© Ellen Goegebuer

Evelyne Coussens

Leestijd 4 — 7 minuten

Le Nozze – Tom Goossens/DESCHONECOMPANIE & Muziektheater Transparant

Het fijne aan het werk van regisseur Tom Goossens is dat hij, binnen het operagenre dat hem al van bij het begin van zijn parcours fascineert, telkens op zoek gaat naar nieuwe accenten. Zo is Le nozze, het sluitstuk van zijn Mozart-trilogie, toch weer anders dan voorgangers Don Juan (2017) en Così (2018). De frisse accenten vloeien vooral voort uit het feit dat hij met zijn DESCHONECOMPANIE iedere keer opnieuw op zoek gaat naar de juiste mensen in de juiste rollen.

Don Juan, Goossens’ masterproef aan het Gentse KASK, was een eerste serieuze verkenning van de manier waarop het operagenre kan worden ontmanteld en in één klap ook ontdaan van zijn nog steeds wat moeilijke, elitaire uitstraling. Drie (jonge) spelers, één sopraan en één pianist trokken libretto en partituur uiteen tot de meest betekenisvolle brokken en zetten die vervolgens met de nodige knipogen weer ineen.

Wereldschokkend is zo’n procedé niet: het is het equivalent van wat Maatschappij Discordia en Compagnie Marius al decennia lang doen met het repertoiretheater, maar dan toegepast op de opera. (Muziektheater WALPURGIS heeft er overigens met zijn librettolezingen een mooie traditie in.) Goossens librettobewerking (grotendeels in het Nederlands) was echter uitzonderlijk geestig en de frisse mix tussen de emotie van het zingen en de reflectie van het denkende spelen maakte van Don Juan een hit.

Met Così werd het pad verder geëlaboreerd, dit keer met een groter aandeel voor de muzikale dramaturgie. Alleen al de cast bewees dat: twee spelers, twee zangers, een pianist en een violist bezetten het podium, met vooral Clara Cleymans als opvallende verschijning en een glansrol voor pianist Wouter Deltour – waardoor het zwaartepunt van Così beslist bij de partituur kwam te liggen.

Opera tegen de haren instrijken

En dan is er nu Le nozze, waarmee Goossens opnieuw een kwartslag maakt richting het theater, want het aandeel aan muziek is vrij drastisch ingeperkt. Rasacteurs als Ineke Nijssen en Hendrik Van Doorn eisen de hoofdrollen op. De uitdaging leek bij Le nozze niet om de mechaniek van de opera bloot te leggen, maar om van opera theater te maken. De cruciale vraag is natuurlijk: waarom zou je dat doen? Wat kom je als regisseur te weten door de operageschiedenis tegen de haren in te strijken?

“Speelt ge mee?” vraagt Nijssen aan Van Doorn, en het spel dat ze voor ogen heeft bestaat uit vele lagen, zowel bij Mozart als bij Goossens. In Le nozze draait het om het liefdesspel, gevangen in een kluwen van reële en gefakete bedriegerij, onwillekeurige persoonsverwisselingen en onvoorziene omstandigheden. Figaro en Susanna, van lagere afkomst maar puur in hun liefde, willen trouwen. De wereld van hun meesters, de graaf en gravin, staat bol van de eenzaamheid en jaloezie. Het spel van de liefde is bij Mozart zo ook een omkering van de klassenverhoudingen.

Nijssen en Van Doorn vertolken de vier rollen, zoals ook in Da Pontes libretto de personages zich voortdurend vermommen als elkaar. Nieuwkomer in de stal van DESCHONECOMPANIE is de geweldige Jef Hellemans, die als de geile Cherubino de ontvlammende emoties nog oppookt en schittert in zijn knapenrol – nogmaals: het talent van Goossens om de juiste mensen te kiezen valt niet licht in te schatten. In een minimale, efficiënte decorsetting  ontrolt zich Mozarts opera buffa. Sopraan Annelies van Gramberen, saxofonist Jolien Van De Sande en pianist Wouter Deltour helpen als buitenstaanders het spel op de wagen.

Nalatenschap van Eric De Volder

Nijssen en Van Doorn kleuren spel en zegging op een geheel eigen manier en het duurt even voor we, toch enigszins met een brok in de keel, beseffen waar hun bijzondere idioom zijn oorsprong heeft. Kent u theatermaker Eric De Volder nog? Hij wordt te vaak vergeten in het rijtje namen van de postdramatische theatermakers. De Gentse regisseur en beeldend kunstenaar, die in 2010 overleed, stelde in zijn werk het groteske centraal. Tot de vaste bezetting van zijn Toneelgroep Ceremonia behoorden Ineke Nijssen en Hendrik Van Doorn. (En, onmisbaar achter de schermen: lichtman Geert Vanoorlé, die ook in Le nozze licht en scenografie verzorgt.)

Het is ontroerend om te zien hoe Nijssen en Van Doorn het werk van een jonge maker als Tom Goossens kruiden met de nalatenschap van De Volder, die uiteraard ook hun eigen nalatenschap is. Voor een aantal randpersonages kruipen ze bijvoorbeeld in grote poppen, reuzen bijna, zoals De Volder die graag ensceneerde. Ook hun taalgebruik is devolderiaans, met de soms wat te kluchtig uitgespeelde volkse inzet vol Frans-Gentse uitdrukkingen. Los van de originele kracht van Goossens libretto, dat opnieuw een pareltje is van parlando en zingzegging, hebben hier twee generaties en twee theaterstijlen elkaar gevonden – het zou als een voorbeeld kunnen gelden, nu de theatergeneraties elkaar nog het liefst bekampen.

Unique selling point

Maar na afloop knaagt de vraag: waarom deze kwartslag richting ‘puur’ theater? Goossens keert met Le nozze in zekere zin de geschiedenis om: de komedie van Pierre Beaumarchais, die door Mozart en Lorenzo da Ponte zo ingenieus werd verwerkt tot opera, keert hier terug naar zijn blijspelvorm – met de postmoderne insteek van anno 2019, uiteraard. Maar wat levert dit op aan inzichten over de verhouding tussen het lyrische en het epische, toch onderwerp van Goossens zoektocht? Door het operarepertoire te herleiden tot toneel komt Goossens in het spoor van wat andere gezelschappen al voor hem deden en verliest hij, o gruwelijk marketingwoord, zijn unique selling point.

Niet dat het afdoet aan het plezier en de ontroering waarin Le nozze voorziet. En de wegen van theatermakers zijn al bij al ondoorgrondelijk: misschien schuilt het antwoord op mijn vraag in Goossens’ volgende creaties. To be continued, dus.

recensie
Leestijd 4 — 7 minuten

#157

15.05.2019

14.09.2019

Evelyne Coussens

Evelyne Coussens is freelance cultuurjournalist voor De Morgen en verschillende cultuurmedia, waaronder Ons Erfdeel, rekto:verso en Staalkaart. Ze is lid van de grote redactie van Etcetera.

recensie