Foto’s Jenneke Boeijink, Cigdem Yuksel, Maartje Strijbis, Myrddin Baars

Filip Tielens

Leestijd 5 — 8 minuten

Adelheid Roosen (Zina/Female Economy) – Wijksafari Bijlmer

De Bijlmer, het is één van de meest beruchte wijken van Nederland. Gelegen in het Zuid-Oosten van Amsterdam, helemaal aan de rand van de stad, aan de eindhalte van de metro. Veel “blanke” Nederlanders passeren er enkel wanneer ze naar een match van Ajax gaan of een concert in de Heineken Music Hall meepikken. De Bijlmer werd 50 jaar geleden rond tekentafels bedacht en in één keer neergepoot, volgens de modernistische overtuiging dat zo’n totaalconcept dé toekomst was waar iedereen zou willen wonen.

Driewerf helaas: gezinnen uit de middenklasse meden de buurt en voornamelijk Surinamers, maar ook migranten van zo’n 140 andere nationaliteiten vestigden er zich. De armoede is nog steeds groot in deze buurt, maar de criminaliteit is in de loop der jaren wel stevig gedaald. Sinds er in 1992 een vliegtuig neerstortte (de “Bijlmerramp”), onderging de wijk een renovatie en raakte ze ietwat opgewaardeerd. Een hippe plek is het echter nog niet: “De Bijlmer heeft de laagste cappuccino-index van heel Nederland”, zo krijgen we tijdens deze Wijksafari-wandeling slash ervaringstheatervoorstelling te horen. Inderdaad, nergens is er sprake van hippe koffiebars of gentrificatie. Deze wijk is eerder druk bezaaid met Indonesische bami-resto’s, Surinaamse nagelsalons en exotische pakjesverzenddiensten – naast de Albert Heijn, die is natuurlijk overal. Maar in tegenstelling tot volgepropte, oude wijken zoals Molenbeek of Antwerpen-Noord, valt het op hoeveel ruimte en groen er in de Bijlmer is. Mede daardoor geeft deze wijk geen troosteloze indruk. Wie er woont, woont er graag. “De Bims is derrim”, zo luidt de slogan van de lokale jeugd. Vrij vertaald: “De Bijlmer is vet strak”. Het doet denken aan “Je suis 1080”, de leuze waarmee de Molenbekenaren zichzelf trots aan de buitenwereld tonen in tijden van terrorisme en stigmatisering.

Theatermakers zijn de afgelopen jaren erg geïnteresseerd geraakt in – gefaalde – modernistische  utopieën zoals de Bijlmer: zo gaf Jozef Wouters de problemen van de inwoners van de Lakense Modelwijk vorm in maquettes tijdens ‘All problems can never be solved’ en verzamelde Sara Vertongen (Braakland/ZheBilding, nu Het Nieuwstedelijk) in ‘Naast’ verhalen uit het Antwerpse Luchtbal die de toeschouwers via een mp3-speler tijdens een wandeltocht door de wijk te horen kregen. Kunstenaars kunnen via hun veldwerk de veelal negatieve mediaberichtgeving en clichés die over deze wijken circuleren counteren door ook de veerkracht van haar bewoners te portretteren. De Nederlandse theatermaakster Adelheid Roosen (Zina/Female Economy) gaat in haar Wijksafari’s nog een stapje verder. Eerder maakte ze edities in de Amsterdamse wijk Slotermeer, in Utrecht en zelfs in Mexico. De Wijksafari’s zijn zo’n fenomeen dat de editie in de Bijlmer na het succes in 2015 dit jaar hernomen werd.

Wegvluchten

Een dag van tevoren krijg ik een telefoontje van actrice Nazmiye Oral met de locatie waar ik die dag verwacht word voor deze vier uur durende theatertocht. Omdat de treinen niet geheel volgens plan rijden, arriveer ik iets te laat, maar een crewlid pikt me op met een scooter en laat me aansluiten bij mijn “route”. In totaal zijn er acht verschillende groepjes die tegelijkertijd op pad zijn en die in de loop van de voorstelling op elkaar inhaken, dus de minste vertraging zou de boel in het honderd doen lopen. Het is een organisatorisch huzarenstukje met een strak getimed scenario. Maar bij aanvang, wanneer je slechts met z’n tienen op pad bent, merk je daar weinig van.

Ik sluit nogal pardoes aan wanneer Nazmiye in een flatgebouw aanbelt bij Letitia, haar Surinaamse “adoptiemoeder”. Alle acteurs van de Wijksafari woonden vooraf immers een tweetal weken bij een gastgezin om samen een scène te ontwikkelen op de grens tussen autobiografische feiten en theatrale fictie. In het eerste tafereel zijn we in “Stichting De Vrije Ruimte” belandt, waarin Nazmiye eindelijk “het finale, radicale gesprek met haar moeder” wil hebben. Even vrees ik in een over-expressief en moralistisch theaterstukje beland te zijn, maar die angst blijkt ongegrond. Van ongemakkelijk dichtbij zien we hoe Nazmiye verbaal de degens kruist met Hava, haar (echte?) moeder die gesluierd in een schommelstoel zit. Zeer tegen de zin van haar conservatieve Turkse familie trouwde Nazmiye met de Nederlandse Henk (kan het nog Hollandser?) en vervreemde ze steeds meer van haar Turkse achtergrond. De vertelling stuitert alle kanten op in een hoogst ongewone vorm, maar blijft fascineren, niet in het minst door de vele mooie metaforen die in de tekst verwerkt zitten. Zo omschrijft Nazmiye haar moeilijke ontworteling als volgt: “Mijn benen behoorden niet aan mij toe, maar aan de gemeenschap. Ik moest eerst nieuwe benen zoeken voor ik kon weglopen.”

