© Maliqa Fye

Leestijd 8 — 11 minuten

What remains of me

Kun je rouwen om een lichaam in transitie, om wie je was en wie je had kunnen zijn? Actrice en theatermaker Maliqa Fye schrijft in What Remains of Me over de geesten die haar vergezellen: de ideale zoon die haar ouders verloren en het magische meisje dat ze had kunnen zijn.

Toen mijn papa ontdekte dat ik in transitie zou gaan, hield hij me vast alsof ik gestorven was. Zijn armen strak rond mijn verstarde lichaam, zo stevig dat ik nauwelijks kon ademen. Hij trilde. Snikkend en snotterend tegen mijn schouder stroomde zijn verdriet in golven over me heen. Het voelde alsof ik er al niet meer was. Ik had mijn vader nog nooit zo ongelukkig gezien.

Voor ik geboren werd, kregen mijn ouders drie dochters. Toen ze eindelijk hun zoon kregen, werd hij van hun afgenomen. Geen begrafenis, geen graf, alleen een leegte die ze moesten leren benoemen. Ze rouwen een leven dat ik niet heb geleefd, een toekomst die ze voor me in gedachten hadden. En zo wandelt er een geest naast me: de jongen die ik had kunnen zijn. Hij zit soms mee aan tafel, luistert mee aan de telefoon wanneer mijn ouders over mij spreken tegen familieleden die niet weten dat ik een trans vrouw ben. Omdat trans zijn illegaal is in het geboorteland van mijn vader, moesten mijn ouders een verhaal verzinnen, een fictieve zoon, een succesvolle man die een voorbeeldig leven leidt. Een parallelle versie van mezelf, tot leven gebracht om familiebanden te behouden in een onveilige situatie. Tragisch en lachwekkend tegelijk.

Ergens leeft hun ideale zoon een fenomenaal leven. Als je goed luistert, kun je zijn stem horen wanneer ik spreek. Maar hij is slechts een geest. Een fantoom. Hij is lief, grappig en gelukkig, en hij houdt met heel zijn hart van mij.

Het is het perfecte liefdesverhaal.

In de echte wereld bleef mijn papa huilen. Hij bad voor mijn genezing. Hij smeekte God om mij te vergeven. Hij vertelde me dat zelfs de dood van zijn ouders niet zo’n pijn in hem had losgemaakt. Hij bleef me vasthouden alsof ik er niet meer was.

Maar ik ben er nog.

Soms denk ik dat mensen de oude ik leuker vonden. Jammer. Triest. Mijn trans-zijn overstijgt het lichamelijke; het gaat over de vrouwelijkheid van mijn ziel. En de enige manier om verbinding te vinden, was door een einde te maken aan mijn lichaam.

De dood als transgressie.
De dood als genderexpressie.

Ik droom nog steeds over de zachte huid van mijn jeugd, mijn uitgeholde ogen, mijn niet-ingedaalde stem, de lossere krullen in mijn haar. Kleine handjes, kleine voetjes, een lenig, mager lijfje.
Het is onmogelijk terug te krijgen wat mannelijkheid van me heeft afgenomen.
Het is pijnlijk om te leven in een wereld waar je identiteit haaks staat op de werkelijkheid.

Ik heb mijn hele leven met suïcidale gedachten geworsteld.
Soms vraag ik me af of ik ooit écht gelukkig zal zijn.
En als geluk geen optie is, waarom nog leven?

© Maliqa Fye

Ik ben bang dat ik mezelf kapotmaak in naam van zelfliefde, in plaats van te leren houden van wie ik was.
Dead son or trans daughter?

Overleven is altijd het doel geweest. Niet gelukkig zijn.

Mijn trans-zijn is een daad van wanhoop. Een daad van zelfbehoud.
Ik heb het jongetje dat ik was vermoord om in leven te blijven.

(Zelf)moord via vaginoplastie.
Metamorfose als alternatief voor de dood.
Zelfverminking is me niet vreemd.

