Theater per capita
Romina Paula
A Year Without Summer, Florentina Holzinger © Nicole Marianna Wytyczak
Naar goede gewoonte vroegen we Etcetera-auteurs en -redacteurs naar de voorstellingen die hen in 2025 zijn bijgebleven. Welke makers en spelers gingen over de tongen? Wie zorgde voor het mooiste lichtontwerp? En hoe blikken we vooruit naar 2026? Je leest het hier.
Simon is co-hoofdredacteur van Etcetera en werkt als dramaturg en theatermaker.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
The Truthful van Lieselot Siddiki, een poëtica in volle ontwikkeling, wat een plezier om daar getuige van te zijn.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
De teksten van Lydia McGlincheys MadDoG waren onbehaaglijk grappig. Ook om Ophelia’s Got Talent (pas dit seizoen gezien) van Florentina Holzinger heb ik erg moeten lachen, zeker toen de degenslikker met een camera in de slokdarm ging en daar beelden van zwemmende vissen werden doorgemixt.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Family van Louis Janssens, elke keer, maar Louis is mijn partner dus dat is valsspelen. En nogmaals Ophelia van Holzinger, ik was erg blij om na het grote geweld van Divine Comedy een soort van verstilling en uitpuring te zien, uiteraard binnen haar esthetiek van overdaad.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Candela Capitán, een ster in Spanje, maar haar Solas in DE SINGEL (Europalia) was mijn kennismaking met haar werk.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
De spelers die ons door het knotsgekke Piñata Cake van Gaël Santisteva loodsten.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
Simon Van Schuylenberghs act bij Anal Pompidou, de openingscène to end all openingsscènes. Helaas niet live gezien, maar Lady Gaga schreef nog maar eens popgeschiedenis met de opening van haar Mayhem Ball: een operaversie van ‘Bloody Mary’ als intro van ‘Abracadabra’ in een metershoge rode hoepeljurk.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
WOOD van Frank&Robbert Robbert&Frank speelt zich af in een prachtige VR-omgeving waar naar mijn gevoel veel te weinig mee gedaan werd. Ook bij DEEPER van Gosia Widowik voelde ik me torn (op z’n Imbrugliaans) tussen esthetiek en inhoud.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
Ik neem nooit een notitieboekje mee de zaal in, maar uit My Nemesis van Manizja Kouhestani en Fiene Zasada wou ik zowat elke zin opschrijven.
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Ik kijk meer conceptueel dan narratief en ben vaak niet zo bezig met bogen van individuele personages. Maar nu ik erover nadenk, misschien wel Matteo Simoni in De Sitcom van DE HOE — die totale onmogelijkheid om samen te vallen met je omgeving zette mijn spiegelneuronen aan het werk.
Mooiste lichtontwerp?
Ik kan niet kiezen tussen het ontwerp van Kato Ooms voor Queerly Beloved van House Of Lux en dat van Vera Martins voor shoe/farm van buren.
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Viel me op als trend: vermoeidheid, lethargie en depressie als theatrale situatie.
Gebeurtenis vind ik moeilijk. Ik heb het gevoel dat er weing ‘momentum’ was in de podiumkunsten. Misschien is dat me het meest opgevalllen, een gebrek aan collectief excitement.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Dat moet Under the Influence van Colette Goossens, Stan Martens en Laurens Aneca zijn. Ik zag het vrij laat na de premiere, maar heb aan iedereen verteld hoe blij ik het was het nog gezien te hebben.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Het was een goed jaar voor popmuziek, met dank aan onder meer Conan Gray (Wishbone), Marie Davidson (City of Clowns), Lady Gaga (Mayhem), Mariah Carey (Here For It All) Addison Rae (Addison) en FKA Twigs (Eusexua en Eusexua Afterglow), maar als ik er één highlight mag uithalen: het album West End Girl van Lily Allen. Autofictie meets break-upalbum.
I’m just a little girl
Looking for a Daddy
Thought that we could break the cycle
Thought that I could keep you happy
– ‘Fruity Loop’, Lily Allen
Verder vond ik het hartverscheurend mooi om de foto’s van Alice Dooreman te kunnen zien in het FOMU. En op het snijpunt van muziek en film zag ik Cornucopia van Björk in de Kinepolis.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Onverschilligheid, fomo, en de idee dat we 24/7 ‘productief’ moeten zijn.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Minder bescheidenheid en misschien zelfs een beetje gezonde pretentie om wat we als sector allemaal verwezenlijken.

MadDog, Lydia McGlinchey © Keren Kraizer
Evelyne schrijft voor onder meer De Morgen en Etcetera, waar ze ook deel uitmaakt van de Grote Redactie.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
Fatilou M van hetpaleis & MartHa!tentatief – een ongelooflijk aangrijpende voorstelling over een meisje dat nieuw is in ons land, gemaakt met een klas niet-professionele tieners uit Deurne – technisch en inhoudelijk top. Nog nooit zo’n waarachtige jongerentaal op de scène horen spreken.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
Toch wel om de manier waarop Matteo Simoni in De Sitcom van de HOE zichzelf persifleert — met jezelf kunnen lachen in het openbaar is een grootse maar zeldzame kunst onder artiesten.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Choreografe Lovísa Ósk Gunnarsdóttir, omdat ze er in When The Bleeding Stops in slaagt om een hele zaal vol toeschouwers aan het dansen te krijgen, niet als platte gimmick zoals soms gebeurt, maar omdat ze in het uur dat eraan voorafging alle barrières slechtte via haar eerlijke en kwetsbare vertelling.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Marc Vilajuana, de percussionist in Chapters of Celebration van Benjamin Abel Meirhaeghe — de man die erin slaagt om zelfs de castagnetten sexy te maken. Wonderlijk om zo’n begaafde muzikant van zo dichtbij te mogen meemaken. Maar ook Tshimundu uit Bruxelles, I will make you mine vond ik een revelatie.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Niet zo gek veel ensembles meer gezien, vrees ik!
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
Ik was niet zo dol op het vervolg, maar op de openingsscène van Flesh can’t can’ t not’t ‘tis flesh h… van Mario Barrantes Espinoza kijk je wel je ogen uit: dat hangende lichaam als een ready made, met die glinsterende substantie (was?) die er vanaf druipt… Ergens tussen De Sade en sci-fi in.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Guernica Guernica (FC Bergman) vond ik wel echt indrukwekkend, maar het neigt naar kunst die zich erg bewust is van zijn kunstigheid, zoals filosoof Frank Vande Veire zou zeggen. Kunst die uitdrukkelijk uitroept: ‘Ik ben grote kunst’ en daarin dus een klein beetje belachelijk wordt. Ik weet het niet goed. Tegelijkertijd ben ik ook een pleitbezorger voor de waarde van belachelijkheid, dus over Guernica Guernica hop ik van het ene been op het andere.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
“WAT IS DAT TOCH MET DIE OPDRINGERIGE MUZIEK IN AL DIE CIRCUSVOORSTELLINGEN”
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Bij momenten met de machteloze tovenares Kundry uit Susanne Kennedy’s Parsifal: je mag heel even iets zingen/zeggen, en dan moet je weer twee aktes lang zwijgen, want zo heeft de grote componist het bedacht. Fucked up boel, nog steeds.
Mooiste lichtontwerp?
Gewoon omdat ik de voorstelling wil noemen en alles eraan geweldig was, maar zeker ook het licht: Every Body Knows What Tomorrow Brings And We All Know What Happened Yesterday van Mohammed Toukabri (ontwerp: Matthieu Vergez).
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
De neiging van steeds meer gezelschappen en makers om zich aan reflectie over hun werk te onttrekken, omdat het werk in hun ogen te prematuur is, niet genoeg ingespeeld, met kwetsbare deelnemers is gemaakt… Reflectie heeft nooit als doel iets ‘kapot’ te maken dus ik begrijp die terughoudenheid niet zo. Ook al niet omdat een voorstelling zich door zich niet ‘publiek’ te latenmaken buiten de samenleving plaatst – en dat betekent een gewisse dood-door-irrelevantie voor je creatie.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Gezien mijn levensfase: ga met je kinderen naar OEJ van 4Hoog of Franje van tout petit.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Spin out van Richard Serra, drie platen van cortenstaal verzonken in het landschap, te zien in het Nederlandse Museum Kröller-Müller. Het hele museum zelf (midden in de Hoge Veluwe) is trouwens een uitnodiging om je traag te laten verzinken in langzame kunstbeschouwing.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
De smartphone. Het leven gebeurt offline.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Dat ze in moeilijke tijden vitaliteit en vreugde kan behouden, en dat ze achter de schermen krijgt wat ze voor de schermen predikt: inclusieve en integere organisaties.

