© Inge Vermeiren

Leestijd 5 — 8 minuten

APHASIA – Jelena Jureša

De achilleshiel van documentair theater

APHASIA van Jelena Jureša ging onlangs in première op het Kunstenfestivaldesarts. De voorstelling begint niet zoals je zou verwachten van de doorsnee documentaire productie – denk: vertellend spel, projecties van archiefbeelden, het occasionele streepje muziek. Dé dramaturgische steen des aanstoots van het documentaire theater is informatie. Hoe de toeschouwer inwijden in ‘het onderwerp’, zonder die het gevoel te geven op de schoolbanken te zitten in plaats van in het theater?

Vaak kiezen theatermakers ervoor om de bittere informatiepil te omhullen met wat honing in de vorm van muziek, een grapje, publieksinteractie, een ‘theatraal moment’. Jureša laat de informatie in APHASIA zo goed als volledig achterwege. Als je het probleem niet creëert, dan moet je het achteraf ook niet oplossen, lijkt het devies. Haar aanpak is die van de audiovisuele immersie en de assemblage van fragmenten.

Verschuivende gedragscodes

Het publiek schuifelt de verduisterde, met toneelrook gevulde zwarte doos van de KVS Box binnen, op zoek naar een plekje om te staan of te zitten tussen drie metershoge podiumtorens. Er zijn geen stoeltjes. Op één van de podia verschijnt een gitarist onder een verticale lichtbundel, op een ander podium een bassist (Alen en Nenad Sinkauz). Zeker twintig minuten lang staan de twee wijdbeens en verbeten voor zich uit te staren, afstandelijk rammend op hun instrumenten, terwijl ze af en toe een paar moeilijk verstaanbare regels praatzingen. De opzwepend repetitieve muziek doet wat denken aan LCD Soundsystem, de meest dansbare onder de Amerikaanse gitaarbands.

Wanneer een televisiescherm aanspringt in het donker, beweegt de publieksmassa ernaartoe als muggen naar een lamp. Erg veel is er nochtans niet te zien. Het eenvoudige, om de halve minuut herhaalde zwart-wit filmpje toont een groep mannen, ze zien eruit als soldaten, waarvan één danst en de rest toekijkt. De ongedateerde beelden lijken te stammen uit de eerste decennia van de vorige eeuw. Je merkt het aan hun typische versnelde, schokkerige tempo, dat nauwkeurig samenvalt met het geluid van de driftige gitaren. Wat later lichten elders in ruimte nog drie schermen op, alledrie netjes naast elkaar. Ze spelen identiek hetzelfde filmpje af.

Wat APHASIA aanvankelijk zo spannend maakt is de originele multidisciplinaire inslag en de verschuivende gedragscodes die deze teweegbrengt. We dachten een documentaire theatervoorstelling te zullen zien, maar worden ondergedompeld in een nachtclub, die even later ook de trekken aanneemt van een beeldende kunstinstallatie. Moet je maar wat beginnen meebewegen op het ritme van de muziek, net zoals een paar toeschouwers om je heen doen, of blijf je ‘gewoon’ kijken? Maar naar wat dan? Dat er binnen een betrekkelijk lang tijdsbestek intrigerend weinig nieuwe elementen opduiken, zorgt er mee voor dat je je maar moeilijk een houding weet aan te meten. De muziek blijft repetitief doordrammen; de zwart-witte figuren op de filmpjes – het blijken meerdere filmpjes te zijn, lichte variaties op hetzelfde thema – blijven schokkerig doordansen. De duur van het gebeuren heeft niks saais; je wachten is vol verwachting. Je blijft nieuwsgierig naar wat volgt.

Puzzel die in elkaar valt

Dan komt een precies moment waarop mijn kijkervaring omslaat, een punt in de tijd waarna de voorstelling haar initiële spanning verliest, als een ballon die eerst langzaam werd opgeblazen en daarna gestaag weer leegloopt. Het gebeurt niet lang nadat ook op het derde podium iemand verschijnt, de danseres Ivana Jozić. Net als de twee muzikanten torent ze boven ons uit en houdt ze haar gezicht rechtop, het publiek beneden nooit direct aankijkend. Gedurende de rest van de voorstelling zal ze voornamelijk dansen, als een eenzame partydancer die zich eerder in een docufictioneel ‘daar’ bevindt dan in het ‘hier’ van de toneeldoos van de KVS. Spreken doet ze ook, met tussenpozen, door een microfoon die aan een lange kabel uit het plafond neerbengelt. De repetitieve tekstfragmenten, waarin steeds dezelfde woorden en indrukken terugkeren, schetsen de contouren van dat ‘daar’. De vrouw die Jozić vertolkt – Jureša zelf? – bevindt zich op een dansvloer in Belgrado, niet ver verwijderd van een man die haar volledige aandacht opeist: DJ Max.

