kleine redactie

Leestijd 4 — 7 minuten

Redactioneel Etcetera 160

De moed om te durven spelen

Wat betekent spelen in een tijdsgewricht waarin vloggers maar evengoed fake news de grens tussen feit en fictie oprekken? Onze redactie boog zich over deze vraag en komt tot de conclusie dat het podium meer dan ooit een strijdtoneel is.

In een passage in Autumn, de bejubelde brexitroman van de Schotse auteur Ali Smith, heeft het jonge hoofdpersonage Elisabeth een gesprek met haar goede vriend en buurman Daniel Gluck over de status van waarheid en verzinsels. De wereld is de realiteit en verhalen zijn slechts hersenspinsels: daar is ze initieel van overtuigd. Maar via een speels socratisch gesprek ontdekt ze dat echt en onecht niet zo makkelijk van elkaar te onderscheiden zijn. ‘So how do we ever know what’s true?’, vraagt ze zich uiteindelijk af. ‘Now you’re talking’, repliceert Daniel.

We kunnen vandaag haast geen prangender vraag bedenken dan die van Elisabeth. Sinds de verkiezing van Trump lijkt het erop dat politici eender wat kunnen opdissen zonder hun aanhang te verliezen. Dichter bij huis wint Dries Van Langenhove stemmen door glashard te liegen in televisiestudio’s die volgens hem deel uitmaken van de mainstream-‘leugenpers’. Met het grootste gemak speelt hij de rol van de onwetende als het hem uitkomt.

In een interview in The Guardian merkt Ali Smith terecht op dat fake news geen nieuw fenomeen is. Ook de term post-truth is misleidend. Er is alleszins nooit sprake geweest van een truth-paradigma: zelfs in de oudheid bekwaamden politici zich al in de retorica om hun publiek meesterlijk te bespelen. Maar dat neemt niet weg dat het huidige era een aantal theatrale kwesties op scherp stelt.

Want er zijn in dit tijdsgewricht nog zaken die de grens tussen waarheid en spelen oprekken. Denk maar aan de hyperrealiteit die ontstaat door de online personae die we allemaal creëren. We zien dagelijks hipsters met hun flat white poseren voor het betere Instagram-plaatje in de koffiebar. Idem dito wat betreft de toeristen die al citytrippend tegen hun selfiestick lopen te praten terwijl ze de omgeving uit het oog verliezen. Bij populaire vloggers verschuift de grens tussen realiteit en enscenering zelfs volledig: zij leven hun leven letterlijk in functie van de filmpjes die ze uploaden voor hun volgers.

Al de mensen uit bovenstaande voorbeelden zouden anders handelen, mochten ze geen virtuele versie van zichzelf moeten voeden. Krijgen we dan wel het echte leven van instagrammers en vloggers te zien? Of doen ze alsof? Het mag alleszins duidelijk zijn dat spelen en representeren ‘beladen’ worden wanneer er met realiteit gespeeld wordt en het niet meer helder is waar de scheidslijn tussen podium en leven ligt.

Dat brengt onder meer bepaalde verwachtingen met zich mee naar spelers toe. De populariteit van makers als Laura van Dolron, Julie Cafmeyer of Johan Petit doet vermoeden dat zowel het publiek als de kunstenaar snakt naar ‘echtheid’. Alsof we op het podium vooral echte mensen willen zien. Soms lijkt het zelfs alsof deze makers op het toneel uit een geënsceneerd leven stappen en dus juist hun rol of een masker afleggen. Daarnaast wordt ook van spelers verwacht dat ze verantwoordelijkheid opnemen voor de rollen die ze representeren en de maskers die ze opzetten. Denk maar aan de discussie rond blackfacing, of aan de publieke debatten over Zwarte Piet of het carnaval van Aalst.

Misschien is het wel precies de neiging naar authenticiteit die ons de das om doet. Niet alleen weten we dankzij het sociaal constructivisme al lang hoe ijdel die zoektocht is en hoe we allemaal voortdurend versies van onszelf performen — ook zonder sociale media. De wens om ons eigen ‘echte’ leven te tonen én om dat van anderen te volgen, leidt online vaak tot een hyperrealiteit vol flat characters die de complexiteit van de werkelijkheid geweld aandoen. Mochten we erkennen dat de getoonde onlinerealiteit hooguit een partiële inkijk kan geven in elkaars werkelijkheid, dan kunnen sociale media nochtans net een podium bieden voor nieuwe publieken en publieke personae.

‘Whoever makes up the story makes up the world’, zegt Daniel Gluck in Autumn. En ook: ‘there’s the truth, and there’s the made-up version of it that we get told about the world’. Vervolgens leven Elisabeth en hij zich uit in het verzinnen van een verhaal waarin een mens verkleed als boom het wint van een oorlogszuchtig personage met een geweer. In plaats van koortsachtig te zoeken naar transparantie en objectiviteit, grijpen ze met andere woorden de mogelijkheden van onze geest aan om vorm te geven aan de werkelijkheid. Niet toevallig stellen grote hedendaagse denkers de oppositie tussen feit en fictie in vraag — evenwel zonder te vervallen in relativisme. Donna Haraway komt zelfs bij sciencefiction uit om het over de meest prangende thema’s te kunnen hebben.

Wat betekent dat alles voor de kunsten? Nu het ernaar uitziet dat het Kunstendecreet herschreven zal worden en het duidelijk is dat rechts ook op cultuurpolitiek vlak de macht wil verzilveren, is het podium explicieter dan ooit een strijdtoneel. Diegene die het podium betreedt om er te spelen, zal ook politiek gelezen worden: al spelende brengen we immers niet alleen een ode aan het leven, we bouwen er ook mee aan en sturen het een nieuwe richting uit. Meer dan voorheen zal erop gelet worden wie voor het voetlicht (mogen) treden, waarom, hoe en wat er gespeeld wordt. In die zin is elke vorm van spel een verhulde politieke bekentenis en vergt het misschien niet langer de onschuld van het kind maar wel de moed van een revolutionair om te durven spelen.

Krijg je graag ons magazine in jouw brievenbus?
Abonneer je dan hier.

artikel
Leestijd 4 — 7 minuten

#160

15.03.2020

14.05.2020

kleine redactie

De kleine redactie bestaat uit Charlotte De Somviele, Joachim Robbrecht, Natalie Gielen, Leonie Persyn, Sébastien Hendrickx en Ciska Hoet.