OP DREEF – Eland Peeters & Arend Peeters
De dingen zijn niet wat ze lijken
Koerian Verbesselt
© Kathie Danneels
In hun afstudeervoorstelling het gebied buigen Hanna Peeters en Xander Kindt zich over vriendschap, verbondenheid en de dood. Gehuld in ruimtepakken dwalen ze door een droomachtig maanlandschap.
Peeters en Kindt staan op scène in blauwe pakken. Ze spreken het publiek toe alsof ze stewards in een ruimteschip zijn. Op monotone maar vriendelijke wijze wordt medegedeeld dat het publiek best haar mobiele telefoon uitschakelt. Wie oude bekenden wil groeten of nog even contact wil leggen met hun buur voordat deze voorstelling staat te beginnen, heeft daar nu nog de kans toe. Die oproep tot verbinding zal een leidraad vormen in de voorstelling.
De lichten doven en een enigszins propagandistische speech van een NASA-officier begeleidt de spelers terwijl ze een maanlandschap bouwen uit lakens. De gehele scenografie ademt een DIY-esthetiek met een oprechte charme. Zo dragen beide kosmonauten een papier-maché ruimtehelm die als een kartonnen doos over hun hoofd hangt. De keuze voor de setting heeft te maken met een toevallig persoonlijk feit dat Peeters en Kindt met elkaar verbindt: beide zijn in 2004 geboren, elk op een datum die 35 jaar eerder van cruciale betekenis was in de Amerikaanse ruimtegeschiedenis.
De figuur van de astronaut speelt een centrale rol in het gebied, niet zozeer wat betreft het beroep of de kunde maar hoe die iets zegt of betekenis geeft aan de menselijke conditie. Ruimtereizigers zijn namelijk figuren die in eenzaamheid onontgonnen terrein verkennen, wat niet zelden een beangstigende ervaring is.
“Zij worstelt met haar angst voor de dood, hij heeft het over de angst voor het zwarte gat.”
Peeters en Kindt zijn ook van dat soort mensen, het grootste deel van hun leven heeft zich afgespeeld binnen een veilige schoolomgeving en deze afstudeervoorstelling lanceert hen de wijde wereld in. In ‘het gebied’ komen hun angsten boven water: zij worstelt met haar angst voor de dood. Een angst – zo zei een kennis haar ooit – die de vrees voor het leven zelf is. In een aangrijpende monoloog in de tweede helft van de voorstelling zet ze op mature wijze uiteen waarom ‘het niets’ haar zo beangstigt.
De zwaarte van dat thema wordt op een mooie manier in balans gehouden door de maffe enscenering van deze scène. Zo draagt Peeters twee enorme handschoenen van papier-maché, die de existentiële inhoud van haar monoloog zowel ridiculiseert als kracht bijzet. We zijn allemaal maar absurde wezentjes die door het heelal zweven, lijkt er gezegd te worden. Kindt heeft het op zijn beurt over de angst voor het zwarte gat – een beeld dat hij uit een game heeft opgepikt – wat als je plots in het niets verdwijnt? Daar zijn beide figuren volledig van doordrongen: dit menselijk bestaan is kort en nietig.
Wat moeten de twee met die afgrond waarin ze staren? Het antwoord ligt in het zoeken naar verbinding met andere mensen. Om dat dramaturgisch uit te werken, kiezen de twee voor een radicale ommezwaai in de tweede helft van de voorstelling. Dat deel leunt sterk op interactie met publieksleden, die opgedragen worden te interageren met beide spelers. Ze zoeken naar onbevangenheid en oprechtheid. Zo nemen Peeters en iemand uit het publiek de uitdaging aan om elkaar voor het eerst opnieuw te ontmoeten, alsof ze elkaar al jaren kennen. Het tempo ligt in dit gedeelte van de voorstelling hoog, Peeters en De Kindt wisselen publieksinteracties af met monologen en onderlinge dialogen. Eén van de mooiste stukken is wanneer de twee een dialoog voeren over een persoon die terugkeert naar hun ouderlijk dorp en daar de weg vraagt aan iemand, ook al ken die weg allang. Ook hier schiet het beeld van de ruimtereiziger weer door je hoofd, net zoals je in het heelal kan verdwalen, moet je dat ook in je eigen dorp kunnen. Echt contact ontstaat wanneer je de dingen die je als vanzelfsprekend beschouwt in vraag stelt en leert herwaarderen.
“Als toeschouwer voel je je oprecht betrokken bij hun pogingen om contact te maken met de wereld om hen heen.”
De publieksinteractie beklijft misschien minder dan de meer tekstgedreven scènes en de voorstelling bouwt ook niet echt naar een climax. Toch ondergraven die keuzes de kracht van ‘het gebied’ niet. Integendeel: ze geven de voorstelling een openheid die de ambities van de twee jonge makers ondersteunt. Als toeschouwer voel je je oprecht betrokken bij hun pogingen om contact te maken met de wereld om hen heen. Daardoor is ‘het gebied’ ondanks zijn sterk persoonlijke uitgangspunt allesbehalve navelstaarderig. Hanna Peeters en Xander Kindt slagen erin hun eigen vragen en kwetsbaarheid om te zetten in een gedeelde ervaring. Hun gebied blijkt uiteindelijk groot genoeg om ook de toeschouwer te omvatten.
***
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.