De Materie – Phia Ménard/Opera Ballet Vlaanderen/Bas Wiegers
Een schurend vooruitgangsdenken
Sébastien Hendrickx
Dear Steve © Herman Asselberghs
Een tafel met wat gereedschap: schroevendraaiers, een mes. Een bebrilde jongeman in T-shirt gaat vastberaden aan de tafel zitten en zet een langwerpig bruin pakket op tafel. Hij begint het open te maken. Binnenin zit een nieuwe, witte doos met daarop in grote letters: MacBook Pro. Ook die doos wordt opengemaakt. Een fraaie zilverkleurige laptop verschijnt. De computer wordt uit zijn cellofaanverpakking gehaald en opengeklapt. Het zijn vertrouwde gebaren. Wij kennen ze allemaal van het moment dat wij een nieuwe computer in gebruik nemen. Maar dan legt de jongeman de fraaie, gloednieuwe MacBook Pro op zijn rug en haalt een schroevendraaiertje boven. Het is een klein maar onheilspellend gebaar dat elke rechtgeaarde Applebezitter koude rillingen bezorgt: hier wordt een grens overschreden.
Dear Steve is een 45 minuten durende videobrief van de Brusselse videomaker Herman Asselberghs (°1962), gericht aan Steve Jobs. het boegbeeld van Apple. Of Steve er blij mee is, is maar de vraag. Want in de video gebeurt iets waarvoor een Apple niet gebouwd is. Integendeel zelfs: Apples zijn gemaakt opdat dit nooit ofte nimmer zou gebeuren. Dear Steve botst dan ook met de bedrijfscultuur van Apple, het is een bedrijfspolitiek incorrecte film. Meer: het is een vloek, een ontheiliging, een abominatie, het is pure ketterij.
Een Mac straalt de droom uit van een ongegeneerd perfect lijkend object waarvan de gebruiker absoluut niet wil weten hoe het werkt – want dan zou zijn computer niet perfect zijn. In de quasi-theologische Applespeak worden Macs omschreven als ‘ontworpen voorbij dc functionele imperatief ’. Een Mac is geen ding, het is een blackbox, een tempel, een heiligdom dat niet geopend en waaraan niets veranderd mag worden.
Maar zeer methodisch en tot het laatste onderdeel, tot de laatste schroef, laat Herman Asselberghs een gloednieuwe MacBook Pro ontmantelen, uit elkaar halen, letterlijk deconstrueren. Terwijl Apple in zijn garantievoorwaarden niet alleen afraadt, maar zelfs ten strengste verbiedt om zijn computers zelfs maar open te maken. Hier wordt een van zijn fraaie producten echter meedogenloos uit elkaar gehaald, tot in de kleinste onderdelen. Alsof het geen Mac was, maar een vulgaire Meccano.
Toch is dit, zoals haast ontroerend in de eindgeneriek vermeld, een film die is bedacht, geschreven en gemonteerd op Apple computers. Suggereren de makers dat Steve Jobs deze doelbewuste moord op een van zijn producten niet persoonlijk moet nemen? De makers houden immers zielsveel van hun Mac. Hoewel? Rechts is de hele tijd een product van de concurrentie in beeld: een geheimzinnige, monolithische, zwarte, nooit gebruikte en zelfs nooit bekeken Acer.
Dear Steve lijkt in zijn aanpak een oefening in mystieke zelfbeperking: nooit verandert de beeldhoek of de kadrering van de opname – tenzij voor een shot in vogelperspectief dat toont hoe de gemonteerde onderdelen keurig op een tafel geordend worden. Verder kijken wij vanuit hetzelfde standpunt in realtime naar de bizarre performance van een man (Stan Wannet) die methodisch een MacBook Pro sloopt. Slechts enkele, haast onmerkbare cuts korten de actie ietwat in. Tegelijk is Dear Steve ook een staaltje van technische virtuositeit. Een MacBook Pro is niet gemaakt om uit elkaar gehaald te worden en het lijkt ook verdomd moeilijk: een gewriemel met minuscule schroefjes, connectoren en op elkaar gepakte onderdelen die je in de juiste volgorde moet demonteren. Helemaal heroïsch wordt het wanneer de performer de minuscule chips van de printplaten begint te halen door ze te verhitten. De onverstoorbare zelfdiscipline waarmee Stan Wannet dit sloopwerk snel, methodisch en bijzonder ordelijk verricht is opmerkelijk. Op hoeveel Pro’s zou hij vooraf geoefend hebben, vraag je je af. Dit is niet alleen een technisch hoogstandje, het is een opmerkelijke acteerprestatie.
