© Yoeri Hostie

Simon Bellens, Simon Lemmens

Leestijd 4 — 7 minuten

Tous ensemble!

Om de paar jaar duikt de vraag op of we in Vlaanderen niet terug vaste ensembles moeten invoeren. Een groep pas afgestudeerde alumni van het Kask, Conservatorium Antwerpen, LUCA drama en Toneelacademie Maastricht namen het heft in eigen handen en richtten samen het Ensembletheater Antwerpen op. Hun artistiek leider Simon Lemmens reageert op de oproep van Tom Van Dyck in De Morgen (8 augustus 2020) om van de stadstheaters terug een plek te maken waar de acteur het voor het zeggen heeft. Wat denkt de jonge generatie?

Beste Tom,

Met veel belangstelling las ik het interview met jou in De Morgen (DM 08/08) en jouw oproep om de acteur opnieuw centraal te stellen in de organisatie van de podiumkunsten.
Als artistiek leider van een nieuw, jong, groot ensemble onderschrijf ik je analyse en neem ik je uitnodiging tot debat graag aan. Met je betoog voor het centraal stellen van de acteur pleit je voor een herwaardering van ensembletheater. Wij herkennen de problemen die je aankaart en willen met onze werking bijdragen tot een structurele oplossing. Graag maak ik van de gelegenheid gebruik om dieper op de pijnpunten van onze theatersector in te gaan.

Met de aanstelling van Milo Rau als artistiek directeur van NTGent in 2018, verdween het laatste Vlaamse ensemble. In Antwerpen en Brussel dreven met respectievelijk Guy Cassiers en Jan Goossens Toneelhuis en KVS al eerder weg van het ensembletheater, dat wil zeggen: een vaste acteursgroep, ondersteund door een artistiek en productioneel team, die samen een repertoire ontwikkelen en aanhouden. Dit opmerkelijke feit is het resultaat van een beweging die mee verantwoordelijk is geweest voor het succes van de Vlaamse podiumkunsten.

Met Aktie Tomaat van de jaren ’60 en de Vlaamse Golf van de jaren ’80 werd het theaterlandschap grondig hertekend. De ontvoogding van de acteur tot maker-speler en de autonomisering van de theatermaker, joegen een frisse wind door de gelederen. Met exponenten Ivo Van Hove, wijlen Gerard Mortier en Marianne Van Kerkhoven, tg STAN, Jan Decorte, Luc Perceval, Rosas, Needcompany zond Vlaanderen haar zonen en dochters uit, die bepalend geweest zijn voor het succes van de Vlaamse podiumkunsten tot ver in het buitenland. Hoewel die avant-garde ontwikkeling zich oorspronkelijk tegen de grote theaterhuizen richtte, is de ontvoogding van de acteur inmiddels ook daar norm geworden. Maar behalve een grote bloei in de podiumkunsten heeft deze ontwikkeling vijftig jaar later ook tot een bijzonder gefragmenteerd werkveld geleid, met grote problemen tot gevolg.

Een verzadigd, zwaar concurrentieel werkveld

We kennen in Vlaanderen een zwaar concurrentieel werkveld. Té zwaar. De versnippering van ons landschap waarin makers, alleen of in kleine samenwerking, zich aan het publiek willen tonen, maakt dat programmatoren de talloze aanvragen en uitnodigingen niet kunnen volgen en dit terwijl het budget dat hen ter beschikking staat slinkt. Daar komt nog eens bovenop dat Vlaanderen vier zeer goede toneelscholen rijk is. Getalenteerde, ambitieuze jongeren worden hier klaargestoomd om de Vlaamse en internationale podia te bevolken. Waar zij zich vroeger vaak wendden tot de stadstheaters met hun ensembles, ligt nu een zeer gediversifieerde loopbaan in het verschiet: op de scène, op het kleine en grote scherm, als producent van eigen werk, als docent, … Elk jaar opnieuw gooien nieuwe, jonge theatermakers hun talent, energie en overtuiging in de strijd om een plekje op de bühne te bemachtigen. Vaak mag men al blij zijn als er met moeite een speellijstje bijeen is geharkt. Anderen moeten het, ondanks hun kunnen, met nog minder stellen en zijn genoodzaakt het uiteindelijk op te geven.

