State of the Future 2026 – Kristien De Proost
Uitgesproken op woensdag 2 september op het TheaterFestival (Brussel)
Kristien De Proost
© Kris Wik
Deze week is Łukasz Twarkowski te gast in De Singel met Rohtko, een monumentaal spektakel over één van de grootste kunstvervalsingen uit de recente geschiedenis. Maar wie is deze Poolse beeldenstormer die de internationale podia verovert met zijn grootschalige theaterproducties, waarin hij pompende techno, flitsende filmbeelden, digitale technologie en beeldende kunst door elkaar gooit? Waarom is hij zo gefascineerd door kwantumfysica en illegaal raven? Je leest er alles over in deze oeuvretekst, gepubliceerd met de genereuze steun van het Polish Institute Brussels.
Vandaag is er nauwelijks een theatermaker die zich zo vastberaden verbindt aan onze tijdgeest als Łukasz Twarkowski. Ik sta er versteld van. Elke keer opnieuw. Hij benadert de onoverzichtelijkheid van onze huidige tijd niet vanuit machteloosheid, of uitputting of verdriet, maar eerder vanuit een heldere, aanstekelijke en haast tintelende nieuwsgierigheid naar haar fenomenen – vooral op het gebied van natuurwetenschappelijke en technologische ontwikkelingen. Telkens wanneer deze regisseur het over nieuwe plannen heeft, voel ik me genoodzaakt de woordenschat die hij hanteert op te frissen in mijn hoofd: termen uit de gentechnologie zoals CRISPR, Cas9 of RNA, of uit de financiële wereld zoals NFT en Blockchain, of het idee van loop-kwantumzwaartekracht uit de kwantumfysica of begrippen uit AI….
Hele, voor mij onzichtbare kosmossen gaan open. Veel daarvan blijft moeilijk te bevatten, vooral als het gaat over de gevolgen voor ons eigen leven. En net dat fascineert Twarkowski: is het mogelijk dat ons perspectief op alles waarvan we dachten het te weten, momenteel aan het veranderen is? Welke impact hebben de nieuwe narratieven uit de wetenschap en technologie op onze werkelijkheid? We vermoeden: een redelijk fundamentele. Maar hoe kunnen we weten wat daar daadwerkelijk uit voorkomt en welke verschuivingen in onze opvatting op dit moment plaatsvinden?
Het artistiek onderzoek van Twarkowski begint precies daar waar de bodem kantelt, daar waar ons bewustzijn de wetenschappelijke inzichten niet meer kan bijhouden, daar waar we verdwalen in het niet-begrijpen en tegelijk uitgedaagd worden ons wereldbeeld te herkalibreren. Hoe beïnvloedt onze huidige levenswijze ons bewustzijn? Wat betekent het om voortdurend ‘aan’ te staan en oneindig veel informatie tegelijk te moeten verwerken? Informatie over verschillende crises die we live volgen en die onze sociale orde dreigen te verstoren. Wat gebeurt er met ons wanneer de categorieën ‘waar’ en ‘niet waar’ vervagen en een gemeenschappelijk referentiekader niet langer bestaat? Wat is echt, wat is fictief? Wat verandert er, wanneer niks nog absoluut is?
“Waar vroeger wetenschappelijke ontdekkingen nog hielpen de wereld begrijpelijker en transparanter te maken, zijn het tegenwoordig juist die ontdekkingen die ons de wereld laten zien als een volstrekt ondoorzichtige, mysterieuze en zelfs magische plek. Midden in dit kluwen ontstaan Twarkowski’s producties.”
In tegenstelling tot mij gaat Łukasz Twarkowski de toenemende abstractie van onze wereld met bewonderenswaardige onbevreesdheid tegemoet. Dat kan liggen aan ons leeftijdsverschil. Zestien jaar scheiden ons: hij is geboren in 1983 en ik in 1967. Dit verschil is groot in deze snel voortschrijdende tijden. De stille revoluties die in de twee afgelopen decennia hebben plaatsgevonden – de digitale voorop – hebben onze toegang tot de wereld fundamenteel veranderd. Terwijl ik stil en beduusd ervaar hoe we langzaam door de digitalisering geherprogrammeerd worden en ik hoogstens een hulpkreet slaak, behoort Twarkowski tot de generatie die met het grootste gemak (en afhankelijkheid, zoals hij toegeeft) is opgegroeid in deze veelvoud aan werkelijkheden en waarheden. Hij ervaart deze parallelle universa en de daarmee verbonden systeemshift als spannender dan eender welke sciencefictionliteratuur (die hij overigens niet meer leest). Waar vroeger wetenschappelijke ontdekkingen nog hielpen de wereld begrijpelijker, transparanter en misschien zelfs rationeler te maken, zijn het tegenwoordig juist die ontdekkingen die ons de wereld laten zien als een volstrekt ondoorzichtige, mysterieuze en zelfs magische plek. De realiteit wordt steeds meer raadselachtig. Midden in dit kluwen ontstaan Twarkowski’s producties.