Ik denk dat ik nu beter begrijp waarom zelfdoding taboe is.
Erover spreken is oneerbiedig tegenover zij die het al gedaan hebben.
Wie ben ik om over de dood te spreken, zonder zelf te sterven.

Zie dit als een belofte.

Net zoals de doden spreken via wie en wat ze achterlieten, spreek ik via wat er van mij overblijft.
What remains of me.

The deer takes the gun and finishes the job. No more hunting.

Ik ben alomtegenwoordig.
Ik probeer mezelf te verlossen.
Ik word mijn eigen moeder.

Terwijl mijn ouders rouwen om de jongen die ik had kunnen zijn, denk ik aan het meisje dat ik misschien zou zijn geweest als ik vroeger met mijn transitie was begonnen, of als ik als meisje geboren was geweest.

Ik wilde altijd al een cis vrouw zijn. Trans is de troostprijs.
En dus blijf ik mezelf de vraag stellen:
Wie had ik kunnen zijn?
Als ik was begrepen.
Als er meer liefde was geweest.

Als er meer was geweest om van te houden.
Onvoorwaardelijk.
Maliqa, Aminata, Marie-Sofie-Christine-Vanessa, of welke naam ze ook zou hebben
gekregen, ze dwaalt door mijn hoofd. Ze laat een leegte achter.

Ik denk aan hoe ze de ideale schoonheid had kunnen belichamen, de idealen waarnaar ik streef. Ik denk aan hoe de wereld aan haar vingers zou hebben gekleefd als honing, gehoorzamend aan haar zachte gebaren.

Hoe magisch ze zou zijn geweest.
En hoe geliefd.

Nog een geest die mij gezelschap houdt.
Een die ik aanbid en benijd, en die verpletterd wordt door de druk die ik haar opleg.

Ons zijn, versplinterd in talloze fabulaties.

Er ontkiemde een stille vorm van begrip.
Heel mijn leven probeerde ik vrouwelijkheid in al haar vormen te veroveren. Ik bestudeerde haar en probeerde erin te verdwijnen, want niets had voor mij een grotere schoonheid in zich. Maar in mijn zoektocht ben ik mezelf kwijtgeraakt. Vrouwelijkheid slokte me op en werd even dodelijk als de mannelijkheid waaraan ik probeerde te ontsnappen.

Wat is glas anders dan verschroeid zand?
En wat is zand anders dan verbrijzeld glas?
Je breekt jezelf om jezelf opnieuw op te bouwen.
In de kleinste scherven schuilen de scherpste randen,
waar de grootste mogelijkheden zich verbergen.

Op 30 september 2024 onderging ik een geslachtsoperatie: een vaginoplastie, borstvergroting en adamsappelverkleining. Ik was bang. Ik had zo lang naar dit moment toegewerkt, en nu leek het te eindigen. Maar waar ga je heen na de dood?

This is sacrifice.
This is witchcraft.
This is blood magic.
This is science.

Het voelde vreemd om mezelf over te leveren aan de mensheid, aan de geneeskunde. Alsof ik vanuit een diepe, onuitgesproken, onaardse plek in mezelf ruimte maakte voor het menselijk verstand om mij te verlossen.

Ik liet dezelfde mensheid die de wereld verwoest mijn lichaam aanraken. Mijn heilig lichaam, Gods geschenk, onaangeraakt, het resultaat van generaties voortplanting, van eeuwen overleving.

Ik laat vervuilde vingers toe om mijn lichaam open te scheuren.

‘Toch ongelooflijk wat er tegenwoordig allemaal kan.’

Kind van mijn generatie. Experiment van mijn tijd.

Ik ben nog steeds aan het herstellen.
Je moet je wonden eerst tonen voor je ze kunt genezen.
Ik schuif voorzichtig met mijn hand over het verband. Mijn vingers vinden een spleet ertussen en glijden nieuwsgierig naar de warmte eronder.