Een gebrek aan tijd, continuïteit en duurzaamheid

In de strijd om een plek in het werkveld gaan makers/spelers steeds meer verschillende uitdagingen aan. Het is niet ongebruikelijk dat iemand in drie werkprocessen tegelijkertijd stapt. Daardoor wordt het steeds moeilijker om een groep een substantiële periode bij elkaar te brengen of om een repetitieperiode in te lassen die niet onderbroken wordt door andere activiteiten. Er ontstaat een enorme tijdsdruk die niet enkel een groot beslag legt op de maker/speler zelf en zijn/haar/hun privéleven, maar ook op het creatieproces. Tijd en aandacht zijn hierin nochtans essentieel. Daarnaast zet het, zoals je zelf aangaf, ook de continuïteit van een repertoire onder druk en zal het mettertijd vaak een aanslag blijken op de duurzaamheid van het werk en de organisaties.

Een aanslag op het ambacht

Toneelspelers en -makers zijn door talent en scholing bedreven in een ambacht. Bij gebrek aan budget en structuur is hij/zij/hen vaak op zichzelf aangewezen en naast het spelen en maken van een voorstelling ook verantwoordelijk voor de scenografie, techniek, administratie, marketing, noem maar op. Overigens, niet de domeinen waar vanzelfsprekend zijn/haar/hun talenten liggen. Er is een grote nood aan een plek waar onze jonge talenten de tijd krijgen om zich op het ambacht van het acteren te focussen. Waar ze onder de vleugels van een ensemble mogen werken, schaven, waar ze ook eens mogen falen. En vervolgens weer stralen.

De structuren schieten tekort

Ons theaterlandschap is enorm rijk. Artistieke diversiteit is onze troef en tegelijkertijd ons pijnpunt. De structuren schieten tekort. Ik hoef er niet op te wijzen dat het krimpen van de cultuurbudgetten deze problemen nog prangender maakt. De coronacrisis legt de zeer onzekere werkomstandigheden van onze podiumkunstenaars pijnlijk bloot. En je vermoeden dat dit na deze crisis niet beter zal gaan, lijkt me niet onaannemelijk.

We willen je daarom de hand reiken, Tom. Ensembletheater Antwerpen wil toneelspelers een structuur bieden en zet zich in om een baken van duurzaamheid te worden waaronder getalenteerde mensen zich verzamelen en elkaar versterken. In een reactie op jouw interview haalt Guy Cassiers (DM 12/08) het argument aan dat een toneelspeler ‘zich niet meer met de volledige werking van een groot theater of een gezelschap wil identificeren’ en ‘projectmatig wil werken’. Dit valt geenszins te veralgemenen. Onze jonge spelersgroep is daar het bewijs van en ook in het werkveld horen wij wel degelijk een ander geluid. Bovendien vormt een ensemble helemaal geen obstakel voor de artistieke zoektocht van een speler. Flexibiliteit en continuïteit gaan namelijk hand in hand! We willen het pluralistisch werkveld behouden én hier een broodnodige kracht in zijn. Zo garanderen we spelers de vrijheid om ook andere projecten aan te gaan, de rolbezetting kan door de grote groep per project immers variëren. Het gaat evenmin om een probleem van ‘maker-itis’, zoals je het nogal kras noemde, dat doet onze kwaliteitsvolle en hardwerkende makers onrecht aan. Elke kunstenaar moet kunnen handelen vanuit zijn/haar/hun eigen artisticiteit. Het is een verhaal van én-én. Maar laat ons net daarom ook een structuur creëren waarin toneelspelers kunnen streven naar het allerbeste, niet gedwongen zijn om van project naar project te hollen, maar zich kunnen focussen, kunnen groeien en kunnen floreren. Het zal onze sector versterken, het zal haar verrijken.

Beste Tom, dit najaar gaan we voor het eerst in première. Dat is de eerste stap, maar we kijken resoluut de toekomst in. Ik nodig je dan ook van harte uit om de toekomst van het ensembletheater in Vlaanderen mee vorm te geven.

Warme groet,

Simon Lemmens
artistieke leiding

Simon Bellens
gezelschapsdramaturg

Je leest onze artikels gratis omdat we geloven in vrije, kwalitatieve, inclusieve kunstkritiek. Als we dat willen blijven bieden in de toekomst, hebben we ook jouw steun nodig! Steun Etcetera.

open brief
Leestijd 4 — 7 minuten

#160

15.03.2020

14.05.2020

Simon Bellens, Simon Lemmens

Simon Bellens (°1994) is gezelschapsdramaturg bij Ensembletheater Antwerpen. Hij studeerde filosofie aan de KU Leuven, is werkzaam bij De Zendelingen, redacteur bij De Theaterether en lid van de TheaterFestival-redactie.

Simon Lemmens (°1991) is artistiek leider van Ensembletheater Antwerpen. Hij studeerde drama aan het Koninklijk Conservatorium Antwerpen, speelde onder DeRoovers, De Montignards, was mede-oprichter van De Erfgenamen en stond hiermee op het toneel met EXILES en The Picture of Dorian Gray.