Guernica Guernica, FC Bergman © Sofie Silbermann
Klaas is Doctor in de Rechten en werkt als dramaturg. Hij is deel van de Grote Redactie en recensent bij Etcetera.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
The Brotherhood (Carolina Bianchi), ondanks de hype, ondanks de barok, te groot en te klein tegelijk.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
Ik lach nooit hard, maar bij Parkplatz (Cie. Cecilia) was het onvermijdelijk.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Srebrenica, le chemin inverse (Ras-el-Hanout), over de jaarlijkse voettocht van Europese moslims naar Srebrenica, onderweg verhalen oppikkend over ondenkbare gruwel. Ik ben niet religieus, maar de klaagzang uit de Quran zorgde voor koude rillingen.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Anna De Graeve (in Boze geesten en House Warming) is een komisch én melodramatisch fenomeen. Mohsen Alzaher is schandelijk brutaal, onverantwoord gewelddadig en zéér noodzakelijk in The Holy Womb (van hemzelf en Ivan Kevork Azazian).
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Geen twijfel mogelijk: Tutti Fratelli in Macadam!
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
Omdat het mij totaal op het verkeerde been zette, ik dacht ongelooflijke kracht te zien, maar het werd een gênante pose, pseudo-activistische kitsch: Delirious Night van Mette Ingvartsen
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Elke voorstelling die ijdelheid als een politieke deugd verkoopt: Delirious Night (Mette Ingvartsen) dus, Maar ook My Body As A Commodity (Anne-Laure Vandeputte) en De Meeting (Julie Cafmeyer). Er bleef telkens een heel ongemakkelijk gevoel hangen, een zekere kwaadheid, maar ook respect voor de bravoure.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
Ik noteer nooit iets, maar Alledaags verlies (Willem de Wolf en Lineke Rijxman) en De damesclub bevatten zoveel volzinnen dat mijn onbestaande notitieboekje meteen helemaal vol zou staan.
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Niet echt een personage, hij speelt gewoon zichzelf with a twist: Rabih Mroué in Four Walls and a Roof, over de dunne grens tussen genadeloze analyse en zelfbedrog, in meningen over de wereld, in reflecties over persoonlijke relaties.
Mooiste lichtontwerp?
Trouble Score van zus en broer Cassella, lichtontwerp van Nick Verstand, i.s.m. Wes Broersen en Wout Panis. Licht maakt ruimte, in de meest letterlijke zin: licht bouwt ruimte, zoals een architect.
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Veel verontwaardiging over van alles en nog wat, maar te weinig (toch op het podium) over Gaza of Darfour. Of kan je daar beter over zwijgen op de scène? En gewoon als burger spreken en handelen? Met één uitzondering: Moysen Alzaher. Zijn huis in Zuid-Libanon werd platgebombardeerd, en hij spuwt al zijn woede uit in een ‘terroristische’ monoloog.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Barber Shop Chronicles (Junior Mthombeni en Michael De Cock) is voorlopig nog niet opnieuw te zien, maar een must voor wie nog niet overtuigd is van de noodzaak van kosmopolitisme (en voor alle anderen ook).
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Mag het popmuziek zijn? Smoochies van Ashnikko (schijnbaar platte pop met veel ruis, Björk meets Dua Lipa), en Baby van Dijon (een waardige opvolger van de betreurde d’Angelo, lawaaierige soul en schone tranen)
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Alles wat te koop loopt met zijn of haar ijdelheid, onder het mom van ‘autofictie’.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Meer ensembles die langer dan één of twee producties meegaan en die ook iets groter dan een trio of kwartet mogen zijn. Minder werkloze acteurs.

Boze Geesten, LAZARUS & theater arsenaal © Raymond Mallentjer
Maliqa is performer, actrice, theatermaakster en schrijfster en lid van de Grote Redactie van Etcetera.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
The Brotherhood (Trilogia Cadela Força, deel 2) – Carolina Bianchi!
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
Wanneer ik een voorstelling heel grappig vind, dan hoor je het wel in de zaal. Ik houd me niet in om luidkeels tekeer te gaan. Bij De Kortvoorstelling-tentoonstelling van Joeri Happel en Lucas van der Vegt, was dit absoluut niet het geval. Ik moest zo hard lachen dat er geen geluid meer kon ontsnappen. Ik trilde en schokte terwijl tranen over mijn wangen rolden.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Normaal zit ik graag op de eerste rij, lekker dicht bij de actie, maar toen ik, ik weet niet hoe ik het anders moet zeggen, in tranen uitbarstte tijdens (v) van De Nwe Tijd, heb ik mijn favoriete plekje in de zaal toch even in vraag gesteld. Tranen van ontroering, maar vooral herkenning.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Choreograaf en danser Adem Ouhaibia.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
De cast van Chapters of Celebration van Benjamin Abel Meirhaeghe, Wouter Deltour en Muziektheater Transparant.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
De openingsscène van Trouble Score van Luanda & Pablo Casella. De opgewekte anticipatie van een concert, maar wanneer je doorhebt over wat het gaat, grijpt het je bij je keel.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
KIDNAPPED: A Training Ground for the Brutality that is Coming van Rodrigo Batista. Hele vermakelijke voorstelling die je aan het denken zet over hele zware thema’s. Een aanrader!
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
Heel veel zinnen uit My Nemesis, masterproef van Manizja Kouhestani in samenwerking met Fiene Zasada.
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Maggot uit The Truthful van Lieselot Siddiki, gespeeld door alomtegenwoordig talent Bavo Buys.
Mooiste lichtontwerp?
Nog eens Chapters of Celebration van Benjamin Abel Meirhaeghe, Wouter Deltour en Muziektheater Transparant, met lichtontwerp door Danielle van Riel. Het licht steelt heel even de spotlight!
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Ik zag heel veel referenties naar een onlinewereld en internetcultuur. Videofragmenten, memes of zelfs een bepaalde esthetiek van the-world-wide-web vond ik dit jaar heel voelbaar. De onlinewereld sluipt de fysieke steeds meer binnen, terwijl ondertussen ‘going analog’ trending is op TikTok.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Rustoord van Martha Balthazar, Jana De Kockere, Barbara T’Jonck en Mats Vandroogenbroeck.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
De film Sinners van Ryan Coogler.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Het idee dat kunst zich in een vacuüm bevindt. Kunst is en blijft politiek.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Meer onlogische, vreemde en onverwachte samenwerkingen. Meer plezier in het risico.

Chapters of Celebration, Benjamin Abel Meirhaeghe & Wouter Deltour © Fred Debrock
Liv werkt rond kennis en reflectie voor Circuscentrum, is recensent en lid van de Grote Redactie van Etcetera.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
Three times left is right: politiek theater dat tegelijk ook een horrorkomedie en een huwelijksportret is. Het acteerspel van koppel Josse De Pauw en Kristien De Proost is (letterlijk) om duimen en vingers af te likken. Tarantino meets Schwab op de onnavolgbare Julian Hetzel way!
En ook: De Intrede geregisseerd door Tom Ternest en Silke Thorrez. Beeldend theater in een voormalige busloods waar een straat werd nagebouwd. Een collectief huzarenstuk met meer dan honderd acteurs, een hond, band, koren, fanfares, de reuzen van Roeselare, een bus en een sponsorstoet! Grandioos theater met een groot hart voor het kleine.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
Met Janne Desmet in Arme Tante Danni. Niet alleen omdat de anekdotes die ze aanhaalt ook voor mij als geboren en getogen West-Vlaming zulke herkenbare situaties zijn maar ook omdat haar verhaal universeel zoveel zegt over de (on)breekbare band tussen ouders en kinderen.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Janne Desmet in Arme tante Danni om net diezelfde redenen. En ook Collectif Malunés, met Tout va hyper bien! als je op het einde allemaal samen in de piste staat. Circus als collectieve kracht waar publiek en artiest elkaar gedragen weten – soms ook letterlijk – het was een rode draad doorheen vele circusvoorstellingen en een deugddoend antwoord op een verhardende samenleving.
Geen tranen van ontroering maar een enorme krop in de keel: OnlyFans for Therapy van Verona Verbakel, de onverbloemde verwerking van seksueel trauma en opgroeien in de jeugdzorg. Nog nooit een zaal achteraf zo stil geweten.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Jef Everaert en Marica Marinoni met In difference: twee jonge circusartiesten die niet alleen uitblinken in hun discipline (roue cyr) maar ook heerlijk speelse performers zijn die elkaar uitdagen maar ook het object zelf alle eer bewijzen.
Om eveneens in het oog te houden: Kato Van Ermen die met Princess Placehbo zich zowel een intrigerende speler, muzikant als auteur toont.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
De wijze waarop haarhangen en koorzang ook letterlijk worden vervlochten tussen circusartiesten en muzikanten in Mystica van MOVEDBYMATTER/Muziektheater Transparant.
Hoe When the bleeding stops van IJslandse choreografe Lovísa Ósk Gunnarsdóttir start als een lecture performance om vrouwen in de menopauze wereldwijd te laten dansen. Het meest ontroerende moment is wanneer de wereld op het scherm plots live op de scène treedt en leidt tot een bevrijdende collectieve dans.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
De Intrede waar een monumentaal nagebouwde straat tot leven komt en op de koop toe een bus passeert.
Het openingsbeeld van Frames van Alexander Vantournhout: De schepping van de mens is voortaan niet meer een plafond van de Sixtijnse kapel, maar een gat in de nok van een tent alwaar stukjes knie en elleboog verschijnen aan de hemel.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Ook slakken hebben wel eens haast van Theater Artemis. Jetse Batelaan heeft er ondertussen een patent op: de rek opzoeken wat kindertheater kan zijn en hoe de jonge kijker een geëmancipeerde kijker wordt in plaats van tais toi et sois petit. Ik heb me rot geamuseerd in deze voorstelling waar het geduld van kinderen tot tergen toe op de proef wordt gesteld. Al vraag ik me steeds meer af of kinderen bij een eerste theaterervaring hier niet afknappen op het medium?
De comebackshow Het uur van de olifant van Bart De Pauw: nog nooit stonden de zenuwen zo gespannen, bij de maker zelf maar ook alle media en de publieke opinie. Is er nog plaats voor nuance? Wanneer is het tijd voor herstel? En hoelang duurt het vagevuur? Waarom duurt het vagevuur voor de ene langer dan de ander en waarom komt het voor sommigen nooit? Ik heb me het afgelopen jaar veel vragen gesteld over de (on)verdraagzaamheid van de cultuursector, over empathie versus stellingname, over de verharding en vermarkting, het exclusieve van het inclusieve, en de vele potjes die gedekt blijven rond toxiciteit en onprofessioneel gedrag.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
‘TOE-KOM-SST’: subliem uitgesproken en elke letter geproefd door Marjan De Schutter bij Mantike van Toneelhuis/Benjamin Abel Meirhaeghe.
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Als uitgeweken West-Vlaming moet dat toch wel Janne Desmet in Arme Tante Danni zijn.
Mooiste lichtontwerp?
Het meest ambitieuze lichtontwerp was toch wel Arbo van Ukbum!, een installatie met talloze led lichtjes waarin acrobaat Jef Kinds eenzaam aan straps bengelt. De award voor het meest speels ‘lichtontwerp’: Just the moon van Close Call Company waarin Raff Pringuet samen speelt met een lichtcomputer, waarin je steeds meer menselijke trekjes ontwaart. Met een ontroerend bijna E.T. momentje als gevolg.
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Hoe de kunst weer politiek gerecupereerd wordt en daar zelf blind voor is. Hoe net geen partij kiezen een daad van verzet is geworden: Ni dieu ni maître. Hoe de instrumentalisering van de kunsten op de loer ligt onder het mom van ‘het belang van de kunsten’. Hoe cultuurbeleid een vorm van koehandel is en hoe besparingen worden gelegitimeerd als een vorm van solidariteit. Als de geschiedenis ons iets leert dan is het wel dit: dat Vlaanderen en bij uitbreiding België nooit zal herinnerd worden door onze excellente defensie, maar wel voor onze kunsten (en ik maak me sterk dat dit inzicht ook in de toekomst zal gelden)
Binnen de kunsten zelf: hoe er in deze dark ages ook ruimte komt voor wat leukere, spannender zaken in het donker: nog nooit zoveel zombies, goth en bdsm referenties gezien als afgelopen jaar.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Ik geef advies op maat: voor wie rouwt No yoghurt for the dead (Tiago Rodriguez/NTGent), wie houvast zoekt Hugs & Handshakes (THERE THERE Company), wie een andere familie zoekt Family (Louis Jansssens), wie politiek ver van zijn bed vindt Live vanuit de Wetstraat (Bert Gabriëls), wie perspectief nodig heeft Frames (Not Standing), wie worst lust Three times left is right (Studio Julian Hetzel), wie graag wordt verward De Sitcom (DE HOE), wie niet in magie gelooft Ballroom (Post uit Hessdalen), wie spiritualiteit zoekt Mystica (MOVEDBYMATTER),…
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Niet uit 2025 maar herbekeken en beluisterd na dit najaar de voorstelling Chapters of Celebration van Benjamin Abel Meirhaeghe te zien: Vengo, de film uit 2000 van Tony Gadlif met straffe flamenco en sufi zang.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Als iemand nog durft te zeggen dat ‘iedereen een duit in het zakje moet doen’ ga ik eigenhandig die duiten uit enkele goedgevulde buidels halen.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Als Robin Hood die duiten uitdelen.

