© Raymond Mallentjer

Leestijd 8 — 11 minuten

Troje, Lazarus voor beginners – Lazarus en studenten

Kilometers maken in het oude Griekenland

Hoe waardig ouder worden als gevestigd theatergezelschap en de fakkel doorgeven? Collectieven als De Hoe, De Roovers en tg stan hebben het zich de laatste jaren allemaal afgevraagd. Voor hun twintigste verjaardag zet nu ook Lazarus de deuren wijd open voor een nieuwe generatie. In Troje, Lazarus voor beginners openen ze een vers blik spelers, afkomstig van de vier Vlaamse theateropleidingen. Samen zetten ze hun tanden in een van de oerteksten van de westerse verteltraditie: de Trojaanse oorlog.

“In Griekenland is het ook warm,” mopt m’n buur. Niet alleen omdat het snikheet is in het Mechelse Arsenaal maar vooral omdat de mannen van Lazarus ons, in plaats van hun geliefde Rusland, deze keer meenemen naar het oude Griekenland. Van de Adriatische kust tot aan de omwalling van het mythische Troje en uiteraard ook naar het houten paard; in een bondige twee uur krijgen we het hele verhaal nog eens voorgeschoteld.

Uniek is dat het gezelschap van Koen De Graeve, Pieter Genard, Günther Lesage, Ryszard Turbiasz en Joris Van den Brande zich deze keer laten bijstaan door acht jonge spelers die binnenkort afstuderen aan de vier Vlaamse acteursopleidingen. Het is niet de eerste keer dat Lazarus stagiaires meeneemt op scène, maar wel dat het er zoveel zijn en zo evenredig gespreid over de verschillende theaterscholen. Voor de volledigheid: Siebe Boone en Lien Vandenabeele vertegenwoordigen het Brusselse RITCS. Het Koninklijk Conservatorium Antwerpen vaardigt Roos De Buysscher en Hanna Peeters af. Lena Devillé en Lotte Smets zitten aan het Leuvense LUCA Drama. Het Gentse KASK tot slot stuurt Domien Huybrechts en Lander Merckx.

Samen met deze jonge leeuwen toont Lazarus in Troje waar ze goed in zijn: onderhoudend teksttheater waar plezier en humor ongegeneerd hand in hand gaan met de zoektocht naar diepgang in klassiek westers repertoire. Wat vooral aangenaam verrast, is hoe oprecht de veertigplussers hun vertrouwen leggen in de jonge twintigers naast hen op scène, hoe gelijkwaardig ze samen het beste van zichzelf geven.

“Samen met deze jonge leeuwen toont Lazarus in Troje waar ze goed in zijn: onderhoudend teksttheater waar plezier en humor ongegeneerd hand in hand gaan met de zoektocht naar diepgang in klassiek westers repertoire.”

Zoals zovele hervertellingen over Troje start ook Lazarus bij Helena, de zogenaamd mooiste vrouw in heel Griekenland. We zien een gesluierde vrouw met naast haar Odysseus. Achter op het podium verzamelen de overige elf spelers zich aan een olievat waar licht uit straalt als was het een kampvuurtje voor thuislozen of een warmtevuur op het strand waar de schepen klaarliggen om richting Troje te varen. Het koor vraagt zich af of ze nu tegen haar zin geschaakt is, of zich net gewillig mee liet voeren door de Trojaanse prins Paris. En waarom bedekt ze zich? Is het uit religieuze overwegingen of omdat ze moet van een man? Lazarus laat het in het midden. Helena blijft een hele voorstelling sprakeloos hoewel ze de reden is voor het bloedvergieten, voor de mannetjes die ten oorlog trekken.

