Pidgin X, Anhilan Ratnamohan © Denise Amber

Leestijd 4 — 7 minuten

Ons lot als anderstalige

De Australische kunstenaar Ahilan Ratnamohan woont sinds 2013 in België en maakte een voorstelling over zijn leerproces van het Nederlands. Speciaal voor Etcetera gaat hij hier nog een stapje verder.

In mijn voorstelling Alle woorden die ik nog niet kende ga ik aan de slag met de Nederlandse taal voor het eerste keer zelf. Ik begon de tekst te schrijven puur uit praktische motieven. Ik had een lijst van Nederlandstalige woorden, verzameld gedurende jaren sinds mijn aankomst. Ik besefte dat al kende ik veel van de woorden in mijn lijst, het lukte me meestal niet om ze te gebruiken. Ik besloot een tekst te schrijven die me zou helpen om deze woorden in de werkelijkheid te gebruiken. Ik speelde de voorstelling voor het eerst in februari dit jaar in Kaaistudio’s. En in dit artikel probeer ik een paar van de naweeën daarvan aan te kaarten. Om het gevoel van het stuk tastbaar te maken poog ik in dit artikel om hetzelfde te doen. Aangezien ik nu voor Etcetera schrijf, is het misschien geschikt dat ik de woorden die ik niet kende van de Visienota van Jan Jambon, onze minister voor de kunsten, gebruik. Dat waren dertig.

Ik ben de voorbije jaren bezig met het onderzoeken van de kruisbestuivingen tussen taal en performance, hoe kunst het proces van taalleren kan beïnvloeden en wederzijds. Hoewel de opzet van deze voorstelling was om mijn Nederlands te verbeteren, ik had ergens onderschat hoe daadwerkelijk dat zou gebeuren. In de maanden sinds de optredens heb ik een nieuwe zelfvertrouw in mijn Nederlands gevoeld. Ik heb Nederlandstalige optredens gezien waar er geen enkel woord is dat ik niet ken, wat als NT2er een verwezenlijking is. Tegelijkertijd, hoewel mijn woordenschat inderdaad uitgebreid is geworden, deze taak waarborgt geenszins grammaticale verbetering, die lacunes zal jij, de lezer, zelf kunnen beoordelen want dit artikel wordt niet op grammatica geredacteerd.

“In de maanden sinds de optredens heb ik een nieuwe zelfvertrouw in mijn Nederlands gevoeld.”

Terwijl dit vergrote woordenschat zeker een troef is, het heeft ook voor onverwachte lastige consequenties gezorgd. Een van de thema’s die ik tijdens de voorstelling probeer aan te kaarten is een betutteling die ik vaak ervaar naar NT2ers toe: of door in het Engels te beginnen, of snel over te schakelen, of mensen snel complimenten te gaan geven over hoe goed hun Nederlands is. Het concept van een compliment als vergiftigd geschenk was misschien schofferend voor sommige toeschouwers te aanvaarden, aangezien ze in hun ogen alleen maar aan het helpen zijn. Met het in beslag nemen van mijn nieuwe woordenschat, the tables have turned. Ik heb de voorbije maanden bepaalde woorden van uit mijn lijst willen gebruiken met andere NT2ers, en dan geaarzeld over of het gebruiken daarvan behaagzuchtig van mij zou zijn. Dit is de nalatenschap van deze voorstelling. De manier van omgaan met mensen die een taal aan het leren (of niet) zijn is een genuanceerde ding – ze te corri­geren of ze te vrijwaren? Eén dat wij als maatschappij op een andere leest zouden kunnen schoeien.

In dit artikel gebruik ik een aantal van de geleerde woorden impulsief (die woorden, en hun bronnen, kun je op het einde vinden) en een andere aantal (die van Jambon) gedwongen. Het gedwongen gebruik van bepaalde woorden werd een kenmerk van het proces. Hoewel het zich op een grappige wijs uitspeelt tijdens de voorstelling kapselt dit eigenlijk de anderstalige ervaring in, het wordt een surreële abstractie van de dagdagelijkse vakmanschap van iemand voor wie de taal nieuw is. Met een beperkte woordenschat wordt je continu uitgedaagd om een zin te draaien om de woorden die je wel beheerst te kunnen gebruiken.

