Democratisch fascisme
Redactioneel Etcetera 183
Floris Baeke
© Bas De Brouwer
De ‘filosoferende musical’ Ground Floor is een gewaagd theaterexperiment van muziektheatergezelschap Orkater. Hun verfrissende benadering van het musicalgenre laat je begripvol kijken naar de mens die zich afzondert van een pijnlijke buitenwereld.
Een luide knal is het startschot. Wat er precies aan de hand is, is niet helemaal duidelijk. Maar de rook buiten en het knallende onweer geeft te denken dat we op z’n minst te maken hebben met een flinke catastrofe. Vijf ogenschijnlijk doodgewone mensen komen de begane grond van een nietszeggend grauw kantoorpand in gevlucht. Een zachtaardige conciërge doet voor hen open. Enige tijd hangen ze wat verloren rond, en kijken nog wat naar het schouwspel dat zich buiten afspeelt.
Het is misschien wel één van de oudste tropes die er zijn: een groep vreemden belandt in een afgebakende ruimte die ze niet zomaar kunnen verlaten. Voor (on)bepaalde tijd zijn ze aan elkaar overgeleverd. Even is er frustratie en angst (“als ik niet weg kan, ga ik dingen slopen”), maar dat houd je niet lang vol. Mensen die plots aan elkaar zijn overgeleverd, die gaan elkaar verhalen vertellen, dat weten we al sinds Bocaccio’s Decamerone.
Ground Floor is de nieuwe productie van het Nederlandse muziektheatergezelschap Orkater. Componist, zangeres en actrice Annelinde Bruijs sloeg met regisseur Suze Milius de handen ineen voor een ‘filosoferende musical’ “om het beest dat pijn heet in de bek te kijken”. Van Orkater kregen zij de ruimte om te gaan experimenteren met het musicalgenre. Schrijver Maartje Wortel schreef voor Ground Floor haar eerste theatertekst.
De makers lieten zich inspireren door het boek De Palliatieve Maatschappij van cultuurfilosoof Byung-Chul Han. Een pleidooi voor het accepteren dat pijn en dood bij het leven horen. De hedendaagse ziektes van de prestatiemaatschappij zullen we niet voorgoed uitbannen met pillen en therapie die van die pijn een individuele kwestie maken. We moeten onze pijnen niet medicaliseren, maar interpreteren. Niet tellen, maar vertellen, aldus Han.
Het theaterexperiment van Ground Floor heeft een op vele fronten onconventionele musical opgeleverd. Geen scènes die door liedjes worden afgewisseld, maar een continu doorlopende compositie. Ieder woord van de acteurs verhoudt zich tot het ritme en de melodie van de muziek, soms dichterbij het spreken, dan weer voluit gezongen. De elektronische muziek van Bruijs is soms catchy, dan weer vreemd als een avant-gardistische opera. Het levert een strakke vorm op van mensen die niet anders kunnen dan zich uit te drukken in een artificiële en tot in de puntjes gecomponeerde klank. Zelfs wanneer er iets mis lijkt te gaan, blijven de acteurs hun woorden half zingen, half zeggen. Die vorm zorgt voor een ontroerende absurditeit.
“De esthetiek van Ground Floor heeft veel weg van de grijze werelden van de Zweedse filmregisseur Roy Andersson.”
De gehele voorstelling lang blijven de spelers strak in hun keurslijf. De enscenering is statisch, de zes figuren (vijf schuilenden en een conciërge) bewegen traag door de ruimte. Ze staren wat voor zich uit, en lijken vaak meer met zichzelf in gesprek dan met elkaar. De esthetiek van Ground Floor heeft veel weg van de grijze werelden van de Zweedse filmregisseur Roy Andersson, bekend van tragikomische films als A Pigeon Sat on a Branch Reflecting on Existence.
In hun plotselinge samenkomst, lijken deze mensen iets te vinden wat ze al lange tijd hebben gezocht: een luisterend oor. Of is het niet het samenzijn, maar de catastrofe die deze mensen aanzet tot hun verteldrift? De jongste jongen van het gezelschap vertelt over een man die in een neerstortend vliegtuig zat. In zijn laatste minuten begon hij te praten tegen de vrouw naast hem. Niet over zijn vrouw en kinderen, maar over de nootjes die hij het liefste at. Uiteindelijk stortte het vliegtuig niet neer maar landden ze veilig, en de man wordt gek van schaamte.
Terwijl de zes figuren elkaar met groeiende overgave vertellen over zichzelf, verzwakt hun aandacht voor de buitenwereld, al lijkt de ernst van de toestand niet te verminderen. De stroom valt uit. Bijgeschenen door het nooduitganglichtje vertelt een vrouw over een brand in haar flatgebouw. Haar uitzicht verduisterde door de rook voor haar ramen, maar ze was veilig, door de brandcompartimentering. Ze kon gewoon op de bank blijven zitten.
De tekst van Maartje Wortel weet de tragiek van deze mensen over te brengen door ze gewoon te laten praten over hun alledaagse leven. “Je zus bellen, om haar te zeggen dat zij de bank mag als je doodgaat. Dat je weet dat je zus andere wensen heeft, bijvoorbeeld dat je niet zo vaak aan doodgaan denkt.” Het zijn kleine portretten van mensen die een pijn met zich meedragen en die soms even naar de oppervlakte komt. Ondanks de lastige vorm die hen is opgelegd, lukt het de acteurs op die momenten toch te ontroeren. Het ongemak druipt van de hele situatie af. Toch zijn er momenten van toenadering, soms niet meer dan een voetstapje richting de ander, die de zachtaardigheid van deze mensen verraadt.
Deze voorstelling is een mooi antwoord op het pleidooi van Byung-Chul Han. “Niet tellen, maar vertellen” is een sterke leus, maar de praktijk is altijd weerbarstig. Praten helpt, maar is geen quick fix. En waarover moet je dan praten? Moet je hoofdzaken van bijzaken scheiden, of doet alles ertoe? Laat je in je woorden nog ruimte voor verbeelding, of moet je alles tot in detail beschrijven? De personages laten zien dat “praat erover” makkelijker gezegd dan gedaan is. Daarnaast schenkt Suze Milius in haar regie veel aandacht aan de niet-praters: de mensen die zich verhouden tot degene die spreekt. Goed luisteren is immers een zoektocht op zichzelf. Wie zijn pijn in z’n taal verhult, heeft een goede luisteraar nodig. “It is a joy to be hidden, but a disaster not to be found”.
Ground Floor houdt een spiegel voor aan de mens in ontkenning. We zien zachte mensen die zo aandachtig naar elkaar luisteren dat ze de pijnlijke buitenwereld even laten voor wat die is. Geen spiegelbeeld dat je verwijtend aanstaart, maar een spiegelbeeld dat begripvol naar je glimlacht.
Tot in maart speelt Ground Floor in Nederland en Antwerpen, klik voor de speellijst.
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.