De scenografie is functioneel sober. Naast het olievat hangen er enkele scheepsboeien en een polyvalente doek die onder andere gebruikt wordt als het kleed van Klytaimnestra, het offerblok van Ifiginea, de zeilen van de schepen, de Trojaanse stadsmuur… Verder zijn er nog twee grote ventilatoren die af en toe een scène kracht bijzetten en en passant ook wat verkoeling de zaal in blazen. Achttien rollen zijn verdeeld over dertien spelers. Dialogen en monologen wisselen elkaar in hoog tempo af, voortdurend geschrankt door het koor, nu eens meer op de achtergrond dan weer heel dicht op de actie. Niemand van de spelers is een begenadigd koperblazer, toch zijn er enkele trompetten die tot komisch effect regelmatig aangeblazen worden bij de vele scènewissels. Dat er wel enkele begenadigde zangers in de jonge cast zitten, tonen Smets, die een prangend stukje Björk ten berde brengt en Vandenabeele die verstopt onder Helena’s sluier een pakkend klaaglied aanzet.

Een Trojaans paard op gabberbeats

Lazarus’ Troje is een collage van verschillende iconische verhalen over de Trojaanse oorlog verteld in drie delen. Deel 1 start in Griekenland net na de ontvoering van Helena. Achilles (een komisch kinderachtige Peeters) is boos en wil niet meer meevechten en er is ook geen wind om te zeilen. Begeleid door de koele techno van Charlotte De Witte en gestileerd rondspringend als de dansers van Jan Martens beraadslagen de Grieken over wat er moet gebeuren.

De beroemdste en oudste overgeleverde tekst over de Trojaanse oorlog is de Ilias van Homerus. Dit plot wordt er bij aanvang van deel 2 van Troje snel doorgejast in een energetische groepsscène. Vervolgens wordt er langer stilgestaan bij de list van Odysseus en leren we over een mogelijk vredesbestand dat bekokstoofd werd tussen koning Priamus van Troje en Agamemnon, maar dat, oh tragedie, op niets uitdraait. Het paard, vol Griekse soldaten, wordt binnen gehaald. De gabberbeats van Rosalia’s Berghain zetten de feestvreugde van de Trojanen extra kracht bij.

Maar het verhaal over Troje begint niet zomaar bij Helena en eindigt niet bij de val van de stad. Het zit ingebed in een grotere cyclus van geweld. Dat toont Lazarus in deel 3. Troje is gevallen en koning Priamus is vermoord. Andromache, de vrouw van Hector en Kassandra zijn als slavinnen meegevoerd naar Griekenland. In Sparta komt Agamemnon weer aan waar hij al snel door Klytaimnestra vermoord wordt die op haar beurt dan weer door haar zoon Orestes vermoord wordt.

“De kracht van Troje schuilt dan ook niet in een baanbrekende adaptatie van Homerus of Euripides maar in iets veel concreters: hoe een gevestigd gezelschap plaats durft maken voor een nieuwe generatie spelers.”

Als latinist met een voorliefde voor Griekse mythologie en een master theaterwetenschap op zak stap je een voorstelling over Troje niet binnen zonder enige vorm van voorkennis. Waar dat een onbevangen blik in de weg kan staan – niet altijd handig voor een recensent – is het bij Lazarus’ Troje net een knus thuiskomen bij de klassieke momenten. Tegelijk rakelen ze ook enkele minder gekende verhaallijnen op. Ondanks de vele personages en verhaallijnen weet Lazarus deze brok mythologie voortdurend overzichtelijk te houden.

Jammer genoeg biedt deze plat geadapteerde materie na meer dan 2.000 jaar nog steeds voldoende aanknopingspunten om iets over vandaag te zeggen. Mannetjes voeren nog steeds oorlogen om bedenkelijke redenen, of ‘speciale reddingsoperaties’ zoals de oorlog in eerste instantie hier ook moet heten. Ook in de eed van Tyndareos die Odysseus de Griekse koningen laat zweren, herken je gemakkelijk artikel 5 van de NAVO: wanneer Helena geschaakt wordt, treedt een collectieve verdediging in werking. ‘Tegen Helena is tegen ons!’ brult het koor instemmend.