Arme tante Danni, Janne Desmet & Martha!tentatief © Karolina Maruszak
Floris is co-hoofdredacteur van Etcetera en recensent voor De Standaard.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
A Year Without Summer van Florentina Holzinger en FRANK van Cherish Menzo.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
De rectale behandeling van Jari (Miro Lievens) in De Verenwinkel van Vanessa (Lucas van der Vegt) in De Kortvoorstelling-tentoonstelling, en de moedige getuigenis van Chandler Gerber (Joeri Happel) die daarop volgde. De koffieafspraken en ‘spoedcursus tantra’ van Greg Timmermans in De Sitcom (De Hoe). De de-escalerende dienstmededelingen van omroeper Jeroen Stevens in Ook slakken hebben weleens haast (Theater Artemis). Kaspar (Thomas Jesatko) die in Der Freischütz (van Christoph Marthaler bij OBV) een voor een de zeven Freikugeln telt.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
De interplanetaire briefwisseling tussen vader (Adama Diop) en dochter (Alison Dechamps) in La Distance van Tiago Rodrigues.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Lucas Twarkowski en Eli-Mathieu Bustos.
En ik was ook onder de indruk van de slimme masterproef My Nemesis van Manizja Kouhestani en Fiene Zasada.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Dat van [meeuw] door Olympique Dramatique (als er dan toch acteerprijzen zijn, had dit prachtige en deskundige samenspel het zonder de minste twijfel verdiend). En als het over aanstekelijk gaat: zeker de dierenmusical BOS van BRONKS en BOS+.
Ik heb dit jaar ook voor het eerst Rain van Rosas gezien. De levenskracht en spanning die de groep dansers daar vrijmaakte was heel speciaal – een sublieme choreografie, scenografie en muziek: alsof ik verliefd werd.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
Die van A Year Without Summer van Florentina Holzinger.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Ik zag QUANTA van Lucas Twarkowski voor het eerst in het Litouws Nationaal Dramatheater in het bitter koude Vilnius, en was van m’n sokken geblazen. De Oekraïense soldaten die in uniform rond mij zaten, de perfect opgeklede toeschouwers en hun sérieux, de luxueuze Sovjetarchitectuur: het was alsof het stuk over de nakende oorlog en kwantumfysica ook buiten de zaal doorliep, en ik had nog nooit zoveel spanning in een theaterzaal gevoeld. Vooral toen ik in de pauze de zaal onder angstaanjagend luid bomgeschal moest verlaten had ik de daver op mijn lijf. Toen ik de voorstelling echter enkele maanden later in Antwerpen zag, was mijn gevoel erbij afgevlakt. Ook al was er niets veranderd aan het stuk zelf, de ‘veilige’, gezapige Singel veranderde alles. Dat is toch de kracht en de schoonheid van podiumkunsten: ze zijn live, en doordrenkt van de wereld rondom zich.
Daarnaast: Grande finale van Hofesh Shechter en Guernica Guernica van FC Bergman konden me ondanks hun onderwerp niet echt raken. Bij kunst die over geweld of oorlog gaat vind ik het zeer wrang als de vormtaal zo 1-op-1, zo figuratief is.
Het deed me denken aan een citaat van Walter Benjamin op het einde van Het kunstwerk in tijden van zijn technische reproduceerbaarheid: “Fiat ars – pereat mundus’, zegt het fascisme, en het verwacht de kunstzinnige bevrediging van de door de techniek veranderde zintuiglijke waarneming […] van de oorlog. Dat is duidelijk de voltooiing van het l’art pour l’art. De mensheid, die eens bij Homerus een voorwerp van bespiegeling voor de Olympische goden was, is het nu voor zichzelf geworden. Haar zelfvervreemding heeft die graad bereikt, die haar haar eigen vernietiging als esthetisch genot van de eerste orde laat beleven.” De mensheid is haar eigen toeschouwer geworden, en dus consumeren we onze eigen vernietiging nu als schoonheid. Moet kunst die zelfvervreemding bekrachtigen door ze perfect te reproduceren, door zonder meer te tonen dat ze er is? Of proberen om ertegen in protest te komen? Ik neig toch naar het tweede.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
Alkibiades van Theater Zuidpool bevatte heel veel goeie barokke oneliners.
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Ik weet het niet. Ik denk: met elk goed personage?
Mooiste lichtontwerp?
Every Body Knows What Tomorrow Brings And We All Know What Happened Yesterday van Mohammed Toukabri.
Meest opvallende trend/gebeurtenis?
Ik zie steeds vaker lelijke generische gedrochten van AI opduiken in persteksten, essays en posts op sociale media. Kunnen we daarmee stoppen? Wij zijn bezig met kunst! Gebruik de hulp van AI voor vervelende en saaie taken, maar niet voor schrijven of voor alles wat moeilijk, creatief, verwarrend en dus menselijk is. ChatGPT was leuk toen het haiku’s over Kerstmis in de stijl van Snoop Dogg kon produceren, maar toen ging het dus vooral nog over de mens die erachter zat en ermee speelde.
Daarnaast een trend die al langer gaande is: veel stadstheaters en kunstencentra die op elkaar beginnen lijken, in programmatie, in stijl, in toon, in visie. Meer eigenheid en pluralisme zou leuk zijn. Niet iedereen moet op iedereen lijken.
Ten derde: minister Caroline Gennez die de subsidies voor enkele middenveldorganisaties schrapt tegen onafhankelijke, positieve adviezen in, en dat onder druk van de N-VA. Of ze nu van cultuur houdt of niet, ze schept een gevaarlijk precedent. Gesubsidieerde organisaties moeten enorm veel verantwoorden aan de overheid, maar krijgen in ruil daarvoor maximale vrijheid in inhoud en initiatief, vrij van politieke inmenging. Die deal is cruciaal voor onze democratie. Gaat Gennez zich straks ook laten chanteren bij de beslissingen voor het Kunstendecreet, niet gehinderd door wat haar commissies adviseren?
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Frames van Alexander Vantournhout. Mooi hoe iets zo uitgepuurd en concreet kan zijn dat je het echt aan iedereen zou kunnen aanraden.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Het uur van de Wolven van Giovanni Da Empoli: een indringend ooggetuigenverslag over de nieuwe geopolitieke tijd waarin we beland zijn, sappig, scherp, en op één dag uit te lezen. De film One Battle After Another van de geweldige Paul Thomas Anderson. Het boek Love in Exile van Shon Faye. En de albums Getting Killed van Geese en Like a Ribbon van John Glacier.
En de messcherpe cultuurkritiek van keurslager Dieter Smeulders in de podcast Meat Dieter in ‘Loslaten begint bij worsten draaien voor je vlucht’.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Mensen die al beginnen applaudisseren wanneer een voorstelling nog amper gedaan is, soms zelfs wanneer het licht nog aan het doven is. Die luttele seconden stilte en duisternis aan het einde zijn zo’n belangrijk deel van de theaterervaring. Geweldig irritant als die verpest wordt door een overijverig publiek.
En ook: de druk die Instagram en andere sociale media uitoefenen op (jonge) kunstenaars. Het belang van die oppervlakkige persoonlijke pr, van branding, van ‘zichtbaar’ zijn, van ‘persoonlijke narratieven’ – het is slecht dat kunstenaars (en eigenlijk iederéén) zo het gevoel krijgen dat ze zichzelf voortdurend moeten profileren en in de markt zetten. Zo beloon je ook pr, het optrekken van façades, in plaats van inhoud, het ontwikkelen van een artistieke praktijk. Sociale media moet terug niet-professioneel en silly worden!
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Opera Ballet Vlaanderen die Rosalía strikt en met een orkest LUX integraal opvoert in een choreografie van Trajal Harell, en ik die haar dan mag interviewen.
Maar vooral veel gedurfde voorstellingen en veel gedurfde teksten over die voorstellingen!

