(c) Helena Verheye

Elke Huybrechts

Leestijd 6 — 9 minuten

(Confessions of a White Girl) Bad Woman – Julie Cafmeyer

Weinig om het lijf

De Antwerpse theatermaakster Julie Cafmeyer ging donderdag op Theater aan Zee in première met Bad Woman. In deze voorstelling laat ze het publiek een aantal lezersbrieven voorlezen, die ze kreeg als columniste bij De Morgen. Cafmeyer staat er bovendien om bekend werk te maken dat over haarzelf gaat. Dat zijn de redenen waarom deze recensie in een briefvorm is geschreven.

Beste Julie,

Twee jaar geleden ontmoet ik jou voor het eerst op Theater Aan Zee. Ik zal je interviewen over de twee voorstellingen die je daar speelt: Bombastische Liefdesverklaring en Is this Porn? No this is Love. Tijdens die memorabele ontmoeting stel ik je vooral vragen over Bombastische Liefdesverklaring. Het gaat er vrolijk aan toe: jij bent zeer bereidwillig om alle anekdotes over je liefdesleven uit de doeken te doen. Ik moet vaak smakelijk lachen om de manier waarop je dit vertelt, alsof het leven voor jou één groot liefdesavontuur is. Jij transformeert je leven tot kunst en je voorstelling tot je leven. Jij bént theatraal en theatermaker, een intrigerende combinatie, een statement ook, volgens mij. Het persoonlijke is bij jou verweven met het sociale, het kosmische en het artistieke. Uit jouw verhalen kan men opmaken dat falen inherent deel uitmaakt van het leven. Zolang je je totaal overgeeft aan de grilligheid van het bestaan, heb je jezelf niets te verwijten. Het frappeert mij alleen dat jij tijdens ons gesprek nauwelijks onderscheid maakt tussen je leven en je werk. Hoewel het mij op dat moment nog voorkomt alsof jij op de scène toch eerder een gefictionaliseerde versie van jezelf toont aan het publiek, maak je dat onderscheid tussen werkelijkheid en fictie zelf niet. Ik wilde het net vooral met je hebben over de manier waarop jij dat spanningsveld creëert en het waarom daarvan. Het gaat tijdens dit gesprek echter nooit over de vorm die je gebruikt om je verhaal te vertellen, noch over jouw visie op de rol van theater of kunst in de samenleving. Het gaat, in alle waarachtigheid, voornamelijk over jou, over je zoektocht naar de Ware.

Eerder zag ik al het stuk De Therapie van je. In een interview met Humo zeg je dat je De Therapie maakte als protest tegen wat een docent op de toneelschool zei, namelijk dat kunst wel persoonlijk mag zijn maar niet privé. Jij lapt dat verbod met alle plezier aan je laars: je privéleven is de voornaamste inspiratiebron van jouw kunst. Ik volg die redenering over De Therapie niet helemaal omdat er méér aan de hand is dan dat. In die voorstelling nodig je publiek uit om met je te praten over de terugkerende problemen die je ondervindt in je liefdesleven. Er ontspint zich een gesprek tussen jou en je publiek, waarbij die laatsten hun ervaringen en wijsheden met jou en de rest van het publiek delen met als doel je uit je amoureuze impasse te helpen. Met De Therapie slaag je erin om een boeiende dynamiek te creëren met de toeschouwer: een enkeling denkt dat hij echt was ingeschreven voor een therapiesessie, andere toeschouwers lijken ervan uit te gaan dat de beginsituatie die jij schetst hyperreëel is, terwijl nog anderen zich uiterst bewust zijn van de theatrale setting waarbinnen dit alles zich afspeelt. Dat je publiek op verschillende manieren de voorstelling tegemoet treedt, maakt dat er een opmerkelijk spanningsveld ontstaat tussen fictie en werkelijkheid. De Therapie lijkt wel een sociaal experiment waarbij jij op gezette tijden een nieuwe ‘variabele’ toevoegt om dit openhartige gesprek gaande te houden. Het is redelijk spannend werk, een niveau dat ik later helaas niet meer bij je teruggevonden heb.

Ik heb het hier over je voorstellingen die blijven hangen in de privésfeer en verder weinig om het lijf hebben. In Bombastische Liefdesverklaring deel je bijvoorbeeld enkele avonturen die je tijdens je zoektocht naar liefde beleefde. Daar geef je ook te kennen een verlangen naar een soort spiritueel inzicht te koesteren: een aha-erlebnis waarin alles plots samenvalt. Je zoekt in de kosmos naar tekens van de Ware en de Waarheid. Ook laat je zien wie je grote inspiratiebronnen zijn: je verweeft in de voorstelling een heleboel referenties naar schrijvers, beeldend kunstenaars, performers, filosofen,… en vertelt daar telkens bij wat jou precies treft in hun werk. Ook hun wijsheid gebruik je, meestal geïntegreerd in de vorm van quotes of afbeeldingen, als gidsende principes voor jouw queeste naar de Ware en de Waarheid. Dat je je inspiratiebronnen vrij schaamteloos naar je hand zet zonder rekening te houden met de (historische) context waarbinnen deze teksten functioneerden, steekt mij echter nogal tegen. Je trekt andermans werk naar je toe en transformeert de ander tot een spiegel waarin jij gereflecteerd wordt. Dit verraadt een door en door egocentrisch perspectief. Hetzelfde gebeurt in Bad Woman.