Met een bord spirelli als krachtvoer wisselen we van begeleider. Melih Gençboyaci (Schwalbe), eveneens een acteur met Turkse roots, neemt ons verder op tjok richting het Vluchthuis, een gekraakt pand waar tot voor kort vluchtelingen samenhokten in ruimtes ingedeeld per nationaliteit. We belanden er bij twee Afrikanen die al enkele jaren illegaal in Nederland zijn. Melih reconstrueert samen met hen hun vluchtverhaal en de moeilijke verhouding tot hun nieuwe gedroomde thuisland. Het is de eerste keer dat ik zo direct geconfronteerd wordt met de leefwereld van asielzoekers. Hun situatie van dichtbij zien, horen en ervaren (je slaapt zelfs even op hun kapotte matras!) geeft je meer inzicht in de menselijke drama’s die achter deze complexe problematiek schuilgaan en heeft meer impact op je denken dan de vele cijfertjes over de vluchtelingenstromen op je tv-scherm.

Empathie en empowerment

Het is precies wat Adelheid Roosen met haar Wijksafari beoogt: de verhalen van de wijkbewoners in de kijker zetten en zo onze empathie voor de onbekende ander vergroten. Theater met een duidelijk maatschappelijk doel dus, wat nochtans niet erg bon ton is in “de kunsten”. Roosen slaagt het meest in haar opzet wanneer ze ons onderdompelt in de lokale realiteit, zoals in de waarachtige ontmoetingen die ze ons voorschotelt en in het fascinerende bezoek dat we brengen aan de Moskee (“de parel van de Bijlmer”). Thema’s als immigratie, integratie, illegaliteit en seksualiteit (trouwen met een Nederlander, hoe vluchtelingen hun seksualiteit beleven, homoseksualiteit…) komen hier op een erg genuanceerde manier aan bod.

Maar na meer dan twee uur trekkingstocht, worden we soms iets te nadrukkelijk bij de intenties van Adelheid Roosen betrokken. Wanneer de kleine groepjes wandelaars stap voor stap samensmelten en we als één slang door de Bijlmer slingeren, moeten we in een doorschuifsysteem een praatje maken met onze onbekende buur, gebaseerd op vragen die de acteurs ons influisteren. Het voelt behoorlijk geforceerd aan, de vragen zijn te wollig en de link met de rest van de Wijksafari is klein. Prikkelender, maar vaak ook nogal expliciet, zijn de slogans die met roze graffiti overal in de wijk aangebracht zijn en die je druk palaverend soms zo voorbij loopt.

Met de hele groep passeren we vervolgens langs een centraal plein, waar empowerende slam poetry opgevolgd wordt door een scooterchoreografie. Amusant, maar ook best over the top theatraal, waardoor het weinig effect heeft. Helemaal tenenkrullend wordt het pas wanneer we in een ultieme daad van wereldvrede met de anderen een soort “Ketnet-shake” moeten uitvoeren, eindigend in een knuffel. Het is flauwe participatie, waarvan de meeste Nederlanders in het publiek dan misschien wel mogen smullen, maar waar ik me als verlegen Belgje gauw onderuit muis.

Flauwe propaganda of straf politiek theater?

De cynicus in mij komt stilaan naar boven. Is de Wijksafari wel een oprechte artistieke creatie of is het vooral geitenwollensokken multiculti propaganda? En waarom zijn er enkel blanke deelnemers in het publiek, die zich met theater als excuus nieuwsgierig komen vergapen aan de Bijlmer en haar exotische bewoners? Finaal krijgt mijn inwendige brombeer alsnog het zwijgen opgelegd, wanneer we met z’n allen samenkomen in een gemeenschapszaaltje. De acteurs van de verschillende routes, maar ook alle gastgezinnen en vrijwilligers (en zelfs een gospelkoortje) zijn er samengekomen om met een glas muntwater en brood met humus te bekomen van deze stevige brok ervaringstheater. Community theater pretendeert vaak sociale cohesie te stimuleren, maar zo enthousiast als bij deze Wijksafari zag ik participanten en lokale bewoners nog nooit. Roosen slaagde er in om heel wat instanties en individuen uit de Bijlmer te engageren en de toeschouwers in aanraking te laten komen met een voor hen behoorlijk onbekende wereld. Door het spannende documentaire karakter en de  interessante artistieke ingrepen slaagt zij er in om het beeld over deze gelaagde wijk realistischer bij te kleuren. De Wijksafari is theater met een grote politieke kracht omdat het twee zo gescheiden mentale werelden elkaar laat ontmoeten. Kennis over ‘de ander’ blijft immers een noodzakelijke voorwaarde om meer tolerantie voor die ander te kunnen opbrengen. De enkele muffe momenten en irriterende intermezzi die Adelheid Roosen doorheen deze Wijksafari weefde, zien we voor dit hogere doel graag door de vingers.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 5 — 8 minuten

#145

15.06.2016

14.09.2016

Filip Tielens

Filip Tielens werkt als journalist voor De Standaard, Klara en verschillende (web) magazines. Hij is ook coördinator van De Zendelingen, een collectief dat werkt rond multimediale reflectie over (podium)kunsten.

recensie

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!