Maar uiteindelijk is Troje minder interessant om wat Lazarus over vandaag probeert te zeggen dan om wat de voorstelling toont over Lazarus zelf. Verwacht geen radicale herlezing van het bronmateriaal of transparante dramaturgie zoals De Roovers samen met collectief herman (nu KIN-collective) deden met Anatomie Antigone (2021). Lazarus blijft trouw aan de eigen formule: toegankelijk spelplezier. Zonder eindregisseur, zoals steeds, en met een tekst vol flauwe moppen die wonderwel vaak landen – al monkel ik bij Lesages uitleg over Achilles’ achilleshiel toch even “nul sterretjes” tegen mezelf. Tegelijk zitten er enkele straffe vondsten in zoals “de baarmoeder van wraak droogt nooit op”.

De kracht van Troje schuilt dan ook niet in een baanbrekende adaptatie van Homerus of Euripides maar in iets veel concreters: hoe een gevestigd gezelschap plaats durft maken voor een nieuwe generatie spelers. Waar stagiairs soms wat weggespeeld worden door de oude garde, weggemoffeld in minder betekenisvolle rollen (ik denk aan DE SITCOM (2025) van De Hoe), krijgen de acht jonge spelers hier bijzonder veel ruimte. De Lazari mogen dan wel vaak de oudere koningen en patriarchen spelen, de grote emotionele bogen zijn breed verdeeld. Van den Brande is in zijn sas als de grofgebekte Peleus en Genard zet een ingetogen Priamus neer. Lesage als ruggengraatloze pantoffelheld Menelaos biedt een aangename comic relief.

“Ik geniet van de licht onbeholpen groepschoreo’s waar ik de jonge lichamen zich net iets harder zie inspannen om niet uit de maat te springen, tegenover de oudere lichamen waarbij het al ietsje losser mag.”

Maar ook de jonge garde mag hun tanden zetten in stevige rollen: Achilles, Klytaimnestra, Odysseus, Ifigeneia, niemand valt uit de boot. Een eervolle vermelding voor Siebe Boone die een verfrissende Agamemnon neerzet, deze keer geen oorlogszuchtige barbaar maar een afgepeigerde diplomaat die oprecht zijn best doet om de oorlog te vermijden. Ook Roos De Buysschers Odysseus schuurt met hoe de gewiekste koning van Ithaca meestal wordt opgevoerd: geen eervolle sluwe vos maar wel een gluiperige opportunist die kickt op zijn eigen slimmigheid.

Lazarus die genereus een jonge generatie kilometers laat maken binnen hun professionele setting, dat is het kloppend hart van de voorstelling. Ze komen tegemoet aan eenzelfde noodzaak als die waaruit projecten als Camping Sunset zijn ontstaan. Ik geniet van de licht onbeholpen groepschoreo’s waar ik de jonge lichamen zich net iets harder zie inspannen om niet uit de maat te springen, tegenover de oudere lichamen waarbij het al ietsje losser mag. Opmerkelijk genoeg is het weer de oudste van de hoop, de niet altijd zo verstaanbare Turbiasz, die als jonge Orestes een van de ontroerendste momenten neerzet: een hele voorstelling lang speelt hij de vermoorde onschuld om op het eind de cyclus van bloedvergieten genadeloos voort te zetten.

In interviews voorafgaand aan de première liet Lazarus zich bij monde van de Graeve ontvallen dat er een mogelijke transformatie van het gezelschap op til staat. Hij noemt hun witte boysband een anachronisme en zinspeelt op verjonging en vervrouwelijking. Troje voelt in dat opzicht als een prikkelende vooruitblik. Als Lazarus op zoek is naar jong spelerstalent hoeven ze alleen maar naast zich te kijken op de vloer.

De speellijst vind je hier

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 8 — 11 minuten

#182

15.04.2026

14.09.2026

Simon Knaeps

Simon Knaeps studeerde acteren aan het conservatorium van Antwerpen en theater- en filmwetenschappen aan de UA. Momenteel is hij werkzaam in het jeugdwerk. Hij is tevens lid van makerscollectief ilBrigata.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!