© Bruno Simao

Leestijd 5 — 8 minuten

Trouble – Gus Van Sant/BoCA

Ambitieuze musical blijkt lege doos

Met de musical Trouble maakt Amerikaans filmregisseur Gus Van Sant (bekend van o.a. My Own Private Idaho en Milk) zijn debuut als theatermaker. Op vraag van de BoCA Biennale in Lissabon haalde hij een nooit uitgevoerd filmscript over het leven van popart-icoon Andy Warhol vanonder het stof en maakte er een voorstelling van. Op papier klinkt het als een recipe for success: een bekende en gevierde naam die de regie in handen heeft, een spraakmakend onderwerp en een grote cast. Helaas levert het weinig interessant theater op.

In de filmindustrie zijn ‘biopics’ big business: dure films over het leven van bekende mensen, van Jackie Kennedy over Freddie Mercury en Margaret Thatcher schieten als paddenstoelen uit de grond. De steracteurs die deze personen vertolken spelen niet enkel hun personage, ze worden het. Geloofwaardigheid is de inzet van dit genre. In zo’n biopic kom je meer te weten over wie deze iconische mensen ‘echt’ waren, zie je hun weg naar de top en de valkuilen onderweg, niet enkel de glitter en glamour maar ook hun kleine kantjes. De voorstelling Trouble is op vergelijkbare wijze opgevat: een cast van jonge acteurs speelt Warhol zelf, alsook enkele andere klinkende namen die je op de achterflap van elke Warhol-biografie leest: auteur Truman Capote, actrice en model Edie Sedgwick, kunstenares en activiste Valerie Solanas en kunstcriticus Clement Greenberg bijvoorbeeld.

De voorstelling opent met een tentoonstelling van vroeg popart werk, eind jaren 50, in een galerie in New York City. Meteen regent het namen als Jasper Johns, Claes Oldenburg en Robert Rauschenberg. In deze eerste scène wordt de stilistische toon gezet van de hele voorstelling: vereenvoudigde reproducties van kunstwerken op plakkaten vormen de scenografie terwijl het ensemble over de scène ijsbeert en doet alsof ze op een tentoonstelling zijn. Dit figuratief heen-en-weer geloop zien we later terug in scènes waarin acteurs toevallige passanten op straat uitbeelden of als anonieme bezoekers van Warhol’s Factory fungeren. Hiermee plaatst Van Sant ons meteen in een zeer letterlijke stijl die de suggestie moet wekken van ‘big city life’ maar die het aan de overtuiging van een Ivo Van Hove of FC Bergman ontbreekt om een straf beeld te creëren. Bovendien zorgen de bordkartonnen ‘kunstwerken’ die doorheen de voorstelling worden op- en afgeduwd en aan touwtjes uit de theatertoren komen voor een zeer tweedimensionaal ruimtegebruik. De Rode Zaal van DE SINGEL leek nog nooit zo klein.

Het verhaal dat zich vervolgens ontspint is voor velen onder ons welbekend: de jonge reclametekenaar Andrew Warhola schuimt tentoonstellingen en vernissages af in de hoop het zelf te maken als kunstenaar. Op een dag wordt hij opgemerkt door een galerist en de bal gaat aan het rollen: al gauw zien we de iconische Campbell’s soepblikken waarvan Warhol (ondertussen zijn artiestennaam geworden) 32 ‘portretten’ maakte: één van elke soort. Vervolgens ontmoet hij Sedgwick, de jonge actrice waarvan hij zo onder de indruk is dat hij haar prompt tot ‘Superstar’ doopt en zich waagt aan experimentele film. Ondertussen wordt Warhol steeds bekender maar ook beruchter: niet enkel het grote publiek twijfelt aan zijn artistieke kwaliteiten – zoals pijnlijk duidelijk wordt tijdens een nagespeeld interview uit de Merv Griffin show in 1965 waarin Warhol weigert te spreken en zo zijn imago van rare snuiter verder in de hand werkt – maar ook zijn entourage keert zich tegen hem. Als hij op Edie is uitgekeken staat Nico, later zangeres van de band The Velvet Underground die Warhol ‘kocht’, al te wachten om haar plaats in te nemen. Ook wie Warhol op zakelijk vlak probeert te helpen, houdt het niet lang vol. De enige constante in zijn leven lijkt de goedhartige maar ietwat naïeve Gerard Malanga. Hij introduceert Warhol in onder andere de zeefdruktechniek en Van Sant laat uitschijnen dat hij het echte genie achter het merk Andy Warhol was.

“Helaas leest Trouble eerder als de Wikipedia pagina over de levensloop van de kunstenaar dan als een spannend perspectief vanuit het heden.”

