Vier zusters – Luna, Winter, Toulouse en Jules De Cock
Zussen spelen
Catho De Cordt
© Ellen Goegebuer
Franz Schubert componeerde zijn romantische Winterreise–liederen voor bariton en piano, maar Muziektheater Transparant brengt een eigen én eigentijdse versie ervan. Experimenteren met klassiek materiaal is hun lange leven. Drie vrouwelijke uitvoerders, Eurudike De Beul, Oriana Ikomo en Lara Chedraoui, nemen de partituur over, samen met de tienjarige Jeanne Van Thienen. Ook de pianist/arrangeur, Wouter Deltour, zingt de laagste noten mee. De uitvoering klinkt langzamer en voorzichtiger dan we ze meestal horen, en de enscenering zet een donkere sfeer neer. Tussendoor laat actrice Viviane De Muynck op een scènevullend scherm diep in haar doorleefde ogen kijken. De tragiek moet tot ver in onze ziel doordringen. Toch klinkt hoop door, als het hoog kinderstemmetje boven alle somberheid uit zweeft.
Schubert voltooide de liedcyclus bijna twee jaar voor zijn dood in 1828 – hij stierf op zijn eenendertigste. De Oostenrijkse pianist en componist stamde uit een gezin met negentien kinderen, en armoede was zijn leven lang een strop rond zijn hals. Maar hij schreef liever obsessief muziek dan te zorgen voor een dak boven zijn hoofd. Hij was fenomenaal productief en schreef alleen al zo’n zeshonderd liederen bij elkaar – naast opera’s, ouvertures, strijkkwartetten, missen,… Beethoven zei dat er in Schubert ‘een goddelijke vonk’ schuilde. Tot op zijn sterfbed corrigeerde hij zijn Winterreise-drukproeven. Syfilis zou hem geveld hebben.
De muziek van de vierentwintig liederen componeerde Schubert op gedichten van tijdgenoot Wilhelm Müller. Een jonge molenaar trekt de stad uit nadat hij afgewezen is door zijn geliefde. De winterkou in de onherbergzame natuur strookt beter met zijn innerlijke wanhoop. Het liefdesverdriet is immens, de pijn haast niet te dragen, de uitputting uiteindelijk compleet. Of hij de smart overwint of zich finaal overgeeft aan de ‘Leiermann’ (de draaiorgelman staat voor de dood) blijft in het midden. Er werden uiteenlopende interpretaties van uitgevoerd door de grootste muzikale talenten.
In de bewerking van Transparant vervangen Wouter Deltour en regisseur Jan Sobrie de jongeman door de ouder wordende Viviane De Muynck. Een tragische rol die haar op het lijf geschreven lijkt: ze is zevenenzeventig, en verlies en eenzaamheid kent ze al te goed. Al zorgt die benadering voor een wel bijzonder bedrukkend portret van de juist zo speelse en wakkere actrice.
“Hoe krijgt Viviane De Munck dat gespeeld, dat je als toeschouwer meteen beseft dat dat nu net ouder worden is: de blik van buiten alsmaar meer naar binnen keren?”
Viviane De Muynck staat niet live op de speelvloer – we krijgen haar te zien via filmfragmenten die afgespeeld worden tussen en onder de muziek door, op twee schermen voor en achter op de bühne. Maar eerst komen de verschillende muzikanten met elk hun eigen stemtimbres aan bod – later in de voorstelling vertolkt ieder van hen ook zijn eigen zangstijl. Van de vijf performers zijn er twee klassiek geschoold. Behalve de pianist is dat sopraan Eurudike De Beul. Haar lamenterende stem past perfect bij de liederen, en haar buitenissige acteerstijl voegt er een onverwachte laag aan toe. De vierentwintig nummers worden een na een opgevoerd, soms met z’n allen samen, meestal ieder apart. Het rijtje wordt afgegaan. Lara Chedraoui zet een uitvoering neer die de muziek even doet neigen naar Kurt Weil – onderwijl stoer bovenop de piano klauterend. Soms herken je een Nederlandse versie tussen de Duitse tekst door, en op het einde hoor ik Oriana Ikomo Engels zingen – een jazzy insteek op eigen muziek? Op een gegeven moment loopt Wouter Deltour door een geprojecteerd bos: een door en door romantische beeld, met zijn krullende haarbos boven een smal en bleek gelaat dat de zaal intuurt en eronder een schriel lijf in een lange regenjas. Als hij dan a capella zingt, verschijnt toch even de jongeman uit Schuberts verhaal, een knappe vondst.
