© Pieter Dumoulin

Gilles Michiels

Leestijd 3 — 6 minuten

Het Huwelijk – Tibaldus

Wie spreekt, is verantwoordelijk

Tibaldus verpakt een potje taalfilosofie in een absurde koningstragedie. En die heeft geen geforceerde actuele doorsteek nodig om in ironische tijden een confronterend inzicht te verbeelden: dat woorden gebruiken altijd ook vertegenwoordigen is.

Woorden scheppen de werkelijkheid. Dat heet performatieve taal en het is lesje dat elke letterenstudent ooit opgelepeld kreeg, maar de gevolgen reiken verder dan de schoolbanken. Het is de reden waarom vandaag koloniale, seksistische of binaire taal wordt aangepakt, want die houdt structuren in stand die niet meer aan de realiteit beantwoorden. Een letterlijk voorbeeld van performatief taalgebruik is dan weer het huwelijksritueel, waarbij een koppel zich pas gehuwd mag noemen als de burgemeester hen gehuwd verkláárt. Niet toevallig drijft die logica ook de plot van Het Huwelijk voort, Tibaldus’ tweede bewerking van de Poolse auteur Witold Gombrowicz (1904‐1969).

Het podium, afgelijnd als een kinderspeelplaats, is leeg: rekwisieten, personages en sociale rollen ontstaan pas als de acteurs ze uitspreken. Wanneer Ferre Marnef zijn medespeler Simon De Winne moeder noemt, wórdt hij die ook – althans een onderdanige versie die zich meteen naar het fornuis haast. De absurde verhaalrealiteit die hieruit ontstaat, verbeeldt bij uitstek de consequentie van performatieve taal. Een mening uitspreken is een wereld verbeelden, iemand benoemen is een sociale rol toekennen – die deterministische gedachte zet regisseur Timeau De Keyser kracht bij door elke naam een zangerig leitmotiv mee te geven.

Lallende dronkaard

In koninklijke middens mag de hiërarchie misschien vaststaan, in het theater fungeert net de mogelijkheid tot transformatie als narratieve motor. Zo bracht een atypische, zwijgende prinses in Tibaldus’ eerste Gombrowicz-bewerking, Yvonne, prinses van Bourgondië, het starre hof uit evenwicht. Deze keer gaat de prins (Marnef) opnieuw huwen, maar zijn verzet richt zich op de troon van zijn vader (Hans Mortelmans): hij wil koning worden.

Dat theatrale spel van transformatie openbaart zich in Het Huwelijk erg ambigu: voor de personages wringen de geforceerde rollen en machtsstructuren die de taal hen oplegt, maar hebben de acteurs die rollen niet evengoed nodig om te acteren – en dus zichzelf te zijn? Kan identiteit wel zonder performance – door taal, maar ook kledij en beweging? Om het met Gombrowicz te zeggen: ‘Mens zijn betekent toneelspeler zijn. Mens zijn is ‘zich gedragen’ als een mens, zonder diep van binnen een te zijn. Mens zijn is het mensdom reciteren.’

De vraag wat compulsief en wat individueel is, bepaalt ook de oude gezangen van o.a. Josquin Des Prez en Adriaan Willaert, die verweven zijn in de voorstelling. Bij polyfone samenzang bestaat het collectief slechts bij de gratie van de solo’s. Op scène is het dan ook de meest weerbarstige ‘solo’ die de gevestigde orde uitdaagt: niet de prins zelf, maar de lallende en brallende dronkaard (Katrien Valckenaers). Zij heeft aanpassingsvermogen en verbeelding. Zij maant de prins tot verzet aan. En om de koning aan te tasten, volstaat volgens de dronkaard slechts één wijsvinger.

Schild & vrienden

Het gebruik van de wijsvinger leidt op scène vaker tot onrust. In dit taalfilosofische stuk is het misschien wel het belangrijkste motief. Patricia de Martelaere linkt de wijsvinger in haar roman Het Onverwachte Antwoord aan het probleem van de zelfreferentie. “De kwestie is: kan een taal ooit over iets anders gaan dan over zichzelf? (…) Een wijsvinger kan niet wijzen naar zichzelf, een oog kan zichzelf niet zien. En toch kijken honden en dwazen inderdaad naar de vinger die wijst, en niet naar de richting waarin gewezen wordt.”

Het onderscheid raakt aan de kern van dit stuk: wie spreekt, tast de werkelijkheid aan. Valckenaers, die dat in de hoedanigheid van dronkaard als eerste begrijpt, speelt toepasselijk genoeg ook de ambassadeur: zij vertegenwoordigt iets. Laat dat nu het probleem zijn bij recente fenomenen als Schild & Vrienden, die het gebruik van racistische humor menen te rechtvaardigen door hun ironische distantie. Daarom is dit het juiste stuk op het juiste moment: Het Huwelijk verbeeldt de verantwoordelijkheid die elk spreken vereist en geeft in politiek correcte tijden een actuele draai aan een zeventig jaar oude tekst.

recensie
Leestijd 3 — 6 minuten

Gilles Michiels

Gilles Michiels is schrijver en cultuurjournalist. Hij publiceerde onder meer in Rekto:verso, DW B en Dans.Magazine en is momenteel theaterrecensent bij De Standaard.

recensie