Immaculata – Het nieuwstedelijk
Nieuw geweld in oude kruiken
Jonathan van der Horst
© Leontien Allemeersch
In the afterglow van Emiel Vandenberghe (31) en Birgit Keil (82) is in vele opzichten een klassieke balletvertoning – niks voor een recensent die vooral thuis is in hedendaagse podiumkunsten, zou je denken. De dansers beelden letterlijk hun bewondering voor elkaar uit, en hun repetitieproces/carrièremomenten smeren ze uit in een heus verhaal(tje). Maar de doorgevoerde deconstructie van hun uitzonderlijke ballettechniek is indrukwekkend, en de extreme tederheid van de laatste scène fascineert zonder meer.
Emiel Vandenberghe volgde eerst een opleiding in klassieke dans aan de Koninklijke Balletschool in Antwerpen en daarna aan The English National Ballet School in Londen. Prestigieuze instituten. Bij het Badisches Staatsballett in Karlsuhe werkte hij zich op tot solist, maar in 2022 kwam hij na zes terug naar België om als freelancer te dansen in meer hedendaagse dans. België is daar een goeie plek voor. Deze dagen tourt hij met Inhale Delirium Exhale van Miet Warlop, én met Chapters of Celebration van Benjamin Abel Meirhaeghe.
Birgit Kiel begon in 1961 bij het Stuttgart Ballet en groeide er uit tot prima ballerina. De hoogste categorie in klassiek ballet is dat. Ze stond met alle grote namen uit de balletscène (onder andere met Rudolf Nureyev) op alle grote podia van de wereld (Scala van Milaan, Opera van Parijs, Metropolitan in New York, om er maar een paar te noemen). Enkelen creëerden werken speciaal voor haar. Een danslegende, kortom. In 1995 stopte ze met dansen, werd leraar, mentor en artistiek directeur van het Staatsballett in Karlsruhe. Op die manier leerde Emiel Vandenberhe haar kennen. Ze is een uitzonderlijke figuur – even per ongeluk bij Nona binnengelopen, zou je denken.
In In the afterglow werken Vandenberhe en Keil rond La Sylphide, een dansstuk uit 1832 dat voor het eerst de pointes inzette. Met die dansschoenen werden de klassieke ballerina’s nog zoveel rijziger, lichter, verticaler en etherischer. Het is een bijzonder veeleisende techniek die sindsdien standaard deel uitmaakt van het klassieke repertoire, net als La Sylphide zelf.
“In In the afterglow werken Vandenberhe en Keil rond La Sylphide, een dansstuk uit 1832 dat voor het eerst de pointes inzette. Met die dansschoenen werden de klassieke ballerina’s nog zoveel rijziger, lichter, verticaler en etherischer.”
Het stuk vertelt het verhaal van een jongeman die op de dag van zijn huwelijk een sylph ontwaart (een luchtgeest). De jongen raakt in de ban, volgt haar naar het woud en probeert haar te vangen. Maar hij breekt haar tere vleugels en ze sterft in zijn armen. In In the afterglow zet de choreograaf – Vandenberghe danst én choreografeert zelf – de vertelling om naar een ander soort devotie: die van de zoon voor zijn moeder, en meer nog van de leerling voor zijn balletmentor (die Birgit Kiel jaren was voor Emiel Vandenberghe). Ze delen daarmee een danstaal die het generatieverschil tussen hen overbrugt.
In de voorstelling zien we de repetitie voor La Sylphide: van de klassieke oefeningen van de jonge danser die zich opwarmt aan de barre, via de strenge correcties van de mentor, gevolgd door de eigen onzekere danspassen van de oude ballerina. Het eerste deel speelt zich dus af in de repetitieruimte – met spiegelwanden, barre, spierwitte dansvloer, pianokrukken (evenwel zonder piano: de typische oefenmuziek komt uit de boxen) en koele neonverlichting. Een onverwachte setting voor de sjoffele theaterzaal van Nona. Voor de eigenlijke opvoering van La Sylphide komt een donkere (bos)omgeving in de plaats met zwarte vloer, zachte spots, en een soort filmische muziekband. De overgang daartussen gebeurt met theatrale rook-, licht- en geluidseffecten. Een live stukje melodrama dat zich afspeelt op het balkon terwijl Vandenberghe beneden zelf de set – in real time – helemaal ombouwt.
Vandenberghe heeft ondanks zijn perfecte lichaamsverhoudingen en afgetrainde spieren iets jongensachtigs en speels over zich. Als Birgit Keil opkomt – om nog verder te corrigeren wat al perfect lijkt – is het contrast groot. Kaarsrecht staat ze. De term schiet meteen door me heen, en ik begrijp hem voor het eerst goed: haar hele figuur is strak én horizontaal. De prima ballerina oogt klein en mager, maar straalt een extreme wilskracht uit. Op haar 82e heeft ze geen spieren meer, zo lijkt het, alleen nog pezen. Ze draagt een zwarte maillot met lange mouwen. Daaronder worden opvallend lange, schriele armen en nog impressionantere grote, fijne handen met gelakte nagels zichtbaar. Verder heeft ze een pikzwart dotje, glinsterende oorbelletjes en halskettinkje, rode lippen en nadrukkelijk donker geschminkte ogen. Alles aan haar straalt beheersing uit, maar haar glimlach is zacht.
“Vandenberghe heeft ondanks zijn perfecte lichaamsverhoudingen en afgetrainde spieren iets jongensachtigs en speels over zich. Als Birgit Keil opkomt – om nog verder te corrigeren wat al perfect lijkt – is het contrast groot. De prima ballerina oogt klein en mager, maar straalt een extreme wilskracht uit.”

