Leestijd 3 — 6 minuten

Concentratie op tegenspraak

Geert Opsomer heeft overduidelijk het belangwekkende van de Starkadd-opvoering aangetoond. Ik wil hier even op aansluiten, met een korte bedenking over de betekenis van deze opvoering binnen de evolutie van het regisseursteam Dehert-Gilis. Bij hen zit een bekommernis voor om ‘oude’ teksten voor het heden weer relevant te maken.

Dat doen ze door een systeem van visuele vertalingen toe te passen. Prinsessen b.v., zouden de hedendaagse toeschouwer niet meer aanspreken. Om een tekst over zo een personage weer boeiend te maken, moet de toeschouwer eerst een relatie met een herkenbare vrouw kunnen opbouwen. Daarom worden de personages dan ook in een kleedje gestoken dat licht belachelijk (kritiek), licht ouderwets is (een spoor van de historiciteit) en licht van slechte smaak getuigt (alsof kleinburgers voor prinses spelen). Het merkwaardige is dat uit gesprekken blijkt dat Gilis hiermee meent dat hij het stuk dichter bij zijn publiek brengt, terwijl het net andersom is: al deze elementen onderstrepen slechts de vervreemding tussen publiek, tekst en personage. Het is een gewelddadige ingreep.

Deze vervreemding, die bij de regisseurs steeds het resultaat is van een reflectie op de ‘echte’ inhoud van de tekst, sluit zeer veel gevaren in. Als de vertaling klopt, staat men, als toeschouwer, met open mond te kijken. Bij Starkadd gebeurt dat b.v., wanneer de oude koning door zijn dochters omringd is. Dit is niet een scène bij de adel, maar een tafereel thuis. Het toont, onder meer, dat Hegenscheidt een psychologisch verloop binnen de familiekring perfect kan simuleren, iets wat door de ingreep van Dehert en Gilis veel duidelijker is dan bij een historische aanpak: de vertaling dient het talent van de schrijver en geeft aan de tekst een extra gewicht (als hij daarbij zo juist gezegd wordt, ais hier het geval is bij Dries Wieme, Carmen Jonckheere en Netty Vangheel, scoort de produktie op alle punten. De zwarte figuur van Carmen Jonckheere, die spreekt vanuit de donkerste hoek van de scène, is een bijzonder sterk moment.)

Maar juist bij deze vertalingen loopt men de grootste risico’s. Immers, eens men aan deze vertalingen begint, en men daarbij als regel aanneemt dat men niet alles ‘adapteert’ naar een andere, duidelijke sociale of historische context, betreedt men een veld waar alles kan, en waar men zich meteen veelvuldig kan vergissen. In de vorige produkties bij ARCA wou het op dit punt wel eens fout gaan: bij zowel De Opdracht als De Idioot en de Dood als Clavigo ging men van gelukkig moment naar wilde inval in een niet te voorspellen reeks. ‘Alles mag’ is het gevaarlijkste principe waaraan een kunstenaar zich houden kan. Maar met Starkadd hebben de regisseurs een zeer overtuigend evenwicht gevonden. De kritiek op de tekst is juist, zonder dat deze de waarde ervan ondergraaft. (Men zal zich herinneren dat er bij Clavigo van de tekst niets overeind bleef). Meteen blijven bepaalde scènes een harde kern bewaren, die ervoor zorgen dat ze de onderneming zelf rechtvaardigen. Hier wordt weggegooid wat onbruikbaar is, en duidelijk naar voren gebracht wat nog steeds werkzaam is.

Het totale evenwicht is nog niet gevonden, want het verschijnen van een song als ‘Mackie Messer’ lijkt mij misplaatst, misschien omdat deze song voor mij een te grote culturele lading heeft. (‘Mackie Messer’ in het Engels b.v. heeft precies die kitsch-waarde, die hier veel beter van pas zou zijn gekomen). Maar de smartlappen met de daarop volgende commentaar van Starkadd zijn dan weer schitterend.

De werkmethode van Dehert-Gilis releveert vooral de verschillende elementen die een tekst doorkruisen. Ze weigeren de tekst als een organisch geheel te zien, en ze concentreren zich op de tegenspraken. Ook hier hadden ze aan Starkadd het juiste object: de toeschouwer ziet hoe Hegenscheidt Koning Lear combineerde met Hamlet, Macbeth, De Vliegende Hollander en De Meesterzangers van Nürenberg. Precies deze bundel van heterogene teksten, laat toe dat men de tekst laat openbarsten in een waaier van iconen, clichés, verwijzingen, parallellen, omkeringen. In de vorige produkties van Dehert-Gilis kon men zien dat ze met passie aan het zoeken waren. Met Starkadd hebben ze het gevonden.

 

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

artikel
Leestijd 3 — 6 minuten

#6

15.03.1984

14.06.1984

Johan Thielemans

Johan Thielemans stond mee aan de wieg van Etcetera. Hij doceerde aan de tolkenschool Gent en is nu gastprofessor theatergeschiedenis aan het Conservatorium van Antwerpen. Hij schreef boeken over Hugo Claus en Gerard Mortier, creëerde twee operalibretto’s en maakte uitzendingen over Amerikaanse cultuur voor Radio 3. Hij was ook voorzitter van de Theatercommissie en van de Raad voor Kunsten.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!