© Frankie

Evelyne Coussens

Leestijd 4 — 7 minuten

Laguna Beach – Frankie / Campo

Een remedie tegen intellectueel snobisme

De voorstelling Laguna Beach van het jonge collectief Frankie roept een aantal vragen op. Of het wel een voorstelling is, bijvoorbeeld. En zo ja, wat ze dan wel moet ‘betekenen’. En zo neen, waarom we ons in deze podiumsector zo snel onbehaaglijk voelen wanneer iets gewoon buitengewoon plezierig is.

Je kon de bui al voelen hangen in het interview dat Vincent Lynen, Simon Lynen, Jef Staut, Timo Fannoy en Brecht Hayen gaven vlak voor de première van Laguna Beach. De vijf Frankies, met een achtergrond in animatiefilm, grafisch ontwerp en fotografie hadden niet veel zin om aan hun podiumdebuut veel ‘betekenis’ of ‘mededeling’ toe te kennen. Het ging vooral over het plezier van samen muziek maken, over de schoonheid van het bricoleren, over de Frankie-vibe van nonchalance die ze zowel in de animatie als in de muziek wilden voelbaar maken. Met grote inhoudelijke kwesties hoefde je deze heren niet te vervelen – ze maakten duidelijk doen te verkiezen boven discours.

Laguna Beach is de bevestiging van dit voornemen: het is een zinderende, testosteron-gedreven medley van beeldende en muzikale nummers, goed voor een acute energieboost richting publiek. Laguna Beach vangt aan met een sferische ouverture. In de duisternis van de theaterzaal glanzen enkel de lampjes van keyboards en versterkers en een spacey tune zwelt aan, terwijl de bandleden langzaam oplichten in de eerste spots. Een platenspeler ergens vooraan op de bühne gaat aan het draaien met daarop vier knullige palmboompjes – de landing naar het universum Laguna Beach is ingezet.

De muzikanten zitten centraal maar naar elkaar toegekeerd, de drummer met de rug naar het publiek. Om zichzelf en hun instrumenten heen hebben ze een wereld gebouwd van kleine tableaus, bewoond door poppen en figuren van verschillende groottes. Soms bestaat een installatie uit één pop (zoals de pervert met de verrekijker), soms zijn het gedetailleerd uitgewerkte mini-taferelen (zoals het zonnebadende meisje waarnaar hij gluurt). De figuren zijn ruw en onafgewerkt, ze worden zichtbaar met touwtjes gemanipuleerd – van enige poging tot betovering is geen sprake.

Drie van de vijf Frankies studeerden animatie aan het Gentse KASK en je ziet hoe ze in Laguna Beach een palet van hun kunnen tentoonspreiden. De figurenmanipulatie wordt aangevuld met video en live captatie en dat alles interageert met de muziek, wat een behoorlijk koelbloedig timemanagement vergt. In één tafereeltje volleybalt een koppeltje op het strand: bij elke slag op de snares gooien de poppetjes de bal over het net, tot de drummer het ritme zodanig opvoert dat de figuren doldraaien. De relatie tussen de muziek en de animatie is overigens rechttoe-rechtaan: de muzikale ritmes sturen de figuren één op één, complexer dan dat is het niet.

Elk tafereel speelt zich af in een afzonderlijk frame maar over de platforms heen ontspinnen zich sporadisch ‘verhaallijntjes’, zoals tussen de pervert en zijn slachtoffer of een liftster en een crashend autootje. Rode draad door die narratieve scènes is een wrede humor die de potentieel liefelijke uitstraling van de exotische beach voorziet van een uncanny gevoel. Op Laguna Beach trekt een vies mannetje zich af terwijl achter zijn rug een vulkaan lava spuit en scheert een barbier het oor af van zijn klant – dat soort bloederige grapjes. Het heeft allemaal een hoog Beavis and Butthead-gehalte en ook de muzikale aaneenschakeling van rock, punk, Sonic Youth-achtige trash en jazz doet behoorlijk nineties aan. Net zoals hun poppen lijken de Frankies ook geen enkel nummer echt af te werken, alsof ze daar geen geduld voor hebben, want ze willen dóór.

Succeskansen

Wat onderscheidt theater van beeldende kunst? De afbakening in de tijd, uiteraard, en daarmee samengaand, de inhoudelijke dramaturgie: meestal ontwikkelt theater zich van een punt A naar Z, waarbij er onderweg spanning wordt opgebouwd – een verhaal zeg maar, zelfs al is er van een letterlijke verhaallijn geen sprake. Je kan je in die optiek afvragen of Laguna Beach niet eerder een tentoonstelling is van bewegende installaties: de figuren kunnen in principe eindeloos doorgaan met hun repetitieve en destructieve handelingen, het is enkel de stuwing van de muziek die hun tijdsframe bepaalt. Moesten de muzikanten van Frankie geen vermoeidheid kennen, dan kon Laguna Beach eeuwig bestaan.

Het gekke is dat, door er zo naar te kijken, ook het onbehagen verdwijnt rond de inhoudelijke ‘leegte’ van Laguna Beach. Alsof het ‘pratende’ theater – de laatste jaren? – sterker is verknoopt geraakt met de eis tot een mededeling dan de beeldende kunsten, die minder worden afgerekend op hun vormelijkheid. Van Laguna Beach kan ik wel het inventieve gebruik van animatie analyseren, maar daarna schiet ik in paniek, want hoe interpreteer ik dat alles, wat betekent het? In een recente brief in rekto:verso stelde auteur Gaea Schoeters iets gelijkaardigs vast voor de literatuur – ik parafraseer nu – namelijk dat onderwerp en ‘inhoudelijke urgentie’ van een boek tegenwoordig sterker zijn succeskansen bepalen dan stijl of fictionaliteit. Kortom, dat we tegenwoordig allemaal misschien net iets te hard geprikt zijn op ‘relevante inhoud’.

En dan is er nog de kwestie van plezier. Een theaterrecensent is een wandelend hoofd, hij wantrouwt alles wat het lijf beroert (zintuiglijk theater, jakkes!) en zeker de beroezende werking van een explosieve muziekbom zoals Laguna Beach. Roes = slecht, zo is het ons altijd geleerd, sinds het gemeengoed werd om te beseffen dat theater slechts een intellectuele constructie is die minzaam glimlachend moet worden ontmaskerd. Plezier hebben betekent dat je er wordt ingeluisd, dat je in de val loopt. Als Laguna Beach één verdienste heeft, dan is het wel dat het me de volle drie kwartier van dat intellectuele snobisme heeft bevrijd. 

recensie
Leestijd 4 — 7 minuten

#156

15.03.2019

14.05.2019

Evelyne Coussens

Evelyne Coussens is freelance cultuurjournalist voor De Morgen en verschillende cultuurmedia, waaronder Ons Erfdeel, rekto:verso en Staalkaart. Ze is lid van de grote redactie van Etcetera.

recensie