© Leontien Allemeersch

© Leontien Allemeersch
Het verhaal van La Sylphide is oubollig. Vandenberhges bewerking voegt daar geen nieuwe laag aan toe. Jammer – het verklaart mijn ambigue gevoel. Hoe hij eerst opwarmt aan de barre met de klassieke danspassen, hoe zij hem dan nog even streng aanwijzingen geeft – het evidente gezag dat ervan uitgaat – hoe ze daarna zelf een soort mimeachtige vertoning geeft, aarzelend en onzeker, voor ze in de coulissen wegglipt… Het vormt een erg artificieel, anekdotisch schouwspel waar je onwennig op zit te kijken. De hele opvoering voelt ouderwets aan: een manier van dansen en ensceneren die we niet meer opzoeken in de hedendaagse danswereld in België. Met In the afterglow lijkt Vandenberghe zelf afscheid te willen nemen van klassieke dans, maar tegelijk brengt hij ze hier nadrukkelijk voor het voetlicht.
Ondertussen valt wel op hoe de jonge danser in zijn klassiek maillot de secure bewegingen en ingewikkelde passen moeiteloos uitvoert en hoe de oude ballerina al die bewegingen nog in haar lichaam heeft zitten, maar alleen niet meer de kracht bezit om aan de zwaarte te ontsnappen. Die confrontatie is aangrijpend, en sterk: lichamen liegen niet.
Als Birgit Keil haar eigen solomoment brengt, krijg je een soort mimespel van gebaren, zeer precieus maar moeilijk thuis te brengen. Ze geeft iets, neemt iets, verscheurt iets, wijst iemand de deur? Haar gelaatsuitdrukking gaat van geacteerde triestheid, onderdanigheid, naar afkeer en angst. Maar haar présence blijft fascinerend. In een kort duet danst Vandenberghe voor haar als een schichtig vogeltje, en zie je hoe zij niet meer meekan in wat hij zo moeiteloos uitvoert. Ondanks de bakken wilskracht wil het niet meer lukken. Je ziet haar aftasten en dan verkrampen tot ze achter de spiegels verdwijnt.
“De hele opvoering voelt ouderwets aan: een manier van dansen en ensceneren die we niet meer opzoeken in de hedendaagse danswereld in België.”
Ik moet achteraf denken aan de voorstelling Véronique Doisneau van de Franse choreograaf Jérome Bel uit 2004: de danseres kijkt er terug op haar carrière als ballerina bij de Opéra National de Paris. Ze is dan 41 jaar – de limietleeftijd voor een ‘sujet de ballet’ is 42. Bel kreeg de opdracht van directrice Brigitte Lefèvre en koos voor een documentaire. Véronique Doisneau staat alleen op het podium en brengt fragmenten uit verschillende voorstellingen die ze in haar carrière danste, terwijl ze er commentaar bij geeft. Op een gegeven moment vertelt ze over een passage uit Het zwanenmeer. Telkens als een bepaald muziekstuk weerklinkt en de solisten verschijnen, moet zijzelf als ‘sujet’ uit het corps de ballet achteraan het podium een pose aannemen, en minutenlang roerloos blijven staan. De glansrol is voor de anderen. De saaiheid voor haar.
Ook In the afterglow wordt elke lichamelijke krachttoer gedeconstrueerd – haar trage en nadrukkelijke bewegingen contrasteren scherp met zijn gezwinde glissades, jetés, pas de chat… Maar ze delen dezelfde wilskracht, zelfbeheersing en discipline. Achter een romantisch duet zit een stringente bewegingstechniek die weinig vandoen heeft met de verliefdheid die het portretteert, en al helemaal niks met etherische lieflijkheid. In de – gespeelde én reële – bewondering van de discipel voor de mentor, van de zoon voor de moeder, van de jonge partner voor de oudere schuilen uren en uren, dagen en jaren dansdril.
“Ondertussen valt wel op hoe de jonge danser de ingewikkelde passen moeiteloos uitvoert en hoe de oude ballerina al die bewegingen nog in haar lichaam heeft zitten, maar niet meer de kracht bezit om aan de zwaarte te ontsnappen. Die confrontatie is aangrijpend, en sterk.”
En toch. In de slotscène wisselen Vandenberghe en Keil op het podium van kleren. Hij trekt een hedendaagser shirt en short aan, met slobbersokken onder, zij hijst zich in een vieux rose jurk. Heel langzaam knoopt ze haar zachtroze glanzende pointes aan. Een secuur uitgevoerd ritueel. Ook Véronique Doisneau kwam op met die pointes onder de arm en trok ze zo aan, onder de oplettende blikken van het publiek. In perfecte stilte.
Nu komt ‘hun’ La Syphide eraan. Heel even gaat Birgit Keil op de pointes staan, achter de barre. Een spot en alle ogen in de zaal zijn op haar pezige voeten gericht. Het blijft een uiterst sierlijke pose, waarna de jonge god haar zijn liefde betuigt (hij maakt een hartje met zijn twee handen en dat voelt even echt lachtwekkend). In de allerlaatste minuten wordt hun omhelzing echter zo teder dat hun stalen beheersing wordt vergeten en vergeven. Hij tilt de broze prima ballerina liefdevol op en ze zweeft als een ware sylph verderlicht in zijn armen. Een paar tellen ligt Keils frêle lichaam horizontaal maar kaarsrecht uitgestrekt in de armen van haar jonge gunsteling. De overgave mag dan al jaren door en door ingeoefend zijn, de hele zaal verstomt. Na het eerdere artificiële spel van de leerling-meester verhouding voelt deze passage onvervalst eerlijk aan. Geen verhaaltje hier, pure opvoering en ontroering. De laatste pas de deux is van een oneindige tederheid, en Birgit Keil geeft er haar meest ontroerende glimlach bij. In een herinnering aan wat ooit was?
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.