Ik breng mijn bebloede vingers naar mijn neus en ruik de dood.
Hard waar het zacht zou moeten zijn.
Open waar het gesloten hoort te zijn.
Ik voel me walgelijk en rauw.
Littekens zijn dik en meedogenloos.
Roze. Bevende, bebloede handen, zoals je ze alleen op tv ziet.
Maar nu non-fictie. Op de vloer van een ziekenhuisbadkamer. Terwijl ik mezelf probeer bijeen te houden.

Healing felt like hurting.

Onverwachte complicaties, hersteloperaties, dagelijkse dilatatie.
Elke dag rek ik mijn lichaam open, en elke dag vecht het terug.
Maar vooral het pijnlijke besef dat, hoewel zoveel veranderd is, alles nog steeds hetzelfde voelt.

Ik blijf maar huid afwerpen, me afvragend wanneer er niets meer overblijft om achter te laten. Wanneer het eindelijk genoeg zal zijn.
Nieuwe stad, nieuwe job, nieuwe mensen, nieuw lichaam.
De grond onder mij verschuift constant, en ik ben nog steeds aan het leren hoe ik moet blijven staan.
Ik wil deze momenten vastleggen.
De pijn.
De verwarring.
De emoties waarvoor ik geen woorden heb.
Het moet goed zijn om dit bij te houden. Dit móét me later iets geven.
Het komt wel goed.

© Maliqa Fye

Ik wil zo graag genezen.
Vrij zijn van verplichtingen.
Leven omdat ik dat kan, niet omdat het moet.
In de spiegel kijken en mezelf niet herkennen, dát is wat ik wil.
Beenderen verbrijzeld en hervormd tot iets nieuws.
Iemand nieuw.

Het is vreemd hoe weinig vertrouwen ik hierin had. Maar ik begin te geloven dat het mogelijk is. Ik voel hoe de wereld langzaam aan mijn bestaan begint te wennen.

Vandaag had ik een visioen.
Ik werd wakker, bedekt met stof, alsof ik in een bed vol kruimels had geslapen, of naast een open raam bij een woestijn of de zee.
Ik wikkel me in lakens die aanvoelen als een tweede huid, wachtend tot de tijd de ruwe randen van mijn lichaam verzacht.
De kamer is stil, behalve mijn ademhaling. Maar mijn lichaam herinnert zich alles. Alle pijn, elk moment van aarzeling.
Genezing is traag, ongelijkmatig. Sommige dagen voel ik me nieuw; andere dagen voel ik me vernield.
Maar er is liefde.

Klotsend tegen mijn ribbenkast, klaar om te ontsnappen.
De liefde die ik heb is niet eindig; ze is bezield en grenzeloos.
Ze is een shapeshifter, voortdurend op zoek naar nieuwe manieren om te bestaan.
Ze is zo klein of zo groot als ik haar toelaat.
Ze is van mij. Helemaal van mij.

Rouw is niet alleen verdriet. Het is een slotceremonie. Het neerleggen van een bloemenkrans. Een stap naar voren.
Ik weet niet wie ik zal worden, maar ik ben niet langer een geest in mijn eigen verhaal.
Het meisje dat ik aan het worden ben wacht.
Ik sluit mijn ogen en zie haar.
Ze is stralend.
En ik ben klaar om haar te ontmoeten.

© Maliqa Fye


Deze tekst verscheen eerder in Deus Ex Machina 193: Rouw.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

special
Leestijd 8 — 11 minuten

#182

15.04.2026

—

07.09.2026

Maliqa Fye

Maliqa Fye is een multidisciplinaire performer, actrice, theatermaakster en schrijfster. Ze studeerde Drama aan KASK in Gent. Haar werk vertrekt vanuit esthetiek en vorm, als zoektocht naar en blootlegging van schoonheid. Ze verweeft thema’s als (trans-)vrouwelijkheid, afkomst en identiteit met zintuiglijke ervaring en bouwt werelden die verleiden, ontregelen en ontroeren.

Maliqa is deel van de Grote Redactie van Etcetera.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!