© Opera Ballet Vlaanderen/Joost Joossen

Leestijd 3 — 6 minuten

Rizoom! – Iris Bouche & Kobe Proesmans / Opera Ballet Vlaanderen

Met één simpele beweging vat choreograaf Iris Bouche waar het om draait bij het verwerken van een verlies. Tien paar uitgestrekte armen vertrekken van de aarde en beschrijven een boog naar boven, proberen het hemelse te raken, om daarna terug te keren naar de vastheid van de grond – en opnieuw te vertrekken. Verbinding zoeken tussen wat eens hier was en nu daar, eens lijf en nu enkel nog klank, net nog dichtbij en nu veraf. Daarover gaat Rizoom!.

Rizoom! is de eerste jongerenproductie onder de vleugels van Vonk, het platform dat binnen Opera Ballet Vlaanderen werk moet maken van een meerstemmig en meer inclusief operahuis. Dat blijkt al uit de tableau de la troupe waarmee Rizoom! aanvat. Centraal op het grote platform staat een eenzame muzikant, die ritmisch op de grond stampt. Stuk voor stuk vervoegen hem de dansers, elk met hun eigen manier van lopen en bewegen – eentje haast zich, eentje kijkt nog een moment afwachtend toe, eentje moet zijn veters nog strikken. Er zijn vier volwassen en zes jonge dansers, een van de volwassen dansers heeft een beperking – je stelt het verrast vast, om het daarna onmiddellijk weer te vergeten. Het scènelicht gloeit donkerrood, en wanneer de ritmisch bewegende groep dansers en muzikanten compleet is draait ze zich als één man naar het publiek: een naamloze, gezichtloze massa bewegende schimmen. We bevinden ons in de onderwereld, in Hades’ rijk.

Boven dat rijk gloort langzaam een oranje licht (het licht van Stefan Geudens zal de hele voorstelling een dragende rol spelen) en komt de stad tot leven: ze bestaat uit enorme rijdende decorelementen waarop de muzikanten van (in hoofdzaak) The Colorist Orchestra zetelen, het ensemble van Kobe Proesmans en Aarich Jespers, die de muziek voor Rizoom! schreven. De stellingen worden aaneengeschakeld tot een stad met witte, blinde muren. Intussen trekt de duisternis weg en laat de groep dansers zich in volle glorie zien: de kostuums (Alexandra Gilbert) zijn adembenemend mooi in hun mengeling van middeleeuwse, mythische elementen (kappen, lange gewaden, felle kleuren) en moderne texturen. De ouverture van Proesmans en Jespers is een romantische score van filmische allure, de grote en kleine gestalten wervelen in een ontroerende volksdans door elkaar. Ze reiken van de grond naar de hemel, vormen cirkelvormige structuren, tot, in het midden van de cirkel, één danser stil blijft staan. Dit is het begin.

In de houten kist die het kind de bühne oprijdt schuilt het object van verlies: een witte speaker, waaruit als in een herinnering de zo geliefde stem (Liesbeth Devos) opklinkt – met aria’s van onder meer Händel en Verdi, die spreken over afscheid. Hier ontmoeten het operarepertoire en de popachtergrond van Jespers en Proesmans (onder andere percussie bij Zita Swoon) zich op een volstrekt natuurlijke manier. Het is symbolisch gezien ook een mooie gedachte: dat overal waar we gaan of staan, de stemmen van onze geliefden ons vergezellen – de stad is er vol van, als we maar willen luisteren. Maar zo ver is de rouwende groep nog niet. Eerst is er nog de laatste groet aan de kist (die door een in wit geklede Dood wordt weggereden) en daarna de bekende stadia van rouw: ontkenning en verzet (de kinderen willen de kist volgen, worden tegengehouden door de volwassenen, hebben hun eigen manier van dealen), kwaadheid (er ontstaat een gewelddadige ruzie tussen de volwassenen), depressie (de kinderen verzinken in een droomwereld vol dierenfiguren). Het stadium dat overblijft is dat van de aanvaarding, en dat betekent in Bouches idioom: verbinding leggen. Het verlies binnentrekken in het leven, het daar een plaats geven. Dat gebeurt ook in Rizoom!: het leven breekt door, wanneer de jonge dansers (die even verdwenen waren van de bühne) op een rijdend platform komen aangereden, alsof ze op een groot schip zitten, en juichend de vlag uitsteken: na het oeverloos verdrinken in verdriet is er eindelijk weer land in zicht. Na de collectieve tableau van het begin tonen ze zich nu elk om beurt individueel, in kleine solo’s breakdance-style, en bevestigen zo hun herwonnen kracht.

De stem uit de speaker kan nu eindelijk haar plaats innemen tussen de andere stemmen/geesten. De doden zijn niet verdwenen, ze blijven bij ons, we moeten alleen hun aanwezigheid aanvaarden en eren. Leven mét de dood (de verbinding leggen tussen daar en hier), het leven zien als een weefsel van wat was en wat is (en zal zijn), is zoveel rijker dan doen alsof de dood niet bestaat. De voortdurende nabijheid van de onderwereld dient als een aansporing, en zorgt ervoor dat je des te hartstochtelijker wil leven. Dat is tenminste het effect dat Rizoom! op mij heeft.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 3 — 6 minuten

#167

15.03.2022

14.05.2022

Evelyne Coussens

Evelyne Coussens is freelance cultuurjournalist voor De Morgen en verschillende cultuurmedia, waaronder Ons Erfdeel, rekto:verso en Staalkaart. Ze is lid van de grote redactie van Etcetera.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!