De woorden met wie ik het publiek kennis laat maken ontgon ik meestal uit boeken en artikelen en zijn dus best ingewikkeld. Om het script te schrijven had ik alleen GoogleTranslate en Woorden.org (mits vrienden die lezingen hoorden tijdens het creatieproces geen commentaar gaf op een woord, dan werd ik gedwongen om hun opmerkingen te gaan onderzoeken). Dat betekende dat op den duur er woorden opdoken, die ik–ondanks te hebben geijverd, de uniciteit daarvan te begrijpen en mijn best te hebben gedaan om ze juist in te lassen–niet kon hanteren op een correcte manier. Hanteren is eigenlijk een uitmuntend voorbeeld, omdat het me zo lang duurde om het te hanteren. In GoogleTranslate wordt dat als ‘manage’ vertaald, maar eigenlijk is het gebruik daarvan ik-­weet­-niet-­hoeveel­-ledig meer genuanceerd.

Als ik Alle woorden die ik niet kende, mijn voorstelling, overschouw, begonnen deze woorden mijn protagonisten te worden en het zelf­-opgedrongen gebruik daarvan mijn dramaturgie uitdrukkelijk te bepalen. Eenieder droeg een betekenis en een herinnering die zijn of haar letterlijke betekenis oversteeg. Voor mij droegen ze allen een geschiedenis; een schrijver van wie ik ze geërfd of ontfutseld had en soms een herinnering. En dan voor het publiek, ik vermoed, andere karakteristieken; waren ze op een juiste of foute manier gebruikt? Was het komisch ondanks grammaticaal correct te zijn? Was het een woord dat zij zelf, als overwegend Nederlandstaligen, zouden of zelfs konden gebruiken? Elk van deze associaties schept verdere vragen onlosmakelijk verbonden aan identiteit en positie in onze maatschappij. Ik ben sinds­dien bij deze onderzoek nog veel aan het graven. In het beschouwen van woorden als erfenis, opent zich een boeiend en eindeloze wereld van complexiteit, die me dwingt om te denken over welke woorden ik gebruik en waarom.

“In het beschouwen van woorden als erfenis, opent zich een boeiend en eindeloze wereld van complexiteit.”

Belangenbehartiger, ambtstermijn, draagvlak, verstarren, humuslaag, vernoemen, dit zijn de woorden van Jan Jambon die ik in dit artikel niet kon hanteren. In het proces heb ik mezelf ook misschien fout uitgedrukt, dingen gezegd die ik niet wilde, of ideeën anders gearticuleerd, maar dat is ook ons lot als anderstalige.

naweeën artikel niet meer terug te vinden, Thierry Baudet

daadwerkelijk Creatieproces If there weren’t any blacks you’d have to invent them van Aurelie di Marino

troef Mazel tov, Margot Vanderstraeten

in beslag nemen Mazel tov, Margot Vanderstraeten

beheersen Rekto:verso open brief, schrijver.ster niet meer bekend

inlassen Theaterkrant ‘Misschien moet de theatersector eens een jaar dicht’, Selm Wenselaers

ontfutseld Mazel tov, Margot Vanderstraeten

onlosmakelijk Knack ‘Selectieve solidariteit’, Thomas Bellinck

geenszins artikel niet meer terug te vinden, Thierry Baudet

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

artikel
Leestijd 4 — 7 minuten

#169

15.09.2022

14.12.2022

Ahilan Ratnamohan

Ahilan Ratnamohan is performer en theatermaker bij ROBIN. Hij voert onderzoek aan het Koninklijk Conservatorium in Antwerpen rond de performativiteit van taal leren en taalverwerving als performance.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!