The Medium, reconstruction of a murder

Stef Depover

Leestijd 6 — 9 minuten

The Medium, reconstruction of a murder – Walpurgis

Als het medium de boodschap wordt

WALPURGIS getroost zich in The Medium, reconstruction of a murder de moeite om het niet bij een nieuwe enscenering van een bestaand stuk te houden. Maar deze verregaande bewerking ontbeert de verhalende kracht die in het origineel wordt bepleit.

The Medium is een opera uit 1946 van de Italiaans-Amerikaanse componist Menotti. Hoofdpersonage is Madame Flora of Baba, een door de oorlog geplaagde, gedesillusioneerde en cynisch geworden vrouw. Met de hulp van haar dochter Monica en de door haar ‘geadopteerde’ stomme zigeunerjongen Toby, organiseert zij séances. Daarin pretendeert zij als ‘medium’ contact te leggen met de overleden kinderen van goedgelovige mensen die veel geld over hebben om even in de illusie te verkeren dat hun zoon of dochter het wel stelt in het geestenrijk. Maar als Baba, die ook een drankprobleem heeft, tijdens zo’n séance plots zelf naar de keel wordt gegrepen door een geest, gaat haar rationele wereldbeeld aan het wankelen. Ze wil Toby doen bekennen dat hij er voor iets tussenzit. Uiteindelijk vermoordt ze hem, in de overtuiging dat het de geest is die ze achter een gordijn hoort bewegen.

Whydunit

Aanvankelijk was WALPURGIS van plan om deze kameropera integraal te ensceneren, maar uiteindelijk werd het spoor van de loutere heropvoering verlaten. The Medium, reconstruction of a murder is een bewerking geworden waarin verschillende elementen uit de opera aangewend worden om ‘na de feiten’ verder op zoek te gaan naar mogelijke motieven. Eerder een whydunit dus, gezien de thematiek worden geen heldere vragen en pasklare antwoorden verwacht. Artistiek leider Judith Vindevogel zag in mezzosopraan Eurudike De Beul de ideale Baba, zij ‘spreekt’ alleen met een selectie licht bewerkte aria’s uit Menotti’s opera. Om haar heen cirkelt actrice Simone Milsdochter – zij het als de in verstilling achtergebleven dochter Monica, zij het als een soort rechercheur die probeert Baba aan de praat te krijgen. In de openingsscène fluistert zij de levenloze handpop – die de overleden Toby en zijn onschuldige kinderspel verbeeldt – toe dat zij zo graag wil weten ‘waarom’.

Scheidingslijn

In een ruimte zo donker als de nacht, wordt het echter moeilijk om een goed licht op de zaak te laten schijnen. Scenograaf Stef Depover verdeelde de scène met een koel, donker zeildoek in een beklemmend, welomlijnd voorplan en een vaag, nauwelijks zichtbaar achterplan. Het scheidt de cel waarin Baba zich bevindt en de ruimte waarin ze, aan een tafel met de clichématige bureaulamp, ondervraagd wordt. Misschien suggereert het doek ook de scheidslijn tussen het gebied van het rationeel verklaarbare en dat van het zogenaamd bovennatuurlijke. In ieder geval verwijst het naar het geheimzinnige geschuifel tijdens de séances in Menotti’s opera, en naar de dramatische omstandigheden van Toby’s dood.

WALPURGIS laat Baba, na de vlaag van verstandsverbijstering waarin ze de moord pleegde, terug op het voorplan treden en haar sceptische ingesteldheid uitspreken: „What ill wind shakes my hand? What unseen ghost stands by my side? No, no, it cannot be the dead! The dead never come back.” Tegelijk erkent de vrouw dat ze ook niet alles in de hand heeft: „But then if there is nothing to be afraid of, why am I afraid of this nothingness?”