Voor zijn expedities (want zo mogen we zijn werk noemen) legt de mediakunstenaar zijn vertrouwen in het theater dat vaak als anachronistisch wordt bestempeld. Hij wil niks te maken hebben met de ‘representatiemachine’, de burgerlijke instellingen met hun literaire canon. Hij is geïnteresseerd in de basis van het theater, de concrete analoge ontmoeting van lichamen in ruimte en tijd die plaatsvindt om een gedeelde ervaring te creëren. Hij viert de zintuiglijkheid: de lichamen, het zweet, de muziek met bassen die in de maag resoneren, de sensatie van een samenzijn in het hier en het nu, het gedeelde verhaal. Wie op zoek gaat naar een lineair narratief, komt bedrogen uit de zaal. Lineariteit biedt, volgens Twarkowski, allang geen toegang meer tot de realiteit.
Om zichzelf te slim af te zijn en te ontsnappen aan zijn eigen lineair denken, dat nog steeds ieders bewustzijn vormt, splitst hij het auteurschap van zijn projecten. Hij zet in op het collectief, inviteert scherpe kunstenaars uit andere disciplines en geeft hen autonomie binnen hun veld. Tot nu toe heeft Twarkowski bewust geweigerd om met een afgewerkt script te werken tijdens de repetities, terwijl hij evenzeer maandenlang vooraf met onder andere kunstenaars Anka Herbut, Joanna Bednarczyk en Marcin Cecko onderzoek deed voor de projecten. Twarkowski hoopt een dialoog te creëren tussen alle betrokken kunsten: film, live video, toneel, literatuur, muziek, architectuur en choreografie. Ze moeten elk hun eigen taal kunnen ontvouwen om tot een multimediaal totaalkunstwerk te komen dat één enkel brein nooit had kunnen produceren.
“Wie op zoek gaat naar een lineair narratief, komt bedrogen uit de zaal. Lineariteit biedt, volgens Twarkowski, allang geen toegang meer tot de realiteit.”
In deze technisch uiterst complexe en absoluut spectaculaire podiuminstallaties moet de toeschouwer zelf zijn weg vinden en keuzes maken. De logische plot maakt plaats voor een verticale vertelling, waarin de verschillende disciplines en lagen door elkaar bewegen, langs vele sprongen en breuken, tussen wat is en wat zou kunnen zijn. Hoe nuchter je ook was bij het binnenkomen, het is quasi onmogelijk weerstand te bieden aan de energie in de ruimte, die via tal van beelden en elektronische muziek op je inwerkt. Ik heb het zelf telkens opnieuw ervaren: op een gegeven moment laat je je gaan, hetzij om te vluchten voor overprikkeling, of uit enthousiasme voor de complexiteit die alle zintuigen bespeelt. De overvloed aan prikkels leidt in ieder geval tot een euforische toestand van het publiek die de tijd doet vergeten, zoals je maar zelden ziet in theater. De roes gebruiken als middel voor bewustzijnsverandering is dan ook één van de intenties van de performance.
Misschien is het spel met de tijd een hoofdkenmerk van Twarkowski’s werk en zijn co-creators. Vaak worden vertelsels uit verschillende decennia of eeuwen met elkaar vervlochten. Op het podium buigt Twarkowski de tijd en laat verschillende lagen in elkaar vallen. Alsof zijn werk een expressie wil vinden voor observaties uit de kwantumfysica die suggereren dat de indruk van lineaire tijd slechts gevormd wordt door onze menselijke geest en de manier waarop wij de werkelijkheid waarnemen. Tijd is in wezen geen echt fenomeen, onze voorstelling van de opeenvolging van verleden, heden en toekomst, bestaat niet. Alles gebeurt in feite tegelijkertijd.
