‘Little Black Spiders’ © Prime Time

Leestijd 5 — 8 minuten

Little Black Spiders

Patrice Toye

Little Black Spiders van Patrice Toye is een film waar je niet altijd met droge ogen naar kunt kijken. Ik kon dat in ieder geval niet. De film is ‘inspired by true events’, zo vernemen we vlak voor hij van start gaat. Die ware gebeurtenissen zijn de volgende: jonge vrouwen die ongewenst zwanger waren, konden onderduiken op de zolderverdieping van een ziekenhuis. Ze woonden er tot hun kindje geboren werd. De baby’s werden geadopteerd door kinderloze echtparen. Bij aankomst tekenden de jonge vrouwen een document waarin ze voor deze ‘transactie’ toestemming gaven. Veel uitleg kregen ze daar niet bij. En ze konden zich ook niet bedenken.

 Little Black Spiders is geen documentaire. We komen de precieze historische feiten niet te weten. Het volstaat te weten dat dit soort zaken gebeurde, niet alleen in Limburg in 1978, de setting waarin de film speelt, maar ook in Frankrijk, Engeland, Ierland, … landen met een stevige christelijke traditie. De afgelopen jaren zijn er met enige regelmaat in de pers interviews verschenen met vrouwen die getuigen hoe ze in het diepste geheim op een afgelegen plek moesten bevallen, en hoe ze hun kindje al dan niet onder zachte dwang moesten afstaan. Dikwijls hadden ze geen alternatief. Hun ervaringen zijn bijna unaniem schrijnend. Vaak hebben ze hun leven lang een foto gekoesterd, of de doek waarin de boreling gewikkeld was. Sommige getuigenissen hebben een happy end: moeder en kind hebben elkaar teruggevonden. Soms heeft de moeder de zoektocht ondernomen, soms het kind.

Vrouwen die de geheime bevalling wel uit hun geheugen hebben kunnen wissen geven geen interviews, maar die zullen er vast ook wel zijn. De ‘oplossing’ zal niet voor iedereen een bron van blijvende ellende hebben betekend. Voor vele vrouwen was ze dat wél.

Little Black Spiders heeft zijn wortels in ‘het echte’, maar Patrice Toye heeft niet voor een realistische stijl geopteerd. Heel wat details zijn uit het leven gegrepen. Wie zich zoals ik de jaren zeventig levendig kan herinneren, herkent de auto’s, de kleding, de telefoontoestellen, de cassetterecorders. Zelfs het licht lijkt typisch jaren zeventig licht, alsof de zon toen anders scheen. Tegelijkertijd speelt de film in een poëtisch, tijdloos universum. Toye laat de zwangere meisjes wonen in een kasteel, of noem het een burcht of een slotklooster, en die burcht staat midden in een dennenbos. Het kan het decor zijn voor een grimmig sprookje.

De elf zwangere meisjes hebben een kamertje op de claustrofobische zolderverdieping, maar ze brengen ook veel tijd door in het bos, alsof ze vruchten zijn die moeten rijpen. Of planten die moeten groeien. Of misschien zijn ze bosnimfen. Vruchtbaarheidsgodinnen. Sporadisch is er wat vaag contact met de buitenwereld. Bij een omheining pingelen ze jonge mannen sigaretten af in ruil voor een kus. Heel af en toe komen ouders een kijkje nemen, maar die maken zich snel weer uit de voeten. De meisjes vervelen zich te pletter en verwensen hun gedwongen isolement. Af en toe breken ze uit hun lethargie. Dan dansen ze uitgelaten op muziek die op zo’n jaren zeventig cassetterecorder wordt gespeeld. Of ze voeren een toneelstuk op waarin Pasiphaë, de vrouw van Koning Minos van Kreta, verliefd wordt op een stier. Uit die paring zal de Minotaurus geboren worden. Het stuk biedt hen de ruimte om te ontsnappen aan de rol die hen opgedrongen wordt, de rol van weerloos slachtoffer. Ze geven zich over aan de roes van hun begeerte. In hun lust schuilt niet alleen hun kwetsbaarheid maar ook hun kracht.

Die spanning tussen actief en passief, sterk en zwak beheerst de hele film. Wan- neer de jonge vrouwen in ‘het ziekenhuis’ aankomen krijgen ze een andere naam. ‘Hier zijt gij iemand anders’, wordt hun gezegd. Ze moeten hun verblijf zien als een lange vakantie, waaraan ze later geen herinneringen zullen bewaren. Alles is geregeld, ze hoeven zich nergens vragen bij te stellen of zorgen over te maken. Het is net alsof ze hun hersenen afgeven. Op de bevalling worden ze niet voorbereid. Ze zijn louter een lichaam waarin een kind groeit. En dat lichaam zal wel weten wat het moet doen wanneer de weeën op gang komen.