My Nemesis, Manizja Kouhestani & Fiene Zasada © Lars Duchateau
Kristof van Baarle is docent en opleidingsvoorzitter bij KASK Drama en werkt als dramaturg. Hij recenseert voor Etcetera.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
Misschien om meteen de vragen ‘hardste lachen’, ‘aanstekelijk ensemble’, ‘openingsscène’ (hoewel), en ‘aanrader aan vrienden’ tegelijk te beantwoorden: Anal Pompidou. Een performance cabaret waarin drie avonden per week een openingsact + drie andere korte performances op een klein podium getoond worden. Dada meets community: het doet denken aan de bijeenkomsten in Zürich in het cabaret Voltaire tijdens de Eerste Wereldoorlog (overigens nu ook een natuurwijnbar geworden). Een zoektocht naar vrijheid in zowel persoonlijk-economische als geopolitieke precaire omstandigheden. De openingsact van Simon Van Schuylenbergh is niet alleen één van de grappigste dingen die ik het voorbije jaar zag, ze creëert ook daadwerkelijk een opening voor een andere manier van performen én kijken.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Steal you for a moment van Meg Stuart en Francisco Camacho. Soms valt een bewegingstaal samen met de tijd. Vernieling, vergankelijkheid en een naïeve drive voor wederopbouw. En dat op ‘Oorlogsgeleerden’ van Wannes Vandevelde en Roland Van Campenhout.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Malick Cissé in FRANK van Cherish Menzo.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
Hier ga ik toch antwoorden want er zijn er twee die zo straf waren, dat ze de rest van de voorstelling overschaduwden.
1) de openingsscène van FRANK van Cherish Menzo: de dansers bewegen aan de randen van een wit vierkant, afgeschermd door doorzichtige plastic, in een tegelijk strakke en vrije choreografie. Nog los van de interpretatie van deze scène, was dit qua beweging – op het niveau van de vorm en eigenlijke actie – al bijzonder straf.
En 2) de openingsscène van Florentina Holzingers A Year Without Summer: een groep naakte vrouwen van verschillende leeftijden, vormen en mogelijkheden komt en verglijdt van wat simpele moves en pasjes in een orgiastische massascène waarin vooral intimiteit en plezier en dus niet het louter obscene of seksuele centraal staan.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Solas van Candela Capitan – sterke aanzetten en potentieel, maar dit werd zo aan de oppervlakte gehouden door het niet uit te werken, dat het frustrerend werd. Tegelijk vraag ik me af of het idee over ‘maken’ aan het verschuiven is: een soort quiet quitting of zelfcensuur in het makerschap?
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
Here, we are working with learning (tijdens een workshop Feldenkrais – dank aan Sociaal Fonds Podiumkunsten).
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Ik voel me niet zo gauw verbonden met personages, maar heel af en toe voel ik me gerepresenteerd door hoe een voorstelling een blik op de wereld vertaalt in iets performatief. In die zin voelde ik me erg goed thuis bij Rodrigo Batista en Mariana Senne in Kidnapped – A Training Ground for the Brutality that is Coming.
Mooiste lichtontwerp?
De slotscène van Echo Beach, de masterproef van Arthur Loontjens of Commonstro van Milø Slayers (ontwerp: Luc Schaltin).
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Ik zou ook hier opnieuw de kaart van Anal Pompidou kunnen trekken en claimen dat de sector in een soort anale fase zit. Maar ik kies voor een verschuiving in het discours en praktijk rond ‘identiteitstheater’: misschien onder invloed van de herverkiezing van Trump in de VS? Of misschien zijn beide hetzelfde.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Family van Louis Janssens en Anal Pompidou.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Een klassiek concert in een héél goede concertzaal. Voor de herverfijning van het gehoor.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Besparingen.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Een herontdekking van vrijheid en experiment, een combinatie van inhoud en open mogelijkheden. Hoopvol pessimisme.

© Anal Pompidou
Sixtine is auteur voor onder meer Etcetera.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
The Horse of Jenin van Alaa Shehada.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
Infinity Forever van Mats Vandroogenbroeck, Jonas Baeke en Maria Magdalena de Cort, Queen of the Flies van Camping Sunset en Swan Songs van Ika Schwander.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Á la prochaine, mama van Ras El Hanout, Prinses Placehbo van Kato Van Ermen, The Horse of Jenin van Alaa Shehada, Publiek Plan van Elly Van Eeghem & CAMPUS-atelier.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Kato Van Ermen, Anas Achaâra, Sabine Pendry, Tinneke Van Ransbeeck.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
Die van Exhibit A van Sihame Haddioui en Ilyas Mettioui.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Flesh can’t can’ t not’t ‘tis flesh h… van Mario Barrantes Espinoza.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
Heel de tekst van Exhibit A – wat kunnen Haddioui en Mettioui schrijven!
Mooiste lichtontwerp?
Het ontwerp van Ine Roeder voor Swan Songs.
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Ik vond de State of the Future van Jozef Wouters op het TheaterFestival subliem; ik hoop dat de sector aangrijpt wat hij schreef. De sector zou gebaat zijn met wat meer klassenbewustzijn.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
The Horse of Jenin.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
De roman Grondwerk van Tijl Nuyts, de essaybundel Terres et Liberté – Manifeste antiraciste pour une écologie de libération met teksten van Fatima Ouassak, Norman Ajari, Myriam Bahaffou en vele anderen; het boek One day everyone will have always been against this van Omar El Akkad en de tentoonstelling Trésors sauvés de Gaza – 5000 ans d’histoire in het Institut du Monde Arabe (helaas afgelopen, maar hopelijk wordt het snel ergens anders vertoond).
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
In de sector: cultureel snobisme, het gebrek aan uitwisseling tussen de Franstalige en Nederlandstalige theatercircuits in België; gejaagdheid en botte mails.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Vertraging, meer voorstellingen die vroeger beginnen, vaker theater buiten de zalen, nieuwsgierigheid, meer aandacht voor (de vele vormen van) theater in de klassieke media.

Exhibit A, Sihame Haddioui & Ilyas Mettioui © Laurent Poma
Marijn is recensent voor onder meer Etcetera.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
All before death is life van Benjamin Verdonck / Theater Artemis.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
Raymonde de Kuyper als toxische moeder in Katwijk van Compagnie Red Yellow and Blue.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Alle ontwapenende spelers in Family van Louis Janssens.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Maker/jazzdrummer Agnese Valmaggia voor haar briljante mengvorm in haar performance I never lie.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
De ‘kabouter’-gemeenschap van Theater Stap en Het Houten Huis in Voor ze verdwijnen.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
De prachtige melancholieke muziek in het halfduister van debuutvoorstelling Versie X van Harmen van Liemt.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Not Quichot van Het Zuidelijk Toneel – een voorstelling vol spelplezier, goede vondsten en interessante aanzetten die uiteindelijk toch als los zand door je vingers glipt.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
‘DOE! NI! RAAR!’ (uit Alles gaat kapot van Abattoir Fermé, legendarisch uitgesproken door Steve Geerts).
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Met de versie die Matteo Simoni van zichzelf speelde in De sitcom van De HOE. Voelen we ons in deze samenleving niet allemaal steeds van het kastje naar de muur gestuurd, onze welwillende medewerking misbruikt door narcistische onverlaten die alleen maar met hun eigen drama bezig zijn?
Mooiste lichtontwerp?
A beauteous evening, calm and free van de Warme Winkel (ontwerp van Manuel Boutreur).
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Toen Caroline Gennez als enige cultuurminister ter wereld actief opriep tot een culturele boycot van Israël, op de opening van het Theaterfestival – en dat daadwerkelijk ook navolging kreeg.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Schuldig kind van Belle van Heerikhuizen.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Clair Obscur – Expedition 33 van Sandfall Interactive, een onvergetelijke videogame die een verpletterende meditatie biedt op verlies, rouw en de rol van kunst daarbinnen.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Bart De Wever, George-Louis Bouchez en alle andere genocidesteuners in de Europese politiek
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Een vervijfvoudiging van het cultuurbudget in plaats van investeringen in de wapenindustrie.

Family, Louis Janssens © Sofie Knijff
Catho studeerde Drama aan het KASK en Engelse taal- en letterkunde aan de UGent en schrijft voor Etcetera.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
The House van Carly Rae Heathcote toonde een weerbare en kritische verbeelding, en deed me ook heel levend voelen. Mijn mond viel open van het spel (Jana De Kockere, Renata Lamenza Epifanio, Marieke Schraepen, Ferre Vuye, Musia Mwankumi, Estefanía Álvarez Ramírez, Nathan Ooms, Lara Tumma, Anna Franziska Jäger en Sophia Bauer) en er gaan weinig dagen voorbij zonder dat ik me een tekstfragment uit de voorstelling probeer te herinneren. En je mocht bier drinken tijdens de voorstelling!
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
De Kortvoorstelling-tentoonstelling van Joeri Happel en Lucas van der Vegt. Al was het maar omdat Joeri en Lucas het publiek zo veel ruimte geven om actief deel te nemen aan en te reageren op de voorstelling, wat voor een specifiek soort situationele humor zorgde.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Het monowheelballet van Lucas van der Vegt in De Kortvoorstelling-tentoonstelling.
Peter Seynaeve in Family van Louis Janssens.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Ik ga de vraag herschrijven. Welke theaterrecensent was jouw ontdekking van het jaar? Marieke Schraepen, met haar recensie over A Year Without Summer van Florentina Holzinger, die ze schreef in dialoog met Amber Maes.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Het steeds wisselende ensemble van Anal Pompidou.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
De openingsscène van Deeper van Gosia Wdowik maakte me nieuwsgierig.
En Simon Van Schuylenberghs opening van Anal Pompidou mag hier ook niet ontbreken.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
My Body as a Commodity van Anne-Laure Vandeputte.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
When I was young, I played the abused, death body once, too. A lot of famous actresses started that way. (uit Deeper van Gosia Wdowik)
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Met het naamloze personage van Karin Tanghe in Deeper (horror, humor, moederfiguur, perversie, …)
Mooiste lichtontwerp?
Het campy, kleurrijke lichtontwerp dat Kato Ooms creërde voor I’m Not Done van Simon Baetens.
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Geënsceneerde oorlog (alvast in Queen of the Flies van Camping Sunset, Moeder Courage van Lisaboa Houbrechts / KVS, en Guernica Guernica van FC Bergman).
De opkomst van podcasts in podiumkritiek -en reflectie.
Voorstellingen die flirten met de grenzen van instituten of niet één op één een product zijn van het regulier gesubsidieerde theatercircuit vallen me op, en lijken me een gezonde impuls in een ziekelijk veld. Ik denk en hoop dat die tendens zich verder gaat zetten, en dat we dan ook stilstaan bij de vraag hoe we ons verhouden tot dat werk – bijvoorbeeld in de kunstkritiek die we schrijven en de podcasts die we maken.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
My Nemesis van Manizja Kouhestani en Fiene Zasada.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Muziek: Sounds on Screen – Sofia Coppola van NTS Radio.
Boek: Dear Dickhead van Virginie Despentes verscheen oorspronkelijk in Frankrijk in 2022 (Cher Conard), maar was mijn meest turbulente leeservaring dit jaar.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Ik wil nog even alles zien.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Meer bier drinken tijdens voorstellingen.
Willem de Wolf die een zwangere Hannah Horvath uit Girls speelt.
En een persoonlijke: meespelen in The House II.