Warhols werk en biografie staan met andere woorden bol van mogelijke onderwerpen om kritisch onder de loep te nemen: auteurschap, het imago van de kunstenaar, de inwisselbaarheid van de mensen waardoor hij zich zo graag liet omringen. Helaas leest Trouble eerder als de Wikipedia pagina over de levensloop van de kunstenaar dan als een spannend perspectief vanuit het heden. De vertelling is eenduidig en soms zelfs kinderlijk: popart voor beginners, geschiedenislesjes die in makke songs werden gegoten die de acteurs met weinig panache ten berde brengen. De enige inhoudelijke lijn die volop in de verf wordt gezet, is het feit dat Warhol homoseksueel was. Schrijver Truman Capote wordt opgevoerd als een dandy waar Jani Kazaltzis nog wat van kan leren. Het woord ‘queer’ is schering en inslag in de voorstelling. Ook hier wringt het schoentje: iets tien keer benoemen maakt het niet meteen subversief of politiek. Ja, het is belangrijk om te weten dat openlijk gay zijn in de 60s lang niet zo vanzelfsprekend was als het vandaag is (en we hebben nog een lange weg te gaan). Maar om daar ook meteen de hele voorstelling aan op te hangen, is een zwaktebod dat de thematiek uitholt en verlaagt tot het niveau van geaffecteerde typetjes en makkelijke mopjes.

“Net als de kunstwerken zijn de personages tweedimensionaal en van bordkarton gemaakt.”

Dan zijn er nog de acteurs. Spreken Amerikanen in Hollywood vaak Engels met een Italiaans accent als ze maffiosi spelen, is hier het omgekeerde aan de hand: de Portugese cast spreekt Engels met meer haar op dan de goedkope zilveren pruik die Andy op zijn hoofd zet. Op zich hoeft dit geen probleem te zijn, maar zonder boventiteling zou de tekst met momenten ronduit onverstaanbaar zijn en de taalbarrière lijkt het spelplezier van de acteurs stevig in de weg te zetten. Voeg daar hun bedenkelijke zangprestaties en de poging om Warhol’s stemgeluid na te bootsen die eerder aan Kermit De Kikker doet denken en het geheel zakt als een pudding in elkaar Net als de kunstwerken zijn de personages tweedimensionaal en van bordkarton gemaakt.

Kortom: Trouble mist de ontwrichtende, in-your-face energie die popart ontketende in de beeldende kunst scene van de jaren ‘50 en ‘60. Nochtans wordt die kwaliteit van de beweging tot vervelens toe bezongen. Wanneer Andy roept dat hij vanaf nu ‘Sex, Drugs & Rock ‘n Roll!” wil, hoop je tevergeefs dat de voorstelling ook een beetje van die punch meekrijgt. Ruim anderhalf uur lang kabbelt de vertelling verder, zonder te beklijven of te schuren. De voorstelling bevat geen frictie en neemt geen standpunt in. 

Al komt het einde alsnog abrupt: Valerie Solanas, auteur van het radicaal feministische SCUM Manifesto, stormt de Factory binnen met de boodschap dat Warhol haar script moet verfilmen. Wanneer blijkt dat hij dat allerminst van plan is, schiet ze hem neer. Dit incident is waargebeurd, maar voor wie even niet op de data in de boventiteling let, lijkt het alsof Andrew Warhola vrijwel meteen na de schietpartij in 1968 overlijdt. In werkelijkheid stierf hij bijna 20 jaar later aan de complicaties van een medische ingreep. 

In een soort epiloog zien we Warhol en Capote die elkaar in de hemel terugzien, vervolgens erg ongemakkelijk zoenen en dan het podium al huppelend verlaten, op zoek naar de ‘plaatselijke gay bar’. Simultaan met deze scène zien we een veiling van Warhol’s werk in 2021 dat voor miljoenen onder de hamer gaat. De geest van Andy staat er wat schaapachtig op te kijken en vindt het jammer dat zijn werk pas na zijn dood het grote geld binnenbrengt. Welk beeld van kunstenaarschap Van Sant met dit einde beoogt, is onduidelijk. Het voelt in ieder geval vreemd om na deze halfslachtige poging tot demystificatie van de man achter het genie hem op de valreep ook nog als miskend kunstenaar neer te zetten. Daarmee concludeert Trouble even troebel als het begint: een lauwe hap die niet naar meer smaakt.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 5 — 8 minuten

#165

03.09.2021

30.11.2021

Simon Baetens

Simon Baetens behaalde een master Drama op KASK School Of Arts en is lid van de kleine redactie van Etcetera. Hij werkt als dramaturg, journalist, recensent en performer.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!