“Volhardend in mijn zoektocht naar liefde en seksualiteit werd ik enorm kwetsbaar, en de mensen waar ik mee in contact kwam maakten daar gretig gebruik van.”
Mijn eigen romantische en seksuele leven zag er toen erg anders uit dan voor mijn klasgenoten. Zelf had ik weinig intimiteit met leeftijdsgenoten en kwam vooral op plekken terecht waar ik eigenlijk nog niet klaar voor was, zoals online dating- of camsites, auto’s en huizen van vreemde mannen, rendez-vous hotels en gay sauna’s. Volhardend in mijn zoektocht naar liefde en seksualiteit werd ik enorm kwetsbaar, en de mensen waar ik mee in contact kwam maakten daar gretig gebruik van. Tegelijkertijd zorgde de hopeloze zoektocht ervoor dat ik zelf veel mensen kwetste, en blind werd voor de verlangens van de mensen rondom mij; ik sloeg verward om me heen en de resultaten waren er naar.
Mijn leven thuis, onder het wakende oog van mijn ouders, en het leven daarbuiten konden niet verder uit elkaar liggen. Soms twijfelde ik er aan of het wel lukte om de dingen die ik wilde verhullen ook echt onzichtbaar te maken. Een tijdje geleden werd echter bevestigd dat ik volledig in mijn opzet was geslaagd, toen mijn ouders bemerkten dat ik eigenlijk nooit “écht gepuberd” had.
“Plots besef ik meer dan ooit welke ervaringen ik heb gemist, en welke er voor in de plaats zijn gekomen — hoe moeilijk het voor me was om op die leeftijd helemaal alleen die vragen, ruimtes en relaties te navigeren.”
Tijdens het kijken kan ik het dan ook niet laten om te huilen. Ik vind het enorm gênant om als 25-jarige jeanette naar een jeugdvoorstelling te kijken over hetero-puberliefde en tranen te vergieten, maar het is wat het is. De uitzonderlijkheid en complexiteit van die periode overvalt me op een onbewaakt moment, en helderder dan ooit tevoren. Plots besef ik meer dan ooit welke ervaringen ik heb gemist, en welke er voor in de plaats zijn gekomen — hoe moeilijk het voor me was om op die leeftijd helemaal alleen die vragen, ruimtes en relaties te navigeren. Er was niemand die echt begreep wat ik aan het doormaken was, niemand waarin ik me kon herkennen, geen enkel script om te volgen.
Op het einde van de tunnel is er gelukkig altijd licht. De voorstelling toont hoe Lulu naar haar studentenkamer verhuist, met hulp van haar hulpeloze vader. Samen richten ze de kamer in. Haar vader draagt het zware bed naar binnen, en Lulu hangt kaders omhoog die van haar verdriet een herinnering maken.
‘It must have felt like an abduction to her, as if someone had stolen her daughter and replaced her with a maenad. I chose to leave her, to lie, to chase those places where men with muscled thighs might lay their hands on me, but I was still a child. Who, then, was my abductor? Can we call him Hades, the desire that filled me like smoke, that chased everything else out? I was frightened, yes, but I followed him. Perhaps that was the scariest part.’ – Melissa Febos, ‘What my mother and I don’t talk about’
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.