© buren

Leestijd 6 — 9 minuten

SPARE TIME WORK – buren

Hoe vrij is vrije tijd?

Melissa Mabesoone en Oshin Albrecht van buren smijten hun blokkendoos opnieuw uit over de theatervloer. Met de typische bouwstenen uit hun arsenaal deconstrueren ze in SPARE TIME WORK de spanning tussen werk en vrije tijd. Hoe vrij is vrije tijd eigenlijk en kan je vrije tijd uitgeven? Wat begint als een speels feest over de grensvervaging tussen de twee ontaardt uiteindelijk in een zwartgallig en onontkoombaar einde.

De blokkendoos van buren

‘Met de kaarten die door het lot en de geschiedenis geschud en gedeeld zijn, valt er – zo suggereert het werk van buren – wel degelijk te spelen. De woorden van het scenario van ons leven kiezen we niet zelf, maar de zinnen wel.’ Met dit inzicht vat Christophe Van Gerrewey de poëtica van buren samen. Van Gerrewey dicht buren een ‘manier van kijken’ toe die zich hyperbewust is van onze laatkapitalistische zeitgeist zonder dat deze tot apathie of inertie leidt. Ook in SPARE TIME WORK kijkt buren het monster van het neoliberalisme recht in de ogen. Albrecht en Mabesoone plukken opnieuw rijkelijk uit onze westerse catalogus van beelden, woorden en ideeën om deze vervolgens te verdraaien en vervormen.

Het arsenaal van buren bestaat uit helder omlijnde personages die zich elk op een specifieke manier verhouden tot het heersende vrouwbeeld, polyvalente rekwisieten die voortdurend herschikt worden en kleurrijke kostuums die al even multifunctioneel zijn. Dit in een strak gechoreografeerde performancestijl die tegelijkertijd voldoende ruimte laat voor speelsheid, en dat allemaal overgoten met een scheut feministische maatschappijkritiek. ‘Een kruising tussen het absurdisme van Jacques Tati en het koele activisme van Chantal Akerman’ zou iemand volgens Van Gerrewey ooit gezegd hebben na één van hun voorstellingen. Een nagel kan niet harder op de kop geslagen worden.

De karakters die buren deze keer opvoert heten Young en Adult Hood, Grown Woman, Office Worker en Cleaner. De namen verwijzen naar stereotiepe genderrollen en fases in iemands leven. Om die verschillende levensfases te visualiseren maakt buren gebruik van kleuren: groen aan het begin, beige/grijs in het middenstuk en paars/rood op het einde. Per kleur komen we andere personages tegen en ontstaat er een nieuwe wereld met een eigen interne logica.

Aan het begin van de voorstelling baadt de scène in groen licht. Een tikkende klok verwijst naar het verstrijken van de tijd. Beide performers hebben groene accenten in hun outfit en Albrecht heeft genoeg aan een klein groen emmertje op het hoofd om Adult Hood te personifiëren. Mabesoone komt vrolijk op als Young, inclusief rugzakje met daarop een afbeelding van de Hulk. Ze doet haar rugzakje zorgvuldig uit, zet deze op een sokkel en plant zich neer in een vlug geknutseld zeteltje. Ze zet een denkbeeldige tv aan en Adult Hood begint de musical.

Voor de gelegenheid werkte buren samen met producer en muzikant Benne Dousselaere. Er komt een langspeelalbum aan waarvan in de voorstelling al enkele nummers verwerkt zitten. Gezongen stukken en gesproken tekst volgen elkaar de hele voorstelling organisch op. Moeiteloos schakelt buren van 8bit soundscapes naar gabbermuziek. Dousselaeres sound versterkt het speelse karakter van de voorstelling enorm.

Maar niet alleen de muziek, alles wat buren aanraakt verandert in speelgoed. Het voortdurende spel met (de Engelse) taal, de kostuums en rekwisieten weet tot op het einde te verrassen en is een waar feest om naar te kijken. Verschillende blokjes op scène vormen eerst een zetel, dan een podium, een uitkijk, een bed… Met een gieter in de vorm van een hondje staat Young op zo’n verhoogje. Ze houdt de gieter als een plasteut voor haar middel en plast in een Aperol Spritzglas. Adult Hood klopt aan. ‘Wait wait wait’, vraagt Young nog, maar Adult Hood waits voor niemand.

Van groen naar grijs

In een gameshowachtig sollicitatiegesprek laat de ambitieuze Young zich vrolijk verleiden tot volwassenheid. Adult Hood, rijkelijk wapperend met flappen cash geld, doet zich ondertussen voor als een gulle Robin Hood. Ze wil Young helpen om op haar eigen benen te staan. Ze belooft haar een platform en ‘a room of her own’ – een knipoog naar het bekende essay van Virginia Woolf. ‘Wat wil jij later worden?’ vraagt ze aan Young. Dé vraag die ieder van ons voor het eerst confronteert met het concept van tijd en vergankelijkheid: ‘deze kindse en onschuldige staat waar je je nu nog in bevindt, is tijdelijk en gaat voorbij’. Maar ook een vraag die impliceert dat je iets moet worden, dat je later je steentje moet bijdragen. Young kan de vraag in eerste instantie enkel beantwoorden met ‘een moeder’, maar in dat moederschap ziet ze dan weer verschillende mogelijkheden: ‘a sport mom, a horse mom, a fit mom, …’ en daar lijkt ze naar uit te kijken.