De Kortvoorstelling-tentoonstelling, Joeri Happel & Lucas van der Vegt © Femke Appeltans
Rudi is socioloog, auteur en vertaler en recenseert voor Etcetera.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
Mijn blik is selectief: ik zie weinig Nederlandstalig theater en relatief veel opera, wat aansluit bij mijn interesse in grootschalig werk, muziek en multimediale podiumkunst. The Brotherhood van Carolina Bianchi had het allemaal: poëtisch, baldadig, humoristisch, afwisselend begripsvol en bikkelhard naar ‘het mannenverbond’ toe, gebalanceerd heen en weer pendelend tussen persoonlijk en afstandelijk, en een maker-performer die weet dat je op een scène zoveel meer kan doen dan ‘spelen’. In de opera overtuigde regisseur Barrie Kosky mij dit jaar twee keer. Zijn Tosca in de Nederlandse Opera was ‘kalig’, ‘s mans regie van Händels oratorium Saul in de Oper Köln excelleerde daarentegen in sterke scenische beelden, met perfecte plaatsingen van het koor en precies getimede gestes. Die laatste voorstelling deed mij ook beseffen dat een bepaald soort Broadway-feeling, een die de randen van het spektakel opzoekt zonder ooit maar een moment spectaculair te worden, steeds zeldzamer is.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
Mein Gott, Herr Pfarrer! van René Pollesch in de Berlijnse Volksbühne: voor dit soort voorstelling werd het label ‘hilarisch theater’ gemunt.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Gevoelerigheid is niet aan mij besteed. Ik ben nogal wars van sentimentaliteit, tenzij ze, zoals in de opera, reflexief want duidelijk retorisch geconstrueerd is. Dan valt al snel het beladen woord camp, zoal niet kitsch, maar passons: als operaliefhebber word ik geregeld geroerd door een stem die lijden of een andere passie verklankt voorbij elke concrete inhoud en daarom een abstracte, op zichzelf staande ‘tragische expressiviteit’ belichaamt. Ik hoorde meerdere goede tot uitstekende stemmen dit jaar; laat ik het houden bij drie namen van sopranen, die hun expressief stemwerk ook fysiek-theatraal weten te bekrachtigen: Marina Rebeka en Ekaterina Gubanova (in de herneming van Krzysztofs Warlikowski’s uitstekende regie van Don Carlos voor de Opéra National de Paris) en Vuvu Mpofu (in de concertante uitvoering van Lucia di Lammermoor voor Opera Ballet Vlaanderen). Daarnaast blijft mij de bijzondere intimiteit bij van Malign Junction (Goodbye, Berlin) van Alex Baczynski-Jenkins: in zichzelf gekeerde, vaak traag en precies (soms ook precieus) bewegende lichamen, die ondanks deze schijnbare vlucht inwaarts de toeschouwer bleven adresseren door een apart soort van mentale ruimte te creëren. Opnieuw abstractie, maar nu door het oproepen binnen de relatie tussen performers en publiek van een virtuele binnenruimte, waarin mogelijke gevoelens zouden kunnen opduiken.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Mohamed Toukabri, wiens eerdere werk ik heb gemist (shame on me). Every body knows what tomorrow brings and we all know what happened yesterday is vele dingen tegelijk: een belichaamde combinatie van kleine en grote geschiedenis, een persoonlijke verwerking van uiteenlopende dansvocabulaires, en een meestal onderhuids insisterende schreeuw om erkenning van iedere groep die tot minderheid wordt gemaakt. In het openingsdeel deed de virtuoos bewegende Toukabri mij denken aan een monnik die zich intensief voorbereidt op een nooit komend gevecht, tenzij met zichzelf; in het slotdeel verandert street dance / hiphop in politieke lichaamskunst door de meesterlijke affirmatie van een fysiek en choreografisch kunnen dat de hedendaagse dans nog altijd marginaliseert. De soundscape van Annalena Fröhlich was een perfecte sparringpartner.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Zie hierboven: Inga Busch, Christine Gross, Sophie Rois en Benny Claessens in Mein Gott, Herr Pfarrer! De drie eersten behoren al jaren tot de vaste kern die de Volksbühne bespeelt. Samen oud worden met performers is een bijzondere ervaring: na een tijdje lijk je ze te kennen, terwijl ze enkel acteren, dansen en/of zingen. Al is dat ‘enkel’ relatief, want ‘extimiteit’ bestaat: de externe, doorheen onbewuste kleine gestes of nauwelijks hoorbare stembuigingen veruitwendigde intimiteit.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
De start van Borda van Lia Rodrigues: een langzame vermenselijking van een spaarzaam verlichte berg wit stof en plastic– een perfect vertijdelijkte overgang van vormeloos naar vorm, van niet-menselijk naar menselijk.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Quanta van Lukasz Twarkowski en het Lithuanian National Drama Theatre: vernuftige regie, impressionante scenografie, interessante tekst, en acteurs met bezield metier. Vanwaar dan die gaandeweg almaar sterkere indruk van bloedeloosheid? Ik blijf mijzelf het antwoord schuldig.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
Deze vraag klinkt mij te hooggestemd, en vooral te ‘tekstualistisch’. Voor zogenaamd onvergetelijke zinnen lees ik romans en poëzie. Ik ga naar voorstellingen in de hoop dat een scenisch beeld, een danssequentie, enkele lichaamsgebaren of het timbre van een stem zich zullen nestelen in mijn lichaamsgeheugen. Of ik dat vervolgens ook zal kunnen activeren, is een tweede.
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Kim Noble representeert in Lullaby for Scavengers, een voorstelling uit 2020 die ik pas onlangs in Les Halles de Schaerbeek zag, geen personage maar een mens: some-one, waaronder allicht ook zichzelf, maar vooral toch een mens die vanuit de maatschappelijke marge sympathiseert met de dierlijke periferie (maden, grijze eekhoorns, stadsvossen). De radicaliteit waarmee deze verwantschap wordt belichaamd – dat woord mag hier heel letterlijk worden genomen – overstijgt noties als spelen of personifiëren. Dat sorteerde een zeldzaam gevoelen van verbondenheid, nog versterkt door de observatie dat in deze voorstelling de band tussen mens en more-than-humans nu eens niet wordt getoond als een gezellig samenzijn met lieflijke creaturen.
Mooiste lichtontwerp?
De groene, dynamische laserlijnen waarmee Gaëtan Rusquet de scene herdefinieert in Meg Stuarts Steal you for a moment.
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
De onbegrijpelijke afschaffing van de prille danserfgoedwerking binnen STUK; de maatregel stond niet op zichzelf, het cultuurbeleid van Caroline Gennez kwam tot nog toe vooral neer op weinig geïnformeerd spaarbeleid. Eveneens opvallend: de blijvende afwezigheid van een beetje geopolitiek bewustzijn in de podiumkunsten of, als het er toch is, de onmogelijkheid om dat vorm te geven. Het ego- en eurocentrische wereldbeeld blijft domineren; daarbinnen bestaat er bijvoorbeeld geen China.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Ik heb het afgeleerd om voorstellingen aan te bevelen, maar raad er soms af (geen namen). Telkens Trajal Harrell in het land is, roeptoeter ik wel ‘Ga dat zien! Ga dat zien!’.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
De eenmalige en dus nooit meer te bekijken totaalinstallatie Nothing could have prepared us – Everything could have prepared us van Wolfgang Tillmans in de voormalige bibliotheek van Centre Pompidou in Parijs. Of hoe een kunstenaar zijn oeuvre en achterliggend archief zodanig kan ‘dialectiseren’ dat een autonoom werk ontstaat waarin, bijvoorbeeld, zelf genomen foto’s ontvlammen aan uitgeknipte krantenfoto’s.
Veel vaker had ik dit jaar de mond vol van Three sisters, de tweeënhalf durende documentaire – dus strikt genomen geen kunstwerk – van Wang Bing uit 2013, die deze zomer werd getoond in het kader van de retrospectieve die Cinema Galeries (Brussel) aan diens werk wijdde. Wang filmt het extreem armoedige leven van drie bijna-wezen van vier, zes en tien jaar oud in een klein dorp in de Chinese provincie Yunnan. Modder en water alom, aardappelen garen boven een houtvuur in een open kuil in het midden van een bouwvallig huis, ongewassen kleren en lichamen… Maar voor alles: de stille waardigheid van de zwijgzame, zelfbewuste tienjarige Yingying. In deze antropologische documentaire zitten, haast verscholen, enkele perfect gecomponeerde esthetische beelden die haar nietige leven redden, in de theologische betekenis. Ze herinnerden mij aan de vergeten inzet van wat ooit schoonheid werd genoemd.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Rookmachines (een herhaalde gimmick is, welja, vervelend). Pedant academisme (ik ben geen domoor, ik lees zelf ook wel eens een boek). Postmodern-ironisch, zelfdeconstructief theater (herhaalde slimmigheid oogt dommig). Modernistische claims in interviews of recensies die zelfbewierokend beweren dat X of Y waarlijk contemporaine podiumkunst is (alsof de geschiedenis en de kunst geen incommensurabele heterogeniteit te zien geven). De valse pretenties van zogenaamde politiek relevante kunst, die politiek meestal met moraal verwart en gewoonweg als autonome kunst functioneert (goede ideologiekritische kunst volstaat). Ik maak mij geen illusies, ook niet over mijn eigen neiging om te applaudisseren voor intelligent duchampisme en te peroreren over pakweg ‘politieke lichaamskunst’. Ook ik ontsnap niet aan de macht van de progressieve doxa en haar momentane clichés.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Een opera op subtiele noisemuziek, gecomponeerd voor een symfonieorkest in kleine bezetting, meerdere gitaren, fuzzy electronica, twee drumstellen, een orgel, een groot koor, drie sopranen, drie mezzo’s, twee tenoren, twee baritons, twee bassen, én met graag ook een stevig narratief dat handelt over de huidige geopolitieke situatie. Gewoon een tegelijk hedendaagse (sic) en geperverteerde vorm van Wagnerianisme.

