Leestijd 3 — 6 minuten

India Song

Akt-Vertikaal, Antwerpen-Gent

Marguerite Duras heeft India Song (een experimenteel filmscenario uit 1973) heel dicht geschreven, met een ongewoon simultaan verloop, bewust desoriënterend. Het ligt in de lijn van Van Hove’s werk zijn regies een eigenzinnige richting te geven. Structureel leidt dit, bij deze derde verbroedering van Akt-Vertikaal, naar een opeenvolging van scènes die, als lagen van één geheel, geleidelijk dichter bij een oerverhaal komen.

Het nauwe, eerste luik maakt meteen duidelijk dat het paradijs al lang verloren is. Toch blijft onder de lage hemel van de kijkdoos nog een idyllisch bloembed over. Hij en zij proberen er elkaar te benaderen, terwijl ze fragmenten opdissen uit de bijna legendarische geschiedenis van Anne-Marie Stretter, de Franse ambassadrice in Calcutta. De man en de vrouw aarzelen, dagen uit, glijden langs elkaar heen. Ze verliezen zich in de herinnering aan dat ver liefdesverhaal. Ook op hun verhaal drukt tere melancholie. Maar alle liefelijkheid kwijnt weg als een stel gore gluurders het eng begrensd wereldje brutaal opengooit. Zij worden de bewoners van de tweede scène.

Een donkere ruimte wordt schuin verdeeld door een lange, leren zetel. Daarachter een lintenscherm waardoor de vijf outsiders een receptie op de ambassade beloeren: ze pikken er stof op voor hun roddels. Om hun lege bestaan verder vulling te geven, besluipen ze elkaar, vergrijpen zich aan elkaar of duiken onder in een nummertje groepshysterie. Toch kunnen ze in al hun decadent vertoon alleen schrijnend onvermogen ensceneren.

De ambassade-society, hun enige onderwerp van gesprek, wordt trouwens ook door impotentie gekweld. Deze elite, die dus de eigenlijke protagonist is van het ver-nabij verhaal, zien we in het derde luik. Dezelfde zetel staat nu kruiselings onder een zacht ritselende lintenrij. Je hoort een weemoedige western-stem een romantische story vertellen. Ondertussen verschijnen één voor één de intiemen van het huis, allemaal kolonisten. Ze dansen, gapen elkaar aan, drinken, praten, tasten in eikaars kleren. Alles traag, wat wazig. Deze verlamde toestand wordt zelfs nauwelijks verstoord door de scherpe kreten van de vice-consul van Lahore. Hij schreeuwt zijn liefde uit voor Anne-Marie Stretter. Hij wordt verwijderd.

In een naspel proberen de vijf acteurs zich aan een stang op te trekken. Krampachtig en hijgend vermelden ze nog hoe Anne-Marie Stretter dramatisch aan haar einde kwam. Ook zij komen nog nauwelijks omhoog. Links en rechts van het toneel zwaait een Russisch en een Amerikaans vlaggetje.

Met dit laatste beeld wil Ivo Van” Hove blijkbaar nog per se laten zien dat hij het immobilisme van de personages ook op politiek terrein wil doortrekken (de verstarring van Indië tussen de twee grootmachten). Dit aanhangsel is niet alleen overbodig. Het verbreekt ook de eenheid van de voorstelling die doorheen de eerste drie scènes toch mooi verzekerd werd door subtiele associaties binnen het decor. (Het bloemperk uit I b.v. wordt in II betekenisvol geïntegreerd als een boeket snijbloemen in een vaas.)

Wanneer de impotentelingen in het tweede luik nadrukkelijk hun identiteit demonstreren met postiche penissen, komt mij dat al evenzeer voor als een aangeplakte interpretatie. Men toont bloedloos exhibitionisme, te vergelijken met ongeïnteresseerd voyeurisme op andere momenten. Dit louter etaleren werkte als stijl in de Wonderen der Mensheid (Etcetera 10, p. 61 e.v.), maar hier maakt het me onverschillig. Door ‘vals’ te spelen (en te spreken), is de voorstelling dan ook niet geworden wat ze volgens de programmafolder had willen zijn, nl. “een wrange tekening van menselijk vampirisme,” d.i. “mensen die zich vastzuigen aan anderen teneinde zelf te overleven.” Van een sterk doorvoelde tekst heb ik alleen een klaar doordachte, maar dunne vorm teruggevonden. Ik was ontgoocheld.

India Song

auteur: Marguerite Duras;

vertaling en regie: Ivo Van Hove;

vormgeving: Jan Versweyveld;

belichting: Jan Versweyveld, Peter Van Kraaij;

spelers: Luk De Konink, Goedele Derick, Peter Van Asbroeck; René Van Sambeek, Philip Watrin.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 3 — 6 minuten

#11

15.06.1985

—

14.09.1985

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!