© Anne Van Aerschot

Leestijd 6 — 9 minuten

MULTICAST Rosas danst Rosas: Five generations of Rosas – Rosas

Dansen tegen de keer

Rosas danst Rosas wordt al meer dan veertig jaar hernomen, en socioloog en danskenner Rudi Laermans was er telkens bij, van de allereerste voorstelling in 1983 tot elke nieuwe cast die volgde. De choreografie staat in zijn geheugen gegrift. Nu hij de multigenerationele herneming MULTICAST bijwoont, kijkt hij soms dubbel: hij ziet tegelijk de jongere en de oudere versie van een danseres, als in een strange loop waarin heden en verleden elkaar in fracties van seconden kruisen.

Negentien danseressen betreden het podium voor een gezamenlijke uitvoering van het iconische Rosas danst Rosas, oorspronkelijk gecreëerd voor vier performers. Het hadden er twintig moeten zijn, maar door ziekte viel Michèle Anne De Mey uit voor de avant-première van MULTICAST die ik op donderdag 29 januari in de Rosas Performance Space bijwoonde. De leeftijden variëren van twintigers tot zestigers. De jongste danseressen zitten in de nieuwste herneming, de anderen komen uit de vier eerdere casts die het stuk sinds 1983 brachten. Ik spot vertrouwde gezichten, want ik heb niet alleen de oorspronkelijke bezetting gezien, maar ook elke herneming. Deze voorstelling zit in mijn hoofd gegrift, mede omdat ik ooit een videopname in detail bestudeerde tijdens het schrijven over het vroege werk van Rosas. Het resulteert in een bijzondere vorm van re-viewing.

Bij sommige bewegingen tuimelt de volgende sequentie ongevraagd mijn hoofd binnen. Ik kijk nu, en tegelijk zie ik al de toekomst. Het geheugen fluistert, maar spreekt niet altijd de waarheid: mijn anticipaties zitten er regelmatig naast, al hangt dat eveneens samen met de herwerking voor deze multigenerationele cast. En er is nog een tweede weerzien: ik gaf theorielessen aan de danseressen die aan P.A.R.T.S. studeerden. Ik zie ouder geworden performers die ik ook in andere stukken heb zien dansen, en ik zie oud-studentes die veelal vage herinneringen aan klasmomenten oproepen.

Net als Fase is Rosas danst Rosas gemaakt op minimal music, maar dan met een rockinslag. Thierry De Mey en Peter Vermeersch schreven de muziek in directe dialoog met de creatie van het stuk. Hun compositie heeft de tand des tijds doorstaan: er zit muzikaal patina op, meerdere delen roepen regelmatig ‘eighties!’, maar de partituur klinkt mij niet gedateerd in de oren. In lijn met de score combineert de choreografie herhaling met graduele variaties, al bevat ze, in vergelijking met Fase, aanmerkelijk meer scherpe overgangen tussen de basiscellen.

In MULTICAST bewegen de dansers unisono in kleine groepen, die vaak ook simultaan verschillende bewegingszinnen ‘spreken’ die in de oorspronkelijke choreografie na elkaar komen. Een originele sequens met de basiscellen A – B – C verschijnt bijvoorbeeld in een combinatie waarin drie groepjes A uitvoeren, twee B dansen, en daarna alle subgroepen unisono C doen. Vervolgens splitsen ze opnieuw, bijvoorbeeld in een configuratie 3 x B en 2 x D. Opeenvolging verandert zo in samengaan, de lineariteit van de originele bewegingspartituur verbrokkelt. Door de herhaling van de basisfrasen in steeds veranderende constellaties lijkt het alsof ik tegelijkertijd de primaire score zie én andere mogelijke schikkingen van haar bouwstenen. B volgt op A, zoals verwacht, maar ik registreer op hetzelfde moment A na B: ik neem waar binnen een geplooide tijd.

“Het blijft wonderlijk: de contingentie van mogelijke opeenvolgingen is zichtbaar, elke volgorde even plausibel als de andere. De netto-uitkomst is een gedanst spiegelpaleis, waarin dubbelgangers niet alleen gelijktijdig verschijnen, maar ook opeenvolgend, elkaar overlappend en door elkaar lopend.”

Regelmatig zijn de patronen nog complexer, waardoor de choreografie haar potentialiteit prijsgeeft, als het ware zichzelf virtualiseert tot mogelijke opeenvolgingen van frasen, zonder definitieve ordening. Kortom, the same is different  – en wanneer ik enige tijd twee of drie versies van dezelfde partituur observeer, verandert ‘hetzelfde’ in een verzameling ‘andersheden’. Dit werkt natuurlijk alleen bij een strak gestructureerde, minimalistische danstekst waarin de gevarieerde zinnen duidelijk met elkaar resoneren. En toch blijft het wonderlijk: de contingentie van mogelijke opeenvolgingen is zichtbaar, elke volgorde even plausibel als de andere. De netto-uitkomst is een gedanst spiegelpaleis, waarin dubbelgangers niet alleen gelijktijdig verschijnen, maar ook opeenvolgend, elkaar overlappend en door elkaar lopend. Wanneer ik mijn voorkennis even tussen haakjes plaats, zie ik enkel variaties, los van een origineel. In die momenten verandert MULTICAST in een choreografisch simulacrum, een cluster van gelijktijdig gedanste alternatieven die samen op een onbestaande score alluderen.