Sinds het begin hebben de beeldende kunsten een cruciale rol gespeeld in de voorstellingen van Twarkowski, en voornamelijk videokunst, niet enkel omdat hij zelf uit de die wereld komt en lange tijd heeft gewerkt voor de Hongaarse regisseur Kristian Lupa, maar vooral omdat live video de mogelijkheid biedt om de gelijktijdigheid van verschillende realiteiten zintuiglijk merkbaar te maken. In de prachtige podiumlandschappen van Fabien Ledé die vaak een architecturale puzzel zijn, is er daarom ook steeds plek voor reusachtige schermen. Op deze schermen ziet het publiek filmische beelden, een wereld waarvan de randen niet getoond worden om een oneindigheid te suggereren. Verandert de toeschouwer echter van kijkrichting, dan ziet ze hoe de scène elders tot stand komt. Zo ontstaan minstens twee gelijkwaardige realiteiten, elk met een volledig andere expressie. Daarbovenop hoor je gesproken tekst en het spel van de acteurs die doen alsof ze niet spelen, maar authentiek en geïmproviseerd reageren. Wat is echt? Hoe kan je echtheid uitbeelden? Waar Twarkowski’s werk op wonderbaarlijke wijze in slaagt, is ons de multidimensionaalheid van waarheid doen begrijpen. Tot op het ondraaglijke. Op zijn best ontregelend en confronterend.
“Alsof zijn werk een expressie wil vinden voor observaties uit de kwantumfysica die suggereren dat de indruk van lineaire tijd slechts gevormd wordt door onze menselijke geest en de manier waarop wij de werkelijkheid waarnemen.”
De vragen die Twarkoswski’s werk stelt ontstaan meestal vanuit waargebeurde verhalen, vaak schandalen. Een voorbeeld hiervan is Lokis, zijn eerste grote werk voor het Litouwse Nationaal Theater, dat met alle mogelijke theaterprijzen van het land bekroond werd. Het uitgangspunt: in 2003 werd in een hotelkamer in Vilnius de actrice Marie Trintignant doodgeslagen door haar lief, de zanger Bernard Cantat, de grote ster van de Franse rockband Noir Desir. Twee andere verhalen worden mee vervlochten: dat van de novelle Lokis (Litouws voor beer) van Prosper Merimée uit 1869, waarin na de huwelijksnacht een bruid verscheurd in bed wordt aangetroffen, evenals het levensverhaal van de visionaire Litouwse fotograaf Vitas Luckus, die in 1987 in zijn appartement in Vilnius een bezoeker met een keukenmes dodelijk neerstak en vervolgens, dermate geschrokken door zijn eigen controleverlies, uit het raam sprong vanop de vijfde verdieping. Deze afzonderlijke verhalen worden door het team rond Łukasz Twarkowski vooral gebruikt als vertrekpunt om een dieper liggende angst te onderzoeken: de angst voor onszelf, en meer bepaald voor onze eigen ontoerekeningsvatbaarheid. Waar komt die angst vandaan? Waarom blijven we beelden van het monsterlijke herhalen? En wat is een beeld eigenlijk? Waar we in de negentiende eeuw die dreiging nog zochten in het dierlijke in de mens, het pure instinct, zoeken we vandaag eerder verklaringen in de neurobiologie, in een ontregeling van neurotransmitters. Maar wat zal dat betekenen voor ons mensbeeld?
Respublika, ook gerealiseerd in het Litouws Nationaal Theater, vertrok vanuit een Litouwse legende over buitenstaanders, alternatievelingen uit de achttiende eeuw. Volgens de legende heeft zich tweehonderd jaar geleden een soort van republiek in de Litouwse bossen gevormd, gebaseerd op halve democratische waarden en als rebellie tegen de heersende macht. Twarkowski nam dat als uitgangspunt en had het idee om samen met een internationale groep performers uit verschillende generaties wekenlang de bossen in te trekken en er een kamp op te slaan. Alle deelnemers verlieten hun dagelijks leven, verbraken de digitale verbinding met de buitenwereld en stemden ermee in dat iedereen hetzelfde bescheiden salaris zou ontvangen, ongeacht hun rol of functie. Dit creatieve retreat, zonder comfort en ver weg van familie, kende geen vaste regels. Er waren geen begeleide repetities. Het eindresultaat, de voorstelling dus, stond nooit centraal. Belangrijker was het proces van samenleven en het nadenken over hoe we eigenlijk willen leven. De deelnemers moesten zich bezighouden met zichzelf en met het collectief: werken, de leefomgeving opbouwen en onderhouden, koken, ideeën ontwikkelen en betekenis geven aan hun aanwezigheid daar. Een camera registreerde de hele tijd wat er gebeurde en er werden vragen gesteld. Er was een soort “confession room” waarin deelnemers rechtstreeks aan de camera konden vertellen hoe het met hen ging. Een heel spectrum aan emoties passeerde de revue: vreugde, woede, wanhoop, frustratie, ontreddering, bevrijding, verliefdheid en liefdesverdriet. Ook het falen, het niet waarmaken van idealen, werd niet verzwegen.