Bad Woman ligt immers geheel in de lijn van Bombastische Liefdesverklaring, zowel qua vorm als thematiek. Uiteraard gaat het opnieuw over de liefde, vrouwelijkheid, spiritualiteit en dat steeds in relatie tot jezelf. Ongeveer een maand geleden dacht ik nog de voorstelling Confessions of a White Girl te zullen recenseren, maar toen las ik in De Morgen (28/6) waarom je besloten had om de titel te wijzigen. In een gesprek met twee bevriende schrijfsters van kleur, raadde één van hen je namelijk aan: “Beschrijf eerst jouw innerlijke tocht alvorens te willen begrijpen wat de strijd voor een ander is. Deze zoektocht zal je ook bewust maken van je privilege als witte vrouw.” Je besefte dat je inderdaad niet klaar was om een voorstelling te maken die de verschillen tussen wit en zwart feminisme zou aankaarten. Je volgt de raad van je vriendinnen op en kiest ervoor om je focus te verleggen naar de soort vrouw die jijzelf bent en wil zijn. Deze soort is de zogenaamde bad woman: iemand die niet voldoet aan bepaalde normen die heersen rond vrouwelijkheid. Iemand noemde jou ooit zo en jij adopteert deze beledigende woorden als een geuzennaam. In je voorstelling tracht je in het reine te komen met je ‘badness’ of met wat anderen jou als ‘badness’ verwijten en gebruik je humor als een pantser om de kritiek te counteren.

Alsof je een dikke middelvinger opsteekt naar alle mensen die jou ooit hebben doen geloven dat jij je moest schamen voor je lichaam, beslis jij als bad woman een badpak van ettelijke honderden euro’s te dragen op scène. Je verzet je tegen de geldende normen over fitness en slankheid en toont dat het oké is om te zijn wie je bent, ook als je niet aan bepaalde schoonheidsnormen voldoet. Ook heb je het over de maatschappelijke verwachtingen waar een vrouw van jouw leeftijd mee te kampen krijgt. In de dertig zijn en geen vaste partner en kinderen hebben wordt als abnormaal beschouwd, dat illustreer je aan de hand van enkele anekdotes waarmee je aantoont dat anderen jou steeds onderwerpen aan hun visies en normatieve opvattingen. In reactie daarop stoffeer je je theaterstuk met een soort radicale en bewonderenswaardige schaamteloosheid. Je poseert en danst in je badpak op scène en bent daarbij niet bang om jezelf tot voorwerp te maken van (zelf)spot. Je nodigt je publiek uit om je te besprenkelen met water en met complimenten als ‘beauty, beauty, beauty’. De hele voorstelling lang wordt er smakelijk gelachen. Bad Woman is vooral vermakelijk.

Uit wat je vertelt blijkt echter dat onder je badness een vorm van conformisme verscholen zit. Je laat je namelijk leiden door concepten zoals dé Liefde, die in de gedaante van dé Ware bewaarheid zullen worden. Je verwacht alles van die ene Liefde. Het is niet omdat je niet voldoet aan de norm dat je verlangens niet normatief kunnen zijn. Ik kan de feministische leuze ‘het persoonlijke is politiek’ daarom spijtig genoeg niet toeschrijven aan jouw werk. Uiteraard kan je ‘politiek’ breed opvatten, maar het punt is dat jij het politieke ondergeschikt maakt aan het persoonlijke. Uit je werk spreekt veeleer dan een politieke daadkracht een doorgedreven geloof in het individu, in dit geval Julie Cafmeyer, als maat van alle dingen. In Bad Woman ruil je letterlijk een hemd waarop slogans die in verband staan met radicaal feminisme, in voor een eigen versie van dat hemd waar quotes op staan die rechtstreeks uit een vrouwenblad kunnen komen. Sartre wordt gereduceerd tot een ‘inspirerende quote’ uit de Flair. Radicaal feminisme wordt liberaal feminisme. Body positivity is slechts een vriendelijker woord voor narcisme. Waarachtigheid is koopwaar. En wat ben je nu eigenlijk te weten gekomen over je privilege als witte vrouw terwijl je zo diep in de spiegel verzonken was? Dat je niet naar Rwanda moet afreizen om een vrouw spuitend te zien klaarkomen? Dat je nu beseft dat er ook zoiets bestaat als altruïsme? Of dat alle mensen elkaar gebruiken als “leeg canvas”, “waarop anderen hun oordelen projecteren” (DM 3/8/19) en dat we dit in het oneindige kunnen doen – het eeuwige poets-wederom poets – tot iemand zoals jij zegt: “Fuck it, ik trek gewoon mijn badpak aan omdat ik het wil”? Of is dat net het duidelijkste voorbeeld van geprivilegieerd wit feminisme?

Beste Julie, het liberale feminisme heeft voor mij afgedaan. Het is alles behalve bevrijdend of emancipatorisch. Het is niet badass. Hoe verder je van De Therapie afdrijft, hoe meer mainstream en conformistisch ik je werk begin te vinden. Kom je nog terug of blijf je wachten op de ware aha-erlebnis?

Met vriendelijke groet,

Elke

recensie
Leestijd 6 — 9 minuten

#157

15.05.2019

14.09.2019

Elke Huybrechts

Elke Huybrechts is Master in de Nederlandse Taal- en Letterkunde en studeerde Theaterwetenschappen. Ze is redacteur bij Kluger Hans, dramaturge van Cie DeSnor en lid van de grote redactie van Etcetera.

recensie