Peter De Jonge

Leestijd 2 — 5 minuten

De Lederman spreekt met Hubert Fichte

Parade, Brussel

Een jongeman van 17, emotioneel nog onvolgroeid en genegeerd door zijn moeder, vermoordt een vrouw die hem genegenheid schenkt. Hij wordt veroordeeld tot 10 jaar gevangenisstraf. Hij ondergaat de gevangenis als een ontmenselijking maar behaalt toch een diploma in de journalistiek.

Bij zijn vrijlating gaat hij werken voor de stadskrant en komt hij terecht in het homomilieu. Hij heeft wisselende contacten. Op een nacht wordt hij verkracht door een matroos. De angst, pijn en schaamte maken plaats voor geluk als de agressie van de matroos omslaat in tederheid. Later komt hij terecht in het Hamburgse SM-milieu, de ‘leather scène’, en organiseert er orgiën, reizen. Hij huwt met een universiteitsprofessor en publiceert enkele boeken. In één van zijn interviews met schrijver Hubert Fichte oppert hij de veronderstelling dat Pasolini zijn dood zelf gezocht, geënsceneerd heeft.

Dit zijn de feiten zoals ze naar voren komen in de dialoog De Lederman spreekt met Hubert Fichte, de neerslag van drie gesprekken die Hubert Fichte had over een periode van zes jaar met Hans Eppendorfer, de Lederman uit de vorige paragraaf. Regisseur Rudi Meulemans, van het Brusselse Parade, kiest in zijn enscenering gelukkig voor een heel sobere aanpak en gaat alle ‘betekenisvolle’ of ‘evocerende’ decorelementen en rekwisieten uit de weg. Hij toont simpelweg twee mannen, gezeten aan een tafel, die een gesprek voeren. Hij toont de weifelingen, de pauzes, het nadenken, de bestudeerde listigheid van interviewer Fichte tegenover de aanvankelijk onzekere, maar langzaamaan aan vertrouwen winnende Eppendorfer. Hun acteren is onnadrukkelijk en laat alle ruimte voor de tekst. Diens traject is immers fascinerend: Eppendorfers verhaal roept een aan Genet, Purdy en Pasolini verwante tegenwereld op waarin een aan emotionele verwarring ontsproten agressie gaandeweg opgeslorpt wordt in een geritualiseerd groepsgebeuren en macht betekend wordt via lichaamssubstanties als leer, stront en bloed. Eppendorfer blijft kil als hij dit alles memoreert: hij is consument, maar hij blijft ook toeschouwer. Deze distantie neemt nog toe als hij het pad van de kunst inslaat en daarmee de laatste stap in de sublimatie van zijn agressie zet. Salo van Pasolini wordt geanalyseerd, alsmede Pasolini’s gewelddadige dood, die volgens Eppendorfer uitgelokt werd door Pasolini zelf. Agressie is immers op dat moment voor de Lederman geen spontaan, irrationeel gebeuren meer, maar een daad voorbereid door en kaderend in andere daden.

Ik zou Rudi Meulemans graag eens een minder dankbare tekst zien regisseren, eentje waar de keuzes minder eenvoudig liggen. Maar De Lederman spreekt met Hubert Fichte maakt duidelijk dat Parade totnogtoe te weinig aandacht kreeg.

De Lederman spreekt met Hubert Fichte.

Auteur: Hans Eppendorfer.

Regie: Rudi Meulemans.

Met: Willem Carpen-tier, Andreas Van De Maele.

Produktie: Parade i.s.m. Plateau.

Gezien in Plateau te Brussel op 20 juni.

recensie
Leestijd 2 — 5 minuten

Peter De Jonge

recensie