Het publiek kreeg geen pure documentaire te zien van het verblijf. De keuken, sauna en slaapruimtes werden later in een hal nagebouwd en toegankelijk gemaakt. De vele uren videomateriaal werden naar schrijfster Joanna Bednarzcyk in Polen gestuurd, die zich daar tijdens de lockdowns van 2020 en 2021 in isolatie bevond en niet bij de groep kon zijn. Vanuit een gedwongen blik van buitenaf, construeerde zij een verhaal, voegde fictieve lagen toe en reflecteerde tegelijk op haar eigen rol in het proces. Respublika eindigde elke avond in een rave, waar acteurs en toeschouwers elkaar ontmoetten. In zijn letterlijke betekenis, razen, zwermen, is de rave iets wat Twarkowski in bijna al zijn werk integreert. Het is precies die roes die hij ziet als verruimend voor ons bewustzijn.
“Twarkowski zelf beleefde zijn eerste rave ervaring als cathartisch, in 2006 op de Krim. Activisten uit Tsjechië hadden een jaar lang geld ingezameld om elektronische muziek, na haar doorbraak in het westen, naar Oost-Europa te brengen. Raven is voor hem een statement.”
Twarkowski zelf beleefde zijn eerste rave ervaring als cathartisch, in 2006 op de Krim. Activisten uit Tsjechië hadden een jaar lang geld ingezameld om elektronische muziek, na haar doorbraak in het westen, naar Oost-Europa te brengen. Daarmee verzetten ze zich tegen de toenemende commercialisering van zulke events. Twarkowski kwam terecht in een autonome zone die hij associeerde met totale vrijheid en een soort van transcendentie. Raven is voor hem een statement. De toestand die we al dansend bereiken, is moeilijk in woorden te vatten. De extase die bereikt wordt door het lichaam ritmisch te bewegen wordt veroorzaakt door de aanmaak van endorfines en schept een enthousiaste, vreedzame verbondenheid. Tegelijk verzet het concept van rave zich tegen de logica van efficiëntie die zo eigen is aan het kapitalisme. Tijdens het raven verliest tijd haar structuur, klokken doen er niet meer toe, dag en nacht vervagen. De ravers trekken zich uren of zelfs dagen uit de wereld terug. Zelfs zonder psychedelische drugs kan het ritmisch dansen een bijzonder, bijna grenzeloos gevoel teweegbrengen. Grenzen vervagen, tussen individuen, tussen genders, tussen leeftijden, en we proeven even de zo zeldzame notie van vrijheid. Dit gemeenschappelijk vieren van vrijheid en de monumentale energie van een bewegende massa op de dansvloer met knipperlichten, rook en zware bassen in eindeloze nachten, vormt een levend kunstwerk: een tijdelijke sociale sculptuur.
Dat was al goed te zien in zijn eerste werk in Duitsland, dat hij samen met zijn toenmalige dramaturg Marcin Cecko in 2019 voor het Staatstheater Hannover op poten zette. Aan de oppervlakte vertelt de voorstelling het verhaal van een zoon aan het sterfbed van zijn vader, in de vorm van een intiem toneelstuk, terwijl op een dieper niveau de alarmtoestand van het lichaam van de stervende voelbaar wordt gemaakt door dreunende bassen. Dit werk speelt in op het idee van een animatieserie voor het eerst uitgezonden in 1986 Il était une fois … la vie. De serie werd wereldwijd bekend en heeft een hele generatie gevormd. In 26 afleveringen zien we de biologische processen van het menselijk lichaam. Het fascinerende aan de serie is haar verbeeldingskracht: conflicten en crises, aanvallen van bacteriën en virussen kunnen enkel door de samenwerking van afweermechanismen worden tegengehouden. Het is het verhaal van een lichaam dat zich organiseert als een samenleving. Twarkowski en Cecko ontwierpen voor het toneel een 27ste aflevering en lieten zien wat er in dertig jaar tijd veranderd is door medische ontwikkelingen en door de opkomst van het digitale tijdperk. Zo onderzochten ze genetica, de zogenaamde ‘genetische schaar’ waarmee erfelijk materiaal kan worden weggeknipt, en stelden vragen over de gevolgen van het veranderend begrip van het lichaam, dat steeds meer gezien wordt als een verbeterbare machine.
