Hello useless – for W and friends © Radovan Dranga

Julie Cafmeyer

Leestijd 3 — 6 minuten

It’s a masterpiece

Julie Cafmeyer over Benny Claessens

Benny Claessens zei me eens: ‘Kunstenaar zijn, dat is doen wat je graag doet’. Ik voel me aangetrokken tot een visie die niet zegt wat kunst moet zijn, maar wel wat het kan zijn. Kunst gaat niet om je best doen, om iets intellectueels, om indruk maken. Het gaat om een bevrijding. Kunstenaars hebben het beste excuus om alles uit het leven te halen. Ze kunnen ontsnappen aan dat wat moet, ze kunnen verslag uitbrengen van datgene waarvan ze houden.

Tijdens een gesprek aan het Antwerpse Galgenweel zegt Benny vanaf anderhalve meter afstand: ‘Radicale kunst biedt mogelijkheden en geen richtingen. Radicale kunst zegt in principe altijd ja. Het is een groot misverstand dat radicale kunst altijd nee zegt. In de weigering wordt altijd actief gezocht naar een ja. Dat is queer, je afzetten tegen een aangenomen beeld.’

Hij zegt me dat de grootste acteurs of regisseurs diegenen zijn die heel lang nee hebben gezegd, die zich radicaal niet aanpasten aan een opgelegde realiteit. De Oostenrijkse actrice Sophie Rois zegt: ‘Ze moeten je niet graag zien, ze moeten bang voor je zijn.’ Benny nodigt uit om niets te doen omdat de dingen nu eenmaal zijn zoals ze zijn. Zijn werk en zijn hele bestaan zijn een uitnodiging tot weigering, om zo te ontdekken wat er wél kan, hoe jij het zou doen.

In tijden van weinig subsidies kan de eigenheid van de kunstenaar worden geschaad. Kunstenaars hebben het gevoel dat ze dankbaar moeten zijn als ze werk hebben. Die dankbaarheid kan zorgen voor angst. Je bent blij dat je werkt, je probeert je te gedragen. Benny moedigt de kunstenaar aan om een structuur in vraag te blijven stellen. Waarom werken we op deze manier? ‘Samenwerken gaat niet om het eens zijn, maar om onenigheid. Het gaat om elkaars wereld groter maken. Meedoen is geen optie. Doen is waar het om draait.’

Op zijn schoot ligt het boek All About Love van bell hooks. ‘De Bijbel voor mij’, zegt hij. Het gaat over een community van liefde, en hoe beperkt liefde soms gedefinieerd wordt. Liefde zit niet alleen in het appartement van een heterokoppel, liefde zit overal. Want ook daarmee gaat radicale kunst gepaard: radicale liefde. Voor zijn spelers, voor zijn artistieke team, voor zijn publiek, en ook voor critici, tenminste als ze kijken. Zijn werk is een uitnodiging tot overgave aan dat wat is, niet wat er moet zijn.

Benny gelooft in positiviteit en dankbaarheid naar zijn team toe. Na elke doorloop kijkt hij naar zijn werk en zegt hij: it’s a masterpiece. Hij doet dat met humor, want hij zou evengoed kunnen zeggen: wat is dit voor iets? Iets consequent een meesterwerk noemen is een goede tactiek om je te bevrijden van termen als goed of slecht.

Een voorbeeld van radicaal werk is voor hem de musical La cage aux folles van Stany Crets en Koen Crucke. ‘Dat zijn kunstenaars die niet klagen. Ze brengen homoseksualiteit en queerness in een commerciële context. Het is grappig en genereus, dat vind ik radicaal. De generositeit van een musical, daar kunnen we veel van leren.’

Zijn werk gaat over radicaal plezier. ‘Het resultaat mag er nooit uitzien als ‘iets moeten’. Het werk gaat niet over jezelf of de ander de duivel aandoen.’

Het is goed advies voor jonge kunstenaars in tijden van besparing. Als er minder geld is, wordt je doel scherper gesteld. Waarom zou je het doen als je er geen radicaal plezier uithaalt? Daarom één advies: als er geen geld is, maak het toch.

Ik vraag Benny bij zonsondergang: ‘Wat denk je, ben je nu een genie of gewoon een diva met lange tenen?’ Hij zegt: ‘Wel, geen een van de twee. Hysterie is een uitvinding. Ik wil niet leren hoe het moet gaan, want dat kan ik al.’

Je leest onze artikels gratis omdat we geloven in vrije, kwalitatieve, inclusieve kunstkritiek. Als we dat willen blijven bieden in de toekomst, hebben we ook jouw steun nodig! Steun Etcetera.

special
Leestijd 3 — 6 minuten

#161

15.09.2020

14.12.2020

Julie Cafmeyer

Julie Cafmeyer studeerde in 2015 af aan de Toneelacademie Maastricht als regisseur. Vandaag schrijft ze en maakt ze theater. In haar theaterwerk combineert ze autobiografische elementen met een transparante speelstijl. Daarbij probeert ze steevast een intense band op te bouwen met haar publiek.