Het is dat liederen die elkaar opvolgen algauw saai aanvoelen, zeker in een donker decor dat weinig speelt met de ruimte. Op twee doorzichtige schermen worden de filmbeelden geprojecteerd, en nu en dan is een fijn schaduwspel te zien is. Het voorste scherm kan helemaal rond z’n as draaien. De buffetpiano met keyboard erachter staat op een rijdend plateau. Nu eens tokkelt Wouter Deltour zacht, dan ramt hij hard op de toesten of stap hij over op ondefinieerbare klanken op de keyboard. Impressionant. Halverwege de opvoering rijden de performers de set naar voren. De hele voorstelling lang staan, hangen, zingen de performers er wat onwennig omheen. Heel even dansen ze voorzichtig, veelal zitten ze braafjes naast de pianist. Dat bewegen valt dus wat tegen – ook al omdat er niet veel filmbeelden van Viviane de Muynck verschijnen.
De Muynck is een begenadigde actrice en de beelden die filmregisseur Peter Monsaert van haar schoot, spreken boekdelen: hoe ze van de hoogste verdiepingen van een flatgebouw uit het raam staart, hoe ze op het terras haar sigaretje rookt, de kleine pasjes van het kastje naar de muur… Ver weg beneden de stad, vlakbij het geluid van verkeer. Wonderlijk is het als ze met haar blik eerst de verte inkijkt, dan naar binnen keert. Hoe doet Viviane De Muynck dat? Of beter: hoe doet ze dat, haast onzichtbaar, in éénzelfde oogopslag? Hoe doet ze dat zo dat je als toeschouwer meteen beseft dat dat nu net ouder worden is: de blik van buiten alsmaar meer naar binnen keren? Het levert het meest beklijvende moment in de voorstelling op.
Op dat moment is het alleen wat erg lang wachten. Eén moment gaat de echt mist in: als Lara Chedraoui haar gitaar pakt. De muziek galmt dan zo vreemd dat je die gitaar niet eens hoort, en ook de zangstemmen door elkaar niet. Alsof de boxen (links en rechts van de speelvloer) het niet aankunnen. Op zich is het vermengen van stemmen en stijlen wel een mooi idee om de wat lange zit van de zovele liederen op te breken. Maar in de grote zaal komt de intimiteit van het onderonsje met Schubert er niet helemaal uit, terwijl anderzijds de opnames met Viviane De Muynck juist om die grote schermen vragen. Jammer dat zij niet meer in het spel betrokken wordt. Zo ervaar ik het helemaal als De Muynck zelf een laatste lied aanzet. Zuiver en broos tegelijk. Hoe elk woord, elke hapering van haar stem een betekenis krijgt – ze slaagt er verdomd zelfs in om dat met één vingertje nog wat extra aan te zetten.
Iets voelt als nog niet helemaal ingelopen op deze première. Want ondanks die kleine haperingen blijven de mooie momenten juist heel sterk hangen. Zoals dat ijle stemmetje in de donkerste der werelden. Het zijn die begenadigde ogenblikken die we niet alleen in een mooie voorstelling koesteren. Ze klinken zo kostbaar als in het leven zelf.
Winterreise is in juni te zien in Toneelhuis.
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.