Lullabye – Anneleen Keppens
Wie zorgt er voor wie zorgt?
Tom Rummens
© Allan Thiebault
In 2016 verloor Steven Cohen zijn partner Elu Kieser. Kieser had op zijn sterfbed één laatste wens: om voor altijd deel te zijn van Cohen. Om deze wens in te willigen, heeft Cohen een performance-ritueel gemaakt waarbij zijn rouw centraal staat. Dat afscheidsrituelen niet altijd prettig zijn, is bij menig persoon bekend. Steven Cohen brengt ze in ‘“Put your heart under your feet… and walk!”’ echter naar een twijfelachtige en oncomfortabele grens. Een trigger warning voor bloed en andere gruwelijke zaken is dus op zijn plaats.
De voorstelling begint met het gezoem van een tattoo-apparaat en een projectie met wazige close-ups van een hand die tatoeëert. De zaallichten blijven voor dit gedeelte aan. Na een tijdje komt het stuk huid duidelijk in beeld. De tattoo leest “put your heart under your feet… and walk!” De volgende shot toont dat de tattoo op de onderkant van een voet is gezet. De zaallichten gaan nu uit en het projectiescherm wordt een groot wit lichtvlak voordat Steven Cohen in beeld komt.
De videoprojectie die volgt zorgt voor een zen-gevoel. Het geluid wisselt af tussen klassiekere zen-muziek en een dreunend geluid. Cohen is gekleed in een feeëriek kleed dat ook wat wegheeft van drag. Zijn make-up en accessoires dragen een bepaalde symboliek, maar die is voor het publiek niet direct interpreteerbaar. Op beeld beweegt Cohen traag, als in een bewegingsmeditatie. Vervolgens komt Cohen zijlings de scène op, met krukken en stelten. Spots lichten in kleine vierkanten verschillende gemodificeerde balletschoenen uit, die telkens aan een symbolisch voorwerp bevestigd zijn (speelauto’s, kruisbeelden, doodshoofden, …) Wanneer Cohen zich, traag en voorzichtig zodat hij niet valt, naar het publiek draait, worden zijn stelten zichtbaar: witte, kleine doodskisten die aan zwarte hakken bevestigd zijn.
Het vervolg van de voorstelling ontvouwt zich traag en statig. Cohen neemt zijn tijd voor elke beweging die hij uitvoert. Soms is het zo stil in de zaal dat de kleine geluiden van lampen en hout zelfs hoorbaar zijn, op andere momenten speelt er een melancholisch liefdesnummer. Cohen stapt naar een installatie met vier oude platenspelers die met kettingen aan een metalen driepikkel hangen. Eens daar aangekomen, komt er plots een videoprojectie van Cohen in een slachthuis tussen karkassen. Op de verduisterde scène kleedt Cohen zich grotendeels uit, tot hij enkel een korset draagt en een string met een doorzichtige mal over zijn geslacht. De doodskistschoenen worden langs weerszijden van het podium gezet. Op het projectiescherm smeert Cohen bloed op zijn armen voordat het scherm weer wit wordt.
De ervaring voor het publiek, dat hoogstwaarschijnlijk maar moeilijk de hermetische symboliek van Cohens dramaturgie kan ontwarren, wordt nog meer confronterend wanneer Cohen in de installatie met platenspelers kruipt en een harnas losklikt. Hierdoor kan hij zich verder bewegen met de platenspelers, waaruit een kakofonie van muziek weerklinkt. Met dezelfde meditatieve traagheid, stapt Cohen het publiek in, zonder echt connectie te zoeken. Met dezelfde traagheid gaat hij uiteindelijk weer op het podium en bevestigt hij het platenspeler-harnas weer aan de kettingen. Het voelt alsof Cohen heel duidelijk weet wat hij wil brengen en het hem maar weinig kan schelen wat het publiek daarvan vindt.
Deze houding culmineert zich in een gruwelijk moment bij de videoprojectie, waar het slachthuis weer zichtbaar is, met Cohen die in een opvangbak voor bloed zit. Cohen legt zich neer in het bloed dat uit de hals van een geslacht rund drupt. Hij duwt zijn arm door de lagen weefsel en bloed, die uit elkaar breken in strengen die aan zijn arm blijven hangen. Het gebeurt traag en bewust, terwijl de medewerkers van het slachthuis op de achtergrond verder werken. Deze gruwel komt tot een (bijna) grensoverschrijdend hoogtepunt voor het publiek wanneer getoond wordt hoe een koe met een stroompin gedood wordt en door een machine aan de kant wordt geschoven. De keel wordt overgesneden en een close-up toont hoe het leven traag uit de koe stroomt. De hevige, bloederige beelden van het slachthuis zorgen er uiteindelijk voor dat een aantal publieksleden de zaal verlaten. De rest van het publiek zet braaf en/of moedig door.
Het is bijna bewonderenswaardig hoe hard Cohen niet om de ervaring van zijn publiek geeft en van zijn voorstelling een puur persoonlijk proces maakt.
Het is pas na de slachting, dat de betekenis van “Put your heart under your feet… and walk!” uitgelegd wordt. Cohen komt op met een brandende kaars, die hij gebruikt om een aantal andere kaarsen aan te steken die al vanaf het begin van de voorstelling op scène stonden. Hij zegt een Joods gebed en neemt dan een kleine camera vast met een lichtje eraan, zoals gebruikt wordt bij medische procedures. Met de camera gaat hij van zijn rechteroog, naar de Davidsster op zijn voorhoofd, naar zijn linkeroog, om te eindigen bij – of beter gezegd: in – zijn mond. Op het projectiescherm is het beeld in zwart-wit zichtbaar. Daarna gaan de zaallichten aan en vertelt Cohen wat zijn doel is met de voorstelling. Voor hem is de performance namelijk een echt afscheidsritueel, waarbij zijn lichaam het graf wordt van zijn geliefde. Met de camera toont hij een lepel in een kistje met een stukje assen van zijn partner. Hij legt de camera weg, consumeert de assen, neemt een slok water en verdwijnt in de overmatige rook van een rookmachine.
Als kers op de publieksonvriendelijke taart, weigert Cohen het einde van de voorstelling duidelijk aan te geven. De scènelichten blijven aan, Cohen komt niet meer op. Een onzeker, doch opgelucht applaus begint en stopt dan maar een tijdje later wanneer er niets meer gebeurt op scène. Het is bijna bewonderenswaardig hoe hard Cohen niet om de ervaring van zijn publiek geeft en van zijn voorstelling een puur persoonlijk proces maakt. Als performance art kan dat tellen, maar op esthetisch vlak is dit geen aanrader voor een avondje uit.
Het is geen fijne of mooie voorstelling. Dat was ook overduidelijk niet het doel. Door zijn publieksmarteling heeft “Put your heart…” toegegeven iets bijzonders. Het is een onbeschaamde, gulzige en egocentrische rouwperformance. Er spreekt een nood om rouw in zijn wreedheid te kunnen laten zijn. Het is een gevoel dat misschien niet onherkenbaar is voor wie een hevig verlies heeft moeten herwerken. Dat zorgt er echter ook voor dat je er als toeschouwer weinig aan hebt. De uitspraak “your taboos are not mine” naar het einde van de voorstelling toe klinkt eerder als een excuus om gruwel te tonen. Uiteindelijk is het gemakkelijk samen te vatten: een uur lang rouwt Steven Cohen om zijn partner in een bloederig en hermetisch ritueel, om dan de scène te verlaten en je aan je lot over te laten.
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.