Molenaarsdochter

De omgang van het personage van Milsdochter met Baba varieert van intimiderend tot begripvol. Zij steekt achter het doek hier en daar een lichtje op in een poging om klaar te kunnen zien. In dit stuk, dat ondermeer de manieren om tot Verlichting te komen onderzoekt, speelt de belichting, of het gebrek eraan (“My Lamp is lost!”), een belangrijke rol. Uiteindelijk dooft Milsdochter de kaarsen en schuift ze resoluut het zeildoek weg. Door de scheidslijn tussen het terrein van rede en werkelijkheid en dat van fictie en verzinsel weg te nemen, wordt de theaterscène opnieuw in haar geheel hersteld. Daarvan maakt het personage van Milsdochter gebruik om een sprookje voor te lezen. Het gaat om Repelsteeltje – al blijft diens naam en ook de ontknoping van het sprookje onvermeld. Wel horen we hoe een arme molenaarsdochter meegegeven wordt met de koning, met de belofte dat zij stro kan veranderen in goud. Om de belofte waar te maken heeft de dochter de hulp nodig van een klein mannetje dat in ruil haar eerstgeboren kind opeist.

Waarom vertelt Milsdochter plots over deze molenaarsdochter? Het sprookje deelt een aantal elementen met The Medium. In haar openingsaria heeft Monica het immers al over haar ‘gouden spoel en draad’. Ook andere motiefjes, zoals het verspelen van gouden sieraden, of het dromen van een prinselijk huwelijk, komen zowel in het sprookje als in Monica’s libretto terug. Maar de grootste parallel is dat de mooie molenaarsdochter net als Monica door haar ouders wordt ingeschakeld in een tot mislukken gedoemd plan om uit de financiële nood te geraken. En van dat plan is uiteindelijk een geliefd kind het slachtoffer: Toby in The Medium en de eerstgeborene in Repelsteeltje.

Onverklaarbaar

Zo legt WALPURGIS in zijn bewerking de nadruk op uitzichtloze armoede en desillusie als aanleiding voor mensen om over te gaan tot fatale daden. Wat Baba in die bewuste séance naar de keel greep, blijft een mysterie. Het teruggrijpen naar een sprookje kan je lezen als een lofzang op de kracht van verhalen die het eigen onvermogen om meteen klaarheid te scheppen erkennen, en die het mysterie in zijn waarde laten. Een lofzang ook op wat gebeurt op het toneel: het aanroepen van stemmen die het onuitspreekbare misschien toch op een of andere manier onder woorden kunnen brengen. In de verduisterde séance die elk toneelstuk is, is elk scepticisme uit den boze en elke manipulatie geoorloofd om in contact te komen met het onverklaarbare.

Verbeelding

Maar is WALPURGIS er na al dat vrijelijk associëren en schrappen uit de oorspronkelijke opera in geslaagd om zélf een tot de verbeelding sprekend stuk op de scène te brengen? Dat is onvoldoende het geval. Wat we hierboven over het stuk schreven hoort thuis in de categorie van dramaturgische achtergronden, intertekstuele referenties en bespiegelingen over het medium theater. En door het gebrek aan extra materiaal wordt dat medium hier teveel de (enige) boodschap. Natuurlijk speelt WALPURGIS met verve zijn muzikale troeven uit: weinig is zo indrukwekkend als Eurudike De Beul op die donkere vierkante meter te horen zingen. Knap is ook de manier waarop de compositie van Guy Van Nueten probleemloos de sfeer zet. Maar voorts vraagt de sobere en te summiere voorstelling teveel voorkennis om er iets van te kunnen maken. Als bepaalde elementen uit The Medium je onbekend zijn, wordt het wel erg moeilijk om in deze reconstruction nog enige houvast te vinden. Wat de bewerking inlevert aan explicitering van handeling en psychologische diepgang, kan ze niet alleen winnen met suggestie en suspense.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 6 — 9 minuten

#139

15.12.2014

14.03.2015

recensie

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!