© Madonna Lenaert

Leestijd 4 — 7 minuten

Gentse Feesten: hedonisme versus territorialiteit

Over een tweetal weken is het weer zo ver: tien dagen lang het zwijn uithangen in eigen stad. De Gentse Feesten zijn echte hoogdagen voor mij: alle leuks van een goed festival, maar ’s avonds toch in je eigen bed kunnen opkrullen, om er dan in de late namiddag terug uit te rollen en een eitje te bakken, glaasje rosé in de hand. Ondertussen berichtjes sturen in een veel te drukke group chat om plannen te maken voor de komende twaalf uren en een beetje aan kleren snuffelen op zoek naar iets dat acceptabel is om te dragen (lees: iets dat niet naar sigaretten en/of pis ruikt). Voor sommige mensen is dit de hel, maar ik hou van dit ongebreideld hedonisme. 

Collectief ravotten met je stadsgenoten — en bijhorende eindeloze toeristenstroom — is ook de ideale context om je vrienden eindelijk meer dan één keer per week te kunnen zien. Het is samen koken, lachen en over elkaars voeten struikelen. We dwarrelen arm in arm door de straten en kunnen het krijsen met elkaars lompe idiotie moeilijk laten. De penetrerende blik van onze stadsgenoten, die ons uiterlijk noch plezier kunnen smaken, wekt de hilariteit enkel verder op.

Het bulderlachen komt vanzelf omdat we elkaar hilarisch, aanstekelijk en dwaas vinden. Goed op elkaars kop kunnen zitten is iets waar queer mensen onderling gewoon heel goed in zijn. Ik denk dat het komt uit gedeeld trauma, een gedeeld pijnlijk verleden, waarin we elk al de ergste dingen over onszelf hebben gedacht en aangehoord. Als wat we zeggen over elkaar dat verleden toch overtreft, dan wordt het register zo grotesk en schrijnend dat dubbel plooien en naar adem snakken de enige echte optie lijkt.

© Madonna Lenaert

Dat neemt niet weg dat het gillen en giechelend stampvoeten een dubbele bodem heeft, voorbij het louter uiten van puffend plezier. Samen kirren van plezier is een manier om onze ruimte op te eisen — de ruimte die ons toekomt maar nooit gegeven wordt. Onze lach laat weten aan anderen dat we er zijn; een lichaam dat dubbel plooit of een voet vooruit zet om niet te vallen neemt plek in; mensen die rondjes lopen van plezier bakenen een ruimte af.

“Tijdens de Gentse Feesten is het nog meer nodig dan anders om tactieken te vinden om ruimte te veroveren en in te nemen.”

Tijdens de Gentse Feesten is het nog meer nodig dan anders om tactieken te vinden om ruimte te veroveren en in te nemen. Er is een eindeloze reeks voorvallen van geweld waarbij ik zelf betrokken was. Ik denk aan toegang die geweigerd wordt tot plekken (waaronder Fubar, you piece of shit), bespuwd worden op straat, iemand die op straat een vuist en scheldwoorden in het gezicht krijgt en het eindeloze gefilmd en gefotografeerd worden tegen je wil om of iemand die me fluisterend bedreigt.

Dat fluisteren in mijn oor komt te midden van een druk plein, waar felle lampen schijnen. De zon komt op en geeft de Sint-Jacobskerk een heilige gloed. Mijn oren gonzen van slechte muziek en bezopen geklets. Tegen mijn breed lachend gezicht plakt krokant haar dat smeekt om extra warm gewassen te worden. In mijn linkerhand klem ik een irish coffee, in mijn rechter een pink lemonade vape. Om me heen staan de mensen van wie ik hou. Elk woord dat ik zeg is vergezeld van een goddeloze walm. Dan kijkt een mooie man me aan, en ik denk dat kers op de taart zich komt aanbieden. Zijn lichaam buigt mijn kant op, hij draait mijn hoofd naar de zijkant, rust zijn kin op mijn schouder en vraagt zachtjes: ‘Weet je wat een gay bashing is? Dat is wanneer we je naar huis volgen en onderweg in elkaar slaan.’ Voor ik goed besef wat er net is gebeurd trekt hij zich glimlachend terug in de menigte, en lost erin op.

© Madonna Lenaert

Op onze eigen plekken zijn we dan wel veilig, maar hoe moeten we daar raken? De plekken die onze gemeenschap zelf inrichten, zoals Blond (rest in complicated peace) of FETCH, voelen voor mij dan wel warm, verwelkomend en voedend, maar hoe moet ik het in hemelsnaam heelhuids halen? Uitgedost in mijn mooiste kleren en zeulend met mijn feestspullen baan ik me een weg langs het feestgedruis. Langs, nooit door. Ik neem alle omwegen die ik ken om de heteroseksuele hoogmis te ontlopen. Net wanneer je er het beste uitziet alles in het werk moeten stellen om onzichtbaar te zijn is een specifieke vorm van vernedering. Horen hoe de volledige stad in jolig plezier uitbreekt, en zelf langs sluipwegen van het ene appartement naar de volgende bar proberen raken stelt helder voor wie deze pleinen vol feest wel en niet bedoeld zijn. In eigen stad ben ik de dief in de nacht, de rat in de riool.

We zijn allemaal Gentenaren, maar hebben duidelijk niet allemaal evenveel recht op een veilige plek om van ‘onze’ Feesten te genieten. Plezier en genot steken op die manier af tegen geweld en onbegrip. Terwijl iedereen in grote getale verenigd is op de pleinen van onze stad, sluipen wij langs kleine wegeltjes van de ene veilige plek naar de volgende. De Gentse Feesten zijn hoogdagen, maar bezorgen me ook op meer dan één manier ontzettende koppijn.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

column
Leestijd 4 — 7 minuten

#176

01.06.2024

04.09.2024

Madonna Lenaert

Madonna Lenaert (die/hun) studeerde eind ’23 af met een Master in Drama in Gent. Madonna is een trans non-binaire dramakunstenaar en actrice. Hun artistieke praktijk streeft er naar om te vertrekken uit queerness, intersectioneel feminisme en een zoektocht naar belonging.  Madonna werkt sinds oktober als interim coördinator van de bacheloropleiding bij KASKDrama. Die is ook deel van het feministische Magdalena Collectief en co-host van de queer podcast ‘Flikker Op’.

Dit artikel maakt deel uit van: Column Madonna Lenaert

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!