In zijn eerste werk in Riga, in het Dailes Theater Letland, namen Łukasz Twarkowski en zijn team één van de grootste kunstschandalen onder de loep. In 2004 had een koppel kunstverzamelaars een schilderij van de in Letland geboren kunstenaar Mark Rohtko voor een fortuin gekocht. Het bleek later om een vervalsing te gaan, vervaardigd door een Chinese wiskundeleraar uit Queens. Het team rond Twarkowski gebruikt deze anekdote tijdens de voorstelling Rohtko om een fundamentele vraag te stellen: wat is kunst eigenlijk? Alsook de principiële vraag naar de waarde van kunst en hoe die fluctueert in digitale tijden. Hoe verhouden vervalsing en origineel zich tot elkaar in de virtuele wereld? Na de voorstelling van Rohtko gezien te hebben, bleef ik nog lang verbouwereerd achter. Fabien Ledé had twee kopieën van het in de New Yorkse kunstscene legendarische Chinees restaurant Mr. Chow naast elkaar op het podium geplaatst, wat het mogelijk maakte op twee tijdsniveaus tegelijk, de jaren zestig en het heden, gesprekken over kunst en de kunstmarkt te volgen. Op de achtergrond, in het midden, zichtbaar vanuit beide ruimtes, was een doorgeefluik naar een kleine keuken te zien, waarin een Chinees koppel aan het koken was. Na de opvoering vond een ontmoeting plaats tussen de makers en internationale festivalcuratoren in een nabijgelegen restaurant. Net toen de bestelling was doorgegeven, ging de deur open, en de koks die zojuist nog op het toneel stonden, stapten de keuken van hun eigen restaurant binnen.
Aan de Münchner Kammerspiele, deden Twarkowski en Anka Herbut met WoW – World of Wirecard onderzoek naar het grootste economische schandaal in de recente Duitse geschiedenis, dat rond de financiële dienst Wirecard, die haar vestiging in München had. De makers verweefden dit waargebeurd verhaal met dat van de sciencefictionroman Simulacron-3 van Daniel F. Galouye, over een computersimulatie. In die simulatie kunnen mensen hun bewustzijn uploaden en de illusie van een volledige wereld ervaren. Meer nog, de gesimuleerde figuren in de computer hebben elk een eigen bewustzijn en hebben niet het minste vermoeden dat ze slechts virtueel bestaan. Het verhaal werd beroemd door de verfilming van Rainer Werner Fassbinder begin jaren zeventig (Welt am Draht), een tijd waar computers nog geen essentieel deel uitmaakte van het dagelijks leven. Sommigen hadden van deze voorstelling misschien een antwoord verwacht op de vraag hoe het fraudesysteem van Wirecard werkte en wat er achter de mysterieuze verdwijning van de hoofdverdachte schuilging. Maar de productie WoW – World of Wirecard wil en kan daar geen antwoord op geven. In plaats daarvan toont de voorstelling een labyrint van simulaties dat onze werkelijkheid vormt. Alles wordt geleid door simulaties, waardoor zelfs de gedachte aan een oplossing voor dit raadsel overbodig wordt.
Het is een hopeloze onderneming, de producties van Twarkowski in een paar regels te omschrijven, want ze laten zich niet in één enkel topic vastpinnen. In het ontwikkelingsproces is er een startpunt, zijn er de eerste vragen, maar gaandeweg worden meer thema’s toegevoegd tot er een geheel mycelium is ontstaan. Uiteindelijk is het theater voor hem ook gewoon dit: een survivalkamp, waar we samen de contradicties en paradoxen van ons leven leren dragen.
Rohtko is te zien op 26, 27 en 28 maart in De Singel (Antwerpen).
Dit essay verscheen oorspronkelijk in het themanummer ‘Polski Teatr za Granica’ van Notatnik Teatralny (december 2025), het belangrijkste Poolse theatertijdschrift. Kevin Goossens zorgde voor de vertaling uit het Duits.
Het Polish Institute Brussels zet zich in voor de promotie van de Poolse cultuur, kunst en erfgoed in België en Luxemburg, en voor het stimuleren van culturele samenwerking tussen Polen en België, alsook tussen Polen en Luxemburg.

KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.