© Koen Broos

Leestijd 8 — 11 minuten

Overgave

In 2022 maakten Louis Janssens en Willem de Wolf Analoog, een intergenerationele voorstelling over een docent en een student. Voor Etcetera doken ze in hun notities en weggegooid materiaal en schreven deze dialoog, in het verlengde van en naar analogie met het maakproces.

L = willem en W = Louis. Ze spelen dus elkaar.

W en terwijl ik naar de studenten
op de toneelschool zit te kijken
zie ik een wereld waarin de strijd is
gestreden
waarin de slinger helemaal is
doorgeslagen
en waar iedereen daar blij mee is
jouw onzekerheden zijn al lang niet
meer hun onzekerheden Willem
en zelfs mijn onzekerheden zijn al
lang niet meer hun onzekerheden
ik denk dat ik er goed in ben in het
lesgeven

L nu al?

W ik laat ze vooral met rust
ik laat ze hun ding doen
heel soms zeg ik dingen die ik ooit
van jou heb gehoord
dingen die jij me hebt verteld
dingen die ik heb onthouden
en die ik herhaal

L wat voor soort dingen herhaal jij dan?
de dingen die altijd hetzelfde blijven?

W niets blijft altijd hetzelfde

L wat is er dan veranderd?

W dat het alles van je verlangt
de zelfopoffering
de volledige toewijding

L maar dat zal altijd hetzelfde blijven
zo hebben wij het ook altijd gedaan
als het dat niet meer is
dan is het het niet meer

W dat is dus juist erg veranderd

L dat het alles van je verlangt
dat je het helemaal doet
of niet doet
dat je je er volledig voor in moet zetten
de kunst is toch de enige vrijplaats

W dat is enorm veranderd

L dat je overgave onvoorwaardelijk
moet zijn
dat het je tijd je geest en je lichaam
vraagt
dat is de enige voorwaarde

W maar dat zeg ik dus
dat is enorm veranderd
overgave kan alleen maar volledig of
niet
tegenwoordig is alles gradueel
fluïde
het beweegt
het is een golf

L ik vind dat jammer

W misschien vind ik dat ook wel jammer
aan de andere kant
het is ook goed om tijd te houden om
een leven te leven
om een biografie te maken moet ik
leven
wat maakte jou toentertijd eigenlijk
zo gretig?

L omdat ze zeiden dat het zo moest

W wie?

L mijn docenten

W jij geloofde het allemaal?

L jij geloofde het ook allemaal
krijgen jullie ook de sleutel?

W de sleutel?

L de sleutel van de school?

W nee

L wij hadden een sleutel van de school
begrijp me goed
ik wil niet zeggen dat het vroeger
beter was

W soms denk ik dat het vroeger beter was
in sommige opzichten was het
vroeger echt beter denk ik
als jullie vroeger een sleutel kregen
van de school
dan was dat vroeger beter

L wij kregen een sleutel van de school
en wij kregen een sleutel van de
theaters

W nu sluiten de theaters in het weekend
en in de vakantie

L vroeger sloten de theaters ook natuurlijk

© Koen Broos

W maar jullie hadden een sleutel
nu word je na zessen uit het theater
gezet
en in de vakantie mag je er ook niet
repeteren

L wij sliepen zelfs in het theater
en op de school
wij leefden in het theater
en op de school

W ik was daar zo graag bij geweest
dat is echt veranderd
ik hoorde een verhaal
dat studenten in de klaslokalen sliepen
en de volgende ochtend door de
docenten werden ontdekt
docenten sliepen ook op school

L docenten sliepen ook met studenten
dat is enorm veranderd

W het is goed dat dat is veranderd

L het is heel goed dat dat is veranderd
dat komt ook nooit meer terug

W maar die heftigheid
die vind ik jaloersmakend
die intensiteit
de hele dag en nacht over theater
praten
leven en werken door elkaar
de hele tijd samen

L op een gegeven moment is dat ook
wel veranderd
mensen werden ouder
kregen kinderen
er ontstond een leven naast het
theater

W misschien is dat ook wel gezond
dat je op het einde van de dag zegt:
tot morgen
en dat iedereen dan naar huis gaat
maar tegelijkertijd mis ik het ook
die vrijheid
die energie van werken en werken en
blijven werken
die dynamiek van verandering

L het was ook wel een heel misogyne
tijd hoor
en erg hetero

W ahja
dat is ook wel veranderd

L een aantal mensen hebben toch
echt gebouwd

W die hebben de theaters gebouwd

L die hebben oude cinema’s tot
theaters omgebouwd
afspraken met overheden gemaakt
want er was niets
die mensen reden bijvoorbeeld
naar amsterdam om voorstellingen
te gaan kijken
en iedereen mocht mee
die organiseerden festivals
stonden te koken voor de artiesten
sloten ‘s nachts de bar
en waren in de ochtend als eerste
weer in het theater

W geweldig!

© Koen Broos

L die mensen hebben de theaters van
vandaag gebouwd
alles moest nog bedacht en
georganiseerd

W nu is alles er al
alles is al geregeld
alles is al voor ons geregeld

L toen wist niemand hoe het moest

W nu weet iedereen het op de toneel­school al
iedereen weet al hoe het moet

L ik wist van niks

W maar er was ook nog niks?

L er was beweging
het was een golf
er was een voortdurend zoeken naar
hoe het moest
met elkaar
als je steeds samen bent
dan heb je op een gegeven moment
een huis
samen zijn is een huis
samen zijn is ‘gezelschap’
begrijp je?
en als je dat niet deed…

W wat niet deed?

L als je niet voortdurend en vol over­gave
met theater bezig was
dan wilde je niet echt

W het was dus ook behoorlijk streng?

