Lullabye – Anneleen Keppens
Wie zorgt er voor wie zorgt?
Tom Rummens
© Stanislav Dobak
Great expectations. Het is niet alleen een boek van Dickens waarin hoge verwachtingen tot ontgoochelingen leiden. Het is ook de jammerlijke (of bedoelde?) conclusie na het zien van Piñata Cake van Gaël Santisteva.
‘Een ongewone visuele, muzikale en fysieke performance geïnspireerd door het circus en spelend met onze verwachtingen en onze drang tot verwonderd worden.’ Zo omschrijft de voorstelling Piñata Cake van Rue Branly/Gaël Santisteva zichzelf. Zeg tegen mij de woorden ongewoon, circus, piñata en cake in willekeurige volgorde en je hebt mijn onverdeelde aandacht. En al zeker met een heerlijk zootje ongeregeld/ontregelende artiesten als daar zijn Gaël Santisteva, Micha Goldberg en Vivi Focquet. Om maar te zeggen, ik was helemaal klaar voor een feestje. Helaas kwam ik van een koude kermis thuis, zonder piñata of cake. Al had ik wel de behoefte om daarna iets te slaan of een taart in het gezicht te gooien als poets wederom poets.
Nochtans, ik kan verdraagzaam zijn en ben misschien zelfs nog verdraagzamer voor artiesten dan voor andere zoekende medemensen. Want ze hebben het lef om het podium op te gaan, ze geven (soms letterlijk) zichzelf bloot en rekken de grenzen op van wat in de pas loopt of wat hoort. Ze durven dromen van een andere wereld of zijn kritisch voor de bestaande wereld, én ze zijn – in het beste geval – ook kritisch voor zichzelf. En bovenop al dit, is er nog een publiek dat ook zijn verwachtingen heeft. Het moet goed zijn als we er nog niets over gehoord hebben en als we er al iets goed over gehoord hebben dan kan het maar beter echt goed zijn. Voor ontgoocheling is bij het publiek eigenlijk geen ruimte. Nochtans is falen inherent aan het artistieke proces. Dat weet ik en onderschrijf ik – als geoefende kijker – zelfs nog meer, maar toch kon ik na het zien van Piñata Cake niet anders dan constateren dat deze makers (naast Santisteva, Goldberg, Focquet, ook danser Jonas Chéreau en muzikante Maya Dhondt) zich ongetwijfeld rot hebben geamuseerd in het repetitielokaal maar dat de creatie misschien beter nog even daar was gebleven.
“Ik ben wat betreft Piñata Cake niet teleurgesteld — omdat het niet gelukt is — of mild — omdat het is van niet beter kunnen — maar vooral kwaad omdat deze performers veel meer in hun mars hebben.”
Artiesten moeten niet serieus zijn (godbetert!) maar wel hun maken serieus nemen en daarmee ook het publiek. Ik ben wat betreft Piñata Cake dan ook niet teleurgesteld — omdat het niet gelukt is — of mild — omdat het is van niet beter kunnen — maar vooral kwaad omdat deze performers veel meer in hun mars hebben. Gaël Santisteva, van opleiding circusartiest maar ook gekend als danser (bij o.a. Les Ballets C de la B), leverde met TALK SHOW zes jaar geleden een prachtvoorstelling waarin hij enkele circusartiesten het podium gaf om niet hun act maar zichzelf bloot te geven als mens. En Micha Goldberg installeerde met German Staatstheater (dat hij samen met Rosie Sommers regisseerde) een radicaliteit in het grootse ensembletoneel zoals we dat al lang niet meer ervaarden. Bij beide voorstellingen stond er iets op het spel, voor de performers en het publiek.
Je herkent ongetwijfeld het moment als toeschouwer: plots — soms zelfs voor de zaallichten doven of de wachtmuziek stopt — verstomt het geroezemoes. Niemand weet waarom het net op dat moment gebeurt, en toch voel je het… het gaat beginnen en de lucht is hoogzwanger van verwachting. Het is dat moment dat Piñata Cake probeert te vatten. Het decor ligt verhuld onder een doek als was het een post-apocalyptisch landschap of een verlaten huis waar de meubels onder lakens zitten. Je ontwaart vage vormen van verdwaalde ballonnen, een sofa, tv-schermen.
