© Lynn Van Oijstaeijen

Leestijd 7 — 10 minuten

Gilles Pollak – lightparticles inc.

Verschijningen

In zijn eerste voorstelling zet maker, scenograaf en lichttechnicus Gilles Pollak de ‘naamloze vennoten’ uit de podiumwereld in de kijker en keert hij de theaterzaal binnenstebuiten. 

Onwennig zoeken we een plaats in het schemerdonker van de historische Peperbussetoren in Oostende. Na de steile beklimming van een wenteltrap komen we in een kale torenkamer terecht: bakstenen muren, hier en daar hoog boven ons hoofd een klein luik, een ladder tegen de muur, kabels, gedoofde vloerspots en een hanglamp in het midden van de ruimte, een veiligheidslamp boven het trapgat. Er zijn nergens kussens of stoelen, maar de bakstenen muren nodigen ons ons uit om tegen hen aan te leunen en zo een kring te vormen. 

Na een tijd klinkt er gestommel vanuit een smalle, houten toren-in-de-toren tegen de rechterwand. Gilles Pollak komt een onzichtbare trap in deze constructie afgelopen – als een spiegelbeweging van onze klim op de wenteltrap – en gaat tussen ons in staan. Hij zwijgt en kijkt, zoals hij dat de hele voorstelling lang zal doen: zoekend, verwonderd, bewonderend, nieuwsgierig, samenzweerderig, suggestief of veelbetekenend.

Backstage

Pollak is zoals de meeste podiumtechniekers en stage hands in het zwart gekleed. Vanuit de schaarsverlichte backstage of de donkere loopbruggen hoog boven het podium vervullen deze onzichtbare medewerkers hun rol in het theater. Het is een positie die Pollak goed kent. Wie hem samen met dramaturg Lotte Vrancken hun State of the Youth hoorde uitspreken bij de start van het TheaterFestival vorig jaar weet: Pollak is iemand die vanuit een maatschappijkritische houding spreekt vanuit de coulissen, vanuit het blauwe backstagelicht dat onzichtbaar is vanuit de zaal. In hun State vroegen Vrancken en Pollak onze aandacht en respect voor alle mensen en handelingen achter de schermen – van het werk van het poetspersoneel tot de discussies over het artistieke proces. 

“De meeslepende theatertruken hebben voor wie goed kijkt ook een maatschappijkritisch randje, waarbij de maker ons vraagt om oog te hebben voor wie al te vaak onzichtbaar blijft.”

In lightparticles inc. toont Pollak dan ook wat normaal gezien verborgen blijft voor een theaterpubliek. Kabels, trekken, schakelaars, spots, filters en lampen zijn de protagonisten. Makers zoals Ezra Veldhuis en Bosse Provoost gingen hem hierin al voor, maar Pollak doet dat op heel andere schaal en op geheel eigen manier. Onder het licht van Pollaks arsenaal aan technisch materiaal transformeert de torenkamer in een wonderlijk, theatraal universum. Niet toevallig ontbreken daarin theaterzitjes, want als toeschouwer krijg je een actieve, dienstbare rol toegewezen. Met een knikje of handgebaar vraagt Pollak ons om een lamp vast te houden of een ladder te ondersteunen. We moeten haastig opzij stappen wanneer Pollak onverwacht naar een nis met een cassettespeler stapt, wanneer hij met zijn koffertje vol attributen tegen de muur gaat staan of wanneer hij een plek zoekt voor een klein leeslampje dat hij net heeft “aangeblazen” (en ik besef: ook hier zit ergens een technicus verstopt om dat trucje mogelijk te maken). Die actieve rol lijkt méér dan een tactiek om ons als publiek te doen participeren. Doorheen de voorstelling voel ik me uitgedaagd om te reflecteren over mijn passieve, beschouwende blik als theaterganger, over het gemak waarmee ik kan achteroverleunen in een (theater)stoel. Nadat er een zoveelste nieuwe hanglamp is aangestoken staat Pollak tussen het publiek. Samen kijken we hoe het gelige licht de ruimte transformeert. Het is een theatraal moment van een serene schoonheid. En tegelijkertijd sijpelt er, als licht vanonder een deur, een bredere maatschappelijke kritiek doorheen. Wie wordt gezien en wie niet? Wie heeft het privilege om hier in de Peperbusse op een vrijdagochtend te staan, en wie niet? 

Een dramaturgie van contrasten 

In het licht zit de dramaturgie van lightparticles inc. vervat. Het domein van licht is er een van contrasten, van omkeringen: zichtbaar en onzichtbaar, mechanisch en digitaal, vroeger en nu, boven en beneden, groot en klein. Speels gaat Pollak met die elementen aan de slag en gooit ze door elkaar. Hij doet blauwe backstagelampen in verschillende hoeken van de kamer ontbranden, klimt op een ladder de houten toren in met een miniatuurlantaarntje en sleept er moeizaam een gigantische stormlamp weer uit. Door een filter op een spot te zetten verandert hij een oranje gloed in groenig licht, door één enkele theaterstoel onder een lamp te zetten met een publiekslid erin doet hij ons allemaal kijken naar het zitje waar we doorgaans achteloos op plaatsnemen, naar één enkele man uit het anonieme publiek. 

