‘Dood van een handelsreiziger’ (NTG) – Bob Van der Veken & Herman Coessens – Foto Luk Monsaert

Johan Thielemans

Leestijd 3 — 6 minuten

Dood van een Handelsreiziger

NTG, Gent

1948: Arthur Miller, 33 jaar oud, schrijft een stuk, dat zijn vriend Kurt Weill “het beste stuk dat ooit geschreven werd” noemde. Nu veertig jaar later heeft de tekst het wat moeilijker, want Miller heeft alles toen zeer nadrukkelijk gezegd, en onze perceptie is zo versneld, dat veel van de replieken overbodig lijken. Perfect is het dus niet meer, maar in de centrale momenten van het stuk, blijft het wel diep aangrijpend.

Miller zelf wilde in zijn stuk over Amerika aantonen hoe hol de Amerikaanse droom is. Hij schreef hiervoor een verhaal waarin de emotionele spanningen binnen een gezin centraal staan. De dromen van de vader maken de levens van zijn zonen kapot. De schijnwereld stort helemaal in als een zoon ontdekt dat de vader zelf niet integer is (de zoon betrapt de vader bij diens vriendin). Het persoonlijke probleem overschaduwt de sociale thematiek waarmee Miller de wereld hoopte te veranderen.

Het gegeven uit 1948 werd door Dirk Tanghe op een verrassende manier aangepakt. Al was hij naar Amerika op reis geweest, toch sijpelden er geen Amerikaanse’ beelden in zijn regie binnen. Hij ontwierp een heel streng en sober decor: drie grote, kale ruimtes waarin zich slechts de allernoodzakelijkste voorwerpen bevinden. Dat staat haaks op de Amerikaanse scenografische traditie van Jo Mielziner, trouwe medewerker van regisseur Elia Kazan. Deze plaatste de actie in een realistisch decor, vol anecdotische details, en omringde het kleine huis van de handelsreiziger Willy Loman met de grote gebouwen uit New York. Bij Tanghe krijgen we een veel abstractere ruimte verdeling: drie speelvlakken, nauwelijks gesitueerd in een landschap, want het grote grindpad helpt niet om het huis, de wijk of de omgeving te karakteriseren. Merkwaardig is dat Tanghe op deze manier veel dichter bij de intenties van de schrijver komt, want deze heeft in zijn autobiografie (Timebends, Metheuen Paperback, 1988, p. 188) geschreven dat hij aan drie platforms heeft gedacht, en dat het realisme door Mielziner was binnengesmokkeld.

De ruimte bij het NTG dient de aard van het stuk niet: het gaat om een intiem familiedrama, en in het Tolhuis, het gebouw waar het gezelschap een onderkomen heeft gevonden terwijl de schouwburg wordt omgebouwd, is alles erg ver en erg breed. Tanghe beklemtoont de wijdsheid van de ruimte terwijl hij van zijn akteurs een heel kleine, quasi-cinematografische vorm van acteren vraagt. Om dat waar te kunnen maken, gebruikt hij voor verschillende scènes de microfoon. Het hele stuk werkt op deze tegenstellingen. Wat ver van de toeschouwers is verwijderd, wordt door de klank dichterbij gebracht. Door de keuze van deze abstrakte ruimte, en door het typisch consequent gebruik van één kleur (dit keer is het grijs, tot en met de thermosfles) laat hij het stuk inboeten aan sociale dimensie. Millers aanval op de Amerikaanse droom raakt wat op de achtergrond: alles spitst zich namelijk toe op de conflicten tussen Willy Loman, de vader, en Biff, zijn opstandige zoon. Hierdoor sluit de produktie ook aan bij de lezing van De Vrek, waar deze tegenstelling het meest gedetailleerd was uitgewerkt, door zijn onderkoelde toon, door zijn uitgepuurde, wat ascetische aankleding krijgt deze vertoning een eigen toon. Het melodramatische wordt sterk onder controle gehouden, de gevoelens worden door nuances zichtbaar gemaakt. Tanghe geeft een Arthur Miller met de visie van de jaren tachtig. Dat is me veel liever dan de dik aangezette filmversie met een schmierende Dustin Hoffman. Maar ondanks deze aanpak, blijft het stuk iets ouderwets hebben. Te traag, te nadrukkelijk, te tranerig. En na de harde kritiek van de jaren zestig, lijkt dit bijna op lieve verwijten aan het adres van de U.S.A. Miller zal heel moeilijk overleven.

De Dood van een handelsreiziger

Auteur: Arthur Miller;

gezelschap: NTG;

regie en decor: Dirk Tanghe;

spelers: Bob Van der Veken, Wim Danckaert, Blanka Heirman, Mark Willems, Wouter van Lierde, e.a.

recensie
Leestijd 3 — 6 minuten

Johan Thielemans

Johan Thielemans stond mee aan de wieg van Etcetera. Hij doceerde aan de tolkenschool Gent en is nu gastprofessor theatergeschiedenis aan het Conservatorium van Antwerpen. Hij schreef boeken over Hugo Claus en Gerard Mortier, creëerde twee operalibretto’s en maakte uitzendingen over Amerikaanse cultuur voor Radio 3. Hij was ook voorzitter van de Theatercommissie en van de Raad voor Kunsten.

recensie