Mein Gott, Herr Pfarrer!, René Pollesch/Volksbühne am Rosa-Luxemburg-Platz © Gordon Welters
Jasper is beleidsmedewerker rond kennisontwikkeling bij het Departement Cultuur, Jeugd en Media van de Vlaamse overheid en schrijft voor diverse cultuurmedia.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
Een jaar vol oude en toch nieuwe Decoratelier-werken met The Soft Layer, Spaces for the Night, A Day is a Hundred Years en Moments before the wind.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
De drieste comedy van Alaa Shehada en Rodrigo Batista.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Chapters of Celebration van Benjamin Abel Meirhaeghe, Wouter Deltour en Muziektheater Transparant
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Judith Engelen.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Kes Bakker, Anna de Graeve en Toon Acke in Housewarming.
There There Company en publiek in Hugs & Handshakes.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
shoe/farm – a family business van buren.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Mossy Eye Moor van Louise Vanneste, ik probeer nog steeds te doorgronden waarom ik het zo meeslepend vond en me er toch niet zo heel veel van herinner.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
‘Het bos kraakte en dat was een nauwelijks hoorbaar geluid, misschien nog wel eerder voelbaar dan hoorbaar’ uit Huis voor de dag, huis voor de nacht van Olga Tokarczuk.
‘Kun je je nog herinneren hoe de regen kleine kuiltjes in het zand slaat?’ uit Thuishaven van Judith Hermann.
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
De SZENNE in STILL HERE – An alliance of care for the SZenne river van Maria Lucia Cruz Correia.
Mooiste lichtontwerp?
Het afscheid van The Swirl van Jozef Wouters en Carolin Gieszner op Horst Festival met CCL en Objekt.
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Uitstroom, of wanneer en hoe verlaat je waardig als maker, curator, recensent, artistiek coördinator, cultuurwerker, plek, organisatie… het veld?
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
My body as a commodity van Anne-Laure Vandeputte/
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Alles van Judith Hermann maar met bijzondere vermelding van Thuishaven dat uitkwam in 2025.
De expo All That Remains كَيْ لا نَنْسَى (Kay la nansa) van Inas Habali in La Loge.
Het album Friend van James K.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
In een veld dat vraagt om vertraging en een minder snelle productielogica: moet premièregerichte kunstkritiek dan ook niet volgen?
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Meer aandacht voor praktijken en processen, ruimte voor terugblikken, less conclusions, more continuations,…?

My body as a commodity, Anne-Laure Vandeputte © Lucinde Wahlen
Lena is dramaturg en schrijft voor Etcetera over opera en muziektheater.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
Mystica – MOVEDBYMATTER.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
Hunter – Liesa Van Der Aa/B O D I E S.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Mystica – MOVEDBYMATTER.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Christopher Solokowski (zanger).
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Macadam – Tutti Fratelli.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
Formerly Known As – Urland.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Falstaff – DESCHONECOMPANIE.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
‘Een volgende stap in die broodnodige ontwikkeling van opera zou de durf kunnen zijn om de libretto’s daadwerkelijk te herschrijven in plaats van ze enkel opnieuw samen te stellen.’
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Kundry uit Parsifal – Susanne Keddey & Markus Selg.
Mooiste lichtontwerp?
I Grotteschi – Villalobos.
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
De integratie van AI-beelden in de opera Parsifal door Kennedy en Selg. Gedurende de hele opera werden er door AI-gegenereerde beelden afgespeeld. Aan de kwaliteit van de beelden zie je onmiddellijk dat ze zijn gegenereerd door AI: kraaien die onregelmatig hun vleugels uitslaan en achterstevoren vliegen over een verlaten slagveld. Deze knullige animatie was op z’n minst gezegd verwarrend!
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Mystica.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Bugonia, Yorgos Lanthimos.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Kippen op het podium in plaats van vrouwen.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Dat kleinere ensembles of makers in de marge meer platform en middelen krijgen om hun stoutste dromen te realiseren.

Mystica, MOVEDBYMATTER © Titus Simoens
Natalie is zakelijk leider van Etcetera en schrijft onder meer recensies.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
FRANK van Cherish Menzo: de spannendste voorstelling die ik dit jaar zag. Menzo verbeeldt het monsterlijke op een beklijvende manier en laat het publiek niet toe om vrijblijvend toe te kijken.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
Met apocalyptische pipi-kakahumor heb je me, dus de shitshow in A Year Without Summer van Florentina Holzinger deed mij heel hard lachen. Samen met de hoogbejaarde mevrouw naast mij heb ik het ook uitgeschaterd toen een manische Freud in zijn eigen nachtmerrie (jawohl, intervaginale tandjes) verzeild geraakte.
Filosofische lachtraantjes met dank aan de thingfull designerhandtassen van Natali Broods, de spoedcursus tantra van Greg Timmermans en de freischwebende Ans Van den Eede in De Sitcom van De Hoe.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Manizja Kouhestani en Fiene Zasada in My Nemesis. En eindelijk kreeg ik de magistrale vertolking van Tibau Beirnaert in Zero Feet Away te zien!
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Aanstekelijk is niet per se het woord, maar de intimiteit tussen de dansers in Frames van Alexander Vantournhout voelde zo krachtig, teder en geborgen dat ik met mijn stramme laptoplijf mee tussen die kaders wou hangen.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
Colette Goossens die, haar blote bovenlichaam belegd met stenen, over een stoel hangt in Under the Influence. De parallel met de openingsscène van Modesta (Anna Franziska Jäger & Nathan Ooms), dat ik dit jaar opnieuw zag, was opvallend. Ook daar hangen de spelers over stoelen, tafels en tegen muren. Die twee scènes zeggen volgens mij veel over onze tijd.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
De Meeting van Julie Cafmeyer, My Body as a Commodity van Anne-Laure Vandeputte en The Omen van Alexandra Broeder zijn alle drie – weliswaar heel erg uiteenlopende – voorstellingen die om gelijkaardige redenen tegenstrijdige gevoelens bij me opriepen. Die situeren zich allemaal binnen het spanningsveld tussen verbeelding en werkelijkheid, persoonlijke beleving en de fictieve representatie daarvan. Wanneer zit de werkelijkheid de verbeelding in de weg, wat voegt een esthetische enscenering toe aan een rommelige, complexe werkelijkheid? In welke mate kan een voorstelling een realiteit helen, en welke vorm kies je daarvoor? Hoe balanceer je aanwezigheid en representatie uit op een podium? En wanneer draagt een theatralisering bij of doet ze af aan een bepaalde realiteit? Dat zijn vragen waar ik dit jaar veel op heb zitten kauwen.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
Het palimpsestgevoel van Annie Ernaux stond al – pun not intended – enkele jaren in mijn notitieboekje: ‘Haar bewustzijn en ook haar lichaam worden bevangen door een tijd van onbekende aard, een tijd waarin heden en verleden overlappen zonder in elkaar op te gaan, waarin het wel lijkt alsof ze vluchtig opnieuw alle gedaanten aanneemt van de persoon die ze is geweest.’ Viviane De Muynck vertolkt die sensatie heel mooi in Piet Arfeuilles bewerking van De Jaren.
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Met de shapeshifter uit Zero Feet Away, wanneer die met een nerveus lachje aankomt op een orgie. Ik heb (helaas) zo’n latex jester-meets-jellyfish-in-space-kostuum niet en ik heb nog nooit een orgie meegemaakt, maar ik kon me heel erg vinden in dat zoekend, nerveus, twijfelend zichzelf proberen te tonen. En dat zonder te weten of het überhaupt geen illusie is, dat zogenaamde ‘zelf’.
Mooiste lichtontwerp?
In Cherish Menzo’s FRANK doet het lichtontwerp door Ryoya Fudetani vervreemding, monsterlijkheid, afstand en nabijheid op een heel fysieke manier ervaren.
Het lichtontwerp door Aleksander Prowaliński in DEEPER van Gosia Wdowik creëert ongemakkelijke beelden die horror en geweld trefzeker esthetiseren.
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Er werd regelmatig gekokkereld in theaterzalen. Verder was ik heel blij om meer intergenerationaliteit op de scène te zien in voorstellingen zoals Family (Louis Janssens), De Jaren (theater Malpertuis) en De Uren (ITA). Woede en rouw leek ook heel aanwezig, maar dat vind ik niet verwonderlijk in de tijd waarin we leven.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Under the Influence, Haribo Kimchi en Family.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Deze zomer ontdekte ik het heel eigen, kleurrijke, technologisch én politiek gemotiveerde werk van kunstenaar Jean Katambayi Mukendi in M HKA (opgenomen in hun collectie). In Wiels stond ik lang stil bij het werk van Cecilia Vicuña. Haar surreële, figuratieve schilderijen zag ik al eerder in Venetië, en ze blijven me fascineren, sterken en blij maken – vooral Leoparda de Ojitos, die voor Vicuña vrouwelijke kracht symboliseert. Verder werd ik ontroerd door de documentaire Les Miennes van de Belgische regisseur Samira El Mouzghibati. Het is haar debuutfilm, en ik ben heel benieuwd wat ze nog gaat maken. Voor wie net zoals ik als eens graag leest over de dood: Patricia De Martelaere schrijft daar prachtig over in haar essays (helaas iets minder vlot te verkrijgen tegenwoordig). En in het intense Een zachte dood vertelt Simone De Beauvoir meedogenloos mooi over het sterfbed van haar moeder (pas opnieuw uitgegeven in het Nederlands). Check zeker ook de fascinerende roman L’Arte della Gioia van de Siciliaanse Goliarda Sapienza (leerde ik kennen dankzij Modesta).
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Het ondraaglijke, onaanvaardbare geweld dat op zoveel plekken gepleegd wordt terwijl ik deze woorden typ.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Rosalía doet mee in een voorstelling van Florentina Holzinger. Alle voorstellingen die te weinig getoerd hebben krijgen een tweede leven zonder dat dat ten koste gaat van nieuw werk. Verder: door omstandigheden heb ik de eerste twee voorstellingen uit het drieluik van Carolina Bianchi verschillende keren moeten annuleren. Liefste Kunstenfestivaldesarts, ik droom van een marathon waarbij ik het integrale drieluik kan zien volgend jaar. Tenslotte hoop ik op voldoende verbeelding, op alle mogelijke niveaus en in alle geledingen van de podiumkunsten.