“In het moment van de verwachting schuilt nog geen ontgoocheling. Zolang we kunnen blijven dromen, kunnen we de realiteit negeren.”
Everything is so heavy with expectations, bloklettert een tekst op een van de schermen. Boem paukenslag en tromgeroffel klinken als was het een circusact die gaat beginnen (maar hier iedere keer plat valt en ons plagerig op de proef stelt). Piñata Cake teert op die (valse) verwachting. Het grote laken in een patchwork van glanzende stoffen ligt er alsof er iets zal onthuld worden, zoals een nieuw model bij het autosalon of de viering van een nieuw standbeeld of die bizarre TikTok–rage van unboxing, waarbij de handeling -of misschien nog eerder het moment- van het uitpakken belangrijker is dan wat erin de verpakking zit. In het moment van de verwachting schuilt immers nog geen ontgoocheling. Zolang we kunnen blijven dromen, kunnen we de realiteit negeren.
De performers spelen met het doek dat onthult en verhult als was het een magische goocheltruc. Het fijne aan spelen met verwachtingen is dat er op een bepaald moment toch een verwachting wordt ingelost met een bijzondere verdwijn- of verschijntruc of een quickchange bijvoorbeeld. Maar ook die cake is ons niet gegund en we worden op onze honger gelaten. ‘Misschien,’ klinkt het profetisch, ‘ligt de openbaring, the revelation, niet buiten daar op scène maar in jezelf.’ Hier is het aan het publiek om de magie te installeren door zichzelf met het grote laken te bedekken en zichzelf weer te onthullen.
Na die ‘goocheltruc’ volgen nog enkele acrobatische standjes. Santisteva bekritiseert het circus dat teert op het spektakel en het applaus. Maar in die zin bekritiseert hij nog maar weinig en schrijft hij zich in in een tendens van het hedendaags circus om het spectaculaire af te wijzen. Als je het anti-spektakel als inzet neemt voor een show, moet er wel iets ‘anders’ op het spel staan voor de performers en voor het publiek. Dat de kunde er wel is maar bewust niet wordt ingezet, dat maakt vaak het verschil tussen ambacht en kunst. Als die slappe koord er niet is, is er geen spannend balanceren en wordt het gewoon geklungel.
Het grandioos falen kan nochtans heel mooi zijn. Wanneer de performers tijdens hun acrobatische standjes frontaal kijken met een blik van verwarde clowns of verwilderde aapjes, voel ik even waar de kracht van deze voorstelling zou kunnen zitten. Maar de witte gezichten blijken toch bloedarm. Veel van de beelden die zich ervoor of erna ontwikkelen zijn recuperatie van German Staatstheater (het staren in het kontgat, de badminton scène). Natuurlijk, alles is al eens gedaan, alles is al eens onthuld, maar je verwacht dan toch een toegevoegde waarde.
In de suggestie om het onthullen van binnenuit te zoeken als een grote openbaring suggereert Santisteva even een openbare biecht als hij alludeert op hoe zijn moeder ontgoocheld is over hem, maar alras komen we tot de letterlijke binnenkant. Met een darmenstelsel van ballonnen en een colonscopie. Als een mantra dreunen ze op: ‘My shit is gold’. Tot zover het artistiek reveil.
We zouden Piñata Cake met die glanzende doek, de mantel der liefde, willen bedekken. Maar er zijn grenzen. Het fijne aan verwachtingen is toch dat ze — al is het maar een enkele en voor even — ingelost worden? En indien niet dat ze tot een andere openbaring leiden? Let them eat cake , zou Marie-Antoinette tegen het hongerige Franse volk hebben gezegd. Let them eat shit lijken deze performers aan het publiek te zeggen. Ik denk dat het tijd is voor een revolutie van het publiek.
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.