Nehru en Gandhi

Alex Mallems

Leestijd 5 — 8 minuten

Ariane Mnouchkine bedekt de politieke strijd met de mantel der liefde

“L’Indiade ou l’Inde de leurs Rêves”: de geboorte van een natie

Twee jaar geleden was Ariane Mnouchkine met haar Théâtre du Soleil in Brussel met haar Cambodja-epos. Sindsdien schreef Hélène Cixous opnieuw een theatrale geschiedenis van een Aziatische natie: Nehru en Mahatma Gandhi als sleutelfiguren in de onafhankelijkheid van het Indiase subcontinent. Alex Mallems bespreekt de voorstelling en ontmoette Ariane Mnouchkine.

Een bezoek aan het Théâtre du Soleil van Ariane Mnouchkine gehuisvest in de “Cartoucherie”, een oude kruitfabriek ergens midden in de bossen van Vincennes, blijft een aparte belevenis. Als je vroeg genoeg komt, zit het hele gezelschap nog samen te eten in een tot refter omgedoopte barak, er wordt afgeruimd en (gratis) koffie geschonken aan de moedige, maar meestal tevergeefs, wachtende kandidaat-toeschouwers die hopen op een retourticket om alsnog binnen te geraken. Wie wel een kaartje heeft, gaat mee in de rij staan om (na langs de steevast kaartjes scheurende Ariane Mnouchkine zelf gepasseerd te zijn) zo snel mogelijk een goed zitje te reserveren op één van de banken van de net her-metste tribune. Daarna is er nog volop tijd om rustig de sfeer van de produktie te snuiven. Letterlijk trouwens, want de geur van brandende wierookstaafjes verwijst al onmiskenbaar naar het oosten, naar India.

Atmosfeer

Het Théâtre du Soleil speelt momenteel namelijk L’Indiade ou l’Inde de leurs Rêves van Hélène Cixous, meteen een nieuwe samenwerking met deze auteur na de ook bij ons zo opgemerkte L’Histoire terrible mais inachevée de Norodom Sihanouk. De hele ruimte van de Cartoucherie verwijst dan ook naar India. Op de achterste muur van de publiekshal is een immense kaart van het Verre Oosten geschilderd met vermelding van de belangrijkste steden en gebieden van India en Pakistan en met helemaal rechtsonder ook nog Cambodja dat extra gemarkeerd is. Verder worden er ook lekkere Indische hapjes geserveerd en is er ook nu weer het aparte spektakel van de zich schminkende en concentrerende acteurs onder de toeschouwerstribune. Enkele van die acteurs mengen zich trouwens al heel vroeg tussen het publiek: als Britse “Indische” politiemannen begeleiden ze mensen naar nog vrije plaatsen, organiseren ze de tribunes zodanig dat iedereen er bij kan.

Een opvallende verschijning is — nog voor het spektakel begint – Haridasi, een Bengaalse nomade die het publiek rechtstreeks aanspreekt, toeschouwers uit hun anonimiteit haalt met vragen als “What are you doing here?”, “What’s your name?”, “Where do you come from?”. Haar typisch Indische accent geeft meteen kleur aan haar personage van volksvrouw. Langzaamaan wordt het speelvlak ingenomen door een tiental Indiërs, huispersoneel blijkbaar, want met licht besprenkelde lappen doeken worden de witmarmeren tegels waarop het gebeuren zich gaat afspelen grondig gepoetst. Zo’n beeld van die ene Indiase vrouw met haar koperen waterkruik en al die gebogen mannen en vrouwen die de vloer boenen, roept connotaties op met de Indische kastenmaatschappij en alle extreme verhoudingen die daarbinnen gelden. Boven het plateau: maar liefst 48 Indische vlaggen met goudkleurige ster, zodanig gedrapeerd dat ze als het ware een sterrenhemel suggereren, wat in de loop van het stuk verschillende keren zeer goed werkt omdat de tekst vaak verwijzingen naar het firmament maakt.

Met heel eenvoudige middelen weet Ariane Mnouchkine zo haar publiek binnen te leiden in de atmosfeer van dat stukje wereld, dat stukje geschiedenis waarover ze het in de volgende vijf uur wil hebben: India, van 1937 (vlak na de verpletterende verkiezingsoverwinning van de congrespartij van Nehru) tot en met 30 januari 1948 (de moordaanslag op de Mahatma Gandhi door een extremistische hindoe). Binnen die periode staat de onafhankelijkheidsstrijd van de Indische archipel centraal met de machtsovergave van de Britten, via de oprichting van twee staten (India en Pakistan), als uiteindelijk resultaat.