Eerst heeft die nog geen naam. Ze portretteert hem als iemand die een sigaret tussen de vingers houdt, op dezelfde particuliere manier als ‘thirty years ago’. Op de televisieschermen verschijnt ondertussen een hand met een sigaret waar rookslierten uit opkringelen. Het beeld voelt illustratief aan, al geeft het een ogenschijnlijk onbelangrijk detail tegelijk bijzonder veel gewicht, wat je dan weer extra nieuwsgierig maakt. Ze ruikt zijn parfum – hij moet dus behoorlijk dicht bij haar staan. Wat gebeurde er dertig jaar geleden? Wie is die man? Het moment waarop we dat te weten komen, is het omslagpunt waarover ik het zojuist had. De populaire Servische DJ Max beging in het belegerde Bosnië van begin de jaren ’90 een oorlogsmisdaad die gedocumenteerd werd op een schokkende, iconische foto. APHASIA laat die eigenlijke foto nooit zien, maar Jozić beschrijft hem herhaaldelijk: een soldatenlaars (‘a boot in mid-air’) schopt op het hoofd van een vrouw, die naast twee andere vrouwen op de grond ligt. Op het moment van de fotoklik zijn de drie waarschijnlijk al dood.

De puzzel van APHASIA valt in elkaar; de assemblage van fragmenten sluit zich. We weten nu waarom er voor de setting van een nachtclub werd gekozen, en wat ‘het onderwerp’ van deze voorstelling is. De keuze om Jozić daarna dezelfde tekstfragmenten voortdurend te laten herhalen, om haar telkens terug te laten keren naar diezelfde sigaret, datzelfde parfum, diezelfde soldatenlaars, heeft iets dwingends – alsof de vrouw grip probeert te krijgen op de situatie in de club, en op de traumatische herinneringen aan de oorlog in ex-Joegoslavië. Het verleden blijft doorspoken in het heden. Met afasie lijkt haar spreken weinig te maken te hebben, daarvoor blijven de zinnen te samenhangend, zonder uitzondering perfect begrijpelijk. Soms heeft de variatie in de herhaling een ontluisterende werking, zoals wanneer de drie naamloze vrouwen op de foto plots bij naam worden genoemd. Ontmenselijkte slachtoffers – door het geweld, en door de afbeelding van dat geweld – krijgen daardoor een fractie van hun menselijkheid terug.

Balkanisering

Vaker nog voelen de herhalingen wat redundant aan. De gefilmde hand met de sigaret verschijnt opnieuw en blijkt die van de Duits-Amerikaanse filosofe Hannah Arendt te zijn. De goede verstaander legt het verband tussen haar beroemde analyse van de ‘banaliteit van het kwaad’ die ze vaststelde tijdens het Eichmann-proces na WOII, en de banaliteit van DJ Max. De doorlopend afgemeten-verontwaardigde toon waarmee Jozić de man portretteert, is gezien zijn misdaden perfect begrijpelijk; wel zorgt die er mee voor dat de assemblage zich verder sluit en de verbeelding stokt.

APHASIA verdient lof omwille van de gedurfde, originele vorm. Toch ontkomt de voorstelling, ondanks alle weggestreepte informatie over de historische context, niet aan de achilleshiel van het documentaire theater. De weinige info die we meekrijgen, namelijk dat de Servische oorlogsmisdadiger op de iconische foto dertig jaar later op vrije voeten rondloopt als een populaire DJ, haalt de spanning uit de kijkervaring. Tegelijk vraag je je af of het wel een goede strategie is om zo wijd om de historische gesitueerdheid heen te fietsen. Als je DJ Max loskoppelt van een conflict waarvan de extreme complexiteit een geheel eigen term genereerde – ‘balkanisering’ – wordt die banaliteit van de dader dan geen te algemeen, ahistorisch verschijnsel?

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 5 — 8 minuten

#168

15.05.2022

14.09.2022

Sébastien Hendrickx

Sébastien Hendrickx is lid van de kleine redactie van Etcetera, schrijft over podiumkunsten en beeldende kunst, doceert in het KASK en en werkt als dramaturg en podiumkunstenaar.

 

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!