© Dieter De Schutter

Leestijd 4 — 7 minuten

In mijn kruin fluiten verschillende vogels

Een kortverhaal door Tülin Erkan

Ik ben taal. Ik begon met vier letters. Ik begon bij jou. Als een kiem ontsproot mijn naam uit jouw gedachten. Ik was een naam ook al was ik er nog niet. Vanuit jouw buik hoorde ik het zieden van de Noordzee, het rollen van de golven, het krijsen van de meeuwen, de verschillende tongen die vielen. Ik hoorde de gedempte zang van sirenen, een grootmoeder en een zus die op me wachtten, een onderwatertaal die me alsmaar zou blijven achtervolgen. Ik hoorde een embryonaal wiegelied, de stilte van een vadertaal. In mijn baarmoederdromen was jij de enige die me toesprak.

Met een tik van je moedertong tegen je tanden benoemde je me. Na negen maanden gaf je me met slechts vijf letters een plek in de wereld, verder weg van jou. Enkel jij ontcijferde mijn taal moeiteloos. Mijn amorf gebrabbel, de klanken die alleen jij en niemand anders kon ontleden, altijd weer die vraag naar jou. Als kersverse zaailing zoemde het tussen mijn lippen en ontsproot ook jij al snel uit mijn eerste vier letters. Mama. Zonder jou is er geen taal.

Ik besta uit meerdere tongen. Krampachtig krullen ze zich in allerlei vormen. Tegen mijn gehemelte willen ze letters kneden, ze proberen de Engelse hymnes van mijn grootmoeder te hummen, ze proberen mee te playbacken met mijn oudere zus. In een mondholte die soms als een leeg nest aanvoelt, nog net warm genoeg, troost ik me met de gedachte dat je je tong niet kunt inslikken, dat niets ooit echt leeg is, dat er altijd iets is dat blijft.

Ik ben kind. Ik ben vier letters. In mijn hoofd stormt het talen. Op het strand van Oostende sprokkel ik mijn woorden bijeen als drijfhout. Het hout is broos maar weerbaar, in allerlei vormen gepolijst door zout, zee en schelpen. Ondertussen waait de wind wispelturig uit alle richtingen.

Hoe meer wind, hoe meer ‘moutontjes’ op de golven, zeg je. Je lacht om mijn verwarring en wijst naar de zee tot ik het zie. Het witte schuim op de hoogste golven lijkt inderdaad op schaapjes. Wanneer ik op een later moment de slaap niet kan vatten en te horen krijg dat ik ‘schaapjes moet tellen’ is het enige wat ik zie golven, gitzwart tot het opnieuw ochtend wordt.

© Dieter De Schutter

Op het strand toon je me het land van jouw moeder, mijn grootmoeder, daar aan de horizon. De Canterbury Tales, het walhalla dat Marks & Spencer is, de sponge cakes, de fig rolls, de After Eights. Terwijl ik het silhouet van de Big Ben meen te ontwaren, nestel ik mijn oor in een schelp. Ik hoop het land van mijn grootmoeder te horen, het wiegende gras van de meadow, de blatende schaapjes op de golven. Maar ik hoor enkel hoe windstil mijn vadertaal waait.

Op het strand speel ik met meertalige vriendinnetjes. Iraanse, Turkse, Franse, West-Vlaamse. Het zand stuift in onze ogen en de wind verhult onze spraakverwarring, neemt de letters mee in zijn vaart en vervaagt ze. Maar we zijn overmoedig en roepen ‘Kijk hoe buigzaam onze woorden zijn, geen enkele wind kan ons knakken’. Soms, wanneer de wind hard waait en je daardoor de twee laatste lettergrepen van Merhaba niet hoort, dan krijg je Mère. Soms hoor je meer wanneer de wind veranderlijk waait.

Op het strand leer ik rekenen met schelpen. Met de mooiste schelpen koop ik kleurrijke papieren bloemen. Aan de kinderen op het strand vraag ik hoeveel letters hun alfabet telt maar niemand heeft genoeg vingers om de aantallen te benoemen. ‘s Nachts stormt het opnieuw talen in mijn hoofd: wat gebeurt er als de aantallen niet meer overeenstemmen? Wat gebeurt er als onze talen elkaar niet perfect overlappen? De schaapjes op de golven tellen helpt die nacht niet.

In de zetel kijken we samen naar je lievelingsreisprogramma op France 3: Des racines et des ailes. Op Frans-Polynesië is een zangvogel met uitsterven bedreigd. Ik vraag je waarom de vogel niet gewoon wegvliegt, vogels zijn toch vrij en kunnen toch overal hun taal spreken? Je sust me met een kus op het voorhoofd en vertelt me dat het Turkse woord voor vogel kuş is. K-U-S. Maar de -s heeft een extra krulletje, een golfje onderaan. Moeder. Zonder jou is er geen taal.

© Dieter De Schutter

Vandaag ben ik boom. Ik ben vier letters. In mijn kruin fluiten verschillende vogels. Uitheemse, inheemse, overzeese. Huismussen en honingeters, Turkse tortels, rouge-gorges, blackbirds. Elke vogel zingt zoals ie gebekt is. In kukeleku’s en cocorico’s. Sommige nestelen zich, voeden hun jongen, nemen een Babel-bad in de poeltjes aan mijn voeten, andere trekken verder richting het Zuiden. Birds of one feather flock together, zeggen ze, maar ik weet niet of dat per se zo is. In mijn kruin zingen verschillende vogels, in veelkleurige harmonieën.

Zoals elke boom in een woud onderga ik mijn context. Af en toe ontwortel ik mezelf, zo voorzichtig mogelijk, met buigzame takken en schaduwrijk gebladerte, om de vogels niet te verjagen, hun nesten niet te verwoesten. Op een nieuwe plek probeer ik zo ver mogelijk te reiken, opnieuw te aarden. Steeds stoten mijn wortels op nieuwe, nog ongekende netwerken van schimmeldraden. Ondergronds tasten we af, we praten met elkaar als communicerende vaten, het voelt bijna elektrisch. Wij zijn taal. Wij zijn meer. Meer dan de optelsom van onze alfabetten.

In Antwerpen wiegeliedt de wind nu al een tijd door mijn bomen. In de Borgerhoutse straten lach ik om de Marokkaanse vrouwen die in de meest Antwerpse tongval kibbelen. Bij bakkerij Günaydın haal ik mijn beste Turks boven om een brood te bestellen en word ik ongevraagd overladen door tal van zoetigheden: baklava, revani, tulumba. Van alles moet ik proeven. In de Turkse avondles leer ik dat het woord ‘yurt’ vaderland betekent. De nomadische tent representeert het constant onderweg zijn maar betekent ook dat je je overal thuis kunt voelen, dat je niet per se hoeft te wortelen. Tijdens de lessen van een nooit aangeleerde vadertaal leer ik dat taal een veranderlijke plek is om in te wonen, en dat je als een heremietkreeft altijd op zoek kunt gaan naar een nieuwe schelp om in te groeien. Dat je je oude schelp windstil kunt achterlaten.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

artikel
Leestijd 4 — 7 minuten

#169

15.09.2022

14.12.2022

Tülin Erkan

Tülin Erkan is schrijver, redacteur en copywriter. Ze groeide op in een meertalig nest. In haar debuut Honingeter onderzoekt ze de frictie tussen moedertaal en vaderland.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!