© Anna Kestens

Leestijd 7 — 10 minuten

Broken Home, My Shrine – Alix Konadu/Moussem & KVS

Beweging is wie we zijn

Voor haar eerste eigen project, geproduceerd door Moussem, verzamelde de Belgisch-Ghanese actrice en maker Alix Konadu jarenlang persoonlijke verhalen van mensen die hun thuis en hun land achterlieten. Tegenover de pijn van nergens bij te horen creëren de spelers een aanstekelijke sfeer van vriendschap en verbinding. Maar aan het slot mist dit statement tegen het geweld van grenzen nog wat tegendruk.

In een grillige lijn strooit performer Lois Lumonga Brochez wit poeder uit een vijzel over de speelvloer uit. De wind loeit om haar oren. De lijn breekt de vlakke vloer van KVS BOX in tweeën, als een poreuze grens, een verwaaibare breuklijn, wit op zwart. Ook het publiek, dat in een cirkel rond de vloer zit op kussentjes of stoelen, is daarmee in tweeën gedeeld. De lijn is het krachtige openingsbeeld van Broken Home, My Shrine, de eerste solovoorstelling van de Belgische actrice en maker Alix Konadu – een voorstelling over migratie en afkomst die spoken word integreert met zang, muziek, beweging en documentaire interviews. De krijtlijn is een spaarzame scenografische ingreep in een behoorlijk sober toneelbeeld, naast de vier hangende mobielen die als ritualistische schrijnen of totems boven de vloer hangen, en die bekleed zijn met eenvoudige materialen, kledingstukken, stro, linten.

“De persoonlijke verhalen waaruit Broken Home, My Shrine is opgebouwd overstijgen het individu, zij vertellen een universeel verhaal. Mensen hebben zich altijd over de aarde verplaatst.”

Spaarzaam, die krijtlijn, maar rijk aan betekenis. Kijken we naar een grens als iets gewelddadigs? De breuk die de lijn creëert suggereert zoiets algauw. Of aanschouwen we de futiliteit van een grens, zijn nietigheid – zo makkelijk weg te blazen door de wind? Bestaat de grens echt, omdat wij als toeschouwers die accepteren, of is het een fictie? Ik denk zelfs even aan Bertolt Brechts De Kaukasische Krijtkring, waarin een krijtcirkel moet aanwijzen wie de echte moeder is van een kind: de biologische moeder, of de vrouw die het achtergelaten kind liefdevol heeft opgevoed? Ook in Brechts toneelstuk symboliseert krijt een grens en de complexiteit van afkomst.

© Anna Kestens

Tegelijkertijd met het trekken van de lijn vertelt Raphaële Green, mezzo-sopraan en performer, een mythisch verhaal over een oertoestand waarin het licht en donker tegelijk is, nat én droog, het scheppingsverhaal waaruit de voorstelling ontstaat. “Movement is who we are”, zegt ze, op het aanzwellende geluid van de wind. De zin blijft boven de voorstelling hangen en kleurt alle verhalen die zullen volgen. Ik hoorde het als een programmatische uitspraak: de persoonlijke verhalen waaruit Broken Home, My Shrine is opgebouwd overstijgen het individu, zij vertellen een universeel verhaal. Mensen hebben zich altijd over de aarde verplaatst, zijn altijd op zoek geweest naar andere plaatsen om te leven. Beweging is niet iets van een minderheidsgroep, beweging is inderdaad wie we zijn.

“Migratie en ‘belonging’ zijn thema’s die ook een rol spelen voor Konadu zelf, die Belgisch-Ghanees is. Ze groeide op in een overwegend wit Vlaanderen, keek net als alle kinderen naar Ketnet.”

De hele natuur beweegt constant, en zo ook alles in deze voorstelling, waarin niets een vaste plek heeft. De mobielen zwaaien door de lucht, de performers wisselen steeds van rol en positie, en persoonlijke verhalen en muziek volgen elkaar grillig op zonder vaste structuur. De performers wisselen vloeiend van taal, switchend tussen Engels, Frans, Nederlands. Zelf moet ik ook voortdurend verzitten op mijn kleine kussentje op de grond, wat misschien precies de bedoeling is. Bovendien zijn wind en water terugkerende elementen in Broken Home, zoals in het lied ‘Follow the River Back Home’, waarmee de performers de toneelvloer aan het slot straks zullen verlaten. Wind en water zijn altijd in beweging en hebben geen vaste identiteit.

Voor haar eerste eigen project, geproduceerd door Moussem, verzamelde Konadu (bekend van Hannibal, Burning City en collectief Omelett) zeven jaar lang verhalen van mensen die hun thuis en hun land achterlieten, en van de generaties daarop, die misschien nog wel meer dan de eerste generaties worstelen met hun wortels. Waar is thuis, vroeg ze haar gesprekspartners. Hoe ga je om met het tussen twee werelden leven? Fragmenten van deze gesprekken worden afgespeeld in de voorstelling, live aangestuurd door Lumonga Brochez. Migratie en ‘belonging’ zijn thema’s die ook een rol spelen voor Konadu zelf, die Belgisch-Ghanees is. Ze groeide op in een overwegend wit Vlaanderen, keek net als alle kinderen naar Ketnet, waar vroeger haast nooit mensen van kleur te zien waren, maar waar ze nu zelf te zien is (daar herinneren haar medeperformers haar grinnikend aan). Voor Broken Home interviewde ze onder andere haar eigen vader, die tijdens de première in de zaal zit en direct wordt aangesproken. Ook reisde ze naar Ghana om haar blinde grootmoeder te leren kennen, al spreken ze elkaars taal niet. Zal ik Ghana nog bezoeken als zij er niet meer is, vraagt ze zich af. Wat bindt mij dan nog aan dit land? Ze beschrijft hoe ze in het land van herkomst van haar vader vooral uitgeteld op de grond ligt van haar appartement, omdat ze de hitte niet aankan. Ghana is niet haar thuis, maar ook België is niet waar ze volledig hoort. “Where does the pain of non-belonging belong”, vraagt ze.

