Gerald Siegmund

Leestijd 5 — 8 minuten

Kammer/Kammer

Als je voor een huis staat, kan je alleen de kant zien waar je voorstaat. Maar toch weet je dat een huis meer zijden heeft dan je op dat moment ziet. Het perspectief op het huis verandert telkens als je errond loopt, volgens de richting die je kiest.

Dat ons bewustzijn perfect in staat is om een opeenvolging van fragmentaire beelden simultaan in een totaalbeeld te integreren is een truïsme uit de fenomenologie – het leven zou toch heel moeilijk worden als het niet zo was. Hetzelfde geldt overigens als je een brief krijgt of via de telefoon een gesprek voert. In beide gevallen zijn respectievelijk de tijd en de ruimte onderbroken, maar je kan perfect een bewustzijnstoestand creëren waarin het zo lijkt alsof de ander aanwezig is. De installatie van een waarnemingscontinuüm en het doorbreken daarvan vormen de favoriete speeltuin van het klassieke modernisme. Het beste voorbeeld daarvan is een kubistisch schilderij dat de verschillende dimensies van een object simultaan presenteert op een vlak doek.

Kammer/Kammer, William Forsythe’s nieuwe choreografie voor het Ballett Frankfurt, is een beetje als een kubistisch schilderij. Het draait rond de politiek van het kijken: wat je ziet is niet wat je te zien krijgt, en wat je krijgt is zeker niet wat je ziet. Kammer/Kammer gaat over de constructies in beelden, over het feit dat beelden door hun kadrering in hun marges informatie uitsluiten. Daarin lijkt het nieuwe stuk op zijn laatste avondvullende ballet, Endless House (première in Frankfurt in oktober 1999), waarin Forsythe al met de relatie tussen de ruimte en de perceptie ervan door het publiek experimenteerde. In de tweede helft van Endless House mocht je als toeschouwer vrij rondwandelen en op de scène gaan zitten, rond de mobiele panelen die de ruimte verdeelden. Op die manier kreeg iedereen een ander stuk te zien, bepaald door de keuzes die je maakte. Alhoewel de publieksopstelling voor Kammer/Kammer traditioneler is, is de scène in het Bockenheimer Depot in Frankfurt zoals een filmset gevuld met mobiele wandpanelen. Ze vormen de twee afzonderlijke kamers uit de titel van de voorstelling. Achter enkele gesloten muurdelen, weg van de nieuwsgierige blik van de toeschouwers, rollen groepen dansers in het rond op matrassen, die ze ook gebruiken als een steun voor hun abrupte bewegingen. Pas als de muren zelf weggerold worden, is de hele scène zichtbaar.

In contrast met Endless House vertrouwt Kammer / Kammer niet op de verbeelding van de toeschouwers om de fragmenten op te nemen; camera’s doen het in onze plaats. Ze nemen live de beelden op en sturen ze naar grote videoschermen, die van in het dak boven het publiek hangen. Philip Bussmann, die in New York met The Wooster Group gewerkt heeft, mixt en monteert dat beeldmateriaal, zodat het ons laat zien wat we op scène niet kunnen zien. Zoals de scène een schouwspel van chaos en wanorde is, zo zijn de videobeelden één en al compositie, vorm en ordening. Zoals de scène het toneel is van het reële, van wat ongrijpbaar is, zo zijn de videobeelden het rijk van de imaginaire misleiding. Het is tussen die twee extremen dat de hele avond pendelt. Grote letters omlijnen de scène en vormen Franse woorden als ‘guerre’ of ‘je traduis’. In feite kan je het fundamentele principe van de voorstelling een vertaling noemen: een vertaling van beelden, bewegingen en woorden die in dezelfde ruimte onafhankelijk van elkaar bestaan. Aan elk van de twee kamers is een literaire tekst toegewezen waarin een hotelkamer een prominente rol speelt. De keuze van de locatie is op zich betekenisvol, omdat hotelkamers quasi synoniem zijn voor overgangstoestanden en voor mensen onderweg. Met hotelkamers associeer je ook de gesloten deuren die het verlangen afschermen en de sleutelgaten voor de onwelvoeglijke lusten van de voyeur. Antony Rizzi speelt The Boy in the Blue Sock Hat uit Douglas A. Martins boek Outline of My Lover. Hij vertelt verhalen over zijn leven met zijn vriend, een rockster die hij op zijn tournees vergezelt, van hotelkamer naar hotelkamer. Dana Caspersen speelt Catherine Deneuve uit de roman Irony is not Enough. My Life as Catherine Deneuve van Anne Carson. Het hoofdpersonage gebruikt Deneuve als een alter ego en als een referentie aan een film waarin ze ooit te zien was. Met ongeziene acteerprestaties (die de hele avond domineren) pretenderen zowel Rizzi als Caspersen iemand anders te zijn of het leven van iemand anders te leven. Zo ontstaat een verschuiving van identiteiten, van maskers en maskerades, die de terugkoppeling naar een origineel karakter onmogelijk maakt.

