John Zwaenepoel

Leestijd 3 — 6 minuten

Aengespoeld

Toneelstof III

Op 12 september 1987 verscheen in het weekblad Knack het resultaat van een grote publieksenquête die net voor de zomer in alle Vlaamse theaters was afgenomen. Een soort Knack’s Pop Poll voor de Vlaamse podiumkunsten. Tot mijn eigen verbazing – maar volgens insiders en professionelen toch niet geheel onverwacht – werd ik in de categorie ‘Meest beloftevolle jonge acteur’ verkozen op een derde plaats. Ik werd voorafgegaan door Dirk Roofthooft en Bart Slegers. Mijn derde plaats moest ik delen met Jef Demedts, maar dat vertel ik er niet altijd bij.

Het effect op mijn professionele toekomst als jonge acteur liet niet lang op zich wachten. De dag na de publicatie al werd ik opgebeld door Oud Huis Stekelbees, het Gentse kinder- en jeugdtheater waar Guy Cassiers net artistiek leider was geworden. Hij wilde met mij over de toekomst spreken, zei men. Al sinds mijn kindertijd ben ik erg geïnteresseerd in de toekomst (en in sciencefiction in het bijzonder), dus ik ging graag op de uitnodiging in.

Het gesprek met Guy verliep in een losse, bij momenten zelfs aangename sfeer. Hij vertelde enthousiast over de verschillende producties die hij aan het voorbereiden was en ik, van mijn kant, beantwoordde vrijuit alle vragen over mijn acteursambities, eetgewoontes en hobby’s. Guy zei dat hij op zoek was naar een belangrijke accentverschuiving in het kinder- en jeugdtheater. Naar mijn gevoel verwees hij hiermee naar mijn West-Vlaams accent, dat hem blijkbaar erg aansprak. Ik gaf in het gesprek toe dat ik nog niet veel werk van hem had gezien, maar ik vertelde hem dat ik zijn vader, Senne Rouffaer, heel goed kende van op televisie.

Amper twee dagen later werd ik teruggebeld en bood men mij een job aan als chauffeur van de artistiek leider. Voor een acteur een uitgelezen kans, zo dacht ik. Ik kreeg vrijstelling van stempelcontrole en zicht op een beperkt aantal maaltijdcheques.

Vrij snel na mijn aanwerving kreeg ik een eerste zware opdracht: Guy was uitgenodigd voor een groot televisie-interview bij de toenmalige BRT. In het programma ‘Open Mike’ sprak gastheer en coryfee/presentator Mike Verdrengh met verschillende personaliteiten uit het culturele veld, een soort LUX avant la lettre. De opnames gebeurden in het sfeervolle Amerikaans Theater in Brussel, met een aangevoerd en enigszins opgewarmd publiek.

Guy was behoorlijk nerveus die dag. Hij zat midden in de repetities van zijn eerste grotezaalproductie voor kinderen, The Hunting of the Snark van Lewis Carroll, in een bewerking van Paul Pourveur. Tijdens de rit naar Brussel ging het onverwacht van kwaad naar erger. Guy – die nooit rookte – pafte in de wagen twee pakjes Richmond filter, sloot zich eigenhandig op in de kofferruimte van de wagen en kraakte er op zijn eentje drie flessen karnemelk. In een poging hem te kalmeren, vertelde ik hoe populair het programma en hoe mooi het Amerikaans Theater was. Dat bleek een foute zet. Guy geraakte nog meer overstuur. Hij zei niks van Amerikaans theater af te weten. Hij voelde zich artistiek meer verwant met het pan-Europese theater, en in het bijzonder met een eerder experimentele teksttraditie van tijdens het interbellum.

Eenmaal ter plaatse ging het beter. We maakten in de cafetaria kennis met Mike Verdrengh en met de andere gasten van die avond. Jan Goossens jr. kwam zijn eerste boek over het kunstenbeleid van de toenmalige Zaïrese president Mobutu toelichten, Ludo Busschots zou solo enkele scènes naspelen uit het BRT-feuilleton Langs de kade en er was een wedstrijd kopstand tussen Walter Tillemans en Franz Marijnen. Franz won die avond overtuigend maar dreigde er toch mee Vlaanderen definitief te verlaten.

Het integrale interview met Guy Cassiers kan men bekijken op de Toneelstof III-dvd. Het is een opname van groot historisch belang. Guy pleit in het interview namelijk als eerste theatermaker voor het optrekken van de minimumleeftijd voor een kinderpubliek in het theater van één naar zes jaar. Na de premièrereeks van The Hunting of the Snark in deSingel – kort na de tv-uitzending – zei hij bovendien in een radio-interview dat hij had vastgesteld dat de leefwereld van kinderen van zes jaar toch wel erg aansloot bij die van jongeren van achttien en ouder. De leeftijdsgrens kon bijgevolg makkelijk verder worden opgetrokken.

Drie jaar later, in 1990, werd ik toch nog acteur in een productie van Guy. In de cultklassieker Taal Uilenspiegel kreeg ik een sterk uitgebeende rol als varken, inclusief de kop – ik bedoel het masker – én de staart. Ik mocht er een onsterfelijke Hamletquote neerzetten: ‘Zwijn of niet Zwijn! – dat is de hamvraag!’ Ik ben er Guy nog altijd dankbaar voor.

KRIJG JE GRAAG ALTIJD ONS MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS?
Abonneer je dan hier.

column
Leestijd 3 — 6 minuten

#119

01.12.2009

30.06.2008

John Zwaenepoel

John Zwaenepoel (1963) was zakelijk leider van het STUC en van Ultima Vez. Hij is manager van Damaged Goods.