‘Tyrannie der Hulpverlening’ (De Witte Kraai), Warre Borgmans en Caroline Vanderlinden – Foto Aps

Leestijd 4 — 7 minuten

Tyrannie der Hulpverlening – Het Gezelschap van de Witte Kraai

Kroniek – Het jeugdpuistje van het cultureel proces

“De dichter wendt slechts voor Hij veinst zo door en door Dat hij zelfs voorwendt pijn te zijn Zijn werkelijk gevoelde pijn.”

Een Fernando Pessoa-citaat uit de produktie van het Gezelschap van de Witte Kraai langs en omheen diens teksten Tyrannie der Hulpverlening. Theater op basis van poëzie is geen zeldzaamheid in ons taalgebied. Toch is het dramatisch vorm geven aan poëtisch werk minder voor de hand liggend, en vooral minder dankbaar dan wellicht lijkt. Hermetisme enerzijds, schoolsheid anderzijds worden niet steeds omzeild, een nieuwe, of minstens bijkomende dimensie is allesbehalve een garantie.

Niet zo met deze, laten we meteen bekennen, schitterende produktie onder leiding van Lucas Vandervost, naar een scenario van Paul Pourveur. Maar de hoofdfiguur, dichter/acteur richt zich dan ook verklarend tot het publiek na het eerste van drie min of meer gescheiden gedeeltes in de pauzeloze voorstelling:

Het complexe oeuvre, waarvan dit het eerste deel is, is essentieel dramatisch van aard, zij het verscheiden van vorm – hier prozafragmenten, in andere delen poëzie of filosofie. … Ik weet niet of de geestesgesteldheid die eraan ten grondslag ligt, een voorrecht of een ziekte is… Ik weet het niet!

Uit voorgaande twee citaten kunnen een aantal hoofdlijnen van de voorstelling gedistilleerd worden. Er is, duidelijk herkenbaar, het element van de twijfel, gekoppeld aan pijn. Het centrale personage van Tyrannie der Hulpverlening is inderdaad een dichter (Warre Borgmans) die voortdurend in conflict ligt met “de” of “zijn” poëzie, constant twijfelt aan de zin of relevantie van het schrijven. Die verscheurdheid laat hem nog nauwelijks toe te werken: hij spreekt teksten in op een jaren-vijftig opnameapparaat, onderbreekt telkens de opname, spoelt terug, beluistert, stopt de band, herbegint. Het resultaat, woord voor woord vastgelegd in het scenario, is een soort cut-up kaleidoscopische klankevocatie van een karakter.

Deze innerlijke strijd blijft niet beperkt tot het artistieke domein, gaat echter terug tot een essentiële eigenschap van Fernando Pessoa’s ingewikkelde persoonlijkheid: een gespletenheid die nog nauwelijks ruimte laat voor een eigen ik. Pessao was de schizofrenie in persoon, wat zich in z’n werk uitte in de creatie van drie “heteroniemen”, alter ego’s van hemzelf, die hij elk onder eigen naam liet publiceren, en die elkaar zelfs polemisch in de haren vlogen. Dit facet vinden we in alle dimensies van de voorstelling, en – uiteraard – van de teksten.

“Niet mijn, niet mijn is mijn gedicht! Wie is ’t die wat ik schrijf dicteert? Wie was het die ’t mij gaf?”

Vandervost heeft bovendien het vrouwelijke personage uit het scenario opgesplitst in twee rollen. Een aantal van de teksten van de vrouw-muze (Caroline Vanderlinden) zegt hij zelf in de huid van een soort gewild afstandelijke vriendregisseur, die de dichter op een wat cynische manier aan de gang wil krijgen. Dat procédé ontneemt de vrouwelijke rol enige diepgang, illustreert anderzijds haar beperking tot – dan nog voor de dichter vaak storende – fysieke aanwezigheid. Want als ze als muze Pessoa al vaak ongelegen bezoekt, als vrouw is ze helemaal een factor die z’n reeds neurotische persoonlijkheid danig kan verstoren. Hij mythologiseert de ideële liefde, maar de lichamelijke liefde houdt hij als een besmetting ver van zich af. Het vrouwelijke in z’n karakter is hieraan wellicht niet vreemd.

Al deze facetten van een grenzeloos fascinerende kunstenaar worden in deze voorstelling oneindig subtiel, maar ongeëvenaard sterk tot uiting gebracht. In een sfeerbepalend vormelijk (Hedy Grünewald en Valentine Kempynck) en muzikaal (celliste Annemie Lauwers) kader leveren Vanderlinden, Vandervost en vooral Warre Borgmans een ongelooflijk rijke, genuanceerde acteursprestatie af.

Tyrannie der Hulpverlening getuigt in al z’n geledingen van een voortdurend bewogen maar ook vakkundig aftasten der mogelijkheden van het theatermaken. Deze voorstelling is, mee door de uiterst knappe vertalingen van Pessoa-kenner August Willemsen, van begin tot eind een zinnelijk genot van eerste orde, waarvan we dankbaar moeten zijn dat artiesten zich in deze jaren van vervlakking zich nog de moeite getroosten zoiets te maken.

TYRANNIE DER HULPVERLENING

naar Fernando Pessoa; vertaling: August Willemsen; groep: de Witte Kraai; regie: Lukas Vandervost; decor: Hedy Grünewald en Valentine Kempynck; muziek: Annemie Lauwers; spelers: Caroline Vanderlinden, Warre Borgmans en Lukas Vandervost.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!