Ingrid Vander Veken

Leestijd 4 — 7 minuten

Verheezen tussen vallen en opstaan

Het werk van René Verheezen situeert zich voor de helft in Nederland en voor de helft in Vlaanderen. In Nederland leeft hij en schrijft voor Splien en de Stichting Noordelijk Toneel De Voorziening. Daarnaast wordt zo ongeveer jaarlijks een stuk van hem opgevoerd in Vlaanderen, waar hij geboren werd en in 1976 debuteerde als toneelauteur met Onder ons.

Onder ons was een schoolvoorbeeld van wat hier te lande verstaan wordt onder realistisch theater. De charmes lagen in de herkenbaarheid en in de onmiskenbaar rake dialogen. Maar vernieuwend kon je dit huiskamertheater bezwaarlijk noemen.

Maar Vlaanderen zat toen al niet op grensverleggingen te wachten, Onder ons werd in dank aanvaard, en tien jaar later wordt Verheezen nog steeds verwezen naar dat eerste succes.

Het voorbije seizoen werden te Antwerpen twee stukken van Verheezen gecreëerd: De liefde van een terrorist (Fakkeltheater) en De Overtocht (Ankerruitheater). Twee pogingen om uit het keurslijf van het huiskamerrealisme te breken. Twee totaal uiteenlopende pogingen.

Aan de oorsprong van De liefde van een terrorist lag het verzoek van de directie een soap-stuk te schrijven voor het Meirtheater. Een plateau dat in hoofdzaak amusement van weinig spitsvondig niveau op de affiche neemt. Door omstandigheden kwam De liefde van een terrorist echter terecht in het Fakkeltheater. En daar hoort het niet thuis, al is het Fakkeltheater dan nog slechts een afkooksel van het dappere geëngageerde kamertheatertje van weleer.

Verheezen is een broodschrijver, die op eerlijke wijze zijn ambities tracht te verzoenen met de vraag vanuit de theaters. In dit geval heeft hij getracht de bestelde lach een bijkomende dimensie te geven. En door als onderwerp de confrontatie te kiezen tussen twee vormen van verzet tegen de samenleving: de flower power van gisteren en het terrorisme van vandaag. En door te trachten de soap-ingrediënten te parodiëren, zodat de toeschouwer zich bewust wordt van zijn consumptief gedrag. De onderliggende maatschappijvisie is echter te simpel gehouden. Uitzichtloosheid van verzet en pleidooi voor individueel engagement worden geserveerd in de vorm van escapisme.

Bovendien moet je, om soap te parodiëren, de vaardigheid van het oorspronkelijk medium minstens evenaren zoniet overtreffen (tenzij je het abstraheert, maar daaraan is hier blijkbaar niet gedacht). Dat was bij deze opvoering niet het geval, noch inhoudelijk noch in de vormgeving. De spot is beperkt gebleven tot uitvergroting. Waarbij men dan nog frontaal gebotst is op de beperkte ruimte van het Fakkeltheater. Als toeschouwer word je verpletterd door de drukte op de smalle scène. De technische inspanningen die het theater zich getroost heeft (filmpjes van eigen materiaal, t.v.-monitors) komen niet tot hun recht. Dit was een produktie, onder het niveau dat én auteur én theater kunnen halen.

Heel anders is het gegaan met De Overtocht. Het is een traditie geworden dat het Nieuw Vlaams Theater jaarlijks een stuk bestelt bij Verheezen. De naam alleen al van de auteur is in het door het NVT bespeelde Ankerruitheater goed voor een behoorlijke portie publieke belangstelling en die kan een theater dat uitsluitend van Vlaamse dramaturgie moet leven, best gebruiken.

Voor het overige kreeg Verheezen zowat de vrije hand. Hij kwam net terug van een cursus te New York, was gefascineerd geraakt door de melodramatiek van oude films, en wilde zich daar graag door laten inspireren. Goed, dat kon. Daarbij kreeg De Overtocht een behoorlijke bezetting – Chris Lomme, Werther Vander Sarren, Karel Vingerhoets, Cary Goossens – en mocht de auteur ook voor het eerst zelf zijn stuk regisseren. Twee niet onbelangrijke punten, want al creëert het NVT zelden meesterwerken, toch zijn een aantal creaties in hoge mate geflopt door een ondermaatse vertolking en een weinig begripvolle regie.

De Overtocht speelt zich af in de twintiger jaren op een oceanliner. De titel slaat op de reis tussen de oude en nieuwe wereld, maar ook op de overgangsfase die elk van de persona-ges doormaakt. De actrice Sunny aarzelt tussen haar kind en haar filmloopbaan, tussen een nieuw onbekend bestaan of een luxueus leven-tje aan de zijde van haar manager. Die manager, een maffioso, hoopt met haar een familie te kunnen stichten, al weet hij dat zij hem bedriegt en hij nooit bij haar kinderen zal kunnen verwekken. En dan zijn er de scheepsarts-dichter die hoopt voor de film te kunnen schrijven en een ongeneeslijk zieke jongeman die zich op de maffioso wil wreken.

Voor een oppervlakkig regisseur zou de verleiding groot geweest zijn om zich te houden aan het verhaaltje; dat biedt immers mogelijkheden tot enscenering genoeg. Verheezen heeft gekozen voor een doorgedreven stilering, zowel in het decor – een prachtige doorzichtige constructie van Hartwig Dobbertin – als in de acteerstijl – langzaam, beheerst, afstandelijk. Hij creëert ruimte onder de tekst en in die ruimte zie je waar het hem echt om te doen is: het heen en weer zwalpen tussen verleden en toekomst, dood en leven, wanhoop en hoop. In De Overtocht is een Verheezen aan het werk die meer in zijn mars heeft dan een avondje volkstheater met een lach en een traan en die ook weet hoe hij zich van die stempel moet losmaken. Tegen vele bedroevende voorstellingen in, pleit het voor het Ankerruitheater dat het de auteur daartoe de kans heeft gegeven.

Maar het is toch wel weer een teken aan de wand dat Verheezen dit soort theater in Nederland al langer maakt en dat zijn naam nog niet is doorgedrongen in grotere schouwburgen die zo graag klagen over gebrek aan eigen toneelschrijfkunst.

De Overtocht

auteur en regie: René Verheezen;

groep : Nieuw Vlaams Theater;

decor: Hartwig Dobbertin;

spelers: Cary Goossens, Chris Lomme, Werther Vander Sarren, Karel Vingerhoets.

De liefde van een terrorist

auteur: René Verheezen;

groep: Fakkeltheater;

regie: Jan Verbist;

spelers: Paula Slyp, Warre Borgmans, Paul Goossens, Ann Nelissen, Chris Cauwenberghs, Jos Van Gorp e.a.

De liefde van een terrorist (Fakkeltheater)

recensie
Leestijd 4 — 7 minuten

#4

15.09.1983

14.12.1983

Ingrid Vander Veken

recensie