Na deze eerste groene sequentie verspringt het licht naar beige. Op verschillende plekken wordt er zand uitgestrooid dat Albrecht, na een hypnotiserende transformatie van Adult Hood tot Cleaner, uitveegt over de scène. Cleaner legt zich hierna te snurken waarbij ze het geluid produceert door haar aftrekker over de vloer te schrapen – in zijn eenvoud een geniale vondst die de theatertaal van buren ten voeten uit typeert. Young – in de val gelokt? – is nu Office Worker. Traag sleept ze zich door het zand op een afgeleefde bureaustoel begeleid door het geluid van de snurkende aftrekker en tikkende toetsenborden. Geen gietertjes meer, geen vrolijke 8bit, wel aktetassen en gigantische enveloppen. Wanneer ze een liefdeslied aan haar computer brengt, lijkt ze kortstondig haar speelplezier terug te vinden (online alvast te bewonderen als ‘COMPUTER_SONG’ in afwachting van het album).

Toch is het duidelijk dat het jeugdige enthousiasme ingeruild is voor het onvermijdelijke volwassen leven. Het groen wordt van achter de oren geschraapt en de tijd verliest onbestemdheid en onschuld. We zijn in het rijk van de prikkloktijd aanbeland. Het is hier dat de personages even hun maskers afzetten en we een glimp opvangen van de performers zelf. Mabesoone en Albrecht stellen zichzelf de vraag die elke kunstenaar zich wel eens stelt: als alles wat ik om me heen zie me kan inspireren voor mijn werk, heb ik dan eigenlijk nog vrije tijd? Het is deze vervaging tussen werk en vrije tijd die het neoliberalisme voortdurend probeert uit te buiten. De heerschappij van het 24/7 regime, altijd bereikbaar, altijd online. Tegelijkertijd problematiseert buren deze stelling door anekdotes te delen over kennissen die hun werk ‘a fun job’ noemen, waardoor ze het reduceren tot louter een hobby, ‘eigenlijk is wat jullie doen geen echt werk.’

Young en Adult Hood hadden tijdens de groene sequentie absoluut nog geen probleem met deze ambiguïteit. Integendeel, ze genoten er net van. Het hoogtepunt van de voorstelling is een hilarische passage vlak voor de omschakeling naar beige waar Young en Adult Hood in hoog tempo een lesje golfterminologie afsteken. Aan het einde daarvan zitten ze rustig op een bankje uit te puffen tot Mabesoone dubbelzinnig monkelt ‘I know how to play the game, but I don’t have the balls’ waarna ze schalks toch twee balletjes uit haar broek tovert. De stokken die net nog een projectiescherm omhooghielden, zijn nu de biljartkeus waarmee Albrecht en Mabesoone als twee bloedserieuze professionals de balletjes over de scène slaan. ‘Good job,’ zegt de een. ‘A pleasure doing business with you,’ antwoordt de ander.

Van grijs naar paars

Nog meer ambigue is het slotstuk van de voorstelling. Na het kantoorwerk is het namelijk de beurt aan een nog uitdagendere job, die van het moederschap. Albrecht en Mabesoone, nu beide als Grown Woman, proberen zich te verhouden tegenover Mother Hood. Of ze dit nu willen of niet. In een paarsrode schemer plaatsen ze uitspraken over zwangere vrouwen naast de WAP-dance en andere Rihanna-achtige work work work-taferelen. De schijnbare oppositie tussen de seksueel bevrijde vrouw en de vrouw als moeder wordt op de spits gedreven.

Waar SPARE TIME WORK in het begin nog guitig het plezier van opgroeien belichaamt, verzandt de voorstelling uiteindelijk in een kakafonie van onmacht. Grown Woman is versteend door de schijnbaar oneindige keuzes die ze zou kunnen maken, weergegeven door een groot wiel dat opgerold wordt met daarop in het vet gedrukt ‘choices choices choices’. Toch is ze gebonden aan de weinige opties die de samenleving voor haar als geschikt beschouwt. Schipperen tussen de Hoer of de Madonna, veel meer keuze is er niet, lijken Albrecht en Mabesoone te suggereren. Buren legt zich uiteindelijk toch neer bij de maatschappelijke eis om ‘een moeder’ te worden en roept als een soort wanhoopsdaad hun werk uit tot hun kind.

Initieel vond ik het zonde dat de voorstelling in deze teneur eindigde. Na de vindingrijkheid en veelzijdigheid van de eerste helft voelde dit enigszins als een zwaktebod. Van speelse hoop naar zwartgallige onmacht. Nu ik er even over heb kunnen malen, kan ik die wending beter plaatsen. Het is geen zwaktebod, het is de realiteit van onze hedendaagse condition humaine; het feit dat kinderlijke verwondering, het groene begin van de voorstelling, verpletterd wordt onder de verwachtingen van de volwassen samenleving. Wat buren doet is dat existentieel inzicht pijnlijk duidelijk maken en dat is niet aangenaam.

In plaats van zich neer te leggen of te verdwijnen in een postmodern schouderophalen, neemt buren wel resoluut haar lot in eigen handen. Albrecht en Mabesoone beseffen goed genoeg dat ze er niets aan kunnen veranderen. Door echter de elementen die ze meenemen op scène telkens opnieuw en opnieuw te arrangeren en herschikken, bieden ze de kijker een eclectisch scala aan associaties waarin je vrij kan rondwaren. Het is in dat voortdurend herschikken en opnieuw ordenen dat de kracht van buren schuilt. In dat licht voelt het einde van de voorstelling niet als een eindpunt, maar als een halte in het lopende onderzoek van buren.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 6 — 9 minuten

#165

03.09.2021

30.11.2021

Simon Knaeps

Simon Knaeps studeerde acteren aan het conservatorium van Antwerpen en theater- en filmwetenschappen aan de UA. Momenteel is hij werkzaam in het jeugdwerk. Hij is tevens lid van makerscollectief ilBrigata.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!