© Fred Debrock

Gilles Michiels

Leestijd 3 — 6 minuten

Nil novi sub sole – Dirk Pauwels

Poëtische acte de présence

Een synthese van een leven vol theater, een preek van een oude rot of een definitief gebaar over de kunst? Dirk Pauwels’ monoloog Nil novi sub sole bevat van elk een stukje en wijst elk van die stukjes ook af. Wat overblijft is een poëtische mijmering over niets in het bijzonder, en hoe dat volstaat.

In Peter Sellers’ laatste grote film Being there (1979) zit een ontroerende paradox. Sellers speelt een wat simpele ziel, die na een besloten leven als privé tuinman in een wereld van grootspraak, commercie en machtsspelletjes terechtkomt. Zijn gemeenplaatsen over de natuur worden er verkeerd begrepen als profetische wijsheden over economie en politiek, wat van hem een tv-ster maakt en uiteindelijk een mogelijke presidentskandidaat. In Being there zegeviert, midden in alle drukdoenerij, de zeggingskracht van het kleine gebaar.

Wat valt er te vertellen na meer dan veertig jaar op de planken? Van het eerste stuk van veteraan Dirk Pauwels (75) sinds zijn pensioen in 2011 had je een finaal statement kunnen verwachten. Als bedenker en speler van het gezelschap Radeis, stichter en artistiek directeur van het Nieuwpoorttheater, Victoria en CAMPO en gastcurator van Theater aan Zee 2017 heeft hij een staat van dienst die bewondering afdwingt. En toch doet de titel van zijn monoloog Nil novi sub sole – ‘niets nieuws onder de zon’ – een wel heel bescheiden opzet vermoeden.

Ongrijpbaar

Tijdens zijn carrière was Pauwels al de man die onverwachte combo’s uit zijn hoed toverde en sérieux en spel door elkaar serveerde. Ook de komische intro van Nil nove sub sole verrast meteen: de theatermaker heeft een katheder het podium opgesleurd en steekt er een pompeuze speech af, over wat zijn publiek zal verwachten, deze meerwaardezoekers met hun lach en hun traan en hun hooggestemde ideeën over de Kunst. ‘Een artistieke beleving is het voorrecht van een bepaald soort mensen, en wees blij, u behoort daartoe, dus u moet verwend worden.’ Een uurtje dan, want ‘tijd is niet meer van deze tijd.’

Pauwels zal ons geen boodschap geven, belooft hij, geen nieuws onder de zon, geen standpunt – dat is het theater op zich al. Wat dan wel? Lange tijd oogt Nil novi sub sole behoorlijk ongrijpbaar. Je zou Pauwels als een oude zeur kunnen wegzetten, maar daarvoor is zijn kritiek op bijvoorbeeld sociale media te betrokken en zijn stem te breekbaar. Je zou hem als een koppig kind kunnen zien, zoals hij vervuld van zijn eigen plannen kriskras over het podium beent, maar zijn vastberadenheid is zonder doel. Je verwacht een confessionele one-man-show, maar deze solospeler is meer als een curator, die teksten van Julie Cafmeyer, Delphine Lecompte en Daniil Charms en enkele kunstwerken tussen zijn eigen mijmeringen schikt.

Geen grote woorden

De rode draad in Nil novi sub sole wordt gevormd door enkele puntige gedachten uit schriftjes, waarin Pauwels met humor reflecteert op de kunst, op een dolgedraaide wereld, op de roepers, de goedebedoelers en opiniemakers die hij zag komen en gaan. Klinkt dat eerst cynisch, dan dringt geleidelijk aan door dat de kracht van deze voorstelling niet schuilt in het alternatief of het eigen grote gelijk, maar in ontwapenende eenvoud: ‘Wanneer woorden te groot worden, versta ik ze niet meer.’

Tussen de observaties, poëzie en verklaringen over wat zijn voorstelling wel of niet zal doen stouwt Pauwels zijn podium vol met allerhande objecten: een houten trofee, een installatie met een glazen vaas en een kunstgrasmatje, een reeks wijndozen die hij tot een instabiele toren stapelt. Elk zijn ze van een andere kunstenaar, maar verdere uitleg blijft uit: hun simpele aanwezigheid lijkt te volstaan.

Zo wordt de monoloog een expositie, het spreken een gebaar, de vertelling een acte de présence. Het licht hoeft niet fel te schijnen, zegt Pauwels in de epiloog, ongetwijfeld één van de mooiste die je dit jaar zult horen. Zaklampen en schijnwerpers zijn hulpmiddelen voor de nacht – geef hem maar lucht en klaarte, een zon waaronder niets hoeft.

Verstopt achter alle schijnmanoeuvres heeft Pauwels een kleinood afgeleverd over ouder worden, over verwachtingen en hoe kunst die kan vervullen door ze te doen vergeten, en alleen haar ontroerende, naakte, geruisloze zelf te zijn. Midden in de voorstelling laat hij een personage ons erop wijzen ‘dat het toneelstuk Nil novi sub sole (…) langer kan duren dan dat uw uurwerk aanduidt.’ Waarvan akte.

recensie
Leestijd 3 — 6 minuten

#157

15.05.2019

14.09.2019

Gilles Michiels

Gilles Michiels is schrijver en cultuurjournalist. Hij publiceerde onder meer in Rekto:verso, DW B en Dans.Magazine en is momenteel theaterrecensent bij De Standaard.

recensie