Hier, ik als keizerin. Molenstraat 103/bus 5 – Veerle Baetens & Bo Spaenc
Radicale eenzaamheid
Klaas Tindemans
Het Holland Festival opende dit jaar met het programma Three Solos and a Duet, waarin de inmiddels 61-jarige ‘celebrity’ Mikhail Baryshnikov centraal staat met Ana Laguna, de 53-jarige oud-soliste van het Cullberg Ballet, vooral bekend van haar rollen in Mats Eks eigentijdse interpretaties van de romantische balletten Het Zwanenmeer en Giselle.
De komst van Baryshnikov is op zichzelf spectaculair genoeg om verwachtingsvol naar uit te kijken. Want hoe onsterfelijk zal hij blijken te zijn, veertien jaar nadat hij voor het laatst in Nederland te zien was? Hoe zal hij gestalte geven aan het feit dat hij nu onafwendbaar een oudere danser aan het worden is, een omschrijving die in 1995 in bijna geen enkel opzicht op hem van toepassing was? Zal het publiek in de beweging op zoek gaan naar de herkenning van de danser van weleer, zoals men in een gerimpeld gelaat ook steevast op zoek gaat naar het gezicht dat men van vroeger kent? Zal hij het publiek trakteren op die aanstekelijke Russische bravoure van destijds? Zullen zijn ogen net als toen, met een twinkeling erin, contact zoeken met het publiek, om zijn performerstalent bevestigd te zien? Wat blijft, wat dooft, wat komt ervoor in de plaats?
Onwillekeurig passeert de gedachte dat Baryshnikov geprogrammeerd is met het overkoepelende thema van het Holland Festival in het achterhoofd. Moet hij, met zijn 53-jarige danspartner, de betekenis van Serenity & Anxiety gaan belichamen? Iemand die er op hoge leeftijd nog zo van overtuigd is dat hij moet dansen, zal per slot van rekening wel iets van angst voelen voor het moment waarop het lichaam dienst weigert, ondraaglijk pijn lijdt of gaat hangen en aftakelen. Het is de vraag of een danser van wie het professionele leven voor een groot deel in het teken heeft gestaan van fysieke virtuositeit en academische esthetiek dit verouderingsproces met trotse waardigheid kan beantwoorden, zoals hij dat gewend was in zijn vroegere solo’s. Waar stopt het? Dit heimelijke zoeken van de grenzen, ervan uitgaande dat die er zijn, biedt stof tot nadenken.
Een optreden van Baryshnikov gaat niet over bejaard zijn. Het gaat eerder over het overslaan van die fase van het leven. Een optreden van Baryshnikov is dan ook niet te rangschikken onder de categorie voorstellingen als het Zwanenmeer van Sanne van Rijn, die voor dit stuk uit 2002 heeft gewerkt met bejaarde amateurs, of Kontakthof van Pina Bausch, dat tijdens het Holland Festival van 2003 werd uitgevoerd door bejaarde dames en heren die in een ver verleden met dans in aanraking waren gekomen. Three Solos and a Duet staat in de traditie van de seniorengezelschappen Nederlands Danstheater iii en White Oak Dance Project, die beide overigens ter ziele zijn gegaan. Het programma staat ook op één lijn met een voorstelling als Lutz Förster, waarmee Jérôme Bel dit jaar het Springdance Festival opende – zij het dat Baryshnikov en de voormalige dansers van ndt iii niet alleen terugblikken, wat oud-danser Lutz Förster nadrukkelijk wel doet in zijn gedanste biografie, maar juist naar voren willen blijven werken, eventueel in een weemoedig omzien. Wat steeds centraal staat, ook bij Förster, is de ervaring en de kennis van één specifieke danser, die als rijpe (theater)persoonlijkheid aan het publiek wordt gepresenteerd. De choreografen hebben hun stuk exclusief voor deze danser(s) gemaakt, zodat het een zweem van onoverdraagbaarheid krijgt.
Wat levert deze exclusiviteit op voor Three Solos and a Duet? Het programma bestaat uit een nieuwe solo, Valse-Fantasie van Alexei Ratmansky (de voormalige artistiek directeur van het Bolshoi Ballet), en de solo Years Later van Benjamin Millepied (eerste solist van het New York City Ballet). Samen met Ana Laguna danst Baryshnikov het speciaal voor hen gemaakte ballet Place van de Zweedse choreograaf Mats Ek en het eveneens door Ek gecreëerde Solo for Two, waarin Ana Laguna in de schijnwerpers komt te staan.