Haribo Kimchi, Jaha Koo © Bea Borgers
Aïcha Mouhamou is schrijver, theatercritica en artistiek assistent bij NTGent.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
Rodrigo Batista & Marianna Senne met Kidnapped: A Training Ground for the Brutality that is Coming.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
À la prochaine, Mama van Ras El Hanout met een krachtige performance van Anas Achaâra, vertelt over verlies en laat rouw uitmonden in een ontroerende theatertekst.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Manizja Kouhestani: na haar indrukwekkende masterproef My Nemesis kijk ik enorm uit naar alles wat ze nog zal maken!
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Lieselot Siddiki, Bavo Buys, Inci Gül Civelekoğlu, Joeri Happel & Elisabeth Klinck in The Truthful.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
De Puinstraat van Compagnie Cecilia en Yahya Terryn (als je wil weten waarom kan je mijn recensie lezen op pzazz).
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
Een groot deel van de zinnen in Dit is (niet) de evolutietheorie van de troost van Aya Sabi & Dounia Mahammed en Kato Van Ermen’s Prinses Placehbo.
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
‘The Outcast’ in Luanda Casella’s Trouble Score.
Mooiste lichtontwerp?
Nick Verstand voor Trouble Score
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Opvallend in 2025 is het toenemende gebruik van sociale media om te reageren op recensies. Snelle reacties via Instagram of Facebook geven een podium aan alle soorten kritiek, van doordacht tot impulsief. Dit jaar kregen een aantal critici online de wind van voren van makers die het niet eens waren met hun recensies. Interessant.
Het herinnert eraan dat kunstkritiek dieper ligt dan directe weerwoordjes: zorgvuldig observeren, interpreteren en duiden van kunstwerken, altijd geplaatst in maatschappelijke en culturele context. Kunstkritiek is geen bijlage, maar een instrument dat kunst laat ademen, uitdagen en evolueren. Zonder die stem dreigt podiumkunst al snel te verworden tot een zelfbevestigende echo.
Tegelijkertijd krimpen de cultuursecties van kranten en media, en met het verdwijnen van ruimte voor kunstkritiek dreigt ook ons theater ondergesneeuwd te raken. Soms vraag ik me af of de verbanden tussen kritische reflectie, artistieke praktijk en publiek genoeg worden gelegd.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Opera ALI (Richard Soler Mallol, De Munt).
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Safae el Khannoussi’s debuutroman Oroppa: een brutaal, veelstemmig portret van migratie, verlies en veerkracht in Europa, dat je lang bijblijft.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
In 2025 mogen we wat mij betreft de panelgesprekken achterlaten waarin ‘inclusie’ wordt besproken, maar die telkens bevolkt worden door dezelfde zes mensen die elkaar al jaren bevestigen. Misschien is inclusie uiteindelijk gewoon een kwestie van… mensen effectief uitnodigen!
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
In mijn wildste dromen durft de sector in 2026 eindelijk eens buiten de vertrouwde cirkel te kijken: dat betekent dat niet steeds hetzelfde handvol overbevraagde makers van een andere achtergrond moet opdraaien voor de hele representatieschuld, terwijl de rest van de sector rustig in zijn vertrouwde programmeringscirkel blijft draaien.

The Truthful, Lieselot Siddiki © Studio Khaleem/Pepijn Siddiki
Charlotte is co-hoofdredacteur van Etcetera en recensent voor De Standaard.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
Binnen theater: helaas niks van het kaliber ‘onvergetelijk’ gezien (ligt aan mij).
Daarbuiten: mijn oudjes uit de psychiatrie (waar ik stage loop als klinisch psycholoog) die los gingen op dj Danny van Radio Minerva tijdens een golden oldies-danscafé. Als ik op mijn 75e nog zo mag uitgaan, dan heb ik vrede met alles dat nog komt.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
Rodrigo Batista als De Klimaatcrisis in Kidnapped: A Training Ground for the Brutality that is Coming (bitter bitter).
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Het lege podium van De Singel, voor William Forsythes Undertainment. Plots trof het mij hoeveel uren van mijn leven ik al niet in een theaterzaal heb gesleten. Ik vroeg mij af of ik het nog kon, kijken, schrijven, en wat het mij nog waard is. En tegenover het besef van de kost van die passie voelde ik dat er nog altijd heel weinig is dat het overstijgt, de opwinding van een lege theaterzaal waar iets gaat beginnen.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Guillem Jimenez in Chapters of Celebration (Benjamin Abel Meirhaeghe). En herbevestiging van de ontdekking: Estefanía Álvarez Ramírez. Doe eens Beckett aub.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Er kan nog altijd weinig op tegen de punky sisterhood van Florentina Holzinger. Bedwelmend mooi, haar queer orgie met dertig vrouwen in A Year Without Summer. Seks zonder macht, zonder heteroscript en agisme…
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
De hypnotiserende AI-screensaver-loop van Parsifal (Susanne Kennedy/Markus Selg): we volgen de camera uit een kronkelend grotpaadje naar het licht. Net als je een glimps van de horizon lijkt op te vangen, begint de video opnieuw, maar de temporele décalage gebeurt zo subtiel dat je gaat twijfelen aan je eigen zintuigen. Het ratje blijft lopen op zijn wieltje, maar it never gets out. Heel verslavend.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Grand finale van Hofesh Schechter. Een voorstelling vol allusies op oorlog, dood en geweld, maar die op geen enkel moment een waarlijk politieke uitspraak durft te doen, die een onuitputtelijk vitalisme voorstelt als antwoord op de apocalyps, die elke resonantie met de echte buitenwereld schuwt. Virtuoos maar schijnneutraal.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
Veel, ik lijd aan notatie-OCD.
“Exile is a space with an impossible geometry” (Luanda Casella)
“All love is self love, all hate is self hate” (Tim Bogaerts)
“Tederheid is macht onder controle” (Julian Hetzel)
“There are movements that don’t have bodies anymore” (Benjamin Abel Meirhaeghe)
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Euh, met de scenografie van 4 Women Getting Sick van Renée Goethijn, een bak afgestroopte mensenhuid die vrouwen opslokt. Het deed mij denken aan de dagen dat ge u zo alleen lichaam voelt, onbegrensd, amorf, niet bij elkaar te rapen. Aan hoe afgrondelijk uw eigen binnenwereld soms kan zijn terwijl we er aan de buitenkant zo in control uitzien. Aan de stenen die op onze bekkenbodem liggen (om het met Dounia Mahammed en Aya Sabi in het mooie Dit is (niet) de evolutietheorie van de troost te zeggen).
Mooiste lichtontwerp?
Twee keer een romig perziklichtje: Jan Maertens voor Tempest (Voetvolk) en Ezra Veldhuis voor Imaginary Numbers (Geert Belpaeme).
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Happening: om middernacht toekijken hoe mijn nog frisse medetoeschouwers een potje ‘rolbal’ spelen voor de sociale woonblokken op het Gentse Fraterplein (De kortvoorstelling-tentoonstelling van Joeri Happel en Lucas van der Vegt).
Ergernis: te veel staande ovaties, stop met al dat overcompenserend pleasen, lief publiek.
Trend: 1) Slagerijmetaforen: de vers gedraaide ingewandenworst van Josse De Pauw in Three times left is right (Julian Hetzel), het kannibalisme van Rodrigo Batista, de body horror van Florentina Holzinger, de slagerijfabriek van Alexander Zeldin. Let the meat grinder stop!
2) Opvallend veel aarsgaten gezien ook, met dank aan Vivi Focquet, Simon Van Schuylenbergh en Miro Lievens. Beleeft het theater zijn anale fase? Voor wat het waard is: volgens Freud heeft dat iets te maken met een gefaalde zindelijkheidstraining.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Nummer: ‘Buschtaxi’ van dj Koze.
Plaat: Boilerism van Echt!: vier mannen die doen alsof ze een jazzkwartet zijn, maar eigenlijk gewoon verkapte breakbeats mixen met acidhouse, drum ‘n’ bass en swaggy trap. En live = – 3kg op 50 minuten (oordeel zelf maar).
Boek: het tweeluik Zelfportret/Zelfmoord van Edouard Levé.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
The zionist entity.
Voorts wens ik iedereen minder woorden en minder meningen, en meer tijd voor vrienden, lovers, dansen, boeken, bomen, wind en andere staten van bewustzijn. Work doesn’t love you back.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Bregje Hofstede schrijft een theatertekst. Sonja Jokiniemi herneemt Blab voor 1 toeschouwer per keer (te beginnen met mezelf). En aangezien mijn droom van vorig jaar nog niet in vervulling is gegaan: Lisa Verbelen bewerkt De passie volgens G.H. van Clarice Lispector.