Theaterrealiteit

Parallel met Sihanouk (cf. Etcetera 14/86 p. 30-32) wordt historische exactheid en nuance door Hélène Cixous af en toe ondergeschikt gemaakt aan haar theaterrealiteit. Wie als toeschouwer bij een dergelijke produktie op zoek gaat naar een preciese reconstructie van de complexe ontstaansgeschiedenis van India en Pakistan komt van een kale reis thuis. L’Indiade is geen objectief docudrama en pretendeert ook geenszins dat te zijn. Dat blijkt ook al uit de inleidende tekst van Hélène Cixous bij haar tekstuitgave. Daarin schuift ze de “liefde” naar voren als motor van dit drama. Een toch wel vreemde “mantel der liefde” om de met zoveel bloed besmeurde burger-, rassen- en geloofsoorlogen mee te bedekken. Geweld dat tot op de dag van vandaag onverbrekelijk verbonden blijft met deze Indiase onafhankelijkheidsstrijd en de kunstmatige politieke scheiding van India en Pakistan.

Bovendien neigt Cixous soms tot moraliseren. Vooral bij een figuur als Gandhi ligt dat gevoelig, mede door bijvoorbeeld zijn respectabele ouderdom en zijn schamel uiterlijk die hem gemakkelijk tot een ietwat meelijwekkend personage zouden kunnen reduceren. Zijn stellingen en denken alsook zijn concrete daden, gebaseerd op een uiterst consequente logica, maakten Gandhi echter tot een geweldig sterke persoonlijkheid die elk compromis afwees. De draagkracht van zijn optreden en de middelen (bijvoorbeeld zijn herhaalde hongerstakingen) die hij aanwendde om zijn principes te realiseren, komen binnen L’Indiade wat te mager over.

Zoals Ariane Mnouchkine in het hierna afgedrukte interview zegt, wou ze bewust de hele geschiedenis met alle belangrijke politici aan bod laten komen. Alleen zweeft het stuk nu ergens tussen inderdaad die historische realiteit (de opeenvolgende feiten) en een gepersonifieerde geschiedschrijving (rond de figuur van Mahatma Gandhi). Als men bij de Sihanouk-produktie de figuur van Norodim Sihanouk als kapstok voor de recente geschiedenis van Cambodja optimaal bruikbaar vond, dan lijkt het binnen de behandelde periode 1937-1948 in deze Indiase context even zinvol om eerder rond Mahatma Gandhi een stuk te schrijven. Zeker rekening houdend met het centrale “liefde” — thema had Gandhi — met zijn extreme afwijzing van elke vorm van geweld, met zijn totale tolerantie-toch wel als exemplarisch voorbeeld dienst kunnen doen.

Totaalspektakel

Desalniettemin is L’Indiade ou L’Inde de leurs Rêves een meeslepend totaalspektakel geworden, een volwaardige opvolger van de Sihanouk, waarvan toch nog wel sporen overblijven. Bij George Bigot als Nehru werkt de Sihanouk-referentie bijvoorbeeld nog sterk na, al is dat gezien die enorme acteerprestatie van Bigot in de titelrol van Sihanouk niet onlogisch. Ook als publiek draag je je eigen kijk-verleden mee.

Qua speelstijl, scène-opbouw en globale structuur zijn er eveneens duidelijke raakpunten met de Sihanouk: er zijn de flitsende scènewisselingen ondersteund door de ook nu weer omnipresente live-muziek van Jean-Jacques Lemêtre; er is het met een minimum aan attributen (een matras, een tapijt, of een paar kussens) suggereren van uiteenlopende locaties; er zijn de mooie uitlopen van scènes met personages die binnen een heel “reële” tijd afgaan, wat de toeschouwer ruimte geeft om het voorafgaande toch even te assimileren. Voorts valt ook bij L’Indiade weer de enorme zin op voor het detail als het erop aankomt om een zo geloofwaardig mogelijk fysiek beeld van die toch bekende historische personages te transfereren naar het publiek toe. Vooral Mahatma Gandhi, gespeeld door de Chileense acteur Andrès Perez Araya, komt op dit vlak zeer overtuigend over.

Ten slotte is er het enthousiasme waarmee deze lange voorstelling gespeeld wordt en nauw daarbij aansluitend het volledig achter deze produktie staan van alle betrokkenen. Dit heeft wellicht te maken met het projectmatig werken van Ariane Mnouchkine binnen haar Théâtre du Soleil. L’Indiade ou l’Inde de leurs Rêves is duidelijk ook de realisatie van een van haar dromen. Dat blijkt ook bij het interview: Mnouchkine koestert haar produkties als kinderen. Ze is nog ontroerd over het onthaal van de Sihanouk in Amsterdam en Brussel nu bijna twee jaar geleden. De Hallen van Schaarbeek vindt ze trouwens een schitterende ruimte, zeker voor het soort theater dat zij brengt. Dat zij met L ‘Indiade graag opnieuw Brussel zou aandoen, lees je in haar ogen. Voor het Belgisch publiek zou het in ieder geval uiterst boeiend zijn om de continuïteit binnen het werk van het Théâtre du Soleil te kunnen volgen.

KRIJG JE GRAAG ALTIJD ONS MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS?
Abonneer je dan hier.

recensie
Leestijd 5 — 8 minuten

#21-22

15.05.1988

14.08.1988

Alex Mallems