L er is een verschil tussen een samen
zijn dat een huis is
waarin je elkaar steeds tegenkomt
en een samen zijn
waarvoor je afspraken moet maken
om samen te zijn
het is een groot verschil
of je moet afspreken om elkaar te
ontmoeten
of dat je er altijd al bent

W er is een groot verschil tussen
het hebben van een huis
of het hebben van vergaderingen

L er is een groot verschil tussen het
hebben van een sleutel
of het hebben van een agenda
omdat die mensen toen geen
afspraken hadden
maar een huis
hadden ze alle tijd om uit te vinden
hoe ze theaters moesten maken

W wat iets anders is dan theatermaken

L soms vraag ik me af of die mensen
wel voldoende zijn bedankt

W welke mensen?

L die mensen die de sleutels gaven
ze worden wel heel makkelijk
vergeten lijkt het

W ik ben het niet vergeten

L voor je het weet ben je vergeten

W heb je het nu over jezelf?

L voor je het weet spreek je niemand meer
ik ben daar soms bang voor ja
al die overgave
en dan plotseling niets
eerst dat alles
en dan plotseling niets

W maar waar is dat dan begonnen
dat alles?

© Koen Broos

L op de toneelschool
het kwam me goed uit dat het zoveel
van me eiste
omdat ik niets wist
die overgave gaf richting
was tastbaar, voelbaar en doenbaar
in al die onbekendheid
die de kunst was
in dat hele nieuwe abstracte universum
gaf de eis naar overgave houvast
overgave – je best doen – lag meer in
mijn vermogen

W dat hele nieuwe abstracte universum?
ik moet je eerlijk zeggen
voor mij was dat allemaal niet zo
nieuw

L maar voor jou was alles er al

W en toch hield ik van die intensiteit
van bijleren
van nieuwe dingen ontdekken

L dat is bij sommige studenten
vandaag toch ook veranderd?
zijn ze niet minder benieuwd?

W soms vind ik van wel
wij waren eindeloos benieuwd
we gingen ook heel veel kijken
wij gingen naar alles kijken

L wat mij op de toneelschool vooral
opviel
was de sfeer van mateloosheid
van overtreffende trappen
van uitbundigheid
van volume
dat galmen op de gangen
alles werd overdreven:
je persoonlijkheid, je improvisatie, je
bijdrage
alles was geweldig en fantastisch

W ja dat heb ik ook graag
alles is groot
ik zeg tegen de studenten eigenlijk de
hele tijd: groter
het moet groter

L alles overdonderde
en ik begreep niets
er werd mij pas iets duidelijk toen een docent
op een gegeven moment het
mysterie doorbrak
ze had tijdens de les
alsmaar gezegd dat ze niets zou
voordoen
omdat voordoen zei ze
het zelf zoeken
het zelfonderzoek
zou kunnen remmen

W ik doe de hele tijd alleen maar voor
ik doe de hele tijd alles voor

L ik ook
ik doe altijd alles voor
en zij deed het ook een keer voor
kort
en toen kon je zien
dat het wel degelijk iets was
dat het iets was dat toneelspelen

W ik zeg de hele tijd: groter
en dan doe ik het voor
dan doen ik heel groot voor
soms schaam ik me dan achteraf

L voordoen is zo effectief
alles moet sowieso altijd luider

W alles moet luider en dat doe je
gewoon aan ze voor

L misschien moet ik me toch proberen
te herinneren
wat ook alweer de argumenten waren
voor die overgave toen

W wat was er vanzelfsprekend en is dat
nu niet meer?

L het veld had nog iets te bieden
status, inkomen, werk, thuis,
gezelschap

W terwijl het tegelijk nog niets was?

L dat is misschien toch het grootste
verschil
het veld was nog niet gemarginaliseerd
het was nog niet geprofessionaliseerd

W geprofessionaliseerd?

L er was nog niet geregeld geen subsidies
geen cao’s
geen contracten

geen uitkoopsommen en geen
overhead
geen curatoren en geen festivals
alles is tegenwoordig weliswaar
marginaal
maar ook geprofessionaliseerd
zelfs de studenten zijn tegenwoordig
geprofessionaliseerd

W dat is waar
toen was er nog niets

L en nu is er alles

W maar dat is ook niets

L er was belangstelling
en er was nog niets
er was dus heel veel om je voor in
te zetten

W maar dat is er nu ook natuurlijk
er is nu ook veel om je voor in te
zetten

L dat vind ik ook

W dat vind ik ook

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

kunstenaarsbijdrage
Leestijd 8 — 11 minuten

#171

15.03.2023

—

31.05.2023

Willem de Wolf, Louis Janssens

Willem de Wolf studeerde in 1985 af aan de Amsterdamse Toneelschool. Met jaargenoot Ton Kas formeerde hij het duo Kas & de Wolf (1985-2004). Van 2004 tot 2009 studeerde hijDuitse taal & cultuur aan de Universiteit van Amsterdam. Sinds 2010 maakt Willem de Wolf deel uit van de artistieke kern van DE HOE (voorheen De KOE) in Antwerpen. Zijn teksten Krenz en ForsterHuberHeyne werden in 2012 en 2018 genomineerd voor de Taalunie Toneelschrijfprijs. Hij is als docent verbonden aan het KASK in Gent.

Louis Janssens studeerde Drama aan het KASK in Gent en werkt als acteur en theatermaker. Samen met Ferre Marnef vormde hij van 2012 tot 2022 het theatergezelschap Desnor. Als docent is hij betrokken bij de opleiding ‘Acteren’ aan het Conservatorium Antwerpen.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!