Kidnapped, Rodrigo Batista & Mariana Senne © Victoriano Moreno
Is freelance cultuurjournalist en lid van de Grote Redactie van Etcetera.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
Kan niet kiezen tussen Tiro-Tora van Cie Tartaren in Genk en De intrede van Tom Ternest en Silke Thorrez in Roeselare: twee participatieve parels met respectievelijk meer dan dertig en meer dan honderd spelers op scène, ver weg van de grootstedelijke theaterdriehoek die we allemaal veel te veel beschouwen als hét theater. Wat een huzarenstukjes qua stilering, stille ontroering en menselijke expressie zonder tekst. 2025 was zonder meer een boerenjaar voor participatief werk.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
De Sitcom van DE HOE deed wat zijn titel beloofde: ons zelf live de lachband laten leveren. Ik bedacht me pas veel later dat de voorstelling daarin juist niet ironisch is, terwijl dat zo makkelijk wel had gekund. Knap.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Nooit genoeg gewaardeerde sterkhouders als Judith Vindevogel (Walpurgis/RIF), Jo Roets (Laika), Piet Arfeuille (Malpertuis) of Karel Van Ransbeeck (De Spiegel) geven hun eigen vertrouwde structuren zonder veel toeters en bellen door aan de volgende generatie. De immense levenswerken achter hun schijnbaar simpele gebaar!
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Judith Engelen en Ika Schwander, met hun indringende en volstrekt eigenzinnige beelden over de getroebleerde relatie tussen moeder en kind in Howl Baby Howl. En ook wel Axelle Verkympinck, die in alle schemer en bescheidenheid van het sociaal-artistieke werkveld keihard werkt aan vaak knappe mensenvoorstellingen.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Rodrigo Batista en Mariana Senne die theaterminnend links in Kidnapped als twee agressieve clowns de oren komen wassen over de nakende wereldcatastrofe. Wat een vuur en intelligente cultuurkritiek, in een brute stijl die zijn gelijke niet kent in ons nuanceminnend podiumveld.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
Illusionist-theatermaker Tim Oelbrandt die in Dopamine als een metershoog verheven madonna-met-baard sigarettenrook in het gezicht van een baby blaast, waaruit dan diep beneden een halfnaakte adolescent geboren wordt: fascinerend hoe theater hier magie baart vantussen zijn gordijnen.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Not Quichot van Het Zuidelijk Toneel, door Sarah Moeremans op tekst van Joachim Robbrecht, ooit het succesduo achter de machtige Crashtest Ibsen-trilogie. Wat een schreeuwerig postmodern gedoe over het nochtans blijvend relevante onderscheid tussen waarheid en fictie. Afgaand op het weinige Nederlandse theater dat ik nog zie, gaat het met de theatercultuur bij onze noorderburen volledig de foute kant op.
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Huh, personages? Waar zie je die nog?
Mooiste lichtontwerp?
De lichtjes van de oude vishaven van Oostende achter de openluchtvoorstelling BULK van Wunderbaum op TAZ, steeds meer versluierd achter de op hol geslagen machinale wereldproductie van onzinnige stuff die je met brio op het podium uitgesmeerd krijgt.
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Dat onze meest cultuurminnende cultuurminister in vele jaren de geschiedenis zal ingaan als de eerste die positieve adviezen voor structurele subsidies overrulede, op basis van volstrekt arbitraire ideologische argumenten. Van terrorisme gesproken. Stap per stap besluipt ons in Vlaanderen de dictatuur van de jaren 2030.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
De Gevangenis van Lara Staal bij NTGent: een voorstelling die een concrete misstand in onze ‘verlichte samenleving’ nog eens ten gronde uitspit en bevraagt. Op dat vlak bleef het podiumaanbod in 2025 naar mijn indruk toch vrij karig.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Buitenspel, de expo van het STAM over 150 jaar professioneel en amateurvoetbal in en rond Gent. AA Gent for ever!
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
De rookmachine. Kan iemand ook nog eens theater maken zonder dit mist spuitende cliché?
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Dat alle massa’s uren, geld, moeite en menskracht die weer geïnvesteerd zullen worden in de alles verslindende subsidiedossierschrijfmachine die ons veld totaal in de greep houdt, zouden vrijkomen om in de kwaliteit van ons theater zelf te stoppen. Gewoon een simpel nieuw subsidiesysteem op basis van vertrouwen en minimale controle, en we zitten voor jaaaaren goed.

De intrede, Tom Ternest & Silke Thorez © Michel Danneels & Guy Baeckelandt
Amber recenseert voor Etcetera.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
Ook slakken hebben wel eens haast van Jetse Batelaan/Theater Artemis. Ik heb een haat-liefde verhouding met het stuk, maar de humor was heerlijk. Gedeelde eerste plaats: OnlyFans for Therapy van Verona Verbakel. Soms flitst een herinnering aan haar voorstelling door mijn hoofd – ‘empowering dans voor de weide van de gesloten jeugdinstelling’ bijvoorbeeld – en ik moet er nog steeds om lachen.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Antigone & ARC. Bij hun Defilé PUR kwam ik buiten met een grote glimlach en een goesting om te dansen.
Welke openingsscène maakte het meeste indruk?
Het minutenlange orgie met uitsluitend vrouwelijke performers van Florentina Holzingers A Year Without Summer.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Dat zijn er nogal wat, maar Mantike van Benjamin Abel Meirhaeghe is misschien de meest opvallende. Ik was ervan overtuigd dat ik dat stuk geweldig zou vinden. Ik hou van Meirhaeghe, ik zie Marjan De Schutter doodgraag aan het werk én het stuk gaat over mijn mythologische crush Calypso. Ik was dan ook een beetje boos op mezelf dat ik het stuk niet zo goed vond.
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
‘I tried to leave, but the exit was too long.’ Uit Feral Reverie van Parvin Saljoughi. Een akelig perfecte zin. Mijn grootste wens voor kerst is een t-shirt met die tekst erop.
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Ai, nu ben ik de lul, ik voel me zelden verbonden met personages in theater. Al raakten de naamloze personages in Ika Schwanders meesterlijke Howl Baby Howl me heel diep.
Mooiste lichtontwerp?
Opnieuw Feral Reverie. Ik had wat kritiek op het licht in deze voorstelling, maar ik was er ook het meest door geroerd en van onder de indruk. Het was alleszins een gedurfd, aanwezig lichtontwerp. Een verademing na jaren van monologen met één statische spot.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Een voorstelling die nog in première moet gaan: Where Is Everybody? van ZOO en Platform K. Ik mocht tijdens het maakproces een kijkje achter de schermen nemen en werd betoverd.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Het boek Minihorror van Barbi Markovic. En daar heb je dan toch nog mijn antwoord op de vraag met welk personage ik me het meest verbonden heb gevoeld: Mini in de handen van Markovic.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Op vlak van theater: meta en ironie. Op alle andere vlakken eigenlijk ook. Ik wil de new sincerity terug!
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Budget.

Ook slakken hebben wel eens haast, Theater Artemis © kurt van der elst
Noah Lena doctoreert in de Theaterwetenschappen aan de UGent. Daarnaast is die lid van de Grote Redactie van Etcetera.
Welke voorstelling is je het meest bijgebleven?
Op de valreep van 2025 (en dus ook het meest vers in het geheugen) Fronteras Sangrientas, een performance tijdens een conferentie in Fortaleza, Brazilië door Alexandra Rodriguez de Ruiz. In een kleurrijk kleed met de maagd Maria op afgebeeld, stapte ze in een emmer rode verf en wandelde ze vervolgens over een krijttekening van het gehele Amerikaanse continent. Het was een politiek statement over ICE (de woorden FUCK ICE had ze op haar armen aangebracht), over Trump en over alle moeilijkheden die trans vrouwen ervaren in het zoeken naar veiligheid.
Om wie/wat heb je het hardst moeten lachen?
Bij Three Times Left is Right van Julian Hetzel kon ik het echt niet inhouden. Vooral omdat het bij momenten zo ongelofelijk oncomfortabel werd voor het publiek. Zowel talig als visueel zit die voorstelling geweldig in elkaar. Zo’n polariserend thema (de spanning wanneer je als koppel politiek lijnrecht tegenover elkaar staat) op zo’n absurdistische, hilarische manier behandelen, zonder het té plat te maken: dat is niet eenvoudig.
Wie/wat bezorgde je tranen van ontroering?
Bij Living Apartment Together van BERLIN, maar dan juist op het einde, toen ik zag wat de eindscène deed met andere toeschouwers. Iets in het gezamenlijk dragen van iemand die eigenlijk niet bestaat en die je op heel korte tijd leert kennen, zorgt voor een ontroerende collectiviteit.
Welke maker of speler was jouw ontdekking van het jaar?
Princess Isatu Hassan Bangura, vooral in Welcome To Our Guesthouse (Productiehuis Theater Rotterdam): een performance van jewelste met hoge energie en een unheimliche scenografie.
Welk ensemble vond je het meest aanstekelijk?
Camping Sunset bij Queen of the Flies was weer een bijzonder samenspel van een hele meute (jonge) spelers. Ze hebben daar toch echt een methodiek gevonden om keer op keer met een groep samen iets op te bouwen. Zelfs wanneer ik niet altijd volledig mee ben met hun inhoudelijke keuzes, blijf ik heel nieuwsgierig naar hun collectieve speelstijl.
Welke voorstelling riep bij jou tegenstrijdige gevoelens op?
Bij Jolie Ngemi’s Mbok’Elengi voelde ik me tegenstrijdig over de interactie met het publiek. Het eindigt bijzonder aanstekelijk, met een heus feest. Maar wat neemt het publiek echt mee van alle culturele informatie over Kinshasa? In het begin werden we via de achterkant van het podium binnengelaten. Ondanks de vermelding in het programmaboekje dat foto’s niet toegestaan waren, deden mensen het toch, wat bijna iets exotiserends had. Na de voorstelling hoorde ik een man naast mij meteen zeggen: ‘Ja, je ziet wel dat ze van P.A.R.T.S. komt.’ Laat dat hopelijk niet het enige referentiepunt zijn voor een toeschouwer…
Welke zin kriebelde je in je notitieboekje om nooit meer te vergeten?
In Mina Salehpours Prophet Song klinkt twee keer de zin ‘de geschiedenis is een kroniek van mensen die niet wisten wanneer ze moesten vertrekken’, om er dan ‘de geschiedenis is een stille kroniek van mensen die niet konden vertrekken’ van te maken. Brandend actueel.
Met welk personage voelde je je het meest verbonden?
Misschien stiekem wel het personage in REST AND RELAXATION van OTTESSA, dat gewoon een jaar wil neerliggen, niets doen en alles over zich heen laten gaan. Maar daarvoor ben ik eigenlijk veel te rusteloos.
Mooiste lichtontwerp?
The Truthful werd alleen nog maar sterker door de scherpte van de lichtkeuzes. Een echte fever dream op verschillende vlakken.
Meest opvallende trend of gebeurtenis?
Meer discussies en conversaties over de plaats van kunst- en theaterkritiek, zowel tussen critici onderling als bij makers. Sowieso was er al vaker metareflectie, maar nu gaat het echt steeds dieper over de waarde van theaterkritiek an sich. Waarom schrijven we recensies of opiniestukken? Waarom wel of geen sterren? Wat betekent een recensie voor een maker? Voor een communicatiemedewerker? Voor een commissie? Belangrijke gesprekken om te voeren, maar moeilijke vragen om echt antwoorden op te vinden.
Welke voorstelling heb je het vaakst aangeraden aan je familie en vrienden?
Language No Broblem van Marah Haj Hussein is van een sobere masterproef geëvolueerd tot een nog sterkere voorstelling.
Welk kunstwerk van 2025, buiten theater, wil je iedereen aanraden?
Alles van Kae Tempest, maar vooral zijn laatste album.
Wat mogen we wat jou betreft in 2025 achterlaten?
Stroboscopische lichten wanneer ze niets toevoegen aan een scène. En mochten ze écht nodig zijn, geef dan een duidelijke waarschuwing.
Waar hoop je (in je wildste dromen) op voor de podiumkunsten in 2026?
Ik zou heel veel poëtische dingen kunnen neerschrijven, maar eigenlijk wens ik vooral één ding voor het hele veld: meer geld!

Three Times Left is Right, Julian Hetzel © Nurith Wagner Strauss
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.