Naast de twee acteurs wordt de rest van de groep in deze voorstelling bijna onbeduidend; daarmee vervliegt ook de dans. Met film, video, teksten en computerbeelden werken is voor Forsythe natuurlijk niet nieuw. In balletten als Alie/nA(C)Tion of Eidos:Telos heeft hij nieuwe technologieën gebruikt om ingewikkelde bewegingspatronen te genereren. De dans was altijd met beelden verbonden. In Kammer/Kammer daarentegen, zijn de bewegingen louter ornamenten. Ze functioneren als readymades van andere choreografieën, b.v. uit Artifact, het stuk waarmee Forsythe zijn analyse van het klassieke balletvocabulaire in 1984 opgestart heeft. Tussen de panelen, die in het tweede deel na de pauze de hele scène van het zicht van het publiek afschermen, vang je een glimp op van groepsformaties waarin de ledematen excessief bewegen, weg van het centrum van hun lichaam. Fragmenten van Bachs Chaconne in d mineur, die de muzikale kern van Artifact vormde, spoken door Thom Willems akoestische ruimte. Het buigen en barsten van het ballet heeft plaats gemaakt voor het buigen en barsten van beelden die volledig vreemd zijn aan de dans. Beweging is slechts een masker als alle andere, waarachter altijd alleen maar andere maskers verschijnen.

De toon van de voorstelling ligt dicht bij die van hysterische hoofdpijn, waardoor de intiemere en delicatere passages tot goedkoop spektakel gereduceerd dreigen te worden. Een vooraf opgenomen video toont Marin Schwember, een jonge kunstenaar, die voor het eerst een viool vastneemt (in een hotelkamer natuurlijk). Schwember begint naïef maar waarachtig te spelen. Zulke momenten worden begraven onder een vloed van andere beelden en woorden waardoor zij er niet in slagen te ontroeren. Zo blijft de scène een ver verwijderde wereld die men helemaal niet interessant vindt. De videobeelden daarentegen onthullen alles. De vertaling van de ene wereld in de andere produceert echter geen enkele vorm van spanning. Alhoewel er in Kammer/Kammer gedanst wordt, zou ik argumenteren dat dit geen dansstuk is. Het is eigenlijk het eerste niet-dans-werk dat Forsythe gemaakt heeft, zijn installaties inbegrepen. Het gigantische White Bouncy Castle b.v., dat in het Londense Roundhouse te zien was, ging nog steeds over beweging en zijn zelf-organisatie, ook al was er geen choreografie of gestructureerde beweging in vervat. Kammer/Kammer draait niet rond de ontwikkeling of structurering van beweging en het neemt geen standpunt in tegenover het lichaam als het eerste instrument van de danser en als de stut van een bepaalde dansesthetiek. Daarom zijn Jérôme Bels stukken nog steeds dans, alhoewel er vaak niet in gedanst wordt. In Kammer/Kammer zijn de dansers voer voor beelden die elders bestaan – op het videoscherm.

Na dit alles is het evident dat deze voorstelling voor mij geen verrassingen heeft. Omdat we allen de media kunnen ontcijferen, kunnen Forsythes montages het kijken niet verstoren. In een van media gesatureerde wereld is wat we als reëel aanzien in feite slechts een visuele, spectaculaire representatie. Dat Forsythe heel weinig interesse toont voor de marges van het beeld en wat zij uitsluiten, maakt het werk hoogst onorigineel. Het illustreert hoogstens een truïsme. Kammer/Kammer zit op het dode spoor van een modernistische esthetica.

Gerald Siegmund

Vertaling uit het Engels: Dries Moreels

KAMMER/KAMMER

REGIE, SCENOGRAFIE, KOSTUUMS, LICHT William Forsythe

TEKST Anne Carson (Irony is not enough: Essay on my life as Catherine Deneuve – 2de versie) en Douglas A.Martin (Outline of my lover)

FILM First Touch (Martin Schewember)

ACTEURS Dana Caspersen, Antony Rizzy

DANSERS Ballett Frankfurt

PRODUCTIE Ballett Frankfurt

 

Je leest onze artikels gratis omdat we geloven in vrije, kwalitatieve, inclusieve kunstkritiek. Als we dat willen blijven bieden in de toekomst, hebben we ook jouw steun nodig! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 5 — 8 minuten

#76

15.04.2001

14.07.2001

Gerald Siegmund