Een aangestreken lucifer doet ergens anders een lamp uitgaan, en terwijl ik sta te glimlachen om de aandoenlijke scène roept de geur van zwavel het beeld op van een meisje met een zwavelstokje dat in een magische droomwereld verzeild geraakt voor ze doodvriest in de koude. Even later ontstaat uit een mysterieuze rookwolk een slapstickscène waarin Pollak de rookvloeistof morst en gejaagd de hele vloer begint te zwabberen. Zijn inventieve, kleine gebaren en speelse ingrepen doen soms denken aan een Tati-film, dan weer aan een voorstelling van Benjamin Verdonck (die bovendien als outside eye heeft meegewerkt aan lightparticles inc.). 

“lightparticles inc. voelt vooral als een viering van de betoverende toolbox van het theater.”

Pollaks handelingen krijgen steeds weer nieuwe, contradictorische betekenissen. De meeslepende theatertruken hebben voor wie goed kijkt ook een maatschappijkritisch randje, waarbij de maker ons vraagt om oog te hebben voor wie al te vaak onzichtbaar blijft. En om onze vanzelfsprekendheden in vraag te stellen, zoals het idee dat licht altijd zichtbaarheid garandeert: wanneer een gele volgspot in mijn ogen schijnt, word ik even volledig verblind. 

Vluchtige magie en Mary Poppins-nostalgie 

lightparticles inc. voelt vooral als een viering van de betoverende toolbox van het theater. De zomerdrukte van Oostende is een verre herinnering tijdens een verstilde scène waarin Pollak op zijn kleine, houten doos zit, recht onder het gele licht van de centrale hanglamp. Of wanneer het licht van een spot in duizend fonkelende vlekjes breekt op een minuscule discolamp. Als lenzen kleuren magie en nostalgie deze voorstelling. Dat komt door de tijdloze, anachronistische sfeer die Pollak oproept, maar ook door de soms ouderwetse technieken en mechanieken die hij hanteert (en waarin een beknopte geschiedenis van lichttechnieken vervat zit).

Wanneer Pollak aan een kleine muziekdoos draait, herken ik plots het deuntje dat hij aan de begin voorstelling floot. Een nummer uit de Mary Poppins-film die ik als kind zag? In mijn herinnering is Julie Andrews daarin een angstaanjagend vrolijke kinderoppas en leek een van de kinderen op Chuckie. Maar ik herinner me ook een grote melancholie bij het kijken van deze film. Alle avonturen die de kinderen met Poppins beleefden waren tijdelijk – want ze zou weer vertrekken. Ook het lied dat Pollak in verschillende versies doorheen de torenkamer laat klinken, ademt die sfeer van vluchtige magie uit. ‘There’s things ‘alf in shadow, and ‘alf way in light’, zingt schoorsteenveger/straatschilder Bert (die nota bene in de sequel wordt vervangen door een lamplighter die gaslampen aanstak in de Londense straten). Zowel qua toon als inhoud sluit deze onverwachte muziekkeuze perfect aan bij de voorstelling. Berts lied Chim Chim Cher-ee echoot de sociale kritiek van Pollak. Het geeft de ondankbare arbeid van de schoorsteenvegers zichtbaarheid en viert een wereld op het snijpunt tussen licht en donker. 

Daglicht 

Ook typisch voor licht: de cyclische aard ervan die zich manifesteert in het verglijden van dagen, seizoenen en jaren. Die vertaalt zich in lightparticles inc. door de herhaling van bepaalde handelingen en van de weemoedige soundtrack, variaties op dezelfde scènes en een slot dat het begin weer oproept. Pollak daalt de wenteltrap af, waarlangs wij naar boven zijn geklauterd. 

Wanneer ik zelf weer op straat sta, duizelig van de afdaling, knipper ik met mijn ogen tegen het felle zonlicht. Ik had nog wel even in de theaterbubbel in de torenkamer willen vertoeven, maar net zoals Pollak – die een soms haast kinderlijke theatermagie met kritiek uitbalanceert – probeer ik om niet naïef-escapistisch te zijn. Zeker niet in deze donkere tijden. lightparticles inc. belicht hoe mooi het wel niet is dat theater voor héél even gemaakt wordt met een heleboel zichtbare en onzichtbare mensen en dingen. Tot alles weer verdwijnt.

De speellijst vind je hier.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 7 — 10 minuten

#176

01.06.2024

04.09.2024

Natalie Gielen

Natalie Gielen is redactiemedewerker van Etcetera. Daarnaast werkt ze freelance als auteur, redacteur en outside eye in de kunsten. Ze is medeoprichter van Letterveld, een lossig-vast schrijverscollectief.

Dit artikel maakt deel uit van: Dossier: Theater Aan Zee 2024

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!