#182
15.04.2026
—
14.09.2026
Pieter De Buysser is filosoof, auteur en theatermaker. Hij is tevens artistiek leider van Lampe. www.lampesite.be
Filosofie is de laatste tijd bijzonder populair op onze podia. Hedendaagse wijsgeren worden uitgenodigd voor lezingen of debatten, en hotshots van de Griekse Oudheid tot nu – van Socrates over Montaigne tot Wittgenstein-vind je terug op de affiche van menig CC Voor het Kaaitheater vormt filosofie de rode draad doorheen het programma van dit seizoen. Staat na alle oproepen tot ‘doen’, nu het ‘denken’ voorop? We vroegen ons ook af of de wijsbegeerte in plaats van als eenmalig onderwerp ook als methode kan worden ingezet? Impliceert dit een specifieke blik op de wereld, een andere manier van vragen stellen, met kennis en kunst omgaan? Etcetera polste bij twee podiumkunstenaars, beiden opgeleid als filosoof, naar welke rol filosofie speelt in hun artistieke praktijk. Choreograaf Noe Soullier geeft een inkijk in zijn onderzoek rond hoe het denken onze ervaringen kan beïnvloeden; theatermaker Pieter De Buysser greep onze uitnodiging aan om te speculeren rond de spanning tussen een kunstwerk en haar filosofische gehalte.
Begin oktober brak filosoof, auteur en theatermaker Pieter De Buysser tijdens het Spoken World-festival van het Kaaitheater een lans voor de paria’s van onze tijd: de speculanten. Want zonder speculatie redden we het niet. ‘Omdat we over de meest essentiële dingen die ons bestaan bepalen niets zeker weten, zijn we veroordeeld te speculeren. Er is geen weg naast. Ik speculeer dus ik ben.’
Pieter De Buysser schreef deze tekst voor het format ‘Eén minuut… wordt vervolgd’ van De Roovers, waarbij Sara De Bosschere en Luc Nuyens een scène spelen in een houten container die is gemaakt uit transportmateriaal voor kunstwerken. Hij werd voor het eerst gespeeld op 22 maart tijdens het openingsweekend van bronks.
Om kritiek te bedrijven moet je van kunst houden. Maar hoe kun je de liefde voor een kunstobject beschrijven als de kritische afstand tussen liefhebber en geliefde implodeert?
[de vrouw die het grote oor dat haar zo goed begreep en beschermde heeft afgesneden, en nu met een stukje ervan er op uittrekt om her en der er bovenop te gaan liggen zonnen]
(Snob in het privékantoor van de kunstkritiek. Links een kindertekening, rechts een fetish. Snob: ‘Daar kan Picasso wel bij inpakken‘) De snob heeft het wel gehad met die kunstwerken. Hij wil nu iets dat dat louter artistieke overstijgt. Hij wil nu ‘een stedelijk platform’, en ook ‘een dynamiek bewerkstelligen’, en dan ook een ‘dam opwerpen tegen de verzuring’, en dan ook nog ‘samenhorigheid smeden in een cultureel pact’. De snob houdt er niet van overbodig te zijn. De snob verwart de veelbesproken nutteloosheid van het kunstwerk met overbodigheid.
Omdat je aan polarisering alleen een trommelvliesontsteking dreigt over te houden: een gesprek met Karl van den Broeck, de kersverse adjunct-hoofdredacteur van Knack, en voordien chef Cultuur van De Morgen. In die hoedanigheid was van den Broeck veelal de populistische pispaal van dienst.Altijd bereid om op blinde vlekken gewezen te worden, nam ik de temperatuur op van de specifieke, en tegelijk exemplarische verhouding die Karl van den Broeck heeft met de avant-garde.
In het dagelijkse leven volbreng ik graag mijn burgerplicht om mee te spelen in de komedie van versimpelingen en het innemen van standpunten: de bezigheden van de Vlaams Belangers hebben na hun veroordeling geen recht meer op gemeenschapssubsidies. Ik verdedig steil dat standpunt en haal met plezier retorische machinerieën uit de garage om iedereen van hetzelfde te overtuigen. Het is burgerplicht die niets met mijn werk te maken heeft. Als er door mijn werk eventueel wat twijfelachtig symbolisch kapitaal te rapen valt om dat standpunt van mezelf als burger meer te laten horen: geen probleem, hoereren maar.
‘Wat uit liefde wordt gedaan, geschiedt altijd aan gene zijde van goed en kwaad‘ Nietzsche, Voorbij goed en kwaad, 153
‘Beste Marianne, Vorige week, Rue Saint-Germain, Parijs, je struikelt er over het elegante schoeisel van de Franse intelligentsia, een clochard zit op zijn knieën, voor hem een stuk karton met in dikke stift: “seuls ceux qui sont hors de ce monde, peu-vent encore gêner ce monde.”
Pieter De Buysser (1972) is filosoof en theatermaker. In 1998 richtte hij met Benjamin Verdonck, Liesbet Swings en Valentine Kempynck ‘Lampe’ op, een collectief waarbinnen ieder zijn ding kon voorstellen. Drie jaar later is Pieter De Buysser de enige overblijver die zijn projecten presenteert onder ‘Lampe’.