Feitelijk voeren dansers een choreografie nooit uit. Ze creëren die al doende met hun lichamen: juist dat is performen. In een unisono maken ze dezelfde bewegingen met minieme variaties, die zich in de tijd kunnen verdichten tot aparte dansstijlen, ja tot uiteenlopende ‘danspersonages’ die ieder hun eigen stem hebben. Naast individuele verschillen spelen in MULTICAST ook de leeftijdsverschillen. Ik ken het origineel en merk daarom al snel dat leeftijd en performatieve overtuigingskracht – iets heel anders dan virtuositeit of tekstgetrouw dansen – geen communicerende vaten zijn.

“Hoe meer dansers, hoe meer variëteit, hoe meer unisono plaatsmaakt voor polyfonie. Misschien is het wel de kern van deze extra-large versie: unisono zichtbaar ontsluiten als meerstemmigheid.”

Die losse relatie toont zich eveneens wanneer een jonge performer een reeks bewegingen accurater en krachtiger danst: de rustiger aandoende versie van een oudere performer kan soms juister aanvoelen, tegen de oorspronkelijke uitvoering in. Heftig uithalen met scherpe, energieke attack-bewegingen is een waarmerk van De Keersmaekers vroege choreografieën, maar hier zie je dat een ander soort kracht – noem het getrainde bezonnenheid – de bewegingen een lading kan geven die evenzeer overtuigt, naast het ‘tsjak-tsak’ of ‘zoef, zoef’ van de jongere danseressen. Alweer contingentie, ditmaal in de performatieve modus. MULTICAST toont dat een up-beat tempo en een agressief aandoende articulatie – het stuk ontstond in het kielzog van de punkgolf – niet per sé hoeven om Rosas danst Rosas op een interessante manier te brengen.

Er is nog een ander effect. Bij vier dansers die unisono bewegen, is de indruk van uniformiteit veel sterker dan bij een cast van negentien. Hoe meer dansers, hoe meer variëteit, hoe meer unisono plaatsmaakt voor polyfonie. Misschien is het wel de kern van deze extra-large versie: unisono zichtbaar ontsluiten als meerstemmigheid. Verschillende keren vroeg ik mij af welke variaties ik kon toeschrijven aan leeftijdsverschillen, en welke aan verschillen in individuele interpretatie.

“Ik weet dat in de lichamen van de oudere danseressen naast een danscarrière ook levens zijn verdicht waarover ik niets weet. Dans je anders wanneer je vaker ongelukkiger was? Wanneer je meerdere keren moeder werd, of juist nooit een kind baarde? ‘Iets’ danst hier mee – maar wat, en hoe?”

Ik weet dat in de lichamen van de oudere danseressen naast een danscarrière ook levens zijn verdicht waarover ik niets weet. Dans je anders wanneer je vaker ongelukkiger was? Wanneer je meerdere keren moeder werd, of juist nooit een kind baarde? ‘Iets’ danst hier mee – maar wat, en hoe? De jonge danseressen zijn in de eerste plaats danseressen; in de blikken, de bewegingen en het tempo van de performers boven de veertig sluimert altijd ook een onbekende levenslaag (jawel, ze gaan ook vaker in de fout, vooral in het laatste deel, waarin de vermoeidheid begint door te wegen).

Ik zag Rosas danst Rosas gedanst door vier verschillende casts van twenty-somethings. In MULTICAST zie ik ook veertigers, vijftigers, zestigers – lichamen die ooit twintig waren. Soms kijk ik dubbel: ik zie tegelijk de jongere en de oudere versie van een danseres, als in een strange loop waarin heden en verleden elkaar in fracties van seconden kruisen. Nooit eerder vroeg ik mij af hoe een performer hetzelfde stuk twintig, dertig of veertig jaar later zou dansen. Misschien omdat dans zich in het nu afspeelt, niet alleen binnen je kijkervaring, maar ook in de dansende lichamen? In je geheugen blijven die lichamen stilstaan. Ze behouden voor altijd de leeftijd die ze hadden toen je hen zag bewegen. Je memorie bevriest kortom de performance. MULTICAST ontdooide en actualiseerde op een memorabele manier mijn herinneringen aan eerdere geziene voorstellingen van Rosas danst Rosas.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 6 — 9 minuten

#181

15.12.2025

14.04.2026

Rudi Laermans

Rudi Laermans is socioloog en auteur, en tevens werkzaam als vertaler en dramaturg. Hij was hoogleraar sociale theorie aan de KU Leuven en gastdocent theorie aan meerdere kunsthogescholen, een rol die hij blijft opnemen binnen P.A.R.T.S. in Brussel. Recent publiceerde hij de boekessays Gedeelde angsten (2021) en Democratie zonder politiek? (2024). Als vertaler werkte hij o.a. mee aan Eigenzinnigheid, werk en geschiedenis (2023) van Oskar Negt & Alexander Kluge en Verlies (2025) van Andreas Reckwitz. Hij is al geruime tijd dramaturg bij Not Standing, het gezelschap van Alexander Vantournhout, en gaf ook dramaturgische input bij voorstellingen van o.m. Aïda Gabriëls.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!