Van Baryshnikov is bekend dat hij een grote interesse heeft voor modern repertoire, ook al is hij tot in zijn vezels academisch geschoold in de Vaganovatechniek. Over zijn liefde voor dat modern repertoire heeft Baryshnikov ooit opgemerkt dat hij zich daarin niet hoeft voor te doen als jeugdige prins en dat het hem de mogelijkheid verschaft om op het podium zijn eigen leeftijd te hebben, zonder schaamtegevoel. In dat licht is het opmerkelijk dat in het programma Three Solos and a Duet alleen Mats Ek in aanmerking komt voor de kwalificatie van modern choreograaf, maar dan wel één die stevig geworteld is in de academische ballettechniek.
Valse-Fantasie is met zijn nonchalante, half gemarkeerde balletpassen vol van verwijzingen naar de prins die Baryshnikov als geen ander wist te vertolken. Zie wat er van Baryshnikov te zien is op YouTube, en lees hoe erop wordt gereageerd door mensen van over de hele wereld en je weet dat er geen Trisha Brown tegen is opgewassen. Het publiek wilde hem vooral leren kennen als een virtuoze vertolker van het technisch veeleisende, klassieke repertoire. De quasirelativerende pantomime die Baryshnikov voor een onzichtbare spiegel uitvoert, maakt van die flarden uit het verleden eigenlijk een pijnlijke herinnering. Iemand die zich heeft toegelegd op de perfecte presentatie van zijn voet, die meer dan 10 000 uur heeft geoefend om heel precies al die pirouetten en fouettés te kunnen draaien, die moet je niet willen relativeren. Dat lukt niet.
Dan liever de confrontatie met de werkelijkheid zelf, zoals in Years Later. Daarin worden op het achterdoek authentieke, bewegende zwart-witbeelden van de jonge Baryshnikov geprojecteerd, die zijn technisch kunnen vaardig demonstreert op de houten vloer van een Russische balletstudio. Het publiek ziet een kleine, magere leerling-danser die met grote precisie draait, sprongen voorbereidt, uitvoert en keurig afsluit, zich glijdend verplaatst van de ene naar de andere perfect geplaatste voetpositie. Baryshnikov is de academische techniek al meester, maar de beelden laten niet zien of hij toen ook al over het vermogen beschikte om de techniek te overstijgen. De beelden zijn duidelijk gekozen om te laten zien dat Baryshnikov jaren later nog steeds heel precies is en een fabelachtige timing heeft, maar dat de technische virtuositeit inmiddels heeft plaatsgemaakt voor een rijpe toneelpersoonlijkheid. Baryshnikov werpt niet voor niets zijn grote schaduw op de filmbeelden en beweegt beurtelings speels mee of keert zich juist van zijn jeugdbeelden af. Hierdoor krijgt het publiek gelegenheid om ontroerd te raken door de verhouding die de danser via het bewegende beeld met zijn jeugd onderhoudt.
Wie op leeftijd komt, heeft veel ervaringen om op terug te blikken. Dat is wat Bel Lutz Förster laat doen en wat Millepied Baryshnikov laat doen. Mats Ek thematiseert noch het persoonlijke, noch het professionele leven van de performers, maar zet de herinnering en terugblik in als thema van het narratief. Opvallend is dat in alle stukken van het programma de reflectie op het verleden afwezig blijft, zodat de gedachte zich opdringt dat zowel Baryshnikov als Ana Laguna weigeren op een bewuste wijze onderdeel van de geschiedenis te zijn. Ze willen nog steeds geschiedenis maken. Zij sluiten niet iets af om aan iets nieuws te beginnen. Zij gaan door tot aan de grens.
De terugblik biedt geen reflectie, maar is er slechts de aanzet toe. Het is onbevredigend dat er geen andersoortig bewustzijn ontstaat. De dansers zijn gevangen in wat ze (nog) kunnen en het publiek wordt geen deelgenoot van een visie op de geschiedenis die de beide dansers wel degelijk in zich dragen. Misschien is daar een regisseur voor nodig. Dan moeten dansers ophouden naar die ultieme grens toe te bewegen en in plaats daarvan bewust een grens overschrijden of echt verleggen.
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.