‘Monster!’ © Stef Lernous

Marc Holthof

Leestijd 4 — 7 minuten

Monster!

Abattoir Fermé, Acht & Potemkino

‘Laat varen alle hoop, gij die hier binnentreedt’. Misschien had dat de danteske openingszin moeten wezen van de tele- visiereeks Monster! die Abattoir Fermé en Potemkino eind vorig jaar op de digitale zender Acht loslieten. Het was de aller- eerste eigen productie van deze digitale zender. Tijdens een Monster!-marathon in het Mechelse kc nOna februari dit jaar was de hele reeks van zes afleveringen te bekijken. Ten behoeve van de ‘sukkels’ die géén digitale tv hebben.

Monster! bekijken is een heel ander soort wereld binnentreden dan je als televisiekijker gewoon bent. Vergeet Woestijnvis en de vrt. Hier zijn we in een wereld beland waar televisie ge- maakt wordt volgens de tegendraadse recepten van Wim T. Schippers. Vergeet Antonioni en Hitchcock. Hier zijn B-filmer Roger Corman en Ed Wood de beste cineasten ter wereld. Vergeet alles wat u weet over goed acteren, hier worden niet de leer van Stanislavski of de recepten van de Actor’s Studio toegepast, wel de platitudes van Fred Haché, Barend Servet en Sjef van Oekel. Vergeet het goede, schone en verhevene, hier gelden niet de eeuwige idealen van Plato maar de platvloersheid van Plautus.

 Monster! schildert een hilarische karikatuur van de Vlaamse beeldindustrie op haar slechtst/best en parodieert met graagte de internationale subcultuur van ondermaatse snertfilms. De centrale figuur van de reeks is Ad-Harry Shredder (Chiel van Berkel), een opportunistische, arrogante en totaal talentloze would-be cineast. In de openingssequens van aflevering 1 maken wij kennis met hem. Shredder draait films zonder geld ergens in een aftandse loods. ‘Stanley Kubrick doet jaren over een film, ik maak een film per week’, pocht hij. De wanden van zijn werkkamer zijn beklad met affiches voor exploitatiefilms. ‘Waarom moeten er meer dan twintig mensen naar mijn films komen kijken, als die film maar twintig euro heeft gekost om te maken?’, vraagt hij zich af. Tegenover de hyperkinetische ‘bigger than life’ figuur van van Berkel staan de zo suf mogelijk spelende handlangers van Shredder. Die worden vertolkt door de leden van Abattoir Fermé (Tine Van den Wyngaert, Kirsten Pieters, Pepijn Caudron en mederegisseur en -scenarist Stef Lernous).

De zes afleveringen van Monster! worden aanvankelijk in beeld gebracht als docusoap (‘Het leven als…’), maar verworden al snel tot avonturen uit een slecht feuilleton, om dan compleet in het surrealistische te belanden. Zo zien wij Tine Van den Wyngaert bij het begin van aflevering 2 een bezoek brengen aan de dokter omdat ze aan een slijmerige hoest lijdt. De rest van de aflevering zal ze op ongeregelde tijdstippen de rest van de cast bedekken met een vloed groen slijm. Groen slijm dat ook in de generiek van elke uitzending de stad Mechelen onderstroomt. Wat verder in dezelfde aflevering zet Van den Wyngaert ook een bijzonder geslaagde imitatie neer van Linda Blair uit The Exorcist…

Elk van de zes afleveringen van Monster! vertelt een (min of meer) afge- lijnd verhaaltje – het ontstaan van een van Ad-Harry’s meesterwerken, telkens in een ander genre. De titels spreken boekdelen: ‘The Dying Dead’, ‘Hitler Needs Woman’, ‘House of Nudie’, ‘It Came from the Planet’, ‘Color Me Crazy’ en ‘Monstro’. Meteen na elke aflevering krijgen wij de trailer te zien van het nieuw gerealiseerde meesterwerk van Shredder. Dat zijn de hoogtepunten van deze reeks. Waar je als recensent (gebrainwasht door de idealen van de goede smaak) nog wel eens je neus ophaalt voor een wat mindere vertolking, een haperende camerabeweging, een mislukte grap of het gewilde amateurisme in de afleveringen, zijn de trailers heerlijke opstapelingen van filmische clichés die als het ware een condensatie zijn van de er in opgeroepen filmische subcultuur. Ingeleid door zinnetjes als ‘The following preview has been approved for underdeveloped audiences only by the motion picture association of Belgium, vzw’ roepen ze met het summiere materiaal dat Ad-Harry gedraaid heeft (dankzij flink wat nabewerking, rook en effecten) wel degelijk de sfeer op van zombie- en vampierenfilms en andere exploitatiefilms. Hier zien wij hoe de filmische referenties uit het theaterwerk van Abattoir Fermé opnieuw naar film (of televisie) vertaald worden. Met (althans in de trailers) een even magisch resultaat als op de planken.

Maar Monster! is geen theater, het is een televisiefeuilleton in afleveringen dat graag speelt met de conventies van dat genre. De zes afzonderlijke verhaaltjes die een minireeks vormen, hebben dezelfde cast die dezelfde typetjes neerzetten. De rode draad wordt gevormd door de stijgende financiële perikelen van de studio die elk moment door de deurwaarder kan gesloten worden. In elke aflevering zijn ook een hele serie bv’s te gast om (meestal minuscule) rolletjes te spelen (vaak half onherkenbaar). Roos Van Acker, Marc Reynebeau, Sandy Tura, Isabelle A, Gène Bervoets, Jaak Van Assche, Johnny Voners: ze doen allemaal mee. Of ze allemaal goed wisten waarin ze figureerden, is een andere vraag.

Monster! vervalt af en toe wel eens in ongein op het niveau van een jeugd- feuilleton. Maar er is één aflevering die er compleet uitspringt en de reeks van Buiten de Zone– tot Twin Peaks-niveau optilt. Dat is aflevering 5, ‘Color Me Crazy’. Het geniale is dat er in deze af- levering geen woord gesproken wordt, Ad-Harry houdt niet zijn gebruikelijke speech over de volgende productie, maar hypnotiseert zijn medewerkers (en de kijker). Daarop volgt een surrealistische montage van beelden, die begint als Alice in Wonderland en daarna op magische manier alle mogelijke filmclichés oproept, van film noir over historische film tot en met horror. Hier zitten wij, zoals in de trailers, echt in de wereld van Abattoir Fermé en wordt het banale van het televisiefeuilleton compleet verlaten voor een surrealistische droom à la Un chien andalou. Het grappige is dat het precies in de erop volgende trailer is dat via flashy titels een soort verhaalstramien gesuggereerd wordt voor de surrealistische nachtmerrie die wij net gezien hebben. En ja, hoe onwaarschijnlijk het ook mag lijken: het totaal incompetente Shredder Films heeft met ‘Color Me Crazy’ een echt meesterwerk afgeleverd!

Monster! van Abbatoir Fermé, Acht & Potemkino. Regie en scenario: Stef Lernous en Jonas Govaerts. Met Chiel van Berkel, Tine Van den Wyngaert, Kirsten Pieters, Pepijn Caudron, Stef Lernous e.v.a. 6 x 30 minuten.

recensie
Leestijd 4 — 7 minuten

Marc Holthof

recensie