© Clara Hermans

Leestijd 7 — 10 minuten

De Kwetsbaren – Rashif El Kaoui & Sofie Joan Wouters / fABULEUS

Slasherintersectionalisme

Oordelen en beoordeeld worden: Rashif El Kaoui en Sofie Joan Wouters maken er een voorstelling voor en door jongeren over. We zien een vos in 3D, een katachtige, een diverse groep jongeren en een witte, blonde vrouw op de scène. Iedereen – inclusief het publiek – zit gevangen in een beklemmend spel, zolang de vrouw geen keuzes maakt. Maar hoe kan je integere keuzes maken als de spelregels oneerlijk zijn?

Dat ik een oude Nokia heb met een verkleurde Etcetera-sticker erop, dat ik de trein neem naar Leuven en dan mompelend vloek wanneer een voorstelling langer duurt dan verwacht omdat ik nog een trein terug moet nemen, dat ik Dancing Queen van ABBA neurie terwijl ik snelwandel naar het station, dat ik misschien toch eens rijlessen zal nemen, dat ik deze woorden opschrijf. Wat zegt dat over mij? 

Geen idee, maar je hebt vast een mening, beste lezer. En misschien denk ik het mijne over jou, al kennen we elkaar niet. Want zo gaat dat, toch? Vooroordelen. Je kent ze wel. Of misschien dacht je ze te kennen: die dingen die anderen hebben, maar jij niet. Wij niet. Toch? Vooroordelen, dat is waar De Kwetsbaren over gaat. Over hoe we bekeken worden, hoe we anderen bekijken en meteen een oordeel vellen.

“Ik wil dit niet”, zegt het personage O (Lauranne Paulissen). O moet oordelen. Ze wordt wakker in wat eerst een grap lijkt, maar een wreed spel blijkt te zijn. Een vos (in 3D geprojecteerd op een scherm boven de scène) legt de regels uit. Op het podium, onder rails met belichting en camera’s, zien we een groep totaal verschillende jongeren (Imara, Brecht, Ahmed, Eleni, Alice, Zeynep, Elodie en Aiko). Ze liggen elk op een veelhoekige vlak dat de begrenzingen van een gesloten kamer verbeeldt. De jongeren kunnen elkaar zogenaamd niet zien, maar O wel. Zij heeft een knop waarmee ze kan beslissen over hun leven. Het spel stopt pas wanneer zeven van de acht jongeren gedood zijn door een druk op die knop. Ondertussen zitten zowel O als de jongeren in deze nachtmerrie gevangen. 

De O van oordeel? 

Ook wij observeren de jongeren binnen de benauwende grenzen van hun ‘kamer’, soms verschijnen ze in vogelperspectief op het projectiescherm. O heeft een computer met daarop alle mogelijke informatie over hen: hun afkomst, familiesamenstelling, lievelingseten, waarover ze zich schamen, … Op het scherm boven de jongeren verschijnt af en toe een flard info. Zo lezen we dat Imara’s beste vriend een dwergkonijn is met de naam Knaagje, dat het liefst loof van radijzen eet. Ze koopt dat loof speciaal voor hem. Schattig. Maar schattig genoeg om Imara (Amani Mbayo) in leven te laten? En waarom zit Imara hier eigenlijk? Waarom net deze acht jongeren? Waarom O, vraagt ze. Daarom, is het ontnuchterende antwoord. Iedereen is totaal willekeurig geselecteerd, benadrukt de vos: “U bent dus niet bijzonder. Proficiat.”

“Dit is een theatervoorstelling, geen klaslokaal.”

O steunt de actiegroep Hart boven Hard, vindt dat cultuur meer subsidies moet krijgen, verplaatst zich zoveel mogelijk met de fiets en is vegetariër. (Ik lach, een beetje betrapt, en ben niet de enige in het publiek die zichzelf herkent in het culturo-cliché. Ook wij zijn niet bijzonder.) O heeft altijd gedacht dat ze een goed mens was. ‘Hoe kan ik binnen een kader dat oneerlijk is, eerlijk zijn’, vraagt ze zich nu wanhopig af. Het is een cruciale vraag in De Kwetsbaren. Wat als we buitenproportionele macht toebedeeld krijgen binnen een unfair systeem? O is ieder van ons, en houdt ons een spiegel voor: hebben we meer macht dan we zelf denken? Hebben onze (on)bewuste oordelen meer impact dan we vermoeden? Je zou kunnen zeggen dat O niet alleen voor het oordeel staat, maar ook voor ons binaire denken: 0 versus 1, zero versus winnaar. Maar zijn er überhaupt winnaars in dit spel? Of zijn we allemaal dikke vette nullen, allemaal slachtoffer van een oneerlijk systeem?

De O van opportunisme? 