Toye zoomt in op twee jonge vrouwen, de onschuldige, naïeve Katharina en de meer ervaren Roxane. Katharina (gespeeld door Line Pillet) is vastbesloten haar kindje te houden, Roxane (gespeeld door Charlotte De Bruyne) wil het hare afstaan. Langzaam maar zeker groeien de twee naar elkaar toe. Katharina verliest haar onschuld en beseft dat de vader van haar kind niet van plan is zijn gezin te verlaten. Ze slaagt erin het document te vernielen waarin ze zonder het te beseffen afstand deed van haar kindje. ‘Harde’ Roxane wordt milder en besluit dat ook zij haar kindje zelf wil opvoeden. De ontknoping is sterk, maar ook bikkelhard. Om de pret niet te bederven voor wie de film nog niet gezien heeft, verklap ik hem niet. ‘Pret’ is trouwens niet het geschikte woord.

Hoe goed acteurs en actrices ook gecast zijn, zij staan niet centraal. Dat merk je nog het best aan de vertolking van Wim Helsen. Hij speelt Guy, de getrouwde leraar Latijn en Grieks die Katharina’s hoofd op hol heeft gebracht. In de relatief korte scène met hem denk je niet: hé, daar heb je Wim Helsen. Je denkt: wat een laffe lul, die leraar.

Het is de rare paradox van deze film: elke rol is prachtig neergezet, maar van niet één acteur of actrice kan je zeggen dat hij of zij schittert. Toye laat haar film schitteren. Ze gebruikt de acteurs en actrices om prachtige beelden en taferelen neer te zetten, zoals de scène waarin Katharina en Roxane naast elkaar op bed liggen. De camera maakt ons bewust van hun lichamen zoals een beeldhouwer dat zou doen. Net zo goed richt Toye de camera op een gordijn, op een lege gang, op een schriftje. Je kunt dit ‘sfeerschepping’ noemen, maar dat woord is te vaag en te schimmig. En deze film is niet vaag of schimmig. En hij is ook niet louter sfeervol. Er is een verhaal dat met grote precisie en bondigheid wordt verteld. Er is zelfs een plot waarin goed en kwaad met elkaar de strijd aanbinden. In het kamp van de ‘slechterikken’ zitten directrice Simone en de wensouders. Die wensouders zeggen nauwelijks een woord, maar het is duidelijk waarom ze af en toe naar de zwangere vrouwen komen gluren. Vooral op het gezicht van de vrouw (schitterend gespeeld door Sara De Bosschere) staat de gretigheid te lezen.

En dan is er Simone, de directrice die de babyhandel organiseert. Zij wordt ‘zuster’ genoemd en ze draagt een bescheiden kruisje op de revers van haar jasje, maar verder heeft ze weinig van een kloosterzuster. Ze rookt, ze rijdt met de auto, ze onderhandelt. Ook hier is de vertolking onnadrukkelijk maar efficiënt. Ineke Nijssen maakt van haar een enigmatische, complexe figuur. Achter het meedogenloze masker kun je vermoeden dat ze haar eigen geschiedenis heeft, die haar houding – misschien – verklaart.

Tot mijn verrassing heeft Little Black Spiders ook negatieve recensies gekregen. Ik maak me sterk dat die te maken hebben met de ongewone filmtaal die Toye gebruikt, al is die nu ook weer niet zo ongewoon. Bij momenten moest ik denken aan die andere prachtige film Des hommes et des dieux van Xavier Beauvois. Het zijn films die je zintuigen prikkelen zodat je bij het verlaten van de bioscoop met nieuwe ogen en oren naar de wereld kijkt en luistert, een beetje alsof jij de boreling bent.

In interviews is Toye explicieter over de historische feiten. Aan Beeld Express verklaarde ze: ‘Van mei 1970 tot 1982 verbleven zwangere meisjes tot hun bevalling anoniem op de zolder van het Maria Middelares ziekenhuis in Lommel. Een zuster, Marie-Johanne, van de orde Kindsheids Jesu, zwaaide er de scepter. (…) Zodra de weeën begonnen, werden de meisjes, soms tegen hun wil, clandestien naar Frankrijk gereden om te bevallen onder “sous X” in het dichtstbijzijnde ziekenhuis over de grens: Vilette in Malo-Les-Bains.’ We kunnen maar hopen dat ook de documentaire over die zwarte bladzijden er nu gauw komt.

Little Black Spiders van Patrice Toye met Line Pillet, Charlotte De Bruyne, Romy Lauwers, Marjan De Schutter, Nathalie Verbeke, Martha Vandermeulen, Dolores Bouckaert, Ineke Nijssen, Wim Helsen, Sam Louwyck, Sara De Bosschere.

www.littleblackspiders.be

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 5 — 8 minuten

#131

15.12.2012

14.03.2013

Kristien Hemmerechts

Kristien Hemmerechts (1955) is de schrijfster van een twintigtal romans, verhalenbundels en essays. Zij recenseert voor o.a. Standaard der Letteren en Vrij Nederland. Haar recentste boeken zijn het pamflet De man, zijn penis en het mes en de roman Kleine zielen.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!