Clavigo (ARCA-NET) Foto Luc Monsaert

Ludo Verbeeck

Leestijd 2 — 5 minuten

Clavigo Een keuze?

Opdat bij deze bespreking geen misvatting zou ontstaan, weze vooraf gezegd dat Goethe hier (nog eens) niet verdedigd hoeft te worden. Clavigo is een haastig neergeschreven gelegenheidsdrama van de jonge Goethe en behoort niet tot zijn beste werk. Een blik op andere in datzelfde jaar 1774 verschenen teksten maakt dat al gauw duidelijk. Het volstaat daarbij de Werther te noemen. Maar ook met het anoniem gepubliceerde en voor een stuk van Goethe gehouden Der Hofmeister dringt een vergelijking zich op. Deze grimmige komedie, die in werkelijkheid van de hand van Goethes vriend en geniale rivaal Jakob Lenz was, reikt ver boven Clavigo uit.

Maar zoals altijd bij Goethe kan ook Clavigo mooi in de persoonlijke lotsbestemming van de dichter ingepast worden, een trend waar hij zelf in Dichtung und Wahrheit de nodige aanbevelingen voor heeft gedaan. Eén thema daarin is dat van de trouweloosheid tegenover de meisjes en het daarmee verbonden schuldbesef: het onderwerp van Clavigo. Interessant is hierbij niet zozeer de herinnering aan de idylle met Friederike Brion uit zijn Straatsburgse tijd dan wel een breuk die op het tijdstip waarop Clavigo werd geschreven, nog te gebeuren stond; met name de veel dieper reikende verbreking van de verloving met Lili Schönemarn in de herfst van 1775. Weinige weken later arriveerde Goethe in Weimar om er de carrière te beginnen waar Clavigo slechts van mocht dromen: van gesternte gesproken!

Voor een interpretatie van het drama heeft men deze gegevens echter niet nodig. De intrige is ontleend aan de toen pas verschenen memoires van Beaumarchais, die daarin vertelt hoe hij naar Spanje reisde om er zijn zuster te wreken, die door haar verloofde in de steek was gelaten. De vrij strakke handeling steunt op twee kernen: het onbestendige karakter van Clavigo en de wraakzucht van Beaumarchais. Beiden worden daardoor schuldig aan de dood van Marie. Herman Gillis verplaatst het gegeven naar onze tijd; daarop valt uiteraard niets aan te merken. De moeilijkheden ontstaan daar waar de partituur overhoop wordt gehaald. Zo reeds bij het optreden van Clavigo’s vriend, hier een verwijfd type dat in een dubieuse verhouding tot Clavigo lijkt te staan. Dit strookt echter niet met de rol van ijskoude intrigant, hem door de tekst toegewezen. Hetzelfde geldt voor Beaumarchais, half geharnaste hidalgo, half hersenloze pooier. En ga zo maar door. Op die manier kan je wel honderdeneen lachregisters trekken, die dankzij vakkundige inspanningen van de acteurs af en toe goed afgewerkte solotoneeltjes opleveren, maar de toeschouwer vraagt zich intussen toch maar af wat er eigenlijk aan de hand is. En wat de rol van Clavigo betreft: van hem een melancholieke junkie maken betekent Goethes tekst mateloos onder druk zetten. De melancholicus in Goethe heeft zijn geniaal beslag gekregen in de figuur van Werther, niet in Clavigo. Geleerde verwijzingen naar Saturnus in het programmaboekje veranderen daar weinig aan.

Krijg je graag ons magazine in jouw brievenbus?
Abonneer je dan hier.

artikel
Leestijd 2 — 5 minuten

#2

15.03.1983

14.06.1983

Ludo Verbeeck