Wie zijn eigenlijk De Kwetsbaren? De jongeren proberen O één voor één te overtuigen dat zij dat zijn. Ze tonen hun sterktes en hun zwaktes. Ahmed vertelt over zijn harde leven in een Antwerpse arbeiderswijk, zijn overleden vader die in de fabriek ploeterde, zijn stappen in de drugwereld, zijn inkeer. Medelevend luistert O. Acteur Ayman Sitiane brengt het verhaal zo geloofwaardig, dat ik het zelf bijna voor waar aanneem. Speelt het mee dat ik hem ken van films zoals Dealer of Patser, waarin hij getypecast werd in een gelijkaardige rol? Achteraf blijkt dat zijn personage Ahmed uit Brasschaat komt: papa advocaat, mama een job in HR. “Ik vertel het verhaal dat jij wou horen”, zegt Ahmed. En zo blijkt iedereen O iets voor te liegen. De jongeren proberen in te schatten wat ze van hen verwacht, en daarop in te spelen. Ook zij hebben hun (voor)oordelen klaar over haar. Het is echter een bittere overlevingsstrategie.

O versterkt die oordelen door op haar beurt vooroordelen te verwoorden, die de jongeren maar al te goed kennen van een witte vrouw zoals zij (en ik): spreek je Nederlands, waarom draag je geen afro in plaats van vlechten (dat is toch cool), ben jij de zoveelste verwende fils-à-papa, … Als witte vrouw in het publiek probeer ik me zoveel mogelijk bewust te zijn van mijn specifieke privileges, maar de wrede spelformat verbeeldt pijnlijk de machtspositie binnen een oneerlijk systeem waarin ongelijkheid woekert. Het is hartverscheurend wanneer Alice blijft herhalen dat O maar meteen op de knop moet drukken, ze is ervan overtuigd dat iemand van kleur, zoals zij, nooit kan winnen. Of wanneer Zeynep (Malak Atif) O smeekt om iemand te kiezen die echt heel bijzonder is, die goede dingen zal doen zoals kanker realiseren. (Maar we weten van de vos: niemand hier is bijzonder.)

Squidgame: de educatieve sequel

El Kaoui en Wouters laten ons kritisch naar de spelregels van onze samenleving kijken, en naar onze eigen rol. Straf hoe El Kaoui opnieuw een stuk maakt over het belang van écht luisteren en  kijken, op een totaal andere manier dan in zijn vorige voorstelling De Bastaard. De superdiverse cast brengt de snedige tekst vol spelplezier en houdt het publiek een spiegel voor. De keuze voor een wrede spelformat is interessant, omdat die uitnodigt tot systemisch denken. Maar die uitnodiging is soms té expliciet. Zo sluipt een actrice als een heerlijk duivels, katachtig wezen tussen de spelers, uitdagend rondkijkend. Ze spreekt de stem van de boosaardige vossenfiguur live in door een microfoon achterop het podium. Het ligt er nogal dik op: het oordeel waart overal rond. De Kwetsbaren is een te schoolse illustratie van thema’s zoals maatschappelijke ongelijkheid en intersectonaliteit. Dat zijn extreem relevante thema’s en de makers slagen er goed in om die inzichtelijk te maken voor en door jongeren. Maar dit is een theatervoorstelling en geen klaslokaal. 

Regelmatig verwijzen de personages naar theater: dat levert een meta-reflectie op over kijken en bekeken worden, een pertinent motief dat op alle niveaus van de voorstelling terugkomt. Maar wanneer O zegt dat ze zich in een theaterstuk of in een Netflix-serie lijkt te bevinden, stel ik mezelf de vraag: zou ik nog kijken als dit een Netflix-aflevering was? De Kwetsbaren flirt met horror- en scifi-elementen die we kennen uit populaire reeksen zoals Squid Game, The Hunger Games of Battle Royale: rondspetterend nepbloed, een afvalrace waarin maar één iemand kan overleven, achterdocht tussen de ‘spelers’, een almachtige heerser (zoals de oude witte man Snow in The Hunger Games) die de spelregels bepaalt, … Die ingrediënten zijn er, maar een spannend concept maakt nog geen beklijvende voostelling. Al bij al gaat het er erg braaf aan toe, ondanks de badass kattenfiguur en de vos. De Kwetsbaren is meer spelshow (waarbij er gelachen wordt en alle kandidaten braaf om beurten aan bod komen) dan horror, meer educatief dan ontregelend. 

Het duurt bovendien lang vooraleer O een evolutie doormaakt, waardoor we te veel varianten te horen krijgen op “fuck, dit wil ik niet, dit kan ik niet”. Op de duur juich je bijna wanneer de vos treiterend uitnodigt om op de knop te drukken: “uitstel is enkel uitstel.” Wanneer O uiteindelijk, onvermijdelijk, ten prooi valt aan de corrumperende macht die ze krijgt toebedeelt, is het wél muisstil in de zaal. “Dans”, roept ze tegen Ahmed. “En je stopt niet tot ik zeg dat je mag stoppen.” De voorstelling eindigt sterk, een typisch einde voor een horrorverhaal. Het kwaad blijft rondwaren, het is nooit voorbij, zelfs als het bloed (even) niet meer vloeit. 

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 7 — 10 minuten

#171

15.03.2023

31.05.2023

Natalie Gielen

Natalie Gielen is redactiemedewerker van Etcetera. Daarnaast werkt ze freelance als auteur, redacteur en outside eye in de kunsten. Ze is medeoprichter van Letterveld, een lossig-vast schrijverscollectief.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!