“Green, Konadu en Lumonga Brochez zijn sterke podiumpersoonlijkheden, zij het totaal verschillend.”

Tegen de pijn van non-belonging in creëren de performers op de vloer een aanstekelijke sfeer van verbinding. Ze maken in-jokes, genieten zichtbaar van elkaar, en ook het publiek wordt direct aangesproken en betrokken. Green, Konadu en Lumonga Brochez zijn sterke podiumpersoonlijkheden, zij het totaal verschillend: Green heeft een opera-achtergrond en zingt lyrisch en vol, Lumonga Brochez sprankelt en knalt met haar/hun krachtige vertelkunst, Konadu is een meer kwetsbare verteller. Die verschillen passen mooi de thematiek, door de meer metaforische breuklijnen tussen hen drieën te laten bestaan, terwijl de overduidelijke vriendschap alles overbrugt. Wanneer Green een solo zingt, kan Lumonga Brochez haar bewondering niet onderdrukken: “wow”, zegt ze oprecht. Zo ontstaat een tijdelijke ruimte waarbinnen de verschillende elementen zonder strakke structuur bij elkaar kunnen worden gebracht en aan elkaar verbonden.

En dan is er nog een vierde performer, muzikant Mirko Banovic, ook met een dubbele achtergrond, met familie uit Montenegro. Op toetsen en snaren creëert hij vloeiende soundscapes, als bindmiddel tussen de vele heterogene elementen. Lang blijft hij een extradiëgetische speler, wat passend voelt, aangezien hij als witte man een andere relatie tot ‘belonging’ heeft dan de drie performers van kleur in het midden van de vloer. Dat wordt doorbroken wanneer Green, Konadu en Lumonga Brochez hem plagerig van zijn plek trekken en hem opdragen zijn eigen verhaal te vertellen, zoals herinneringen aan de berg in Montenegro waar zijn familie vandaan komt. Dat moment is verwarrend, omdat de muzikant plots deel van de voorstelling wordt, en dus de grens doorbreekt tussen extra- en intradiëgetisch, terwijl die grens daarna weer wordt hersteld. Ik kon de verandering in stemming van de andere performers niet plaatsen; ze dartelen rond Banovic, plagen hem, maken grapjes, een beetje flirterig misschien. Ze trekken hem van de microfoon weg, zeggen dan weer dat hij beter in de micro moet spreken. Ze lijken een machtsspelletje te spelen, wat uit de toon valt bij de verbindende sfeer van de rest van de voorstelling. Ook wanneer de voorstelling daarna weer de draad oppakt, blijf ik deze verwarring voelen.

“Als het publiek dan aan het slot wordt uitgenodigd om mee te zingen, mist er wat mij betreft toch meer tegendruk. We zingen samen, maar dekt dat niet de harde tegenstellingen toe waar de voorstelling mee begon?”

Als Broken Home, My Shrine een statement maakt, dan is het tegen het geweld van grenzen. “Freedom be on us al”, herhaalt Lumonga Brochez. Aan het slot van de voorstelling is de krijtstreep dan ook al lang vervaagd, uitgeveegd. Wat een grens leek, is nu een stromende rivier. Er klinkt een lied, over “gedeeld water van hier en daar, het water van hier en daar”. Konadu wast haar handen in een kom door uit een andere kom water te scheppen, net als in het lied. De watermetafoor neemt nu de overhand, ook in het lied ‘Follow the River’. De symboliek van beweging en verbinding die het water verbeeldt geeft een poëtische laag aan de hybride voorstelling. Beweging is wie we zijn. Maar als het publiek dan aan het slot wordt uitgenodigd om mee te zingen, mist er wat mij betreft toch meer tegendruk, meer spanning tussen metafoor en representatie. We zingen samen, we zijn nu allemaal verbonden, maar dekt dat niet de harde tegenstellingen toe waar de voorstelling mee begon? Is een esthetiek van vloeibaarheid genoeg om grenzen te doorbreken?


De speellijst van deze voorstelling vind je hier.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 7 — 10 minuten

#183

08.09.2026

—

14.01.2027

Persis Bekkering

Persis Bekkering is auteur van de romans Een heldenleven (2018) en Exces (2021). Ze schrijft literaire – en kunstkritieken voor o.a. NRC Handelsblad, doceert creatief schrijven op ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten in Arnhem (NL), en werkt steeds vaker als dramaturg (o.a. met Benjamin Abel Meirhaeghe).

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!