Een na een moeten onder Wannets handen de batterij, de discdrive, de display, de CPU en dies meer er aan geloven. Ze worden uit Apples zo geroemde uit één stuk aluminium vervaardigde behuizing gehaald, alsof er een simpele puzzel uit elkaar wordt gehaald. Maar waar dient deze systematische destructie voor? Wat wil Asselberghs bewijzen? Wat gaan wij vinden na afloop van deze hoogst wetenschappelijk lijkende autopsie?
Een door acteur Willy Thomas op de klankband voorgelezen brief van Herman Asselberghs aan Steve Jobs werpt enig licht op de zaak. Asselberghs benadrukt daarin dat de MacBook Pro met zijn vertrouwde dimensies ‘aan mijn voorstellingsvermogen ontsnapt. Ik zie plots een vreemdsoortig ding voor mij dat zelfs geen gebruiker nodig heeft. Alsof het uit zichzelf is ontstaan.’ Hij verwijst daarbij naar de zwarte monoliet uit 2oo1 – A Space Odyssey van Stanley Kubrick. Meteen maak je de connectie met een andere computer deconstructie: de beroemde scène uit dezelfde film waarin de op hol geslagen computer HAL in fases uitgeschakeld wordt, waarbij hij -alsof hij Alzheimer heeft – terugkeert naar zijn beginjaren en uiteindelijk nog slechts een kinderliedje kent – het allereerste wat hem geleerd is.
Maar waar de computer HAL een echt personage is (het enige écht menselijke wezen in Kubricks onderkoelde sciencefictionepos), blijft de MacBook Pro uit Dear Steve een levenloos ding waarvan de onderdelen als archeologische objecten op tafel worden uitgestald. De trage, bedachtzame, methodische gebaren waarmee de performer de Pro uit elkaar haalt herinneren aan de handelingen waarmee de eerste anatomen menselijke lijken uit elkaar haalden, op zoek naar de onsterfelijke ziel. Een onderneming die net zo vruchteloos bleek als deze meedogenloze demontage. Want de vraag blijft: waarnaar zijn wij hier op zoek? Naar de ziel van deze machine?
Misschien wel. Je zou Dear Steve kunnen zien als een ontmaskering van het warenfetisjisme zoals Karl Marx dat in het eerste boek van Das Kapital beschreef. ‘Op het eerste gezicht lijkt de waar een alledaags en eenvoudig ding te zijn. Maar als je begint te analyseren blijkt het een bijzonder lastig ding, vol met metafysische spitsvondigheden en theologische grillen. […] Een tafel is van hout, het is een gewoon, duidelijk waarneembaar ding. Maar zodra de tafel als waar optreedt, verandert het in iets dat tegelijk waarneembaar en bovennatuurlijk is. De tafel staat dan niet meer met de poten op de grond, […] in haar houten kop ontstaan grillen, die nog meer opzien baren dan wanneer die tafel zou beginnen dansen,’ aldus Marx.
Herman Asselberghs citeert niet Marx maar de Franse socioloog Gabriel Tarde (1843-1904) in zijn brief aan Steve Jobs. ‘Toute chose est une société’, stelde Tarde. En inderdaad weerspiegelt zich in een MacBook Pro onze hele samenleving, waarin de werkelijkheid meer en meer verdwijnt ten voordele van het virtuele. Ook de magische aura van Apple blijkt slechts virtueel te zijn, niet meer dan verblinding opgewekt door de marketingafdeling. Net als Marx’ tafel is een MacBook Pro een vat vol metafysische spitsvondigheden en theologische grillen. Maar als je hem omkeert en uit elkaar haalt blijkt hij door dezelfde firma uit de buurt van Shanghai in elkaar gezet te zijn, met soortgelijke onderdelen als om het even welke computer.
Herman Asselberghs, Dear Steve, video, België, 2010,45′. Performer: Stan Wannet. Stem: Willy Thomas.
Dear Steve was o.m. te zien op de tentoonstelling August Orts in M HKA, op IFFR Rotterdam, de Transmediale Berlin, DocsBarcelona en het Artefact Festival Leuven.
www.v2.nl,www.augusteorts.be
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.